PlusFilmrecensie

Gouden Palm-winnaar Titane: een wilde en onvoorspelbare film met enórme eierstokken

Still uit Titane: Alexia (gespeeld door Agathe Rousselle) is waarschijnlijk een ontluikende moordenaar.   Beeld
Still uit Titane: Alexia (gespeeld door Agathe Rousselle) is waarschijnlijk een ontluikende moordenaar.

Een verkeersongeval, opdringerige kerels en seks met een auto: Titane van Julia Ducournau, bekroond met een Gouden Palm, begint als een trip. Er is veel om op te kauwen, maar geen belerende boodschap.

Joost Broeren-Huitenga

Het is een stokpaardje van de Amerikaanse seksadvies-columnist Dan Savage: eigenlijk is het belachelijk dat we de uitdrukking ‘ballen hebben’ gebruiken voor ­iemand die lef toont. Als er immers één deel van het menselijk ­lichaam uitermate gevoelig en fragiel is, dan zijn het wel de testikels. Nee, dan de eierstokken, houdt Savage zijn lezers en luisteraars regelmatig voor – die kunnen pas écht tegen een stootje.

Titane van Julia Ducournau is een film met enórme ­eierstokken. En onder het oppervlak van de film, dat bloederig rood vermengt met blinkend chroom, draait de film ook precies om dat onderscheid.

De Franse regisseur Julia Ducournau speelde zich in 2016 al in de kijker met haar overdonderende debuut Raw, een punky en feministische film met kannibalisme als choquerende aandachtstrekker. Met haar tweede speelfilm Titane zet ze zowel haar stekelige beeldtaal als haar thematische ­insteek nog sterker aan, en vestigt ze definitief haar naam. Niet in de laatste plaats omdat de film afgelopen juli de Gouden Palm won op het prestigieuze filmfestival van Cannes, het hoogste podium voor de Europese artfilm.

Dat is in meerdere opzichten opmerkelijk. Ten eerste omdat pas een keer eerder in de 74-jarige geschiedenis van het festival een vrouw die hoofdprijs won. Dat was Jane Campion, die de Palm die ze in 1993 kreeg voor The Piano ook nog eens moest delen met Chen Kaige (Farewell My Concubine). Maar misschien nog wel uitzonderlijker is dat die prijs, – normaal gesproken voorbehouden aan films die, hoe uitmuntend ze ook zijn, weinig doen om de goede smaak uit te dagen – werd vergeven aan een film die zo wild en onvoorspelbaar is als Titane. (Al ­leverde de vorige winnaar, de Zuid-Koreaanse hit Parasite uit 2019, al een aardige precedent.)

Titanium plaat

Want het is nogal een trip, deze film. Direct in de openingsscènes grijpt Ducournau je bij de kladden, om vervolgens dik anderhalf uur niet los te laten. In volle vaart toont ze in die eerste minuten hoe bij hoofdpersoon Alexia als kind na een auto-ongeluk een titanium plaat in haar hoofd wordt geplaatst. Haar liefde voor de grijze ­gezinsauto, die stukken beter door de botsing kwam dan zij, wordt er niet minder om. Integendeel.

Na die proloog springen we flink wat jaren vooruit. Alexia (nu gespeeld door Agathe Rousselle) is inmiddels een jonge vrouw. Ze woont nog thuis bij haar moeder (wier ­gezicht nooit in beeld komt) en haar vader (met stoïcijnse dreiging gespeeld door regisseur Bertrand Bonello, zelf ook bepaald geen vreemde in de weirde uithoeken van de filmwereld).

Alexia werkt als danseres tijdens groezelige autoshows – sensueel kronkelt ze over met vlammen beschilderde ­motorkappen. Het flinke litteken boven haar oor maakt haar tot object van de obsessies van sommige bezoekers, maar Alexia heeft zo haar manieren om met al te opdringerige kerels om te gaan. Vervolgens ontdekken we dat ze waarschijnlijk een ontluikende seriemoordenaar is, en zien we haar seks hebben met een auto. En dan hebben we nog maar de eerste twintig minuten achter de kiezen van een film die van de ene onverwachte wending naar de ­andere racet.

Opgepompte spierbundel

Juist als Alexia na een al te onbesuisd moment op de vlucht slaat, neemt de film een klein beetje gas terug. Maar terwijl de beelden iets minder extreem worden, laat Ducournau juist in dit tweede deel de wildere ideeën ­opborrelen. Alexia komt terecht onder de hoede van de steroïden spuitende brandweercommandant Vincent (Vincent Lindon, vrijwel onherkenbaar als opgepompte spierbundel).

De Cronenbergiaanse body horror uit het eerste deel van de film wordt iets minder fysiek aanwezig, maar wordt juist hier ingebed in meer emotioneel geladen momenten en in scherper aangezette ideeën rond vrouwelijkheid en mannelijkheid, queerness en onconventionele familie­relaties. Niet dat Titane ooit belerend wordt; Ducournaus hang naar verrassende wendingen is te sterk om zich ooit op zoiets eenduidigs als een boodschap te laten ­betrappen. Maar Titane biedt flink wat om op te kauwen, lang nadat de ronkende motoren zijn verstomd.

De Franse regisseur Julia Ducournau. Beeld Philippe QUAISSE / PASCO
De Franse regisseur Julia Ducournau.Beeld Philippe QUAISSE / PASCO

Julia Ducournau

Julia Ducournau (Parijs, 1983) studeerde Engelse taal- en letterkunde voor ze de opleiding tot scenarioschrijver voltooide aan de befaamde Franse filmschool La Fémis. Al tijdens die studie vestigde ze de aandacht op zich met enkele korte films die spelen met thema’s rond fysieke identiteit die ook haar twee speelfilms Raw (2016) en Titane kenmerken. Junior (2011) draait om een meisje dat haar huid afwerpt als een slang; de tv-film Mange (2012) gaat over een jonge vrouw met boulimia die wraak neemt op een plaaggeest uit haar verleden. Ducournau wijt haar fascinatie met de vleselijke kanten van het menselijk bestaan aan een jeugd als kind van twee artsen.

Titane

Regie Julia Ducournau
Met Agathe Rousselle, Vincent Lindon
Te zien in Cinecenter, City, Eye, FC Hyena, Filmhallen, Het Ketelhuis, Kriterion, Lab111, Rialto, Studio K, De Uitkijk

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden