PlusInterview

Haroon Ali: ‘Als ik door dit boek Pakistan niet meer in kom, so be it!’

Freelancejournalist Haroon Ali (37) schreef een non-fictieboek over een reis naar zijn Pakistaanse roots. Maar Half is ook het verhaal over de moeizame verstandhouding met zijn vader, een lange brief aan zijn halfbroertje en de zoektocht naar identiteit. 

Haroon Ali.Beeld Nosh Neneh

“Nee, mijn vader heeft het nog niet gelezen. Ik heb hem het boek wel gestuurd, maar het is nu aan hem.” In een lounge op een van de bovenste etages van het Soho House in de Spuistraat, zit de veelzijdige journalist Haroon Ali op een bank, en hij neemt een slok van zijn thee.

Een dag eerder was hij te gast geweest in televisieprogramma De vooravond om te praten over het laatste seizoen van een ander televisieprogramma: Keeping Up with the Kardashians. In zijn hoedanigheid van televisierecensent bij de Volkskrant.

Nu zit hij hier om over zijn boek te praten. En dat gesprek zal een andere Haroon Ali belichten. Hij schreef het non-fictieboek Half. Eerst een citaat, het staat in het begin: ‘In papa’s ogen was ik niet Pakistaans genoeg, niet islamitisch genoeg, niet hetero genoeg, niet genoeg zoals hij om zijn liefde en respect te verdienen. Ook al kon ik daar weinig aan doen of veranderen, ik had niet de juiste bouwstenen voor een volwaardige Pakistaanse identiteit. Ik was maar half van hem.’

Half, ook uit te leggen als in: Ali werd in 1983 in Alkmaar geboren als de zoon van een Pakistaanse vader en een Nederlandse moeder, die zich tot de islam bekeerde. Hij groeide, met zijn zusje, op in Amsterdam-West. Dualiteit in zo’n beetje alles vervreemde hem van zijn vader. “Vooral toen mijn ouders scheidden, ik uit huis ging, uit de kast kwam en van mijn geloof viel.”

Daarna duurde het nog een tijd, de relatie met zijn vader werd er in de tussentijd niet beter op, voor Ali ­besloot om te proberen ‘heel’ te worden.

‘Dus ging ik twee maanden naar Pakistan,’ schrijft hij. ‘Om me completer te voelen als een mengelmoesje in een overwegend wit land, om trotser te worden op mijn Pakistaanse wortels en de gaten in mijn identiteit te dichten.’

“Bezig zijn met identiteit is heel erg ‘in’. Tot welke groep behoor je? Die identiteitspolitiek is heel heftig, vooral als je worstelt met je eigen identiteit. Ik heb me lang een Nederlander met een tintje gevoeld, die overal maar een beetje bij hoorde. Ik wilde mijn wortels onderzoeken door diep in mijn familiegeschiedenis te duiken en zo ook mijn vader beter begrijpen.”

Westerse brainwash

Half is de weerslag van die reis, en tegelijkertijd een lange brief aan zijn halfbroertje, de zoon van zijn vader en diens nieuwe, Pakistaanse vrouw. Een mooie vorm. “Hij wordt heel anders opgevoed, veel Pakistaanser. We hebben niet veel contact en hij is nu nog te jong om dit alles te begrijpen, maar ik wil hem op deze manier laten zien wie ik ben, en, misschien wel belangrijker, wie onze vader vroeger was, waar hij vandaan komt, de weg die hij heeft afgelegd om ten slotte in Nederland te eindigen.”

“En ik wil mijn halfbroertje laten zien dat alles wat hier gebeurt – seks, drugs en rock-’n-roll – ook in Pakistan ­gebeurt. Daarom heb ik dat zo expliciet geschreven. Ga het zelf ontdekken, dat is ook de boodschap van dit boek.”

Haroon Ali was achttien jaar niet in Pakistan geweest. “Wat kon ik verwachten? Hier in Nederland is er een eenzijdige visie op Pakistan, we horen er alleen over als er bomaanslagen zijn, of, zoals laatst, als er weer tegen Charlie Hebdo wordt gedemonstreerd omdat ze die Mohammedcartoons weer in hun blad willen publiceren.”

Hij ziet het als een westerse brainwash. “Je wordt bang gemaakt. Daarom heb ik voor vertrek ook een driedaagse cursus Verslaggeving in conflictgebieden van de Nederlandse Vereniging van Journalisten en het leger gevolgd. Hoe je moet omgaan met ontvoeringen of wat te doen als er wordt geschoten. Er werden een paar uit de hand gelopen roadblocks nagespeeld met militairen in opleiding die redelijk goed in hun rol opgingen, haha.”

“Maar ik heb me daar nooit onveilig gevoeld. Het scheelde ­natuurlijk dat ik er familie heb wonen en dat ik er enigszins ‘Pakistaans’ uitzie, al viel mijn westerse, directere houding wel op. Maar gekleed in een shalwar kameez, een harembroek en een lange blouse die tot de knieën komt, kon ik vrij goed opgaan in de menigte.”

Knetterende confrontaties

Al ging hij om zijn familie weer te zien, in de eerste plaats was hij in Pakistan journalist. “Ik wilde er zo veel mogelijk verhalen halen. Om te laten zien hoe in Pakistan wordt omgegaan met identiteit, hoe er over seks wordt gedacht, wat de rol van homo’s en vrouwen is in die conservatieve, patriarchale maatschappij. Gewoon, om te zien hoe het ­leven van verschillende groepen mensen is in Pakistan.”

Daar slaagt hij in. Wat hij in Half laat zien, haalt dat eenzijdige beeld van Pakistan onderuit. En als je, met je smartphone bij de hand, Ali volgt op zijn reis van noord naar zuid en de foto’s bekijkt van de plekken waar hij is, kun je ook de prachtige natuur van het land ervaren.

Hij lacht om de smartphone-ervaring. Als hem wordt gevraagd of hij daar kon zijn wie hij hier is, moet hij even naar een antwoord zoeken. “Ik kon niet openlijk zeggen dat ik homo ben, want dan zouden alle deuren voor me dichtgaan.”

Dus enigszins versluierd bewoog hij zich door Pakistan. “Al heb ik achter gesloten deuren wel spannende ervaringen opgedaan.”

Half slaat dus ook op dat hij zich daar niet helemaal kon uiten zoals hij zou willen. En ook hier wordt er soms nog tegen hem aangekeken alsof hij er niet helemaal bij hoort. “Als ik hier op Twitter iets zeg over Nederland krijg ik als reactie dat ik dan maar lekker moet oprotten naar mijn eigen land. Maar ik ben een Nederlander, een echte Amsterdammer! Mijn moeder komt uit het Gooi en ik praat zelfs een beetje als een kakker. Dus wat wil je? Wat wil je nog meer van me?” zegt hij en neemt een slok thee.

Behalve een reisverslag, en een onderzoek naar identiteit en roots, is Half misschien vooral een boek over een vader en een zoon. Zoals hij in het begin van het boek schrijft: ‘Maar als ik eerlijk ben, deed ik het vooral voor ­papa. Ik wilde een groot gebaar maken om ons dichter bij elkaar te brengen, om onze band te herstellen.’

Heel treffend laat Ali zien hoe de verwesterde zoon anders is dan de traditionele vader. Een klassieke clash tussen vader en zoon. Hij neemt geen blad voor de mond om zijn vader te confronteren met diens nalatigheid nader tot zijn zoon te komen. Schitterende, knetterende confrontaties zijn dat, die zijn vader – die zijn zoon verwijt niet te dicht bij hem te zijn gebleven – vaak afsluit met: “Schreeuw niet zo, je staat niet met je vrienden in het café.” Ze maken het boek nog urgenter.

“Het is een eerlijk boek geworden. Ik had mijn verhaal ook in een romanvorm kunnen gieten, dat was misschien veiliger geweest. Maar ik wilde niets verbloemen, heb mijn visie op mijn familiegeschiedenis gegeven en laten zien hoe ik de reis heb ervaren. Dus is het duidelijk non-fictie. En hoefde ik er niet dwangmatig een happy end aan te schrijven. Ik heb met dit boek een ode willen brengen aan mijn afkomst, aan mijn familie. Met liefde, compassie en respect.”

Pleidooi tegen polarisatie

Wat opvalt is dat Ali zegt dat hij geen moslim meer is. Dat was hij al niet meer voordat hij op reis ging. Dat hij kritisch is op geloof in het algemeen, en dat hij er zijn eigen invulling aan geeft. Maar hij noemt zich geen atheïst. “Daar ben ik wel voorzichtig mee. Op de Pakistaanse ­ambassade zullen ze het boek vast ook lezen. Maar als het een en ander betekent dat ik Pakistan niet meer in kom, so be it! Ik moest eerlijk zijn.”

“Wie ik nu eigenlijk ben? Dat is nog steeds niet vastomlijnd. Dat hoeft ook niet. Ik ben er nu juist trots op dat ik zo veel invloeden in me heb, die me, denk ik, een betere wereldburger maken. Dit boek is dus ook een pleidooi tegen polarisatie, tegen hokjesdenken.”

Na een korte stilte: “En het boek is ook een ode aan hem, een ode aan mijn vader.”

Haroon Ali: Half. De Bezige Bij, €20,99. 208 blz.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden