PlusInterview

Greendish helpt restaurants met een duurzamer menu

Greendish helpt restaurants en cateraars met kleine veranderingen naar een duurzamer aanbod. Directeur Joris Heijnen (39) ­vertelt.

Joris Heijnen.Beeld -

Waarom moet het aanbod in restaurants veranderen?

“Het aantal mensen op de wereld neemt toe en als we blijven eten op de manier zoals we dat nu doen, hebben we over dertig jaar zeventig procent meer voedsel nodig.”

Nadat hij jaren als accountant voor een internationaal bedrijf had gewerkt en een burn-out had gekregen, volgde Joris ­Heijnen negen jaar geleden een traineeship bij organisatie Verbeter de Wereld. “Ik wilde iets aan een mondiaal probleem doen; daar is Greendish uit voortgekomen.”

Wat doet Greendish?

“We willen gezond en duurzaam eten gemakkelijk en betaalbaar aanbieden. Dat is inderdaad breed, maar het komt erop neer dat we restaurants en cateraars helpen verantwoorder eten te serveren. Dat kan heel gemakkelijk met kleine veranderingen.”

Wat voor veranderingen?

“Door meer groente en minder vlees aan te bieden, bijvoorbeeld.”

Het bedrijf, dat onlangs van Amsterdam naar Utrecht verhuisde, baseert alle voorstellen op wetenschappelijk onderzoek. “Dat brengen we in de praktijk. Vervolgens kijken we naar de impact.” Bij Van der Valk Hotels bijvoorbeeld: daar kregen bezoekers minder rood vlees, meer groente en kleinere porties. Het resultaat: gasten waren even ­tevreden, kregen meer groente binnen en er bleef minder eten liggen.

Bij een andere cateraar ver­wisselde Greendish de plakken zalm voor zalmsnippers. “Dat ging niet ten koste van de smaak, maar de hoeveelheid vis werd ongemerkt minder.”

Er kunnen ook nadelen aan kleven: kip is niet per se duurder dan groente.

 “Dat klopt: bij het broodje met kipsalade stegen de kosten door minder kipsalade en meer groente toe te voegen. Dat is soms zo. Op zo’n broodje maakt het bedrijf dan minder winst, maar het is wel gezonder en beter voor het milieu.”

Sinds de oprichting van Greendish heeft het bedrijf meer dan vijf miljoen maaltijden verduurzaamd. Daarmee zorgde het bedrijf dat er 372.000 kilo meer groente werd gegeten en 125.000 kilo minder vlees, rekent Heijnen voor. Zo heeft Heijnen met zijn tienkoppige team het aanbod in duizend restaurants verduurzaamd.

Laat de consument zich wel sturen?

“Negentig procent van de voedselkeuzes die een individu maakt, zijn onbewust. En we moeten ook nog eens tweehonderd keer per dag een keuze ­maken op het gebied van eten. Kies ik dat ene broodje? Eet ik dat wel of eet ik dat niet? Bedrijven hebben dus tweehonderd kansen om jou te beïnvloeden. Als we iets veranderen dat niet ten koste gaat van de smaak en prijs, is dat winst voor iedereen.”

Wat kunnen consumenten zelf doen voor meer impact?

“We moeten bewuster omgaan met ons eten. Nog altijd wordt een derde van al het eten weggegooid. Dat komt neer op 47 kilo per persoon per jaar, terwijl er al een voedseltekort dreigt. Uit ­onderzoeken blijkt dat het flexitariërdieet – waarbij op enkele dagen in de week geen vlees of vis wordt geconsumeerd – het beste eetpatroon is voor onze gezondheid en voor de aarde.”

Is een flexitariërdieet echt het beste, of is dat toch het plantaardige dieet?

“We moeten veel meer plantaardig eten, maar niet iedereen gaat volledig vegan eten. Als je dat vraagt, schrik je mensen af. Sporadisch vlees eten is een middenweg en nog steeds een enorme stap voorwaarts.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden