Tuğrul Çirakoğlu. Beeld Nosh Neneh
Tuğrul Çirakoğlu.Beeld Nosh Neneh

‘Hoe was je je?’ vroeg ik hem. Hij antwoordde dat hij een schuurspons gebruikte

PlusTuğrul Çirakoğlu

Toen hij de voordeur opendeed, stak hij zijn hand uit om ons welkom te heten. Binnen een milliseconde bedacht hij zich en trok hij zijn hand terug. “Goedemorgen,” zei hij met een grote glimlach. Van zijn gebit was bijna niks meer over. De paar tanden die hij nog wel had, waren zwart en verrot.

Hij was het stadium van onverzorgd al lang voorbij. Hij was vies, heel vies. Hij had zichzelf zo lang niet gewassen dat zijn gezicht grijs was uitgeslagen. Door zijn gebrekkige hygiëne had hij overal op zijn lichaam wondjes.

Samen liepen we zijn kamer van nog geen twintig vierkante meter in. Het leek alsof iemand er een reusachtige ­vuilnisbak met huishoudafval had leeggekieperd. In de hoek stond een vervuild matras. Menig persoon zou zijn hond er niet eens op laten slapen.

De badkamer was onbruikbaar. De afvoer zat verstopt en de kraan om zijn douche aan te zetten kreeg hij niet meer opengedraaid door de extreme vuil- en kalkopbouw. “Hoe was je je?” vroeg ik hem. Hij antwoordde dat hij een schuurspons gebruikte, die hij natmaakte in zijn wasbak.

Hij woonde al 28 jaar in deze studentenflat. Recht tegenover zijn voordeur bevond zich de deur naar de gemeenschappelijke keuken. Om de haverklap liepen er studenten in en uit. Het was onmogelijk dat zij niet op de hoogte waren van zijn leef­situatie. Vreemd genoeg leek geen van hen zich om hem te bekommeren.

Ik vroeg hem de kamer te verlaten zodat we konden beginnen met schoonmaken. Hij liep de gemeenschappelijke keuken in waar een paar studenten zaten te ontbijten. Ze keken hem vreemd aan. Hij voelde zich ongemakkelijk en liep de gang op, waar hij de hele dag bleef zitten, tot wij klaar waren.

“Kun je nergens naartoe?” vroeg ik hem. “Nee,” zei hij, “ik ga alleen naar buiten om boodschappen te doen en kom dan terug. Ik zit altijd in mijn kamer.” Het raakte mij in het diepst van mijn ziel om hem daar alleen, uitgehongerd en zielig in een hoekje te zien zitten.

Na afloop ging ik terug naar huis met een dubbel gevoel. We hadden zijn kamer schoongemaakt. Hij kon nu weer douchen, slapen en eten in een schone ruimte.

Maar tegelijkertijd wist ik dat hij daar nog steeds even verdrietig, eenzaam en depressief zou zitten als voor onze komst. Het voelde alsof ik hem in de steek liet.

Tuğrul Çirakoğlu maakt met zijn bedrijf schoon in extreme ­situaties. Hij vertelt de verhalen achter het vuil. Lees al zijn verhalen hier terug.

null Beeld
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden