Ouder&Kind

‘Ik vind het verschrikkelijk dat ik de kleinkinderen niet kan aanraken’

De band tussen Teun en zijn moeder is harmonieus: ze laten elkaar vrij, maar zijn er wel voor elkaar. Dat ze ineens haar kleinkinderen niet meer mag knuffelen, vindt ze onverdraaglijk. ‘Hij wordt pissig als ik dan toch stiekem mijn hand uitsteek.’

Mart en Teun.Beeld Harmen De Jong

Teun Vermaas (36)

“Mijn ouders zijn 36 jaar geleden getrouwd in het West-Indisch Huis. Er werd toen anders naar trouwen gekeken, het was een soort lopendebandwerk. Er zijn weinig foto’s van die dag, maar volgens mij had mijn moeder geen witte jurk aan. Ze was toen zwanger van mij. Daar refereer ik aan wanneer ik nu als mede-eigenaar van ­restaurant Nieuw Amsterdam in het West-Indisch Huis een rondleiding geef door de compagniezaal. Ik zeg altijd met een knipoog dat het een zaal met een grote geschiedenis is. Dan vertel ik eerst over mezelf en daarna dat New York er gesticht werd.

Mijn moeder is een mooie, levendige vrouw. Ze heeft veel liefde voor haar naasten en staat altijd klaar voor anderen. Mensen die het moeilijk hadden, wisten mijn moeder altijd te vinden. Al mijn vrienden en vriendinnen waren – en zijn – dol op haar.

Ik heb een heel liefdevolle opvoeding gehad. Alles was mogelijk en bespreekbaar. Mijn vader was een stuk ouder dan mijn moeder en ze verschilden qua opvoeding nog weleens in opvattingen, maar ik heb altijd kunnen zien wat liefde was.

Sinds mijn geboorte mis ik mijn gehoorbeentjes. Vanaf mijn tweede ben ik daar tientallen keren voor geopereerd. Dan kreeg ik ijsjes, en wanneer ik thuiskwam, had mijn vader allemaal mooie tekeningen gemaakt. Mijn ouders probeerden er altijd wat moois van te maken, terwijl het voor hen een onzekere tijd was.

Over de coronamaatregelen hebben we wel enige discussie moeten voeren. Ze is – net als ik – erg handtastelijk en knuffelt graag. Dat ze dat nu in deze situatie, zeker met haar medische achtergrond, niet mag met haar kleinkinderen, vindt ze ­lastig. Het is irritant om haar dat steeds te moeten uitleggen. Tegelijkertijd is het pijnlijk, want het maakt haar eenzaam. Mijn ­oudste, die het virus wel een beetje begrijpt, vroeg ook al: ‘Is het niet ­zielig dat oma alleen is?’

Twee jaar geleden ben ik verhuisd naar Noord, daarvoor woonde ik in het centrum onder mijn ouders. Als ik nu langsga, kom ik echt op visite. Ons contact is niet minder geworden sinds ik in Noord woon; we zijn nog altijd heel nauw betrokken bij elkaars leven. Mijn moeder heeft een vaste oppasdag en we zien elkaar minstens twee keer per week, maar meestal vaker. Ze staat altijd voor me klaar.”

Mart Calff (69)

“Toen Teun jong was, moest hij vaak naar het ziekenhuis vanwege problemen met zijn oren. Dat was een dramatische tijd, met veel operaties en narcoses, maar we probeerden er toch wat van te maken. De eerste dag in het ziekenhuis kreeg hij één ijsje, op dag twee twee ijsjes, enzovoort.

We hingen de vlag uit als hij weer thuiskwam, maar het was ook moeilijk. Teun hing aan me, maar in zijn ogen was ik ook de boze pier die al die narigheid in het ziekenhuis maar liet gebeuren. Ik kon het niet tegenhouden, dat nam hij me kwalijk. Dat we daar als gezin ongeschonden doorheen zijn gekomen, vind ik knap.

Teun heeft veel goede kanten. Hij investeert in anderen, is betrokken en uit zich bij iedereen. Ik bewonder hoe hij zijn zware baan combineert met goed ouderschap en echtgenootschap, maar ook hoe hij nu en vroeger omgaat met zijn oorproblemen. Eigenlijk kan ik geen slechte kanten van hem bedenken, behalve misschien dat hij niet de mooiste baby ooit was, haha.

Zijn vader en ik zijn getrouwd om financiële redenen; heel onromantisch. We hielden heel veel van elkaar, dat veranderde niet door wel of niet te trouwen. Zwanger worden was belangrijker. Het enige wat ik gemist heb, was een mooie jurk. Met de prachtige locatie hadden we wel geluk, volgens mij werd het gewone stadshuis verbouwd. Ik vind het superleuk dat dat nu Teun z’n plek is.

Onze relatie is erg harmonieus. Ik probeer mezelf niet op te dringen, maar ik weet dat ik altijd welkom ben. We laten elkaar vrij en zijn er altijd voor elkaar. Nu hij volwassen is, hebben we wat minder botsingen. Ik zie natuurlijk weleens wat, maar het is nu mijn pakkie-an niet meer. Teun vindt wel dat ik soms nogal explosief kan zijn, hij heeft dat zelf niet. Hij zorgt er dan voor dat het weer rustiger wordt.

Ik vind het verschrikkelijk dat ik de kleinkinderen niet kan aanraken. Teun wordt pissig als ik dan toch stiekem mijn hand uitsteek, maar ik vind het echt niet te verdragen. Daarnaast zijn allebei mijn kinderen ondernemer. Ik maak me zorgen om de zakelijke aspecten, in zulke moeilijke tijden doet mijn moederhart pijn. Teun zegt: het is allemaal maar materie. Ik vind het stoer dat hij dat zegt.

Hij is een mooi mens geworden, daar ben ik heel blij mee. Hij en zijn broer zijn naast broers ook echte vrienden. Volgens mij heb ik het wel goed gedaan als moeder.”

Mart Calff (69), gepensioneerd medisch psycholoog bij het AMC

Teun Vermaas (36), eigenaar West- ­Indisch Huis, café Nieuw Amsterdam en Matter of Taste

Pascale Bergen-Vermaas (36), projectmanager

Reeva Vermaas (5), openbare basisschool Twiske

Reese Vermaas (2)

Mart woont in een koopwoning in het ­centrum. Teun woont met zijn gezin in een koopwoning in Kadoelen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden