Plus Reportage

Gratis gevels: ‘Wie zegt dat een gevel rechtop moet staan?’

Wie altijd al heeft gedroomd van een historische gevel voor een nieuwbouwhuis, of van een leuke zeventiende-eeuwse steen in de voortuin of als entree van het buurtpark, mag nu bij de gemeente langskomen. Alles moet weg.

Project-medewerkers Annelee Zomer en Annette ten Doeschate (r) tussen de historische stenen. Beeld Dingena Mol

Het is allemaal natuursteen, het ligt verspreid in gemeentelijke depots op geheime locaties en daar ligt het al decennia, in een enkel geval zelfs meer dan een eeuw. Op een ­zeker moment, een paar jaar geleden, ontstond er vanuit de gemeente een initiatief: zouden we in onze loodsen niet eens grote schoonmaak kunnen houden om een bestemming te vinden voor die verweesde bouwfragmenten? En met de inhoud ervan musea, woningbouwverenigingen en heemkundekringen blij kunnen maken?

De gemeente Amsterdam ging mooie, historische stenen – resten van ooit gesloopte of verbouwde Amsterdamse, soms monumentale gebouwen – ‘teruggeven aan de stad’. Maar, je zal het altijd zien, kan je eens wat krijgen van de gemeente, loopt er geen mens warm voor, althans geen erfgoedorganisaties.

Te ingewikkeld, te onduidelijk, al zijn er, zo benadrukt Monumenten en Archeologie-projectleider Annette ten Doeschate van de gemeente, ‘in de loop van de tijd wel succesvolle herplaatsingen geweest’. “Een aantal complete geveltoppen is teruggekomen in het straatbeeld. Toch zijn veel kansen tot nu toe onbenut gebleven, en de afgelopen jaren hebben we de animo voor de bouwfragmenten zien afnemen. Ze hoeven niet per se terug te komen in of aan een historisch pand, ze kunnen bijvoorbeeld ook een toevoeging zijn aan een nieuwbouwproject. De bedoeling is dat de stukken terugkomen in de stad en dat de Amsterdammer er weer van kan genieten.”

De gemeentelijke depots werden zo goed mogelijk geïnventariseerd, een klus waaraan projectmedewerker Annelee Zomer met enigszins gemengde gevoelens terugdenkt: dat was nogal een karwei. Ze maakte een catalogus, en die staat inmiddels ook online. Zo kan de Amsterdammer ’s avonds om half twaalf op internet weer eens wat anders doen dan een nieuwe kruimeldief bestellen.

Hart ophalen

De ornamenten, lijsten, paaltjes, kolommen en brokstukken samen worden door de gemeente bestempeld als ‘bouwfragmenten’, maar Jos Otten van de Vereniging Vrienden Amsterdamse Gevelstenen (VVAG) heeft er een mooier woord voor: spolia. Die term staat voor bouwmaterialen afkomstig uit een oudere cultuur die worden her­gebruikt: “De Grieken gebruikten hun pilaren ook altijd opnieuw, desnoods horizontaal.”

Waarmee we aankomen bij de vraag wie of wat eigenlijk in aanmerking komt voor de diverse stenen – wat zijn de eisen en voorwaarden die de gemeente stelt voor het hergebruik? Projectleider Ten Doeschate: “Omdat het cultuurgoederen zijn, gaat de gemeente zorgvuldig met de bouwfragmenten om. Er zijn voorwaarden en criteria verbonden aan het verkrijgen van een fragment. Daarbij geldt dat voor de meer bijzondere stukken strengere eisen gelden. Op de website kunnen mensen onze inventarisatie inzien en bekijken wat er beschikbaar is. Een soort catalogus, en aan de hand daarvan kunnen geïnteresseerden ­bedenken of en hoe ze iets zouden willen hergebruiken.”

Beeld Dingena Mol

Als de gemeente voorwaarden en criteria gaat stellen, berg je dan maar, zal menigeen wellicht denken, maar volgens Ten Doeschate valt dat allemaal erg mee: “Lekker creatief denken. Je hoeft niet met een enorme studie of een ingewikkeld plan te komen. Iedereen maakt met een leuk plan een goede kans om een stuk te bemachtigen.”

Er zijn, zoals Ten Doeschate al aanhaalde, van gemeentewege geen bezwaren tegen historische elementen in moderne Amsterdamse gevels – zodat bijvoorbeeld zelfbouwende IJburgers en Amstelkwartierders hun harten kunnen ophalen. De bedoeling is wel dat de fragmenten in Amsterdam blijven – al kunnen ook niet-Amsterdammers met een pand in de stad reageren. Ten Doeschate: “Ook voor de openbare ruimte of in een kunstproject kunnen de bouwfragmenten geschikt zijn.” En er zijn meer mogelijkheden, bijvoorbeeld plaatsing in een museumtuin of ­gebruik als educatief materiaal.

Beste museale ervaring

Jarrik Ouburg van HOH Architecten en docent aan de Academie voor Bouwkunst heeft zijn buit al binnen: hij kreeg een krat met 26 brokstukken c.q. spolia toegewezen. Van categorie D, zegt hij, de eenvoudigste stenen: “Ontheemde fragmenten zonder stamboom, de geschiedenis ervan is verloren, je kunt ze alleen nog beschrijven door te zeggen wat het ding zelf is. De waarde hangt af van de kijker.”

Ouburg mocht een kijkje komen nemen in de gemeentelijke depots en stond paf: “Dat was een van de ­beste ­museale ervaringen die ik de afgelopen jaren heb gehad. Ik zag gevels uitgelegd op de grond, dus horizontaal in plaats van verticaal, dat was een prachtige installatie.” Ideetje, meteen, voor de Amsterdamse doe-het-zelver, want wie zegt dat een gevel altijd maar rechtop moet staan?

Zijn negen studenten gaan met de kist vol stenen aan de slag, geheel naar eigen inzicht. “Het zal ons leren hoe een nieuwe generatie omgaat met historische bouwfragmenten. Wat ze ermee doen, zal een metafoor van de studenten zelf zijn. Ze kunnen er een mal van ­maken, een steen in een gevel plaatsen, of in een bouwwerk, of ermee gaan prutsen, of de steen vergruizen.”

Want vergruizen, dat zou uiteindelijk weleens het lot van de stenen kunnen zijn als niemand ze wil, vreest Ouburg. Maar Jos Otten van de ‘liefhebbersclub’ VVAG ziet het daar niet snel van komen: “Nee, wat overblijft, zal worden gebruikt als dijkverzwaring, zo gaat het altijd. De allerbeste plek om de spolia te bewaren is door ze te herplaatsen, ze weer ergens in te metselen. In elk geval moet er niet meer mee worden gesleept, want dat zorgt voor schade, dan raken er dingen zoek, dus ik hoop echt dat de gemeente nu zal meedenken en meewerken. Doneer het desnoods aan musea of aan een stichting, of laat het zien in of bij de Stopera. Ik heb ideeën genoeg, als ze erom verlegen zitten, mogen ze me er ’s nachts voor wakker maken.”

www.amsterdam.nl/bouwfragmenten – waarna via erfgoed@amsterdam.nl een aanvraag kan worden ingediend.

Categorieën

A+
complete geveltoppen – extra waardevo
A
complete geveltoppe
B
incomplete geveltoppen
C+
losse bouwfragmenten – extra waardevol
C
losse bouwfragmenten
D
brokstukken

’t Moortje

Valt in de categorie A+: ‘complete geveltoppen, extra waardevol’. De oude, vrijwel complete gevel van Herengracht 126 was 7,5 meter breed en ongeveer 19 meter hoog. Het huis werd gebouwd in 1615 in opdracht van koopman Bartholomeus Moor, ’t Moortje werd gesloopt in 1916. Sindsdien ligt de gevel opgeslagen bij Monumenten en Archeologie. Het borstbeeld van de Moriaan, dat tegen de eerste verdieping hing en waaraan het pand zijn naam ontleende, is herplaatst in de hal van het huidige pand op Herengracht 126. De twee kariatiden die naast het raam van de eerste verdieping zaten, zijn opgesteld in de tuin van Prinsengracht 744. “Ondanks dat die delen ontbreken, is het een bijzondere gevel met een bijzonder verhaal, dat mooi kan worden naverteld met de overgebleven stukken – nagenoeg de hele gevel,” zegt projectmedewerker Annelee Zomer.

Keizersstraat 21: top 49

Valt ook in categorie A+. Hier betreft het een grote klokgevel, van 8 meter breed en circa 5 meter hoog. Er is een tekening beschikbaar. De datering luidt ‘XVIIIb’. “Dit is een oude, vrijwel compleet bewaarde gevel met twee oeil de boeufs, van de Keizersstraat 21 in de Nieuwmarktbuurt,” aldus Annelee Zomer.

#101

Valt in categorie C+: ‘losse bouwfragmenten, extra waardevol’. Het betreft een zandstenen halsgevelafdekking van 1,8 breed en 2 meter hoog, met een totale hoogte van 2,9 meter. Er is een bouw­tekening beschikbaar. ‘De herkomst is onbekend, en het geheel is niet compleet, de hoekstukken ontbreken bijvoorbeeld. Maar de bijzondere details en de markante stukken zijn bewaard gebleven,’ aldus de bouwfragmentencatalogus.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden