PlusReportage

Geen mensenrechten, maar hondenrechten: bij Dogs & People draait alles om de hond

Door een lichte druk op de riem kun je je als hond gesteund voelen.Beeld Renate Beense

Bij hondenschool Dogs & People draait alles om de rechten van de hond. Geen trucjes of commando’s: de coachingsessies van trainer Annemiek van Daalen (57) zijn er vooral op gericht het gedrag van de mens te veranderen. ‘We willen laten zien dat honden individuen zijn, met gevoelens en een verleden.’

Fel draait ze zich om. Zelfs Floyd blijft even stilstaan. Annemiek van Daalen heeft een grote zonnebril en een baseballpetje op, maar haar vernietigende blik is niet te missen. “Ga je mond spoelen,” zegt ze. De vraag – “Zijn honden er niet om het leven van de mens een beetje plezieriger te maken?” – was misschien ook wat flauw. Al een paar minuten nadat de coaching­sessie in het hondenuitlaatgebied van de Lutkemeerpolder was begonnen, was het duidelijk geweest hoe Van Daalen naar de relatie tussen hond en mens kijkt.

Terwijl Saartje op zoek leek te zijn naar een plek in het hoge gras waar ze kon rollen, en haar eigen hond Floyd een beetje voor zich uit zat te staren – hij heeft een aan autisme verwante stoornis, vertelt ze later – was ze meteen tot de kern van de filosofie achter Dogs & People gekomen.

“Waarom zouden wij beter weten hoe een hond zich hoort te gedragen?” had ze gezegd. “Een hond is een hond, die weet dat. Laat hem gewoon hond zijn.”

Met die gedachte in het achterhoofd kijk je ineens heel anders naar de 27.000 honden die er naar schatting – sinds de afschaffing van de hondenbelasting weet niemand het exacte aantal – in de stad rondlopen.

Geen baasjes

Kijk ze eens schuifelen over de volle ­trottoirs. Strak aangelijnd. Langs drukke markten en winkels. Een beetje kwijlend, soms hijgend. Braaf volgend – want wat moet je anders? Maar zouden ze wel zichzelf kunnen zijn, met zo’n mens aan de andere kant van de lijn? De hele tijd dat geknuffel en geaai. En dan die brokken! Vrijwel elke dag dezelfde maaltijd. O, en daar is weer een ruk aan de riem, de mens moet weer door. Altijd die haast. Terwijl er zo veel te ruiken is!

“Eigenlijk moet je je soms inbeelden dat een hond een paard is,” zegt Van ­Daalen. “Een paard is zwaar en krijg je niet zomaar mee, daarmee moet je leren communiceren. Een hond wordt vaak meegetrokken. En dan ook nog aan de hals, terwijl die zo gevoelig is bij honden. Bij Dogs & People gebruiken we alleen tuigjes.”

Trainer Annemiek van Daalen en haar Duitse dog Floyd.Beeld Renate Beense

Een lijn – geen korte, maar een lange – heeft namelijk wel zeker nut, vertelt ze haar twee cursisten van vandaag: Margot Peeters (63) en Ronald Rijks (72), de ­mensen – het woord ‘baasjes’ wordt liever niet gebruikt; een hond is geen bezit, aldus de trainer – die bij Saartje horen. “Kijk, Ronald heeft nu de riem een beetje gespannen staan. Er staat een heel lichte druk op, waardoor Saartje voelt dat hij er is. En daardoor kun je je heel erg gesteund voelen als hond.”

Natuurlijk hondengedrag

Van Daalen werkt al meer dan 26 jaar met honden. Eerst als trainer en opleider bij de Dierenbescherming. Samen met ­collega Jana Kalenda besloot ze een andere weg in te slaan en in 2005 richtten ze samen Dogs & People op. Van Daalen besteedt nu al haar beschikbare tijd aan het coachen van mensen met hun hond, zegt ze. “Ik heb zo’n twintig klanten per maand, ­verdeeld over zeven dagen.”

Dogs & People is geen traditionele hondenschool geworden. Of zoals ze zelf zeggen: alle dogma’s zijn overboord gegooid. Zo werken ze niet met commando’s. Niet met ‘Zit!’, ‘Lig!’, ‘Af!’, ‘Hier!’, ‘Luisteren!’, ‘Nu!’, ‘Kom op nou!’, ‘Alsjeblieft!’, ‘Alsjeblieft?’ Van Daalen en Kalenda willen natuurlijk hondengedrag juist zo min mogelijk onderdrukken. Daarvoor hebben ze zelfs een verklaring opgesteld: de ­universele rechten van de hond (zie kader). Met ­Artikel 3: het recht op keuzevrijheid.

Dus daar stond Margot Peeters dan onlangs. Midden in het Amsterdamse Bos. Zeker twintig minuten op exact dezelfde plek, omdat Saartje niet verder wilde lopen. De lijn was lang, maar niet lang genoeg om het dichtstbijzijnde bankje te halen. “Deze dame, een lieverdje hè, die gaat dan gewoon stokstijf staan. Ik heb geleerd dat ze dan te veel prikkels heeft, maar het kan toch niet de bedoeling zijn dat je daar twintig minuten moet staan gaan wachten?”

Rijks: “Echt, vier pootjes stram. Dan kun je wel aan de riem gaan rukken, maar dat wil je dus niet.”

Beeld Renate Beense

Saartje, honderd procent vuilnisbak maar lijkend op een labrador, lijkt wat schuldbewust omhoog te kijken.

“Ja, dan zit er gewoon iets te veel in haar hoofd,” zegt Van Daalen. “Misschien iets te veel meegemaakt. Allemaal dingen waar wij geen weet van hebben. Wij ruiken het niet, horen het niet en zien het nauwelijks. Op termijn zal dat minder vaak en minder lang voorkomen, maar in eerste instantie kan het ook erger worden. Ik juich dat toe, want het laat zien dat Saartje een beetje zichzelf begint te worden.”

Peeters: “Maar ik heb me wel doodgeschaamd tegenover al die mensen die voorbijkwamen. Soms kwamen ze voor een tweede keer langs: staat u daar nog steeds?”

Van Daalen: “Je mag ook zeggen, als dat voor haar beter is: kom Saartje, we gaan terug naar huis.”

Rijks: “Ja, dat wil ze meestal wel als dit gebeurt.”

Van Daalen: “Dan is het dus appeltje-eitje. Op zo’n moment is ze er gewoon even niet klaar voor.”

Rijks: “Dus dan was het wel onze tijd, maar nog niet voor voor haar.”

Peeters: “Uiteindelijk had ze ook weer voldoende rust in dat lijfje en dacht ze: zo kom ik niet thuis, ik moet wel naar de auto.”

Van Daalen: “Ja, Saartje mag gewoon zeggen: ik vind dit nog te veel, ik vind dit moeilijk.”

Mensenfluisteraar

Dat is tegelijkertijd ook een voorbeeld van Artikel 1 van ‘Dogs & People’s universele rechten van de hond’: het recht op communicatie. “Geef altijd antwoord als je een signaal opvangt en reageer zoals je dat ook met je vrienden zou doen.”

Je zou Van Daalen een hondenfluisteraar kunnen noemen, maar ook dat levert een verontwaardigde blik op. Ze is eigenlijk eerder een mensenfluisteraar, zo wordt duidelijk tijdens de wandeling. Alles is erop gericht om het gedrag van mensen te veranderen.

Het is Saartje die de route mag bepalen, die alle tijd mag nemen om te snuffelen waar ze maar wil en het tempo aangeeft.

Als het maar veilig is. En als er een andere hond aankomt, maakt iedereen plaats, zodat de vreemde hond niet door een groep hoeft te lopen. Ook al moet hij dat in de stad waarschijnlijk regelmatig. Het is een kwestie van hoffelijkheid.

“Zo’n massa mensen kan heel veel zijn voor een hond. Dus nu we het weten, waarom zouden we het moeilijker voor hem maken dan het is?”

Cursisten Ronald Rijks, Margot Peeters en hun hond Saartje. Beeld Renate Beense

Het lijkt voor de mensheid vooral een oefening in geduld, maar volgens Van Daalen heeft het veel meer met ‘respect voor het wezen hond’ te maken. “We willen laten zien dat honden individuen zijn, met gevoelens, ontwikkelingen, een verleden…”

Haar Duitse dog Floyd – zo groot, dat het al makkelijker is hem als paard te zien, of misschien als kalf – komt ondertussen uit het water rennen, schudt zich uit en de spetters springen in het rond.

“...en dat ze het recht hebben een hond te zijn. Ik vind het heel raar dat als je een hond neemt, je hem eigenlijk vanaf dag één al wilt gaan veranderen.”

En toch hebben Rijks en Peeters een andere hond, vergeleken met toen ze haar twee maanden geleden kregen. “Toen wist ze absoluut niet aan wie ze wat had en waarom. Dat krijg je natuurlijk als er zo lang met je gesold is,” zegt Rijks.

Saartje werd als zwerfhond in 2014 in ­Griekenland geboren. Op straat werd ze zwanger van een andere zwerfhond, waarna ze in een asiel terechtkwam. In 2017 werd ze door een stichting naar Nederland gehaald. Ze werd geadopteerd door een alleenstaande vrouw, maar die werd ziek en kon niet meer voor haar zorgen. Via een opvanggezin in Leeuwarden kwam ze terecht in Amstelveen, nadat Rijks haar foto op een website zag, tijdens zijn zoektocht naar een hondenliefde. Dat moment was eigenlijk vergelijkbaar met toen hij zijn vrouw voor het eerst zag, ergens in Frankrijk. “Zoals ze daar op de foto stond en in de camera keek, dus naar mij, toen dacht ik: jezus, die wil ik. Ze kijkt zo lief.”

De hond leek er na aankomst geen problemen mee te hebben dat ze voortaan Saartje in plaats van Ilja werd genoemd, omdat Rijks de hele tijd aan Ilja Gort moest denken. Wel was ze in het begin onzeker en maakte ze geen contact. Ze leek ook bang voor water. Nu kijkt ze af en toe om of ‘haar mensen’ nog wel meelopen. En is ze het afgelopen half uur al drie keer in het water gesprongen.

Eindelijk zichzelf

“Saartje doet het echt fantastisch, meestal gaat het niet zo snel hoor,” zegt Van ­Daalen. “Maar als een hond voelt dat zijn mens bij hem is, en hem steunt en niet frustreert, dan ga je je heel gauw veilig voelen. Da’s fijn hoor, als je je hele leven nauwelijks ergens bij hebt mogen horen. En met een hond die goed in zijn vel zit, die dus iemand kan vertrouwen, daarmee kun je lezen en schrijven.”

Saartje is dus niet veranderd, Saartje wordt eindelijk zichzelf. En als je met de blik van Van Daalen naar de wereld kijkt, begin je te twijfelen over het aantal honden die dat eigenlijk kunnen zijn.

Neem die hardloper daar, die zijn hond laat meerennen. Die hond lijkt eigenlijk de hele tijd te willen pauzeren om te snuffelen. “Hier heeft een hond niet veel aan natuurlijk. Ik wil er niet over oordelen, want ik weet niet wat hij de rest van de dag doet.”

Hondjepesten

Ze wil geen mensen schofferen, maar Van Daalen ziet het vaak misgaan in Nederland. De hele dag spot ze honden in Nederland die vermoeid of gestrest zijn, met aangespannen gezichtsspieren. Die stijf lijken te staan van de spanning en adrenaline. “En, hand in eigen boezem, ik heb al die dingen vroeger ook gedaan. Honden zo snel mogelijk drillen, een ­slipketting om de nek. Trucjes leren. Toen ik als trainer begon moest je met de hond lijstjes afwerken: naar de kermis gaan, het ov in, de boot op en naar een winkelcentrum en de markt. Maar wat moet een hond daar? Zeker zo’n markt is eigenlijk hondjepesten. Er hangen allemaal lekkere luchten en de hond mag er niets mee. Wat heeft hij daar te zoeken?”

Een hond meenemen naar de markt, dat is hondjepesten.Beeld Renate Beense

Maar ze leven toch in een mensen­wereld? Daar is de blik weer, van achter de zonnebril. “Maar wij mensen halen ze ­binnen. Er is niemand die een pistool tegen je hoofd zet en zegt: je moet een hond nemen. Je moet eens stilstaan bij hoe ongelooflijk afhankelijk die wezentjes van jou zijn. Ze kunnen niet poepen of piesen zonder jou, en ze krijgen op hun donder als ze het ­binnen doen. Ze kunnen niet zelf hun eten pakken, en mogen vaak niet kiezen wat ze lekker vinden. Jij bepaalt wanneer ze opstaan, wanneer ze naar bed gaan, wanneer ze naar buiten gaan en of ze überhaupt mogen snuffelen. Hoe vaak zie je niet dat een hond wordt uitgelaten, en dat zijn mens op zijn telefoon zit, en de hond dient te volgen. Zo snel mogelijk weer naar huis.”

Bovendien is het allemaal niet zo ingewikkeld, volgens Van Daalen, als je maar je best doet om je in je hond te verplaatsen. “Als je merkt dat je hond het moeilijk vindt om langs een drukke winkel te lopen, waarom pas je je dagelijkse route dan niet aan?”

Knuffelen

“Wij zijn dol op een terrasje, zeker bij mooi weer,” zegt Rijks. “Dus wat zei ik van de week tegen Margot: kom, we gaan gewoon eens kijken of Saartje mee wil naar een terrasje. We wisten niet of ze dat prettig zou vinden, maar binnen een paar minuten lag ze heerlijk naast onze stoel. We hebben er een paar uur gezeten.”

En als ze het helemaal niets had gevonden? “Dan waren we meteen weer weggegaan en hadden we pech gehad.”

“Een hond heeft een mening en daar moet je naar luisteren,” zegt Van Daalen. “Maar er is niemand de baas. Zij mag af en toe de richting kiezen en als we terug naar de auto moeten, ben ik weer aan de beurt. Het is samenwerken.”

Rijks: “Dat we Saartje nu hebben, was een weloverwogen keuze. Een hond heeft namelijk een enorme impact. Je leven verandert compleet. Maar ik had gewild dat we dit vele jaren eerder hadden gedaan. Je hebt nu samen iets om voor te zorgen, dat geeft echt een extra dimensie aan onze relatie.”

Peeters. “En er is nog steeds tijd genoeg voor een lekker biertje en een glaasje rosé hoor.”

Rijks: “We zijn erachter gekomen dat Saartje dol is op autoritjes. Gelukkig maar, want we gaan graag naar Frankrijk. Dat hoort bij ons leven.”

Als Saartje dat niets had gevonden, hadden ze moeten zoeken naar een manier om de autorit voor de hond wél aangenaam te maken. Het is een wisselwerking: ook de hond moet zich weleens aanpassen. Van Daalen: “Maar voor niets is er een quick fix. Je moet heel rustig beginnen: eerst maar eens een uurtje in de auto zonder te rijden. Eerst even lekker zitten.”

Artikel 5 van ‘Dogs & People’s universele rechten van de hond’ is eigenlijk het lastigst: het recht op de integriteit van het lichaam. “Honden vinden het niet prettig om zomaar door iedereen geknuffeld, omarmd en beklopt te worden. Een kriebel aan de zijkant van het lichaam bevalt ze veel beter, maar alleen als ze er zelf om vragen. Mensen willen ook niet door elke vreemde worden aangeraakt.”

“O, en dat is verschrikkelijk,” zegt ­Peeters. “Ik moet me de hele dag inhouden.”

Rijks: “Maar als we ’s avonds op de bank zitten, komt ze altijd zelf bij ons liggen. Dan is het knuffeltijd.”

Het is Saartje die de route mag bepalen, die alle tijd mag nemen om te snuffelen waar ze maar wil en het tempo aangeeft.Beeld Renate Beense

Dogs & People’s universele rechten van de hond

1. Het recht op communicatie

Geef altijd antwoord als je een signaal opvangt en reageer zoals je dat ook naar vrienden zou doen.

2. Het recht op sociale contacten

Honden willen vaak contact maken met soortgenoten. Geef ze de gelegenheid.

3. Het recht op keuzevrijheid

Honden zijn graag bij je, maar als dat ­betekent dat ze een verjaardagsfeest moeten meemaken, blijven ze vaak liever thuis.

4. Het recht om de zintuigen te ­stimuleren

Geef je hond de kans om dingen te onderzoeken, te besnuffelen, te proeven en te bekijken.

5. Het recht op de integriteit van het ­lichaam

Honden vinden het niet prettig om geknuffeld, omarmd en beklopt te worden. Een kriebel aan de zijkant bevalt ze beter, maar alleen als ze er zelf om vragen.

6. Het recht om zichzelf te zijn

Elke hond is een persoonlijkheid. ­Vergelijk hem niet met een andere hond van hetzelfde ras.

7. Het recht om fouten te maken

Niemand is perfect. Zelfs jouw hond niet.

8. Het recht op bescherming

Wie de uitspraak ‘honden zoeken het ­onderling wel uit’ doet, moet niet piepen als hij door drie ‘sumoworstelaars’ wordt gemangeld.

9. Het recht op een eigen ligplaats

Een hond hoeft niet de hele avond in ­dezelfde mand te liggen.

10. Het recht op liefde en positieve ­aandacht

Hoe vaak heb je vandaag al tegen je hond gezegd dat hij geweldig is?

Bron: Dogs & People

Wat vindt ­Martin Gaus?

“Het zijn interessante gedachten en ­tegenwoordig gaan we veel minder bazig met honden om dan vroeger,” zegt Martin Gaus, de voormalige tv-presentator van dierenprogramma’s als Natte Neuzen (1989-1996). “Wat dat betreft loopt de opvoeding van kinderen en die van ­honden met ­elkaar behoorlijk in de pas.”

Bij zijn eigen Martin Gaus Hondenscholen wordt al jarenlang een positieve trainingsmethode gehanteerd. Zonder dwang, zonder fysieke straf en zonder een schrikreactie op te roepen, maar wel met als doel om het gedrag van honden te ­kunnen beïnvloeden of aan te sturen. “Als een hondeneigenaar alleen deze rechten zoals hier geformuleerd leest, en zich niet verder oriënteert, bestaat er een grote kans dat de hond totaal vrijblijvend en zonder ­frustraties te ondergaan wordt opgevoed. Dat resulteert in een hond die niet voorbereid is op de eisen van het leven van alledag, wat met veel angst ­gepaard kan gaan, en een hond met zeer slechte stressbestendigheid.”

Volgens Gaus is grenzen stellen een belangrijk onderdeel van de opvoeding, en kan dat een hond juist zelfvertrouwen geven. “Als je de hele dag vrijblijvend ingaat op alles wat je hond communiceert, maak je van je hond een totaal afhankelijk individu dat niet weet hoe hij in z’n eentje de wereld aankan.”

Hij is het ermee eens dat je rekening moet houden met ­situaties waarin honden zich niet prettig voelen. “Maar dat zal niet altijd mogelijk zijn. Shit happens, dat geldt ook voor honden. Daarom moet je je hond systematisch voorbereiden op het leven dat hij later zal moeten leiden. Als je dat niet doet, houdt je hond zijn hele leven stressmomenten waarmee hij moeilijk weet te dealen. Het is mijn inziens dus zaak je hond van jongs af aan in kleine stapjes te leren hoe om te gaan met de normale dingen van het leven en juist niet alles te vermijden wat hij moeilijk vindt.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden