Recept van de dag

Huisje vol proviand: we maken coq au vin

Liesbeth Maliepaard is een freelance reclamemaker die ook haar kinderen wil laten smullen.

Liesbeth Maliepaard. Beeld Mark van der Zouw

Ouders die richting de tachtig gaan, hebben meestal alles al. Dus geven mijn zus en ik onze ouders in plaats van cadeaus elk jaar een weekend met de familie. Daar kan geen fles Chanel badschuim of zoveelste paar Nike tennissokken tegenop.

Dit jaar zitten we in een huisje in de bossen. De kinderen gaat het vooral om het bijbehorend zwemparadijs. De rest van de familie wordt blij van wandelen, de sauna met zoutgrot en van lekker koken en eten met z’n allen.

We nemen allemaal iets mee, spreken we af. Mijn moeder doet er nonchalant over: “Wij brengen wel wat te knabbelen mee, een fles wijn en wat kaasjes. En ik maak soep voor als jullie vrijdagavond aankomen.”

Ik ken dat. Voor je het weet zitten we met proviand voor drie weken. Dus doe ik een poging de voedselvolksverhuizing te beperken. ‘Zal ik voor ontbijt zorgen en één keer avondeten?’ app ik de familieappgroep. Mijn zwager vindt het goed. ‘Dan maak ik erwtensoep voor dag twee,’ zegt hij. ‘Wijn haal ik ook wel. En als ik nou ook voor één ontbijt zorg?’ Ik weet meteen dat mijn poging vergeefs is.

Als we geïnstalleerd zijn in ons huisje, zitten alle keukenkastjes tot de nok toe vol. De koelkast – model modaal gezin – puilt uit van de Franse kazen, luxe vleeswaren, diverse yoghurtsoorten en alles wat je op de groente- en fruitafdeling vindt. Gelukkig is het buiten flink fris, dus kunnen we een deel van onze voorraad kwijt in de tuin. De vensterbanken doen dienst als extra afzetgebied voor verschillende koffie- en theesoorten, jams, chocopasta’s, pindakazen, olijfoliën en 36 eieren.

In het keukentje van één bij één maak ik met m’n zus de grootste coq au vin sinds tijden. De helft ervan migreert –net als tassen vol onaangebroken proviand – de volgende dag weer vrolijk met ons terug naar Amsterdam.

Coq au vin

Ingrediënten
400 g bacon of spekblokjes
4 kg kippenpoten (een uur voor aanvang met zout bestrooid)
4 tenen knoflook, in dunne plakjes
2 grote uien, in snippers
3 winterwortels, gehalveerd en in plakjes
200 ml cognac
bosje platte peterselie, fijngehakt
2 tl Provençaalse kruiden
2 laurierbladen
6 kruidnagels
2 flessen rode wijn, liefst Pinot Noir
600 g pareluitjes, gepeld
10 el boter
2 tl suiker
500 g kleine champignons
4 el bloem

Bereiding
Verhit olijfolie in een grote pan en bak eerst het spek, en daarna, in het spekvet, de kip bruin. Zet beide apart. Bak in dezelfde pan de knoflook, ui en de helft van de wortel met 1 tl zout en peper. Doe de kip terug in de pan, overgiet met cognac en flambeer. Voeg als de vlammen uit zijn de helft van de peterselie, de Provençaalse kruiden, laurierblaadjes, kruidnagels, 1 tl zout en de wijn toe. Breng aan de kook. Draai het vuur laag en laat 20 min. pruttelen. Schep de kip uit de pan, zeef de saus en kook hem 10 min. in.

Gaar de pareluitjes 3 min. in kokend water. Smelt 6 el boter in een pan, voeg de uitjes, de rest van de wortel en de suiker toe en bak 5 min. Voeg de champignons toe en bak 5 min. Kneed 4 el boter en bloem door elkaar. Breng de saus aan de kook en voeg het mengsel in kleine stukjes toe. Doe de groente, kip en spek erbij en kook alles nog 10 min. door. Garneer met de rest van de gehakte peterselie. Lekker met brood om te dippen. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden