PlusReportage

Friso Heidinga bouwt in Durgerdam saxofoons met de soul van de jaren vijftig – ook voor Candy Dulfer

Van Tokio tot aan New York: de saxofoons van Amsterdammer Friso Heidinga (49) gaan de hele wereld over. Ook Candy Dulfer is fan. Waarom willen al die jazzgrootheden een saxofoon uit Durgerdam?

Alice Boothby
Friso Heidinga: ‘In zekere zin is een saxofoon bouwen wetenschap.’ Beeld Sophie Saddington
Friso Heidinga: ‘In zekere zin is een saxofoon bouwen wetenschap.’Beeld Sophie Saddington

Friso Heidinga gooit nog een blok hout op de kachel in zijn werkplaats aan de Durgerdammerdijk, uitkijkend op Vuurtoreneiland. Er klinkt jazzmuziek uit de speakers. “Zo,” zegt hij. “Waar beginnen we?”

Sommige mensen stippelen hun carrièrepad minutieus uit. Friso Heidinga niet. Hij had helemaal geen langgekoesterde wens om saxofoonbouwer te worden. Dat zit zo: als 19-jarige student medische biologie raakt Heidinga door het album A Love Supreme van John Coltrane betoverd door jazz. Hij koopt een saxofoon en begint met spelen. Maar om daar nou zijn brood mee te verdienen? Hij zet zijn studie voort en gaat als neurobioloog aan de slag in een Duits laboratorium waar hij onderzoek doet naar de hersenen van ratten en het hart uit dode muizen snijdt. “Hartstikke interessant, natuurlijk,” zegt Heidinga. “En ik ben ook ambitieus. Maar dit was niet wat ik wilde.”

Hij wil met zijn handen werken. Niet eindeloos snijden in dode dieren en analyseren, maar máken. En dus keert Heidinga terug naar zijn grote liefde: de jazz, of, specifieker nog: de saxofoon. In De Pijp gaat hij aan de slag als saxofoonreparateur. Dat is leuk, maar hij raakt in de ban van iets groters: het grote mysterie van de jaren vijftig. Niemand weet waarom, maar het verhaal gaat dat instrumenten uit de legendarische jaren vijftig veel beter klinken dan nieuwe instrumenten.

Heidinga: “Daar was ik enorm door gefascineerd. Zou ik een saxofoon kunnen maken met de soul van de jaren vijftig, een vintage sound, en het comfort van nu?” En dus begon Heidinga met bouwen. Eerst met het modificeren van bestaande instrumenten, en vervolgens is hij steeds meer zelf gaan maken.

Prototype

Om die beste saxofoon te kunnen bouwen, heb je specifiek gereedschappen nodig. Die maakte en ontwierp Heidinga de afgelopen jaren zelf, met hulp van een gerenommeerd Duitse trompetbouwer en verschillende gereedschapsmakers in binnen- en buitenland. Hij vraagt musici om zijn prototype saxofoons uit te proberen en feedback te leveren. Zo ook Candy Dulfer. Die is na de eerste keer spelen zo onder de indruk dat ze een heel optreden lang op het prototype speelt.

Tijdens liveoptredens kan hij het best beoordelen hoe zijn saxofoon tot zijn recht komt en zit hij aandachtig in de zaal te luisteren, om vervolgens in Durgerdam weer aanpassingen te doen, op zoek naar de juiste klank. Stukje bij beetje vergaart Heidinga steeds meer kennis en inmiddels is de ultieme altsaxofoon, de Free Wind, af. Het is de vaste saxofoon van Dulfer geworden. Dat terwijl ze helemaal niet op zoek was naar een nieuwe. Heidinga: “Ze vertelde me dat ze door de Free Wind beter en vrijer is gaan spelen. Dat is toch geweldig?”

De werkplaats in Durgerdam. Heidinga: ‘Dat meer dan honderd mensen over de hele wereld op mijn saxofoons spelen, is een geweldig idee.’ Beeld Sophie Saddington
De werkplaats in Durgerdam. Heidinga: ‘Dat meer dan honderd mensen over de hele wereld op mijn saxofoons spelen, is een geweldig idee.’Beeld Sophie Saddington

“Kijk, met dit apparaat trek ik de gaten in de buis van de tenor,” vertelt Heidinga. “Dat luistert nauw en dat wil nog weleens misgaan. Daarna komen er kleppen op, die pers ik weer met dit apparaatje. De hals hamer ik vervolgens helemaal rond. Een groot deel van de klank wordt bepaald door de manier waarop je hamert. Op mijn computer heb ik een programma staan waarin ik een digitale plattegrond van de saxofoon heb gemaakt en elk onderdeeltje van de saxofoon tot de 0,05 millimeter nauwkeurig in genoteerd staat.”

Wie een exclusieve Free Wind wil heeft geld (een handgemaakte altsax kost ongeveer 8000 euro) en geduld (de wachtlijst is ongeveer een jaar) nodig. Elke saxofoon wordt met de hand gegraveerd met een design gemaakt door Henk Schiffmacher. Heidinga maakt ongeveer tien saxofoons per jaar en liefhebbers uit de hele wereld weten hem te vinden. Zo kwam er laatst een Zwitser met de taxi even heen en weer vanuit Schiphol, puur en alleen om een saxofoon op te halen.

De ultieme tenorsaxofoon

Nu neemt hij tijdelijk geen opdrachten meer aan om zich op zijn volgende project te kunnen richten: de ultieme tenorsaxofoon maken. De nek en de buis zijn af, maar de beker moet nog ontwikkeld worden. Als alles meezit is deze saxofoon dit jaar nog af.

“Voor dit tenorproject heb ik mijn grote idool Joshua Redman gevraagd,” zegt Heidinga. “Binnen de jazzwereld is hij een hele grote en ik vind hem de allerbeste saxofonist ter wereld. Ik heb hem gevraagd of hij mijn prototype wil proberen en hij is naar Durgerdam gekomen om die uit te proberen. Ik was doodzenuwachtig.” Redman was onder de indruk van de saxofoon en heeft er meerdere optredens op gespeeld..

Heidinga: “Wat het bijzondere aan Candy Dulfer en Joshua Redman is, is dat ze allebei het risico nemen om tijdens een liveoptreden op een prototype te spelen. Het kan ook compleet misgaan. Redman helpt me enorm door duidelijk te zeggen wat er nog veranderd moet worden. Dan zegt hij: ‘Friso, de D is nog iets te vlak.’”

Terug in Durgerdam verandert Heidinga dan weer wat aan de buis, of verplaatst hij het toongat iets hoger, of lager. “Het luistert nauw: al de tweehonderd onderdelen die op een saxofoon zitten, die trillen allemaal mee. Er zijn heel veel variabelen waar je rekening mee moet houden. Daarom blijf ik net zo lang zoeken tot ik het gevonden heb. In zekere zin is een saxofoon bouwen wetenschap.”

Valt er nog wat te wensen wanneer de tenorsaxofoon af is? Zeker. Stiekem hoopt Heidinga dat straks een heel goede saxofonist een plaat opneemt met zijn tenorsax. “Maar ik wil me ook niet te afhankelijk maken van artiesten. Het geeft mij een gevoel van rust dat ik hier, in mijn werkplaats in Durgerdam, de mooiste saxofoons kan maken zoals ik dat wil. En dat meer dan honderd mensen over de hele wereld op mijn handgemaakte saxofoons spelen, is een geweldig idee waar ik soms niet met mijn hoofd bij kan.”

Amsterdam Winds, Durgerdammerdijk 99b

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden