Plus

Herinneringen levend houden met luciferdoosjes

Toen Frits (74) en Wini Schuster (72) merkten dat hun huis in Zaandam overvol raakte door alle zelfgebouwde poppenhuizen, stapten ze over op het maken van miniatuurtaferelen in luciferdoosjes – van een kapsalon tot Monet achter zijn schildersezel. Met één doosje zijn ze zo twee maanden bezig. ‘Het houdt herinneringen levend.’

Beeld Jakob Van Vliet

“Over klein gesproken,” zegt Frits Schuster. In de plooien van zijn handpalm ligt een minuscuul houten blokje. “Een treinwagonnetje,” verklaart hij. Hij heeft het zelf van hout gedraaid op zijn werkbank. Het wagonnetje is bedoeld voor een poppenhuis. In de loop der jaren maakte Frits talrijke piepkleine attributen, meubeltjes, poppetjes en accessoires.

Dat begon in 1984, toen Wini in een Duits woonmagazine een poppenhuis zag en Frits vroeg of hij dat voor haar wilde maken. Frits, die altijd al handig was, zette het in elkaar van het hout van sigarenkistjes. “Ik had geen idee van de afmetingen en verhoudingen. Je kunt zien dat we toen nog beginnend waren. Achteraf bezien was het te klein, maar het zag er leuk uit. We hebben het nog steeds.”

Inmiddels kan niemand nog om hun gezamenlijke hobby heen. In de hal, de wc en op de bovenverdieping van hun appartement in Zaandam zijn kleine wereldjes ingericht achter stofvrije glasplaten. Een Verkademarktkraam, een bakkerij, een tuinhuis, een schilderwerkplaats, een apotheek, een keuken, een klaslokaal, een maritieme kamer, een bruin café, verschillende ­winkels en een imposant kersthuis mét verlichting.

Wini Schuster lijnt haar Verkadetrommel uit, Frits kijkt toe. Wini: ‘Ik zie meteen voor me hoe het eruit moet zien.’Beeld Jakob Van Vliet
Amsterdam - 2020-02-28 - Frits en Winni Schuster - Frits verfmengen voor haarkleurBeeld Jakob Van Vliet

In zijn werkend leven was Schuster als beheerder bij een woningbouwvereniging verantwoordelijk voor nieuwbouw, renovaties en onderhoud, nu draagt hij samen met Wini zorg voor tientallen miniatuurbouwprojecten.

“Je kunt veel zelf maken. Als we op een plek zijn geweest die we leuk vonden en waar we nog wel eens heen willen, dan maken we het gewoon in miniatuur,” zegt Frits.

“Bovendien houden we daarmee herinneringen levend,” zegt Wini. “We hebben de kinderkamer van onze jongste dochter precies zo nagemaakt als hij in 1970 was. Het is een van onze meest dierbare poppenhuizen.”

Frits wijst naar een werkplaats in een schilderswinkel: “Hier ben ik ooit op mijn veertiende begonnen. Als ik ernaar kijk, ben ik weer terug in die tijd. Zie je die grote ladders? Een Arbowet had je toen nog niet.”

Hoop stof

Frits draagt altijd zorg voor de bouw van het huis en voor de meubelen, Wini vindt vooral het inrichten en de finishing touch erg leuk. “Ik zie meteen voor me hoe het eruit moet komen te zien.”

Maar hoezeer Frits en Wini ook genieten van hun gezamenlijke hobby, op een zeker moment werd het gebrek aan ruimte een probleem. In hun strakke, witte woonkamer staan een paar miniaturen onder een stolp, maar meer willen ze daar beslist niet hebben. “Ik hou niet van rommel en wil het graag netjes houden in huis. De poppenhuizen geven een hoop stof en dat moet je allemaal maar weer schoon houden,” zegt Wini.

Ze bekent dan ook opgelucht te zijn als de kerstkramen – hoe mooi ze ook zijn – na de kerst weer naar boven gaan; opgeruimd staat netjes!

Op een kerstmarkt in Duitsland ontdekte ze de ideale oplossing om hun hobby te kunnen blijven voortzetten zonder dat hun huis zou ontaarden in een ­uitdragerij: miniatuurtaferelen in ­luciferdoosjes.

Voor het bouwen van een minihuisje verricht Frits zo’n 36 handelingen. Beeld Jakob Van Vliet
Frits meet een poppetje op. Beeld Jakob Van Vliet

“Door kleiner te gaan werken, kunnen we voorlopig weer vooruit. Zo’n doosje kun je eenvoudiger kwijt. Ze zijn ook makkelijker om cadeau te doen,” zegt Wini, terwijl ze een aantal doosjes uit een tupperware-bakje kiepert. “We maken daarin op heel kleine schaal verschillende taferelen, zoals een kapsalon, een pedicure, een vogelaar in Noorwegen bij een waterval, een kinderkamer, twee schilders werkend aan een Mondriaan, Monet achter zijn schildersezel, een houtdraaier, kersttaferelen, molens en Zaanse huisjes.”

“Ik liet je net dat treinwagonnetje zien, maar dat petje van Monet is pas écht klein!” zegt Frits enthousiast.

Dat priegelwerk is aan hem wel besteed. Hij beschikt over de rust die nodig is om op deze minieme schaal te werken zonder in razernij te vervallen. Soms valt zo’n stukje, waar hij een paar uur aan heeft gewerkt, op de grond, waarna het geniepig naar onhandige hoeken rolt. Door de houtkleur is het op het laminaat nauwelijks te zien.

Lastig, maar Frits blijft daar doodkalm onder. “Je zoekt je wezenloos, dat wel. Inmiddels heb ik een betere methode. Ik veeg met de stoffer over de vloer en hoor dan gauw genoeg waar het ligt.”

Artrose

Hij toont een apotheek op miniatuurformaat. “Voor het glaswerk gebruikte ik kraaltjes. Het koperen stolpje is een oorbelletje. En de houten potten heb ik beschilderd in hoogglanzend wit met blauwe decoratie, zodat ze net echt lijken.”

Voor het bouwen van een minihuisje verricht Frits zo’n 36 handelingen. Het freeswerk doet hij met een freesje van één à twee millimeter. Ook solderen gebeurt op de allerkleinste schaal. Met het doosje van de glasblazer in zijn atelier is hij bijna twee maanden bezig geweest. “Het geeft een voldaan gevoel als het klaar is.” Hij laat een doosje met glasblazerij zien. “Dit vinden we allebei mooi. We verzamelen ook glaswerk. Nu hebben we zelf een ­glasblazerij. Geen echte, maar één die in je jaszak past.”

Zo maakte hij ook het atelier van Monet in een doosje. “Deze locatie bestaat echt in Zaandam. Ik heb uitgezocht wat voor ­kleding Monet aanhad en heb die precies zo nagemaakt. Ja, we zijn wel perfectionistisch!”

Meer dan tachtig miniatuurdoosjes hebben Frits en Wini inmiddels gemaakt, waarvan ze de meeste weggeven. Voor hun kleinkinderen maakten ze bijvoorbeeld geboortedoosjes en voor een bevriend echtpaar een doosje voor hun vijftigjarig huwelijk. “Het is altijd een succes, omdat je iets heel persoonlijks geeft,” zegt Wini.

Zelfs op de wc kijk je je ogen uit.Beeld Jakob Van Vliet

Hoewel ze artrose in haar handen heeft, werkt ze ook mee aan de miniaturen. “Het is een uitdaging, maar het lukt me met bepaalde trucjes die ik mezelf aanleer. Ben ik moe, dan stop ik. Het is een hobby, dus het moet wel leuk blijven. En als het niet lukt, helpt Frits me. Ik bof echt met hem!”

“Als je vijftig jaar getrouwd bent, heb je dat voor elkaar over,” grinnikt Frits.

Eerst even bellen

Nu, met de coronacrisis, verblijven ze allebei vaak binnenshuis en knutselen ze erop los. “We hebben er de afgelopen tijd alweer een flink aantal nieuwe miniaturen bij gemaakt.”

Meer dan eens hebben Wini’s vriendinnen voorgesteld om het huis een keer open te stellen, zodat meer mensen de indrukwekkende verzameling kunnen zien. “Dan betaalt iedereen een euro voor de wc en daar blijven we dan héél lang op, omdat daar zo veel te zien is!” roepen ze dan. Wini lacht daar bescheiden om. “Ik vind het leuk als mensen komen kijken. We zijn er best trots op. Maar ze moeten wel even van tevoren ­bellen.”

Een deel van hun verzameling zal dit jaar voor iedereen te zien zijn. Vereniging Hendrick de Keyser, die zich inzet voor het behoud van architectonisch of historisch belangrijke gebouwen en hun interieur, heeft Wini en Frits Schuster gevraagd om een aantal poppenhuizen en miniaturen permanent tentoon te stellen.

“Ze zijn bij ons thuis geweest en hebben negentien verschillende lucifersdoosjes meegenomen, twee houten kastjes en twee ministalletjes. Op 16 april zou de officiële opening zijn, maar die is vanwege de coronacrisis helaas uitgesteld. In de toekomst zal onze collectie echter in de vaste tentoonstelling te zien zijn in het Lambert van Meertenhuis in Delft. Daar zijn we allebei verguld mee. Zo blijft onze ­verzameling gewaarborgd voor de ­toekomst.” 

Beeld Jakob Van Vliet
Frits gebruikt een stoffer om minuscule gevallen voorwerpen op de grond terug te vinden. Beeld Jakob Van Vliet
Beeld Jakob Van Vliet
Beeld Jakob Van Vliet
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden