PlusReportage

Het achternaamdilemma – ‘Jij draagt het kind al, gun de vader ook wat’

null Beeld Jip van den Toorn
Beeld Jip van den Toorn

Daan Borrel gaf haar kind – na lang discussiëren – de achternaam van de vader. De man als naamdrager: waarom is dat patroon zo lastig te doorbreken?

We kregen een baby, en baby’s moeten een achternaam. Eén, welteverstaan: die van de ene ouder of die van de ander. En die moesten we voor 24 weken zwangerschap doorgeven bij de gemeente, gaf de verloskundige al tijdens het eerste gesprek aan. We knikten beiden braaf.

Maar met 32 weken hadden de toekomstige vader en ik onze afspraak bij de gemeente al vier keer verzet. We wisten nog steeds niet welke achternaam we moesten kiezen. Had iemand hier het meeste recht op? En zo ja, wie van de twee dan?

Als we niks zouden doen, zou het toekomstige kind mijn naam krijgen. In Nederland is het namelijk zo geregeld dat een baby van getrouwde stellen standaard de achternaam van de vader krijgt – tenzij anders aangevraagd – maar als de toekomstige ouders niet getrouwd zijn of geen geregistreerd partners, dan krijgt de pasgeborene standaard de achternaam van de moeder. Tenzij anders aangevraagd.

Verbondenheid

Bij lesbische stellen krijgt de baby overigens de naam van de duomoeder. Homo’s die een kindje adopteren regelen de achternaam tijdens een rechtsprocedure. De achternaam die het eerste kind van dit koppel krijgt, wordt ook geldig voor hun volgende kinderen. Dit zou meer ‘verbondenheid’ scheppen in een familie (wat dus veel zegt over hoe ‘een familie’ eruit zou moeten zien: twee mensen die samen meerdere kinderen krijgen). Een dubbele achternaam is niet mogelijk als beide ouders een Nederlandse identiteit hebben.

Deze regels gelden (pas) sinds 1998. Voor die tijd kon een kind van heteroseksuele stellen alleen de achternaam van de moeder krijgen als de vader zich niet erkende als zodanig. Doordat juristen, geliefden en ouders Wout van Veen en Titia Beukema dit aankaartten in de rechtszaal, kan dit nu wel. Daarover schreef journalist Roos Menkhorst eerder in Trouw, in een verhaal over achternamen. Menkhorst kreeg overigens zelf haar moeders achternaam als ‘daad tegen het patriarchaat’, maar gaf haar eigen kinderen – zonder ook maar één ruzie – de achternaam van de vader.

Toch zorgde de wetswijziging niet voor een enorme toename van vrouwelijke achternamen. In 1998, toen het net mogelijk was, kreeg 6,23 procent van alle kinderen moeders achternaam. Twintig jaar later, in 2018, was dit percentage gestegen naar 8,37, blijkt uit cijfers van de Sociale Verzekeringsbank. Deze cijfers zie ik ook terug in mijn omgeving: ik ken maar twee kinderen die de achternaam van moeder kregen (en op een van die geboortekaartjes werd de ­achternaam niet eens gezet, om vragen te voorkomen).

Toen ik aan het begin van mijn zwangerschap rondvroeg waarom de rest voor de achternaam van de vader had gekozen, luidde het argument meestal zoiets als: ‘Jij draagt het kind al. Jij geeft straks borstvoeding. Gun de vader ook wat. Dan kan hij zich beter verbinden met het kind.’ Dat klonk logisch. En ook een beetje gemakkelijk, vond ik. Ik moest toch het meeste werk verzetten om dit kind op de wereld te zetten? Waarom kwam mijn naam dan niet op ‘mijn productie’? En waarom zou de vader zich minder verbonden voelen? Ik mocht dan wel als enige geen alcohol drinken, maar we waren toch allebei even verantwoordelijk voor deze foetus?

Gelijkheid

Het is geen meisjesdroom van mij om mijn achternaam door te geven. Sterker nog: ik had er eigenlijk nooit over nagedacht. Totdat ik zwanger werd. Ik realiseerde me ineens dat hij en ik hier als ouders evenveel recht op hadden. Onze argumenten leken eigenlijk ook best op elkaar.

Hij wilde zijn achternaam doorgeven om zo dicht mogelijk bij dit kind te zijn. Om inderdaad zoveel mogelijk verbonden met hem of haar te zijn. Ik wilde de mijne doorgeven om dezelfde reden. Ik wilde dat hij als vader emotioneel en fysiek zo dicht mogelijk bij het kind bleef, tegen de ‘geschiedenis van vaders’ in, zodat ik mijn autonomie ook kon behouden. Ik zag het als een teken van respect voor hem: hij had geen achternaam nodig om een belangrijke ouder te zijn. Als feminist wilde ik met deze microrevolutie meer gelijkheid creëren. Tussen ons én in de samenleving.

null Beeld Jip van den Toorn
Beeld Jip van den Toorn

‘Van vrouwen wordt verwacht dat zij nieuwe generaties baren,’ schrijft Simon(e) van Saarloos in Herdenken herdacht, ‘en dat ze levenslessen en praktische wijs­heden doorgeven. Vrouwen geven hun naam niet door aan de kinderen die zij ­verwekken, omdat zij vanzelfsprekend verbonden zouden zijn aan het nageslacht. Daardoor verdwijnen ze in vanzelfsprekendheid. (…) Haar vlees is het geheugen, terwijl er maatschappelijk waarde wordt gehecht aan een geschreven of gebouwd geheugen – in geschiedenisboeken, in archieven, in standbeelden en straat­namen.’ Wie de mannelijke naam doorgeeft, lees ik in haar woorden, houdt de patriarchale samenleving in stand: een samenleving waarin mannen belangrijker worden geacht, de macht hebben.

Als zwangere (en voor de ­toekomst bange) vrouw wil ik geen patriarchale samenleving. Ik wil een samenleving waarin beide ouders evenveel betekenen in de opvoeding, beide ouders zich evenveel kunnen terugtrekken uit het afgezonderde huishoudelijke leven.

Ik wil niet dat mensen denken dat zijn band als vader met ons kind pas begint als het uit de buik komt. Ik wil dat mijn geliefde evenveel voor ons kind zorgt als ik. Ik wil niet dat de wereld ervan uitgaat dat ik als moeder vanzelfsprekend – omdat ik droeg en baarde – een diepere of betere band met ons kind heb. Ik wil niet de liefste ouder zijn, of de belangrijkste. Ik wil niet standaard als eerste worden gebeld door opvang, school of kind. Ik wil niet in mijn eentje to-dolijstjes en voedingsschema’s maken en de oppas regelen. Ik wil dat de vader van mijn kind zich nooit buiten­gesloten voelt in het gezin dat we worden.

Bovendien vond ik mijn achternaam origineler. De naam van de vader zit in de categorie De Jong en Janssen.

Toch fietsten we samen in week 35 naar het gemeentehuis om hem als naamdrager op te geven. Waarom is dit patroon doorbreken zo lastig?

Geboortebelofte

‘Een heteroleven baseert zich op herhaling en gewoonte en het voortzetten van gewoonten’, schrijft Van Saarloos ook in Herdenken herdacht. ‘Wat is, is duidelijk voortgebracht door wat was.’ Gewoonte maakt het zo lastig om uit bepaalde genderpatronen te stappen. Toen ik werd geboren, bespraken mijn ouders de optie van mijn moeders achternaam niet eens. Zelf begon ik er pas over na te denken toen ik zwanger raakte. Tijdens mijn zwangerschap vroeg vrijwel iedereen of de baby in mijn buik een jongetje of een meisje was, maar niemand vroeg ooit welke achternaam het zou krijgen.

Daardoor voelde het voor mij nooit echt als een gelijkwaardige discussie. Terwijl mijn geliefde mijn achternaam toch echt vanaf het begin als serieuze optie zag.

Doe niet zo moeilijk, zei ik steeds tegen mezelf. Het voelde alsof ik hem, en zijn familie in het verlengde, iets groots afpakte. Een soort geboortebelofte. Alsof hij zielig was, en ik gemeen. Ik kreeg toch al een kind? Ik was toch al zwanger? Kwamen mijn vrouwelijke ‘geboortebeloftes’ niet al uit? Ik voelde me verwend, en als het mijn naam zou krijgen, zou iedereen zien wat voor drammerige prinses ik was. ‘Maken jullie je daar nu druk over?’ had de feministische moeder van een vriendin die met dezelfde kwestie zat gevraagd.

Pas toen we besloten een muntje op te gooien, voelde ik dat we werkelijk evenveel recht (en kans) hadden op de achternaam.

Levenslessen

Inmiddels hebben we een gezonde baby van drie maanden en weet ik dat de achternaam niet bepaalt wie de meeste verantwoordelijkheid draagt of wie zich het meest verbonden voelt met het kind. Dat heeft meer te maken met grotere structuren (zwangerschapsdiscriminatie, ongelijke loonverdeling tussen vrouw en man, wie heeft het langste verlof), met de daarmee gepaarde gewoontes (wie brengt het meeste tijd door met het kind), en met biologie (wie bevalt, wie geeft borstvoeding).

null Beeld Jip van den Toorn
Beeld Jip van den Toorn

Misschien, nee, hoogstwaarschijnlijk hadden we iets kunnen veranderen door ons kind mijn naam te geven, maar het was naïef om te denken dat gelijkwaardigheid op persoonlijk niveau kan worden opgelost. Of misschien levert het juist wel autonomie op als je je achternaam niet doorgeeft.

Uiteindelijk gooiden we geen muntje op. Je zou kunnen zeggen dat ik me heb geschikt, zoals vele vrouwen zich voor mij schikten. Maar ik zeg liever dat ik goed heb geluisterd naar mijn geliefde, en hoorde hoe belangrijk de achternaam voor hem was. Ik zeg liever dat ik werd gehoord en gezien door hem, en dat ik die naam daarom ‘weggaf’. Alleen in verbinding worden patronen doorbroken.

Dubbele achternaam

Vanaf 1811, toen de burgerlijke stand is ingevoerd, kregen kinderen automatisch de naam van de vader, tenzij deze onbekend was of het kind weigerde te erkennen. Pas sinds 1998 kunnen getrouwde ouders (of geregistreerde partners) ervoor kiezen hun kind de achternaam van de moeder te geven. Wordt er geen keuze gemaakt, dan krijgt het nageslacht nog steeds de achternaam van de vader, of bij lesbische stellen van de duomoeder. Bij ongehuwde of niet-geregistreerde partners krijgt het kind automatisch de achternaam van de moeder.

Afgelopen februari heeft minister van Rechtsbescherming (dat valt onder Justitie en Veiligheid) Sander Dekker een voorstel ingediend voor een wet die het mogelijk maakt een kind de achternamen van beide ouders te geven. Tussen beide namen (meer dan twee mag niet) komt geen koppelteken en dubbele achternamen worden in het voorstel als één naam gezien. Janssen De Vries dus, of Van Limburg Stirum Bosboom Toussaint – de volgorde mag zelf bepaald worden. De keuze die voor het eerste kind wordt gemaakt, geldt automatisch ook voor eventuele volgende kinderen.

Voor geadopteerde kinderen wordt het mogelijk te kiezen voor een combinatie van de achternaam van hun biologische en adoptieouder(s).

Het is nog niet bekend wanneer de Tweede Kamer het wetsvoorstel zal behandelen.

Amir Andriesse

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden