PlusAchtergrond

Het ene dier gedijt goed in een stille stad, het andere niet

Kraaien zoeken hun voedsel nu noodgedwongen buiten de stad.Beeld Dingena Mol

Uitbundig zingende merels, helder water in de grachten: de stedelijke natuur gedijt goed onder de coronacrisis. Al zijn er ook dieren die de mensenmassa op straat juist missen. 

Een ‘groots ecologisch experiment’ noemt stadsecoloog Geert Timmermans (63) de coronacrisis voor de Amsterdamse stadsnatuur. Doordat het veel stiller is in de stad, zijn niet alleen in Wuhan, maar ook in Amsterdam de ­vogels veel beter te horen. “Doordat er minder verkeer en mensen op straat zijn, valt hun gezang meer op.”

Timmermans vertelt dat hij de kikkers in zijn tuin nu ook beter hoort. “Normaal wordt dat overstemd door het ­geruis van de auto’s en het geklingel van de trams op de Middenweg. Onderschat ook het afgenomen vliegverkeer niet. Daarnaast is de lente begonnen: mannetjesvogels zoals merels, zanglijsters, roodborsten, heggenmussen, winterkoninkjes en pimpelmezen zingen nu uit volle borst.”

Vissen en fietswrakken

Doordat er in Venetië geen grondels meer in de kanalen varen, blijft het slib dat normaal door motoren wordt om­gewoeld, op de bodem van de kanalen liggen en is het ­water weer helder. In Amsterdam is het grachten­water nu ook meetbaar helderder door het stilliggen van de rondvaartboten en ander vaarverkeer. Waar het doorzicht op de ­Herengracht bij de Gouden Bocht normaal in april tot 70 centimeter is, is dat nu al 1,5 meter, zegt een Waternet­medewerker. Waternet meet wekelijks het doorzicht, op een wetenschappelijke manier, door een witte schijf in het water te laten zakken. Uit berekeningen blijkt dat er met dit doorzicht voldoende licht op 2,5 meter komt om eventuele zaden in de waterbodem te laten ontkiemen.

Als het vaarverkeer nog langer stil blijft liggen, verwacht Timmermans dat de vissen en fietswrakken van bovenaf zichtbaar worden. In stukjes gracht waar nooit gevaren wordt, zoals de Ringvaart tussen Wibautstraat en Flevopark, groeien altijd al planten zoals waterlelies en ­gele plomp. Ook in andere grachten zouden die nu de kop op kunnen steken.

Door verminderd (vlieg)verkeer en industrie is de hoeveelheid vervuilende stoffen in de lucht volgens het KNMI tussen de 20 en 60 procent afgenomen. Volgens de GGD Amsterdam is het nog te vroeg om effecten op de luchtkwaliteit te zien in de stad.

Minder verkeersdoden

Stadsecoloog Timmermans denkt dat organismen op den duur kunnen reageren op het slinkende stikstof- en ­fijnstofgehalte. “Er groeien nu bijvoorbeeld veel stikstofminnende korstmossen in de stad. Als het verkeer zou wegvallen, zouden die plaatsmaken voor andere soorten. Een voordeel dat dieren nu al hebben van het verminderde verkeer, is dat ze minder kans hebben doodgereden te worden. Amfibieën tijdens de paddentrek hebben daar mogelijk baat bij. De keerzijde van het verminderde verkeer is dat meer dieren roekeloos de weg op wandelen, waardoor ze juist meer kans hebben op een aanrijding.”

Een medewerker van Waternet meet de helderheid van het water in de Herengracht.Beeld Dingena Mol

Volgens oud-stadsecoloog Martin Melchers (75) zullen de beperkende maatregelen door de coronacrisis ‘alleen maar positief’ zijn voor de Amsterdamse stadsnatuur. “Ik was vandaag in het Havengebied. Daar wordt niet meer ­gewerkt, dat is heerlijk rustig voor de kieviten die nu beginnen met baltsen. Ik zag de eerste leeuweriken stijgen en hoorde ze zingen. Er komt nog wel rook uit de schoorstenen van het Afval Energie Bedrijf waarop slechtvalken hun nestkast hebben, maar die zijn dat gewend.”

Kunstlicht

Stadsecoloog Remco Daalder (59) wijst erop dat nachtdieren zijn gebaat bij de verminderde lichtvervuiling in de stad. “Ik woon in Noord vlak bij sportvelden waar meestal tot middernacht gesport wordt. Nu zijn de lichten uit. Daar hebben amfibieën, insecten en vleermuizen baat bij. Normaal worden zij ontregeld door al het kunstlicht.”

Stilte, rust, duisternis, de stad begint een beetje op een natuurgebied te lijken, grapt Daalder. “Stel dat ook het gras maanden niet gemaaid wordt, dan krijgen insecten meer kans in de stad.”

Afvaleters

Toch boffen een paar dieren niet met de situatie: de beesten die het moeten hebben van het voedsel dat mensen op straat achterlaten. Kraaien, meeuwen en ratten bijvoorbeeld. “Normaal zijn er hier in Noord veel meeuwen, maar tijdens een wandeling net, zag ik ze nauwelijks,” zegt ­Daalder. “Die moeten nu andere bronnen van voedsel aan­boren. Op weilanden zie je ze naar bodemdieren zoeken. Kraaien leven meer plaatsgebonden in de stad. Die zie je vaak loeren op eten en zodra iemand een zak patat laat ­vallen, grijpen ze hun kans. Nu zullen zij eerder jagen op muizen of kleinere vogeltjes.”

Ook in andere landen waar bepaalde diergroepen leven van het afval van mensen hebben die dieren het zwaar. In de Thaise stad Lopburi rennen grote groepen apen ­vechtend over straat omdat ze geen eten meer krijgen van toeristen. Dat geldt ook voor de herten in de Japanse stad Nara. Die leven in een park waar toeristen bij de ingang voer voor ze kopen, maar dit valt nu weg, dus zoeken ze hun heil buiten het park. Ze lopen rond op straat, zelfs in het verlaten treinstation.

Veel naar buiten kijken

Iets waar dieren en planten misschien minder blij mee zijn is dat de Amsterdamse parken en groengebieden, zoals ’t Twiske en het Amsterdamse Bos, meer mensen trekken. “Alsof het elke dag zondag is,” aldus Daalder. “Het bewijst weer eens hoe belangrijk die plekken zijn voor de stad.” Voor de dieren is de toegenomen aanloop niet per se hinderlijk, denkt hij. “Zolang mensen op de paden blijven, zal het ze worst wezen of we met z’n allen in het bos lopen of niet.”

De stadsecologen adviseren mensen met uitzicht op groen lekker veel naar buiten te kijken. Daalder: “Daar gebeuren de leukste dingen. Alles is nu aan het paren en nesten aan het maken. Verdiep je in wat je door het raam ziet, wat er leeft rondom jouw huis.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden