PlusReportage

Gesloten jeugdzorg kan ook in een huiselijker sfeer: ‘Het gaat hier veel beter met me’

Jeugdzorginstelling Levvel vertrekt nog voor de zomer uit de Koppeling in Zuidoost. De organisatie vangt jongeren uit de gesloten jeugdzorg op in meer open, huiselijke en kleinere woonvoorzieningen midden in de wijk.

Hanneloes Pen
De gesloten woongroep Cruijff in een woonwijk in Duivendrecht, een van de nieuwe kleinschalige woonvormen in  Amsterdam.  Beeld Jakob van Vliet
De gesloten woongroep Cruijff in een woonwijk in Duivendrecht, een van de nieuwe kleinschalige woonvormen in Amsterdam.Beeld Jakob van Vliet

Kijkluiken in deuren, smalle ramen, een luchtplaats en lange gangen: de Koppeling herinnert in alles aan een gevangenis, wat het gebouw tot 2007 was. Al vijftien jaar lang vinden er activiteiten en lessen plaats voor jongeren tussen de 12 en 18 jaar, die vanwege ernstige- en psychiatrische gedragsproblemen in de gesloten jeugdzorg zitten. Ze verblijven en slapen sinds 2013 in de ernaast gelegen nieuwbouw.

De combinatie van grote groepen in een gesloten setting met een gevangenissfeer, op een afgelegen terrein in Zuidoost, laat echter te wensen over voor Levvel, die al jaren bezig is de jongeren vanuit de voormalige gevangenis over te plaatsen naar kleinschalige en meer open woongroepen in woonwijken.

De laatste dertig jongeren van de overgebleven groepen Gandhi, Obama, Mandela en Oprah worden nog voor juli overgeplaatst. Want opvang in kleinere, meer open woongroepen, zo weet Levvel inmiddels uit ervaring, werkt aanzienlijk beter voor deze groep, die vaak uit complexe en onveilige gezinssituaties komt en met een rechterlijke machtiging van de kinderrechter in de gesloten jeugdzorg – officieel JeugdzorgPlus geheten – is terechtgekomen. Ze verblijven er gemiddeld zes maanden om daarna naar een project begeleid wonen, open groep, gezinshuis, pleeggezin of terug naar huis te gaan.

“Ze zitten hier om ze te beschermen tegen zichzelf en de buitenwereld,” zegt hulpverlener Koos van Duin. “Gesloten jeugdzorg komt in zicht als de ouders niet meer weten waar hun kind is, als het kind geen school meer volgt, crimineel gedrag vertoont of slachtoffer is van seksuele uitbuiting. Opvoeders hebben geen controle meer over hen. De jeugdcriminaliteit en drillrapgroepen lonken,” zegt Van Duin.

Verkeerde jongens

De 16-jarige Stephanie is een van die jongeren in de Koppeling. Ze staat met koptelefoon op in de opnamestudio. Met strakke handbewegingen en moves zet ze haar teksten extra kracht bij. Ze wil doorbreken als rapper met teksten over liefde, geld en werk.

Ze kwam in de Koppeling terecht omdat ze verkeerde jongens had ontmoet, zegt ze, wiet en lachgas gebruikte, diefstallen en inbraken pleegde. Haar begeleider Chaima houdt haar scherp in de gaten. Want even uit het oog en het kan misgaan. En dat is een dag eerder gebeurd tijdens een incident met een jongen op de buitenplaats. Het effect ervan op de andere jongeren wordt tijdens de kickboksles in de sportzaal duidelijk. Stephanie krijgt onverwachts een enorme dreun tegen het stootkussen dat ze voor haar lichaam houdt. Een van de meisjes valt minutenlang verbaal tegen haar uit.

Het voorval illustreert wat een incident voor effect heeft op zo’n grote groep. Kickboksleraar Yassine Alilouch: “In grote groepen komen de emoties sneller boven. Ruzies worden in de zaal uitgevochten.”

De onderlinge wisselwerking werkt nadelig voor de hulpverlening. “Op een grote afdeling is altijd rumoer. De sfeer kan heel snel omdraaien. Op een kleinere groep kan een jongere meer tot rust komen,” zegt Sanne Kleeven, hoofd behandeling van Levvel in de Koppeling. “Daarbij willen we ook af van die rammelende sleutelbossen die een gevangenissfeer oproepen.”

Gezellig ingerichte huiskamer

Een van de nieuwe kleinschalige woonvormen is de gesloten woongroep Cruijff in een woonwijk in Duivendrecht. Het contrast met de Koppeling is groot. De sfeer in de woongroep van de vijf jongeren is rustiger en het oogt huiselijker. In de hoek van de gezellig ingerichte huiskamer, met gordijnen voor het raam en planten op tafel, liggen bordspellen. Er is een boekenkast en er hangen schilderijen aan de muur.

De deuren van de slaapkamers staan open. Er hoeft geen schoen of ander voorwerp tussen worden gezet om te voorkomen dat de deur in het slot valt. “Ze kunnen zelf naar hun kamer om even te rommelen, zich op te maken of te chillen,” zegt pedagogisch medewerker Saskia Schrijer, die veel voordelen ziet van haar nieuwe werkomgeving.

“Als groepsleider ben je minder bezig met het oplossen van akkefietjes omdat jongeren in een kleine groep minder snel op elkaar reageren en worden meegetrokken. Er zijn minder prikkels. Hier zie je het ook sneller als iemand niet goed in zijn vel zit,” zegt Schrijer.

Laatst deed ze met een paar jongeren boodschappen. “Toen vroeg een van hen na een tijdje: ‘Wanneer gaan we weer naar huis?’ in plaats van ‘naar de groep’. Ik voelde dat als een compliment. Het is belangrijk dat ze zich op hun plek voelen. Dan staan ze open voor behandeling.”

De kamer van Anna in de groep Cruijff. ‘Dit voelt zo anders. Mijn kamer in de Koppeling voelde als een gevangeniscel.’

 Beeld Jakob van Vliet
De kamer van Anna in de groep Cruijff. ‘Dit voelt zo anders. Mijn kamer in de Koppeling voelde als een gevangeniscel.’Beeld Jakob van Vliet

Anna (13) woont inmiddels zes maanden in de groep Cruijff, waar gestreefd wordt naar een meer open woonvorm: “Dit voelt zo anders. Het is een stuk huiselijker. Mijn kamer in de Koppeling voelde als een gevangeniscel. Het bed had een soort rubberen matras en zat, net als het bureau, vast aan de grond. Nu hebben we een echt matras. Zo’n upgrade.”

Op haar nachtkastje staan boeken en aan de muur prijkt een regenboogvlag. Het whiteboard is behangen met tekeningen. Er zit geen luikje in de deur en Anna heeft een eigen pasje om haar kamer te openen. “Dit voelt veel minder opgesloten. Het gaat ook veel beter met me. Dat heeft te maken met de huiselijke sfeer. Een plek in de woonwijk geeft me meer vrijheid. Ik kan zelf naar het station lopen om naar mijn dans- en theaterles te gaan,” zegt Anna die inmiddels alleen naar buiten mag om naar school te gaan of naar de film.

Acht maanden geleden had ze nog problemen met zelfbeschadiging. Ook deed ze een zelfmoordpoging, vertelt ze. “Het ging niet goed met me. Er was veel spanning thuis. Mijn ouders waren bang mij kwijt te raken. Hier kon ik tot mezelf komen, zonder de verleiding en afleiding van de buitenwereld. Voor mij is dit een stap naar de maatschappij. Ik heb nog een lange weg te gaan maar ik heb ook een lange weg achter de rug. Ik ben blij waar ik nu sta. Dit was toch ergens goed voor.”

Energie en vrijheid

Terug in de Koppeling moet een achttienjarige jongen er niet aan denken naar een kleine woonvoorziening te verhuizen. “We kunnen hier chillen met z’n allen, samen sporten en raps opnemen in de studio. Wonen in een kleine groep vind ik faya,” zegt hij nadat hij zijn rap heeft opgenomen in de studio: ‘Mama, sorry voor die fouten/maar we moesten rennen voor de blauwen/je wordt gepokt/ik moet racen.’

Tomasz (15) die zich vanmiddag tijdens een meetkundeles over de stelling van Pythagoras buigt, vindt ook dat hij het niet slecht heeft in de Koppeling. “Misschien raar om te zeggen, want het is een gevangenis, maar ik vind het hier leuk door de energie die er heerst. Het is beter dan op straat. Wanneer je tussen vier muren zit, weet je wat vrijheid betekent. Die vrijheid laat ik me niet snel afpakken.”

De 14-jarige Cody die gediagnosticeerd is met PTSS en borderline, loopt de sfeerloze ‘huiskamer’ van groep Obama binnen en neemt plaats op de bank, tegenover een tv-scherm dat achter dik veiligheidsglas zit. Ze heeft op diverse crisisplekken, in gezinshuizen en instellingen gezeten. Zij zal blij zijn als ze er weg kan. “Het was uiteindelijk goed voor me. Hier word ik beschermd tegen mezelf. Ik ben niet goed in nee zeggen tegen drugs en gevaarlijke dingen doen. Qua huiselijkheid is dit de de ergste plek.”

De namen van de jongeren zijn gefingeerd.

Tegen gesloten jeugdzorg

Stichting Het Vergeten Kind hield vorige maand een campagne om de gesloten jeugdzorg te stoppen. De organisatie ziet liever dat kinderen met ernstige gedrags- en psychiatrische problemen in gezinshuizen en kleinschalige woonvormen worden opgevangen.

Jongeren komen meer beschadigd uit de gesloten jeugdzorg dan ze erin gaan, zo concludeert de stichting uit hun eigen onderzoek, waarbij 37 jongeren zijn geïnterviewd die tussen 2015 en 2021 in de gesloten jeugdzorg zaten. De organisatie wil dan ook af van de rechterlijke machtiging waarmee jongeren in de gesloten jeugdzorg terecht kunnen komen.

“Een gesloten deur lijkt veiliger op korte termijn, maar is dat niet op lange termijn. De jongeren kampen later met nachtmerries en angsten, durven geen beslissingen meer te nemen, raken hun zelfvertrouwen kwijt en maken de stap naar de maatschappij moeilijker,” zegt Margot Ende, directeur van Het Vergeten Kind. “Het contact met ouders en vrienden verslechterde en ze kregen geen passend onderwijs.”

Ende noemt jeugdzorginstelling Levvel die voor jongeren uit de gesloten jeugdzorg kleine woonvoorzieningen in woonwijken opzet een voorbeeld voor andere instellingen die jongeren in een gesloten setting opvangen. “De Koppeling is een voorloper op dit gebied.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden