PlusMijn Amsterdam

Freddy Tratlehner (Vjeze Fur): ‘Ik mis de roddels van de stad’

Freddy Tratlehner (37), ook bekend als Vjeze Fur, groeide op in Tuindorp Oostzaan en woont met zijn vrouw en twee kinderen (1 en 4) in Noord. Deze week verschijnt zijn tweede kookboek, Lekker Fred in het land

Beeld Nosh Neneh

Mijn buurt

“Vroeger woonde ik bij het Frederik ­Hendrikplantsoen, achter het Marnixbad. Daarna trok ik in bij mijn vrouw Elza Jo, zij woonde op de Zeedijk. Nu wonen we in Noord, vlak bij het bord waar een streep door Amsterdam staat. Maar nog wel binnen de Ring. Ik kan nu wel gaan liegen dat je met vijf minuten op de fiets in het centrum bent, maar dat ga ik dus niet doen. Ik vind het fijn hier. Ik ben binnen vijf minuten in het weiland en je krijgt toch het echte Amsterdam mee. Ik mis het wel dat je niet meer de roddels van de stad hoort. Dat je slager je niet meer vertelt dat je beste vriendin het heeft uitgemaakt met die en die, en dat hij het dan eerder weet dan jij. Dat vind ik jammer.”

Dagelijkse boodschappen

“Bij de Landmarkt. In Noord is niet alles, ze doen wel hun best, hoor. Toen we hierheen gingen, zei ik al tegen Elza: het wordt wel een soort kamperen. Dat je eten van andere plekken hiernaartoe moet verslepen. Voor het eten in mijn kookfilmpjes ga ik vaak naar de groentenstal op de Nieuwmarkt, die vind ik het allerfijnst. Dan wip ik vaak ook meteen langs even bij visboer Tel op de Kloveniersburgwal.”

Restaurant

“Ik ken Joris Bijdendijk goed en vind het leuk om bij hem te eten. In zijn restaurant Wils kom ik graag. Een nieuwe keuken, waar ze koken op open vuur. Dan vertelt Joris er dingen bij, daar heb ik wel iets mee.”

Paradiso.Beeld Nosh Neneh

Concertzaal 

“Ik wil het geluid van de Melkweg, maar dan in Paradiso. Paradiso vind ik de leukste plek, ook om uit te gaan. Dat mis ik nu wel het meest, de backstage van Paradiso. Dat je daarnaartoe gaat en er een hiphopavond is. Later op die avond is er dan een leip technofeest en uiteindelijk mengt zich dat allemaal lekker backstage. Ik vind het een heel saaie tijd nu, je kunt niets. Je wordt een soort van superburgerlijk.”

Amsterdam voor kinderen

“IJssalon IJskoud de beste, in het hart van Noord. Iedereen komt hier en eet z’n ijsje. Alles en iedereen mengt zich hier. Je ziet bijvoorbeeld zo’n echte oude Noord-guy zitten met allemaal ringen en kettingen en zo. Verderop is een pierenbadje. Als het warm weer is, is het één grote kinderchaos. Een soort Lowlands voor kinderen, die al die dagen rond dat pierenbadje bij elkaar gepropt zitten.”

Rijksmuseum.Beeld Nosh Neneh

Museum 

“Ik denk toch het Rijksmuseum, want dat is zo mooi, en ook sick geschilderd van binnen. Het Rijks is de historie van Amsterdam met al z’n goede en slechte kanten. En het poortje. Ja, het poortje is natuurlijk heerlijk.”

Wil altijd nog eens...

“Ik zou weleens in het bovenste kamertje van de Wester­toren willen eten en dan heel hard maniakaal lachen. Dat iedereen dan kijkt: hé, waar komt die lach vandaan? En dat ik dat dan ben, daar aan het dineren, in het Westertorentje.”

Het Rietland.Beeld Nosh Neneh

Park 

“Het is niet echt een park, maar je hebt hier in Noord een stuk woeste grond, Het Rietland. Op een mooie dag wil mijn ­zoontje daar een ommetje maken en zogenaamd naar het huis van de heks. Je kunt er goed klooien. Een klein stukje niemandsland. Dat vond ik leuk aan de jaren tachtig en negentig. In Amsterdam had je nog van die on­bestemde plekken. Het hele KNSM-gebied en zo. Daar was een skatebaan, naast een oude cacaofabriek. Het stonk er en het was onguur. Overal waren junkies. Je had zo’n trapgat zonder leuning waar iemand een keer naar beneden was gevallen – dood – en het was allemaal heel spannend. Je ging je ouders ook niet vertellen dat je daarheen ging. Amsterdam was toen nog een soort Berlijn.”

Ik voel me Amsterdammer, omdat…

“…Ik van de mensen hou, de meesten dan. Ik vind dat klootzakkerige ook wel fijn, meteen harde grappen maken en zo. Daar kunnen we hier beter tegen dan in andere steden. Buiten de stad vindt iedereen ons meteen arrogant, wat ook wel een beetje zo is.”

Een avond op stap met

“Met mijn vrienden Lucas, Rocky en ­Guillaume. Als ik ga stappen, wil ik met hen stappen. Maakt niet uit waarheen. Waarschijnlijk raken we elkaar ook kwijt op een gegeven moment, maar dat maakt niet uit. Zolang we maar verdwijnen in de nacht.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden