Recensie

Het huishoudcabaret van Veldhuis & Kemper is hemeltergend braaf (**)

Ze doen het al sinds hun grote hit 'Ik wou dat ik jou was': huishoudcabaret. Het zijn slimme jongens, die een formule vonden die bij hun talenten past. Maar alles wat ze zeggen lijkt geplastificeerd.

Mike Peek
Remco Veldhuis en Richard Kemper zijn briljant op elkaar ingespeeld. Beeld Esther Gebuis
Remco Veldhuis en Richard Kemper zijn briljant op elkaar ingespeeld.Beeld Esther Gebuis

Echt heel slecht is 'Of de gladiolen' nou ook weer niet. Remco Veldhuis en Richard Kemper zijn briljant op elkaar ingespeeld, pingpongen met scherpe dialogen in moordend tempo, hebben een prima oog voor woordgrappen en zuigen de zaal moeiteloos mee in hun belevenissen. Kunnen ze mooi op de poster zetten.

Maar nondedju, wat is het hemeltergend braaf allemaal. Glad. Veilig. Sáái.

Zoals altijd zoeken de mannen hun inspiratie in het gezinsleven, ditmaal vrij letterlijk verbeeld door een enorm huis op het podium. Dat huis staat echter scheef, dus dat belooft al weinig goeds. En inderdaad, Kemper blijkt pasgeleden te zijn gescheiden - 'Hoogtepunt van het jaar' - en Veldhuis hikt tegen sterilisatie aan - 'Daar moet je ballen voor hebben' - want twee kinderen vindt hij wel genoeg.

Hij is bovendien zelf nog een kind, wat weer een mooi bruggetje vormt naar het centrale thema: de dood. Of beter gezegd: het steeds langer uitblijven van de dood. We worden tegenwoordig veel ouder dan vroeger, maar moeten eerder volwassen zijn. En na je veertigste zit er geen werkgever meer op je te wachten.

Voorspelbaarheid
Even terug. Ten tijde van hun monsterhit 'Ik wou dat ik jou was' maakten Veldhuis & Kemper al cabaret. Volgens de overlevering waren dat matige voorstellingen, maar dit zijn slimme jongens, die rap een formule vonden die bij hun talenten paste. Noem het huishoudcabaret. Het probleem is dat daarna nooit meer aan die formule is gesleuteld. Wie het duo een paar keer aan het werk heeft gezien, maakt onbewust een keuze: ga ik me verheugen op de voorspelbaarheid, de burgertrutterij, de Gevoelige Liedjes, de fratsen van Vrouwtje Veldhuis en de machopraat van Kereltje Kemper, of ga ik me eraan ergeren?

Alles wat ze zeggen, lijkt geplastificeerd. Alsof ze hun eigen emoties net zo lang hebben geherformuleerd totdat er alleen slogans overbleven. Kemper over het leven na zijn scheiding: 'Er zijn nog zo veel vrouwen om ongelukkig mee te zijn.' Veldhuis tijdens een ruzie: 'Ik kan het wel met je eens zijn, maar dan zouden we allebei ongelijk hebben.'

Cliché-tirade
Je kijkt puur naar vorm. Veldhuis klaagt over het uitgelubberde lijf van zijn echtgenote (hij weet niet eens meer wat seks ís!), Kemper speelt een dagje Disneyland met de kids na (vermoeiend!) en ontsteekt in een cliché-tirade over de verburgerlijking van zijn vrienden, die inmiddels allemaal een foto van hun gezin boven de bank hebben hangen.

Het werkt als een trein, zoals films over heel lieve hondjes die ziek worden en vervolgens doodgaan ook als een trein werken. Dat maakt het nog geen goede films, maar films die oppervlakkige zenuwen blootleggen. En dat is precies wat Veldhuis & Kemper ook doen. Avond na avond. Programma na programma. Ze zijn er verdomd goed in.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden