PlusFotoserie

Foto’s van de toevoer van gevonden wilde vogels in Zuidoost

Bij wildopvang De Toevlucht in Zuidoost kunnen ze de toevoer van gevonden wilde vogels nauwelijks aan. Fotograaf Adrie Mouthaan legde het ringen vast.

Jonge torenvalk.Beeld Adrie Mouthaan

Noodlanding

Beheerder Gerrit Zant (69) begon in 1987 een opvang voor gewonde dieren met hokken en kooien van resthout. Inmiddels is De Toevlucht op de Bijlmerweide uitgegroeid tot een opvang voor duizenden vogels en honderden zoogdieren. Zant, die in april werd benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau, ziet het ­aantal binnen­gebrachte vogels sinds de coronacrisis flink stijgen nu mensen meer de tijd hebben om de natuur in te trekken.

­“Normaal gesproken hebben we in het voorjaar zo’n 250 jonge kauwen in de opvang, dit jaar waren het er 450. Hetzelfde geldt voor visdiefjes, dat zijn er meestal maar een paar, maar nu heb ik er al meer dan 20 opgevangen. In de 31 jaar dat ik dit doe, heb ik dit soort aantallen nog nooit gezien.”

Bonte specht

De bonte spechten in De Toevlucht komen overal vandaan, vertelt Zant. Een tijd terug ­kreeg de opvang drie jongen tegelijk binnen toen een rotte boom met een spechtenhol was ­omgewaaid.

Bonte specht.Beeld Adrie Mouthaan

Steenuil

Deze steenuil werd gevonden in Vianen, maar werd door gebrek aan goede opvang in die buurt naar De Toevlucht gebracht. Inmiddels is het dier weer uitgezet op de plek waar hij gevonden werd. De afgelopen maanden ­hebben veel mensen de natuur herontdekt, waardoor gewonde vogels eerder opgemerkt worden. “Alleen zijn lang niet al die beestjes in nood,” zegt Zant. Veel vogels verlaten het nest voordat ze kunnen vliegen. Ze zitten dan op de grond, waar ze gevoederd worden door hun ouders, totdat ze voor zichzelf kunnen zorgen. “Deze vogels worden vaak opgepakt en naar de opvang gebracht. Mensen bedoelen het goed, maar je kunt zo’n beestje beter laten zitten, of op een beschut plekje zetten.”

Steenuil.Beeld Adrie Mouthaan

Jonge kievit

De kievit is een echte weidevogel en leeft in graslanden en uiterwaarden. Zant: “Zoveel kieviten hebben we in onze opvang niet. Maar soms, als zo’n beest in een weiland leeft en er wordt gemaaid, krijgen we ze binnen.”

Jonge kievit.Beeld Adrie Mouthaan

Torenvalk

“Veel torenvalken komen binnen als ­donshoopjes. Als ze eenmaal goed in de veren zitten en zelfstandig kunnen eten, zoals dit exemplaar, laten we ze weer los.” 

Torenvalk.Beeld Adrie Mouthaan

Jonge meeuw

Meeuwen broeden graag op open vlaktes, zoals platte daken. Bij harde wind waaien de jongen van het dak af, de straat op, waar ze worden gevonden, om vervolgens naar de wildopvang te worden gebracht. 

Jonge meeuw.Beeld Adrie Mouthaan

Door een ringetje

De Amsterdamse fotograaf Adrie ­Mouthaan (53) zocht voor een nieuw ­project een alternatieve manier om wilde dieren te fotograferen. Bij wildopvang De Toevlucht mocht hij een aantal opgelapte vogels vastleggen tijdens het ringen – vaste prik, ­voordat ze weer worden uitgezet. “Van ­tevoren was ik in dubio, want zo’n hand in beeld leek me niets. Maar toen ik eenmaal bezig was, zag ik dat het heel mooie beelden werden; die ­vogels zo ­hulpeloos in een ­mensenhand.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden