PlusInterview

Huisbioloog van Artis gaat na 30 jaar met pensioen: ‘De humor in de natuur helpt om een verhaal te vertellen’

Charlotte Vermeulen, huisbioloog van Artis, gaat met pensioen. ‘Ik heb lang de illusie gekoesterd dat ik onmisbaar ben, maar dat is natuurlijk niet zo.’ Beeld Daphne Lucker
Charlotte Vermeulen, huisbioloog van Artis, gaat met pensioen. ‘Ik heb lang de illusie gekoesterd dat ik onmisbaar ben, maar dat is natuurlijk niet zo.’Beeld Daphne Lucker

Zij weet nog hoe de stadsnomaden ’s nachts in Artis over het hek klommen om in het zeeleeuwenbassin te zwemmen en ze was erbij toen het fokprogramma voor de gorilla’s van start ging. Nu neemt huisbioloog Charlotte Vermeulen (66) na ruim dertig jaar afscheid van de dierentuin.

Patrick Meershoek

Het wordt een afscheid in stijl. Educatie-ecoloog Charlotte Vermeulen heeft voor de collega’s een afscheidslezing voorbereid vol anekdotes, bespiegelingen en herinneringen aan haar jaren in Artis. Een van de onderdelen is een quiz met tamelijk onmogelijke vragen, want publieksparticipatie is een voorwaarde om de boodschap over te brengen. En, heel belangrijk, er mag worden gelachen. “Humor helpt om een verhaal te vertellen. Er zit ook veel humor in de natuur. Waarom hebben mannelijke zoogdieren tepels terwijl ze er meestal niets mee doen? Het is interessant om daar over na te denken, en nog leuk ook.”

Na meer dan dertig jaar verhalen vertellen, neemt Vermeulen afscheid van Artis. Het pensioen verschaft allerlei nieuwe mogelijkheden, zoals die droomreis naar Borneo om de neusaap in zijn natuurlijke habitat te zien, maar het is ook onwerkelijk om af te zwaaien. “Artis was mijn werk, maar ook mijn hobby. Ik heb hier met heel veel plezier een groot deel van mijn leven doorgebracht. Ik heb lang de illusie gekoesterd dat ik onmisbaar ben, maar dat is natuurlijk niet zo. Mijn jonge collega’s kijken op een heel andere manier naar het werk. Zij komen met nieuwe ideeën. Dat is heel goed.”

Wandelende bron van kennis

Met Vermeulen vertrekt wel een wandelende bron van kennis over wat er allemaal gebeurde in Artis in een halve eeuw tijd. Wie kan er straks nog vertellen over de stadsnomaden die ’s nachts over het hek klommen om in het zeeleeuwenbassin te zwemmen? Wie was van de partij toen eind jaren tachtig het fokprogramma van de gorilla’s van start ging? “De dieren hadden geen idee. Er is een tv geplaatst met beelden van de geboorte van een gorilla. Daar zaten ze geïnteresseerd naar te kijken. Een collega die net moeder was geworden, gaf het goede voorbeeld door haar baby aan de andere kant van het glas de borst te geven.”

Vermeulen kwam in 1989 bij Artis in dienst als opvolger van Han Rensenbrink, schrijver en hoofd van de educatieve dienst. Rensenbrink had in de jaren vijftig landelijke bekendheid gekregen als presentator van het tv-programma Wie wil er mijn marmotje zien? “Hij nam elke week een dier mee naar een studio vol kinderen om er uitleg over te geven,” vertelt Vermeulen. “Dat was de benadering van die tijd: kijk eens wat een bijzonder dier ik nu weer voor jullie heb meegebracht. Dat is tegenwoordig echt ondenkbaar. Het is zo anders geworden. De dierentuin van toen zou nu waarschijnlijk nog dezelfde dag worden gesloten.”

De bioloog heeft al die veranderingen zien voorbijkomen. “Toen ik bij Artis ging werken, was er al een beleid om meer ruimte voor dieren te creëren. Het was groot feest, toen we een stuk braakliggend terrein achter de dierentuin konden toevoegen. Daar is onder meer het nieuwe olifantenverblijf, echt een mooi voorbeeld van een modern verblijf dat recht doet aan het natuurlijk gedrag van de dieren. Daar komt ook het nieuwe onderkomen van de leeuwen. Het is een voortdurend proces om minder soorten een betere plek te geven. Terwijl het er vroeger om ging om zo veel mogelijk dieren te kunnen laten zien.”

De ontspannen omgang met dieren ging indertijd nog samen met een waar bombardement van informatie voor de bezoeker. “Die arme mensen kregen enorme lappen tekst te verwerken. Er was ontzettend veel kennis in huis, en die moest bij voorkeur volledig worden gedeeld. Alleen al de dierentuingids besloeg tachtig pagina’s. Tegenwoordig lezen mensen veel minder graag en doen we dus meer met beeld. Er zijn audiotours gekomen en pluktuinen waar rondleiders mensen kunnen laten ruiken en proeven. Alle zintuigen komen aan bod. Het is allemaal een stuk speelser geworden.”

Plaatjes uit tijdschriften knippen

Niet alleen de vorm, ook de inhoud van de boodschap is sterk veranderd. De klassieke verzameltuin van zoveel mogelijk soorten is een ontmoetingsplek geworden voor mens, dier, plant en microbe. Het kijken naar dieren heeft plaatsgemaakt voor het nadenken over de levende natuur waarin alles zijn plek heeft, van de bacterie tot de mens. “De kernboodschap van alle verhalen is dat we zuinig moeten zijn op de aarde en de natuur,” zegt Vermeulen. “Ook om zelf als soort te kunnen overleven. De bezoekers komen hier natuurlijk vooral voor hun plezier, maar we hopen dat ze die boodschap wel degelijk mee naar huis nemen.”

Een van de mijlpalen in het contact met de bezoekers was de komst van een website. “Dat was in 1997. Het voorstel kwam van een paar collega’s die verstand hadden van computers. Internet was er natuurlijk nog nauwelijks. Het was allemaal heel basaal, maar we waren wel de eerste dierentuin in het land met een website. Een van de onderdelen was een handleiding voor leerlingen die informatie wilden hebben voor een werkstuk. Dat ging voor die tijd allemaal met de post. We hadden een mevrouw in dienst die uit grote stapels oude tijdschriften plaatjes knipte van leeuwen en olifanten, om naar de kinderen te kunnen sturen.”

Bruijns boshoen

Zoekend naar originele invalshoeken was Vermeulen eind jaren negentig ook de geestelijk moeder van de aandacht in Artis voor homoseksueel gedrag bij dieren. “Aanleiding was een verzoek van de Schorerstichting vroeg of ik een rondleiding kon organiseren. Ik was meteen enthousiast. Onderzoekers in het veld deden voortdurend waarnemingen van homoseksualiteit bij dieren, maar uit ongemak werd dat doorgaans vertaald als speels of dominant gedrag. Maarten Frankenhuis was directeur, en hij vond het ook een prima onderwerp. We gingen enkele jaren later tijdens de Gay Games weer rondleidingen geven en lezingen houden in het park. Er was veel vraag naar.”

De aandacht voor lhbtq in het dierenrijk maakte wel een kenmerkende ontwikkeling door, merkt de bioloog op. “De eerste keer dat we een rondleiding gaven, zag het zwart van de journalisten. De internationale pers was massaal uitgerukt om verslag te doen van wat er nu weer in Amsterdam gebeurde. Na een tijdje was de sensatie er van af, en ebde de belangstelling weg. In 2019 heb ik nog een lezing gegeven ter gelegenheid van Amsterdam Pride, en toen zat de collegezaal van Artis vol met jonge mensen die ook helemaal niet ingewikkeld of besmuikt deden over het onderwerp. Het was gewoon belangstelling voor een interessant onderwerp. Heel goed vond ik dat.”

Tussen de werkzaamheden in Artis door, reisde Vermeulen naar alle uithoeken van de wereld in het gezelschap van haar partner René Dekker, onderzoeker bij Naturalis. “Hij is een fanatieke vogelaar en heeft me besmet met het virus. We gaan geregeld op expeditie. We hebben een keer acht dagen op een berg in Noord-India in de vrieskou gebivakkeerd om een sneeuwpanter te zien. Dat is ook gelukt. In Nieuw-Guinea gingen we met vijf lokale gidsen op zoek naar Bruijns boshoen. We zijn toen vreselijk verdwaald. Na afloop bekenden de gidsen dat ze eigenlijk vissers waren en nog nooit zo ver in het bos waren geweest.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden