Plus Achtergrond

Hoeveel moet je sparen om later verzekerd te zijn van goede zorg?

‘Zorgvilla’s heb je in alle soorten en ­maten, van grachtenpand tot boerderij’ Beeld Tzenko

Wie op z’n oude dag verzekerd wil zijn van goede hulp of zorg, begint nu alvast met sparen. Maar hoe groot moet zo’n spaarpotje zijn?

“Onze zorgkosten zullen we voor een steeds groter deel zelf moeten betalen,” zegt Pim Huijgen, hoogleraar notarieel recht aan de Universiteit Leiden. Want met de vergrijzing nemen de zorgkosten toe en om die kosten te drukken, wil de overheid dat we zo lang mogelijk thuis blijven wonen.

“Als je extra verzorging of thuishulp nodig hebt, kun je bij de gemeente een beroep doen op de Wmo, de Wet maatschappelijke ondersteuning,” zegt Huijgen. “Maar ­gemeenten proberen de vergoedingen steeds verder terug te schroeven. Dus moet je zelf je zorg regelen en is het ­verstandig daar een spaarpotje voor op te bouwen.”

Welke zorgvormen zijn er?

Mantelzorg

Mantelzorg – zorg door familie of vrienden – is in principe onbetaald, maar sommige gemeenten belonen mantelzorgers met een ‘mantelzorgcompliment’. Dat kan een leuke dag zijn, kortingsbonnen of een bescheiden geldbedrag.

Heb je recht op een persoonsgebonden budget (pgb), dan kun je mantelzorgers vanuit dit budget een vergoeding ­geven. Daarvoor moet je een contract afsluiten. Op de site van de Sociale Verzekeringsbank (www.svb.nl) staat een modelovereenkomst.

Aanvullende zorg

Heb je geen mantelzorg, maar thuis wel aanvullende zorg nodig, bijvoorbeeld na een opname in het ziekenhuis of bij allerlei ouderdomsproblemen, dan kun je een beroep doen op de Wmo. Die regelt bijvoorbeeld wijkverpleging, thuishulp en huishoudelijke hulp.

De ondersteuning kun je aanvragen bij je gemeente. Daar bekijkt iemand welke zorg je precies nodig hebt. Voor de Wmo betaalt iedereen een eigen bijdrage van maximaal 17,50 euro per vier weken.

Los van de Wmo kun je natuurlijk ook op eigen kosten (extra) thuishulp inhuren. Reken op een bedrag tussen de 15 en 30 euro per uur. Verpleging valt vaak onder de zorgverzekering.

Veel zorg nodig: Wlz

Als je door een ernstige ziekte of handicap langdurige 24-uurs zorg nodig hebt, krijg je een indicatie voor zorg vanuit de Wlz (Wet langdurige zorg). Met die indicatie worden kosten vergoed met een persoonsgebonden budget of volledig pakket thuis (vpt). Daarnaast betaal je een eigen ­bijdrage op basis van inkomen en vermogen.

Het regelen van een vergoeding vergt een paar stappen. Eerst vraag je een Wlz-indicatie aan bij het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ). Dat oordeelt welke zorg je nodig hebt en in welke mate je recht hebt op een tegemoetkoming in de kosten. Vervolgens gaat dat besluit naar het zorgkantoor en het Centraal Administratie Kantoor. Dat bepaalt de hoogte van de eigen bijdrage. Het zorgkantoor overlegt hoe en waar je de zorg krijgt: thuis of in een verzorgingshuis.

Huis aanpassen

Aanpassingen zoals het weghalen van drempels of een ­traplift installeren, kunnen ervoor zorgen dat je veel langer in je eigen huis kunt blijven wonen. Je kunt daarvoor vergoedingen krijgen vanuit de Wmo en Wlz, maar die verschillen per gemeente. Ook de zorgverzekering vergoedt soms (deels) aanpassingen thuis.

Als het om een forse verbouwing gaat, moet je die doorgaans zelf financieren. Daarvoor bieden sommige ­gemeenten een zogeheten blijverslening. Het maximale leenbedrag is 50.000 euro. De rente is gemiddeld 1 procent lager dan de hypotheekrente. Op de website van Stimuleringsfonds Huisvesting (www.svn.nl) kun je zien of jouw gemeente zo’n lening aanbiedt.

Wie overwaarde op zijn eigen huis heeft, kan natuurlijk ook een extra hypotheek afsluiten om z’n huis levensloopbestendig te maken.

Woning met zorg

Wordt het te lastig om volledig zelfstandig te wonen? Dan zijn er diverse woonvormen die in meer of mindere mate zorg bieden. Zo zijn in een woonzorgzone – een deel van een woonwijk met speciale zorgvoorzieningen – de huizen toegankelijk voor rolstoelen en rollators. Winkels, een apotheek en een arts zijn nabij en zorg is beschikbaar via een steunpunt. Vaak is er een buurthuis voor gezamenlijke activiteiten. In een woonzorgzone wonen jong en oud naast elkaar. Er zijn huur- en koopwoningen.

Als je kiest voor een serviceflat, woon je in een eigen ­appartement. Er is zorg aanwezig en je kunt gebruikmaken van diensten als gezamenlijke activiteiten en maaltijden. Bovenop de huur- of koopprijs van de flat komen ­servicekosten.

Wie hulpbehoevender wordt, kan een aanleunwoning betrekken. Dat is een woning dicht in de buurt van een verzorgingshuis. Je kunt gebruikmaken van de diensten van het verzorgingshuis zoals zorg, maaltijden, boodschappen, de kapper en een alarmsysteem.

Ook hier betaal je naast de aankoop of huur extra kosten voor de zorg die je afneemt. Deze woningen zijn te koop of te huur.

Particulier verzorgingshuis

Een particulier zorgappartement of een zorgvilla biedt de uitgebreidste zorg, vergelijkbaar met een verpleeghuis, maar met meer luxe. “Dit soort zorgwoningen is bedoeld voor mensen die niet meer zelfstandig kunnen wonen,” zegt Irene Reijman-Sikkel, oprichter van de website www.zorgvillaexpert.nl, dat een overzicht van alle zorgvilla’s in Nederland biedt. “Er is medische zorg en hulp bij wassen, eten en slapen. Je hebt ze in alle soorten en ­maten, van grachtenpand tot boerderij.”

Daar hangt wel een stevig prijskaartje aan, merkt ­hoogleraar Huijgen op. “De meeste zorghuizen kom je niet in als je de financiële middelen niet hebt.”

Voor een particulier verzorgingsappartement betaal je, afhankelijk van grootte en locatie, tussen de 1500 en 4000 euro per maand voor wonen en service. De bijkomende zorgkosten verschillen per persoon en zijn afhankelijk van de benodigde zorg. Voor die zorg krijg je een gedeeltelijke vergoeding van de overheid, gerelateerd aan eigen ­vermogen en inkomen. “Maar daar wordt steeds meer op beknibbeld,” zegt Huijgen.

Verpleeghuis

Pas als je een zware medische indicatie hebt, ga je naar een verpleeghuis. “Daar betaal je een eigen bijdrage, die ook is gerelateerd aan je inkomen en vermogen,” zegt Huijgen. “Vroeger probeerden mensen hun vermogen zo laag ­mogelijk te houden omdat de eigen bijdrage onbeperkt was. Dan kreeg je de volle kosten doorberekend, zeker als je spaargeld had. Nu is dat gemaximeerd.”

De maximale lage eigen bijdrage is 862 euro en de maximale hoge bijdrage is 2365 euro per maand. De eerste vier maanden betaal je de lage eigen bijdrage, daarna meestal de hoge. Uitzondering is bijvoorbeeld als je een thuiswonende partner of minderjarig kind hebt. Dan blijf je de lage bijdrage betalen. Wat je precies aan eigen bijdrage moet betalen, kun je berekenen op de website van het Centraal Administratiekantoor.

Eigen huis en vermogen

Bij veel mensen zit het eigen vermogen vast in het huis. Als een partner daar achterblijft, telt de waarde van de woning niet mee bij het eigen vermogen. Maar komt een alleenstaande in een verpleeghuis terecht, dan wordt het huis niet meer gezien als ‘hoofdverblijf’. Dan telt het wel mee bij het eigen vermogen, maar pas na twee jaar. Als het ­eigen huis wordt verkocht, valt de eventuele overwaarde onder het spaargeld.

Er zijn manieren waarop je het eigen vermogen kunt verlagen, zoals schenken aan de kinderen. Een notaris kan daarbij helpen. Maar dat gebeurt steeds minder, ziet Huijgen. “Vooral omdat er nu een maximum aan de eigen bijdrage zit. Veel ouderen kunnen dat betalen, ze zijn gemiddeld rijker dan vroeger.”

Huijgen vindt het ook verstandig dat mensen hun vermogen niet wegschenken. “Want daarmee maak je je ­afhankelijk van je kinderen. Naarmate de overheid meer terugtreedt, komt er meer op je eigen bordje terecht. Je krijgt niet zo snel een medische indicatie. Er zijn kernvoorzieningen, maar die zorg blijft heel karig als je geen ­eigen geld hebt.”

Ook Reijman-Sikkel raadt sparen voor je oude dag aan. “Zelf reken ik er niet op dat mijn pensioen en AOW voldoende zullen zijn. Door te sparen, houd je de optie open om later zelf te kunnen kiezen welke woonvorm het beste bij je past. Als het kan, zet dan geld opzij om zelf zorg in te kunnen kopen. Zodat je met hulp langer zelfstandig kunt blijven wonen, of je op een gegeven moment een particuliere zorginstelling kunt veroorloven.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden