PlusAchtergrond

Hoe een steunkous een dopingsok werd

Alleen een lenig brein maakt de sprong van opa’s steunkousen naar wielrenner Tom Dumoulin. Stox-sokken doet dat, en met succes.

Beeld Marjolein van Damme

Vanuit het Olympisch Stadion van 1928 in Amsterdam over naar de Alpe d’Huez anno 2020: voor de mensen achter Stox Energy Socks is het dezer dagen maar een kleine stap. Ze hebben net een nieuw kantoor in het monumentale stadion betrokken, de vloerbedekking heeft het patroon van een atletiekbaan. En zien ze de renners van de Jumbo-Vismaploeg na een Touretappe op televisie, dan dragen die de kniehoge sokken van Stox, die het herstel van de geelzwarte brigade moeten bevorderen.

Sterker nog, zegt algemeen directeur Wouter de Keizer, de renners ­mogen die sokken alleen maar na de wedstrijden dragen, niet tijdens, zo bepaalde wielrenunie UCI in 2018 via artikel 1.3.033 bis. Daarin is opgenomen hoelang een sok mag zijn. De sok mag niet hoger komen dan ‘halverwege de ­afstand tussen de laterale malleolus en het midden van de kop van de fibula’. Oftewel: tot halverwege het onderbeen. Dat maakt de steunkousen van Stox (want dat zijn het in feite) pardoes tot een dopingsok. De Keizer: “Dat is toch wel het ultieme bewijs dat onze sok werkt.”

Geblesseerd

Stox Energy Socks is ontsproten aan het brein van Caspar Disselhoff (33), nu financieel directeur van de Stoxploeg. Disselhoffs vader is vaatchirurg en voorziet zijn zoon en De Keizer desgewenst van adviezen: “Bij twijfel bellen we Ben.” Zoon Disselhoff raakte ruim zes jaar geleden geblesseerd en vond nergens aantrekkelijke compressiekousen, die steun bieden en de bloedcirculatie verbeteren. Zo begon Stox; textielingenieur De Keizer kwam er twee jaar geleden bij, want Stox moest maar eens een tandje bijzetten.

Wouter de Keizer: “Om te kunnen groeien, moesten we allereerst de voorraad verhogen. Dat kost geld, en dat geld hebben we binnengehaald via een deelneming van de ­investeerders van Slingshot Ventures.” Niet alleen liggen er meer sokken in het magazijn, ook zitten er meer mensen achter bureaus – zo heeft Stox een growth hacker en een contentmanager, functies die vroeger wellicht te boek zouden hebben gestaan als ‘iets met marketing’.

De omzet is de afgelopen twee jaar verzesvoudigd; het bedrijf is op 1 augustus verhuisd van een souterrain aan de Herengracht naar het flitsende kantoor in het sta­dion. Stox bestaat nu uit acht mensen, een paar nog leegstaande bureaus wijzen op ambitie en groei.

Wroeten en herrie maken

Het eerste doel is om meer naamsbekendheid te krijgen, en daartoe is sport in het spel gekomen, “want,” aldus De Keizer, “sport is heel fotogeniek.” Een klein textielbedrijf dat zich wil mengen in de gigantisch lucratieve sportmarkt – dat lijkt met grote en rijke concurrenten van over de hele wereld geen peulenschil. De Keizer: “Dat is het ook niet, nee, je moet wroeten en herrie maken.”

Eerst was er een samenwerking met de Nederlandse tennisbond, toen volgde een aantal voetbalclubs, en onlangs werd Stox partner van de wielerploeg van Jumbo-Visma, die zojuist met uitgelezen winstkansen aan de Tour de France is begonnen.

Hoe gelikt de reclamefotografie rondom Stox ook is, niemand ontkent dat het hier in ­essentie om de aloude, op medische voet geschoeide steunkous gaat. De Keizer: “Maar we kunnen met onze compressiesokken wel degelijk iets bijdragen aan sportprestaties. Veel hardlopers hebben last van scheenbeenvliesontstekingen, shin splints, daar helpen onze sokken bij. Als gerenommeerde ­fysiotherapeuten dan tegen professionele sporters zeggen: ‘Probeer die sokken eens,’ dan kan het snel gaan.”

Familiebreierijen

De productie van Stox vindt plaats in twee familiebreierijen in Italië, waarvan de eigenaars volgens De Keizer apetrots zijn op het feit dat de Jumborenners na de koers te zien zijn met hun sokken aan. Van de sport was het een kleine sprong naar reissokken – in vliegtuigen krijgen mensen minstens last van dikke enkels, zo niet van trombose, en vandaar was de markt voor dagelijkse sokken ook niet ver meer. “Die sok, van merinowol, is sinds een maand onze bestverkopende sok,” zegt De Keizer.

De medische lijn meegerekend heeft Stox nu vier collecties. Vorig jaar werden er nog 40.000 paar verkocht, voor dit jaar rekent het bedrijf op 100.000 paar. Aanvankelijk werden de sokken in Nederland en België verkocht, toen volgden Duitsland en het Verenigd Koninkrijk – De Keizer wil het stap voor stap aanpakken: wie iets wil verkopen, moet wel breicapaciteit en bedrijfsvoorraad hebben.

Het gros daarvan wordt verkocht op internet – Keizer: “Wij zijn een echte onliner.” De dagelijkse collectie ligt echter bij Etos, de sportsokken bij hardloopwinkels en de wandelsokken bij de ANWB-winkels.

Stoxsokken zijn niet per se goedkoop (de meeste modellen kosten 39 euro); dat is niet iets waar De Keizer zich voor schaamt. “We gebruiken eigen design, die Italiaanse breierijen, hoogwaardige materialen, maar vooral: we lossen een probleem voor je op.”

Helden op sokken

Beeld Marjolein van Damme

Daan Kool (46), manager bij supermarkt Organic Food For You, draagt de Daily-sok: “Ik hoorde op het schoolplein over de sok en ik dacht: ik loop en ik sta veel, misschien is het wel wat voor mij. Normaal draag ik skisokken met een L en een R erop, die trek je zo aan, maar deze sokken zijn anders, je moet de naad heel precies om je kuit heen trekken, ze moeten echt passen als een jasje. Maar eenmaal aan zijn ze een verademing. Ik draag ze vooral op zaterdag, de dag dat ik het meest loop, sta, trek, sjouw en duw.”

Mirco PruyserBeeld Marjolein van Damme

Mirco Pruyser (31) hockey-international en spits bij Amsterdam H&BC, draagt de sportsokken van Stox: “Ik draag ze onder mijn scheenbeschermers en hockeysokken tijdens de wedstrijd, maar ook bij het joggen in het park. Ik heb het gevoel dat compressie helpt lichte blessures te voorkomen. Ik ken de sokken omdat ik ze droeg tijdens verre reizen, bij het vliegen voorkomen ze vochtophoping. Aanvankelijk keken mijn teamgenoten er wat sceptisch naar, maar ik zie steeds meer jongens met compressiesokken, zeker in het vliegtuig.” 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden