PlusInterview

Hassie van Wijk (80): vergeten en depressief na instorten dug-out

‘De Hassie van Wijk van vroeger ben ik nooit meer geworden.’Beeld Jakob Van Vliet

Als bij een oefenwedstrijd van Ajax in 1984 een dug-out instort, raakt assistent-trainer Hassie van Wijk zwaargewond. Tegen buurjongen en journalist Jesper Roele doet hij één keer zijn verhaal.

“Je wordt vergeten of mensen denken dat je dood bent,” zegt Hassie van Wijk (80), als hij vanaf de bank van zijn ­seniorenwoning in Landsmeer naar buiten kijkt. Al in 2007 schreef een verslaggever na een interview met zijn zoon Dennis, op dat moment trainer van Willem II, dat hij overleden was. De volgende dag volgde een rectificatie, maar het is kenmerkend voor de status van Van Wijk.

Marco van Basten, John van ’t Schip en Gerald Vanenburg – ze speelden begin jaren tachtig allemaal onder Van Wijk in het hoogste jeugdelftal van Ajax. Toch wilde de trainer ermee stoppen. “Ik zag mijn kinderen nooit, want de jeugd trainde ’s avonds. Maar toen kwam Aad de Mos met een voorstel: of ik zijn assistent wilde worden bij het eerste elftal. Na een korte vakantie kon ik aan de slag.”

Het was het laatste jaar van Johan Cruijff bij Ajax; hij vertrok na een conflict met het bestuur aan het eind van het seizoen naar Feyenoord. De Mos en Van Wijk kregen de loodzware taak een nieuw eerste elftal neer te zetten zonder de legendarische nummer 14. Dat lukte. Aan het ­begin van het seizoen werd Feyenoord met 8-2 verslagen en tot en met de winterstop leek er geen vuiltje aan de lucht.

Ook zijn nek gebroken

Om fit uit de winterstop te komen, regelde De Mos op 29 ­januari 1984 een oefenwedstrijd in zijn geboortestad Den Haag tegen de amateurs van HMSH. Duizenden mensen stonden langs de lijn en kinderen zaten op de dug-out van Ajax om een glimp op te vangen van de spelers.

Toen de tweede helft dertien minuten oud was, bezweek de dug-out onder het gewicht van de kinderen. “Ik zat precies in het midden, waar het betonnen dak doorklapte,” zegt Van Wijk. “Eerst viel een stuk op mijn hoofd en daarna op mijn linkervoet. Ik zag de botten van mijn voet zitten.”

De assistent-trainer werd met spoed naar een Haags ziekenhuis gebracht, waar een chirurg een gedeelte van zijn linkervoet amputeerde. Penningmeester Lou Bartels raakte bij het ongeval drie tenen kwijt. Toen Van Wijk bijkwam, besefte hij dat het het einde van zijn carrière kon zijn. “Een pianist met een halve hand kan ook geen les meer ­geven. En ik had vreselijk veel pijn aan mijn nek.”

De Landsmeerder werd na twee weken overgeplaatst naar het Sint Lucas Andreas Ziekenhuis in West. “Er kwamen elke dag Ajaxfans en -spelers langs. De bloemen die ik kreeg, kon ik verdelen over het hele ziekenhuis, net als de fruitmanden. Maar de pijn aan mijn nek bleef. Vlak voordat ik naar huis mocht, kwamen ze er pas achter dat ik ook mijn nek had gebroken. Opereren was te gevaarlijk, dus moest ik een jaar met een nekkraag lopen.”

Bij thuiskomst kwam de grote klap. De toen 44-jarige trainer was opeens afhankelijk van anderen. Een verpleegkundige verbond elke dag zijn voet en hij moest op zijn kont de trap af vanwege de pijn.

Geboren Jordanees

Van Wijk durfde steeds minder de deur uit. Na anderhalf jaar kwam de grootste klap; hij besefte dat terugkeren bij Ajax er niet meer in zat. “Van alles heb ik geprobeerd: fysiotherapie, haptonomie, mensendieck, medicijnen – alleen bij een ­tovenaar ben ik niet geweest. Ik kreeg pleinvrees en werd angstig.”

Depressies bleven hem na het ongeluk achtervolgen. “Je zit binnen, je doet niets, je kijkt televisie en je doet rare dingetjes om de dag door te komen. Ik ben altijd wel komisch gebleven, geintjes ben ik altijd blijven maken, maar ik ben nooit echt over dat ongeluk heen gekomen. De Hassie van Wijk van vroeger ben ik nooit meer geworden.”

Hassie van Wijk (links) met hoofdtrainer Aad de Mos, seizoen 1982-1983.Beeld ANP

Zomaar even naar de kinderen en kleinkinderen zat er gedurende een paar jaar niet meer in. De lange autoritten werden hem te veel. “Bij elke plaats waar we langsreden, zat ik te bedenken welk ziekenhuis daar zat, zodat we erheen konden rijden als het mis ging met mij. Als we dan tussen Rotterdam en Breda reden en er was geen ziekenhuis in de buurt, raakte ik in paniek. Ik was heel angstig.”

Nederlands elftal

Van Wijk moest door de ontstane situatie, hij werd later ook nog afgekeurd, de sigarenwinkel verkopen die hij al twintig jaar bestierde met zijn vrouw op de Wingerdweg in Noord. “Het is mijn vrouw Fien die mij er in die jaren met haar positiviteit doorheen heeft gesleept.”

Een advocaat, door Ajax aangesteld, zorgde ervoor dat Van Wijk na het ongeluk een schadevergoeding kreeg. “Maar zo’n bedrag vergoedt natuurlijk niet wat ik nog in het voetbal had kunnen bereiken. Voor het ongeluk kon ik trainer worden bij Reims in Frankrijk. De contacten waren al gelegd. Als je bij Ajax trainer bent geweest, kun je overal terecht. De naam is al voldoende.”

Van Wijk speelde zelf nooit een wedstrijd voor Ajax. Als geboren Jordanees kwam hij via ZSGO bij De Volewijckers in Noord terecht waar hij eind jaren vijftig zijn debuut in het profvoetbal maakte. Via ADO Den Haag en Telstar belandde hij uiteindelijk bij AZ. Tweemaal zat hij op de bank bij het Nederlands elftal, maar viel niet in. Op 31-jarige leeftijd kwam er door een slepende blessure een eind aan zijn carrière als voetballer en werd hij trainer van het tweede elftal.

Zachtzinnig

Als trainer maakte hij al gauw furore in de top van het ­Amsterdamse amateurvoetbal. Door zijn menselijkheid en Amsterdamse humor liepen jeugdspelers, later ook bij Ajax, met hem weg.

Toen Cruijff bij Ajax op een training een keer uit zijn dak ging ­tegen Van Basten, liep laatstgenoemde weg en wilde niet meer ­terugkomen. Van Wijk praatte net zo lang op hem in tot Van Basten er weer bijkwam. “Johan had echt de pik op hem in het begin. Later zei hij dat hij het deed om Marco beter te maken, maar het ging af en toe wel ver.”

Van Basten zegt in zijn autobiografie dat Van Wijk degene was die hem terug het veld op kreeg. ‘Hassie was zachtzinnig, waar hoofdtrainers meestal hard waren. Hij zorgde voor de balans,’ aldus de latere topspits van AC Milan. Het was die balans die het team leek te missen na Van Wijks ongeluk in Den Haag. Dat seizoen won Feyenoord de beker en werd landskampioen. Een jaar later werd De Mos bij Ajax ontslagen.

Handgeld

Ook met Simon Tahamata had Van Wijk een speciale band. “Simons ouders woonden in Tiel en zijn broer in Wormerveer. Met vervoer was dat weleens lastig, dan sliep hij bij ons thuis.”

Toen Tahamata bij Ajax geen contract dreigde te krijgen en Jan Reker namens PSV handgeld bood aan Van Wijk om hem naar PSV te brengen, ging hij langs bij Bobby Haarms, op dat moment assistent van Leo Beenhakker bij het eerste elftal. “Samen hebben we ons hard gemaakt voor een contract voor Simon en die jongen heeft later zelfs het Nederlands elftal gehaald.”

Het was ook Haarms die Van Wijk opvolgde als assistent-trainer. Haarms groeide uit tot het gezicht van Ajax, was bijna vijftien jaar assistent-trainer en maakte de successen halverwege de jaren negentig mee. “Bobby gunde ik het wel. Hij was een echte Ajacied. Dat was ik minder. Hij heeft ook in het eerste elftal ­gespeeld. Maar nu ik er zo op terugkijk, had het allemaal heel anders kunnen lopen.”

De politie inspecteert de dug-out op het terrein van de Haagse amateurs van HMSH na de instorting in januari 1984, waarbij assistent-trainer Hassie van Wijk van Ajax zwaargewond raakte. Beeld ANP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden