Bejaarden in verzorgingstehuizen zijn eenzaam, en hebben alleen contact met hun dierbaren via social media en skype.

PlusAchtergrond

Geïsoleerd in het verpleeghuis: ‘Mijn moeder wil het liefste dood’

Bejaarden in verzorgingstehuizen zijn eenzaam, en hebben alleen contact met hun dierbaren via social media en skype.Beeld Ted Struwer

Familieleden van bewoners van verpleeghuizen mogen hun dierbaren sinds vorige week niet meer bezoeken. Het gemis is groot, aan beide kanten. ‘Het is ongekend en onmenselijk.’

‘De zon schijnt achter de tralies, zegt hij’

Judith Terpstra (68), oud-verpleegkundige, echtgenote van Aat (70)

“Mijn man Aat zit ruim tweeënhalf jaar in verpleeghuis Vondelstede. Ik heb hem nu twee weken niet gezien. Dat verpleeghuizen de deuren moesten sluiten, was te verwachten en is verstandig. Iedereen die binnenloopt, kan het virus meenemen. Maar het is een onmenselijke maatregel.

Ik mis hem, evenals de informatie hoe het echt met hem gaat. Mijn man is nog jong. Hij zit in het verpleeghuis ­wegens niet-aangeboren hersenletsel. Hij is al meer dan twintig jaar ziek en hulpbehoevend.

Ik bezocht hem twee keer per week, wandelde met hem in het Vondelpark en las de krant voor. Hij is oud-­docent informatica en houdt van wetenschappelijke artikelen. Ik trimde zijn baard en schoor hem. Ik denk dat hij er minder goed uitziet. Hoewel iemand anders dat nu wel zal doen.

Ook nam ik hem een dag in het weekend mee naar huis. Even in een andere omgeving en andere sfeer. Ik verwende hem met zijn favoriete kostje en een glas wijn. Dat kan allemaal niet meer.

Facetimen gaat niet. Mijn man ziet niet goed. Ik bel hem nu twee keer per dag. Dat bellen gaat moeizaam. Hij ­gebruikt een speciale telefoon, maar heeft er moeite mee. Hij is ook geen grote prater. Het zijn gesprekken van zo’n twintig minuten. Hij probeert te vertellen wat hij heeft meegemaakt en wat hij die dag gaat doen. Hij probeert ook te tekenen. Ik vertel hem welke bomen in bloei staan en we nemen het nieuws een beetje door.

Mijn man begrijpt wat er aan de hand is met het coronavirus en dat ik niet kan langskomen. Hij voelt zich opgesloten. De zon schijnt achter de tralies, zegt hij.

Hij heeft een zwaar hoofd in de toekomst. Ik adviseer hem dan even de tuin in te gaan van het verpleeghuis of zeg: ‘Zet maar even een muziekje op of de tv aan’. Het programma van Jeroen Krabbé over kunst vindt hij leuk.

De worstcasescenario’s schieten deze weken wel door mijn hoofd, maar ik wil er niet lang over nadenken. Het zou kunnen zijn dat hij overlijdt. Dat is een ongelooflijk verdrietig idee. Daar hebben we het niet over.”

‘Ze lijdt omdat wij niet kunnen komen’

Ellie Donk (68), oud-eigenaar van een reisorganisatie

“Mijn moeder wordt over drie maanden 96 en zit al ongeveer zeven jaar in het verpleeghuis. Ik bezocht haar twee keer in de week en mijn broer één keer in de week. Twee weken geleden heb ik haar voor het laatst gezien.

Ik probeer haar nu steeds te bellen, maar ze krijgt stress van de telefoon. Ze wordt panisch omdat ze me niet goed hoort. Mijn man is er nu naartoe om een versterkte telefoon af te geven, met lekker eten en schone kleding. De spullen zetten we bij de balie neer en iemand van het verpleeghuis brengt het dan naar haar toe.

Van de week zwaaide ik vanaf de parkeerplaats. Ze woont vierhoog in verpleeghuis Nellestein. De verpleegster stond naast haar en hielp vertalen wat we zeiden. Het is ongekend en onmenselijk. Ik voelde de zwaarte, de ellende en het onvermogen van mijn moeder. We proberen te skypen, met hulp van de verpleging.

De verpleegsters zijn betrokken, maar hebben het nu ­heel druk. Je vraagt je dan toch af: krijgt mijn moeder wel genoeg aandacht? Wordt haar pap wel opgewarmd? Ze at het de laatste dagen koud omdat ze tijdens het opwarmen haar vingers aan het opwarmplaatje had gebrand.

Ze mist ons verschrikkelijk. Dat zegt ze ook steeds: dat woord ‘verschrikkelijk’. Het is heel pijnlijk om iemand zo te zien lijden. Zij lijdt omdat wij niet kunnen komen. Zij heeft nu geen contact met haar kinderen en kan haar verhaal niet kwijt. Ze kan ons niet in de armen sluiten.

In het tehuis zijn ze bang voor besmettingen. Ze mag ook de tuin niet meer in om een frisse neus te halen.Het voelt voor haar alsof ze in een gevangenis zit.

Mijn moeder volgt het nieuws en begrijpt het ook. Ze heeft geen dementie. Ze weet dat dit nog heel lang kan ­duren. Ze zegt: ‘Ik wil het virus wel krijgen.’ Ze heeft lichamelijk en geestelijk pijn. Ze kan haar vingers niet meer ­gebruiken en kan zichzelf niet aankleden. Dan komt dit ­allemaal er nu ook nog overheen.

Het is een groot drama.Dat iemand in de laatste levensfase die op deze manier moet doorbrengen, is heel naar. Ik probeer het luchtig te houden en bepaalde woorden niet te gebruiken. Van haar hoeft het niet meer. Zij wil het liefste dood. Dat is heel triest.

Als iemand sterft aan corona, mag je erbij zijn. Maar dan moet je beschermende kleding dragen. Vreselijk.”

De druk loopt op

Het regeringsbesluit vorige week dat verpleeg­huizen sowieso tot 6 april worden gesloten voor bezoekers, raakt 115.000 bewoners. Een tiende van hen woont in Amsterdam, Rotterdam, Den Haag of Utrecht, aldus het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Door het weigeren van bezoek en daarmee het weren van mantelzorgers loopt in de zorg- en verpleeginstellingen de druk op. Personeel en familieleden maken zich zorgen.

Volgens Conny Helder van Actiz, de branchevereniging van bijna vierhonderd organisaties op het gebied van zorg en ondersteuning aan ouderen, worden alle zeilen bijgezet. “Er wordt heel hard gewerkt, mede door het wegvallen van de ondersteuning van veel mantelzorgers binnen verpleeg­huizen. In zijn algemeenheid gaat het goed. Maar ook in instellingen zijn er besmettingen.”

Ook loopt her en der het ziekteverzuim onder personeel in zorg- en verpleeginstellingen op, zegt Helder. “Iedereen loopt zich het vuur uit de sloffen, maar ook mensen in onze instellingen lopen soms tegen een grens aan. Ze hoeven niet met een loopneus thuis te blijven, maar als ze ziek zijn, zijn ze ziek.”

Het sluiten van de instellingen voor bezoekers noemt Helder een heel pijnlijke maatregel. “Maar we konden niet anders. We moeten onze heel kwetsbare cliënten beschermen; het aantal contacten dat zij hebben moet zo gereduceerd mogelijk zijn.”

Het levert soms zeer tragische situa­ties op, een deel van de cliënten van zorg- en verpleeginstellingen heeft behoefte aan veel verzorging en structuur. Als dat wegvalt, kan dit leiden tot ernstige onrust. Een dochter van een patiënte in Amsterdam meldde dat haar moeder denkt dat het weer oorlog is in Nederland.

Helder beaamt dat het geestelijk welzijn van de cliënten ook kwetsbaar is. “Bijvoorbeeld met iPads of Skype kun je iets doen om de patiënten nog contact te laten hebben met hun naasten. Maar dat werkt niet voor iedereen.”

Marc Kruyswijk

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden