PlusOuder & Kind

Flavia en zoon Tigo: ‘Mama knuffelt ons helemaal plat’

Flavia (47) is opgegroeid in Brazilië en woont nu in Weesp. Zoon Tigo (17) wil na zijn vwo naar de filmacademie. ‘Als mensen horen dat ik half Braziliaans ben, gaan ze er meteen van uit dat ik soepele heupen heb.’

Sara Luijters
Tigo en zijn moeder Flavia. ‘Ik denk dat mijn moeder de enige Braziliaanse is die in een Hollandse molen uit de zeventiende eeuw woont.’ Beeld Harmen De Jong
Tigo en zijn moeder Flavia. ‘Ik denk dat mijn moeder de enige Braziliaanse is die in een Hollandse molen uit de zeventiende eeuw woont.’Beeld Harmen De Jong

Flavia Ramos Costa (47)

“Ik noem Tigo altijd mijn lieve, slimme kunstenaar. Hij is open, sociaal, geïnteresseerd in muziek, bewegen en tekenen, én hij heeft een goed stel hersens. Toen hij anderhalf jaar oud was kon je al gesprekken met hem voeren, in het Portugees en in het Nederlands. Ik ben opgegroeid in São Paulo en kwam op mijn 24ste naar Nederland. We gaan regelmatig terug naar Brazilië, ik vind het belangrijk dat onze kinderen weten waar ze óók vandaan komen.

Vroeger vond Tigo het overweldigend om in São Paulo te zijn. Ik merkte dat het mij onbewust wel verdriet deed als hij zich niet thuis voelde op de plek waar ik ben opgegroeid. Ik denk dat de kinderen door hun achtergrond met twee culturen wel anders in het leven staan. Ze hebben meer van de wereld gezien dan alleen Weesp. Ik probeer ze het positieve van de Braziliaanse cultuur mee te geven; de muziek, het eten en het warme, gastvrije. Bij ons thuis is iedereen altijd welkom, maar dat betekent niet dat er geen regels zijn. Ik geloof dat ik strenger ben dan veel Nederlandse moeders. Loslaten vind ik lastig, al gaat het de laatste tijd steeds beter.

Tigo en ik zijn allebei nachtdieren. Als de rest al slaapt zitten wij samen in de keuken tot na middernacht, aan ons (huis)werk, soms met een bak popcorn erbij. Tigo is perfectionistisch met een groot verantwoordelijkheidsgevoel. Als kind verbeterde hij anderen als ze iets niet goed deden. We hebben nog een filmpje waarop hij zijn broertje van drie jaar corrigeert omdat hij Olifantje in het bos niet op de juiste manier zingt.

Laatst ging hij met de debatclub van school op reis naar Lapland, hij regelde van begin tot einde alles voor iedereen. Zijn medeleerlingen noemden hem ‘papa Tigo’. Ik herken mezelf wel in Tigo, net als hij draag ik de wereld voor anderen. Dat is mooi, maar voor een zeventienjarige vind ik het soms wat veel.

Het wordt gelukkig iets minder nu. Hij is minder gefocust op alles perfect doen en dat zien we terug in zijn cijfers: hij ging over met – naast zevens en achten – ook twee vijven op zijn rapport, voor economie en maatschappijleer. Ik ben daar alleen maar blij om; het betekent dat hij wat meer kan ontspannen. Ik moedig hem ook aan om na zijn eindexamen eerst een tussenjaar te nemen, in plaats van meteen te gaan studeren.”

Tigo Costa Visser (17)

“Ik merk wel dat ik net iets anders word opgevoed dan mijn vrienden; iedereen kan hier altijd mee-eten of blijven slapen. We hebben ook altijd veel mensen over de vloer, regelmatig logeert hier familie uit Brazilië. Mijn moeder is wel streng op bepaalde dingen. Zo mogen vrienden tot middernacht buiten chillen, terwijl ik om tien uur thuis moet zijn. Al is ze daar de laatste tijd wel iets losser in aan het worden.

We voeren ook wel goede gesprekken over dat soort dingen, mama wil weten hoe ik de dingen zie en ervaar. Ze is bijvoorbeeld geen fan van sociale media, maar ik leg haar uit dat het niet alleen maar oppervlakkigheid is wat je online ziet. Ik heb mezelf bijvoorbeeld leren filmen en monteren via online tutorials, ik maak nu af en toe filmpjes in opdracht. Na mijn vwo zou ik het liefst naar de filmacademie gaan.

Mama heeft ons veel verteld over haar jeugd in Brazilië, ik realiseer mij daardoor wel hoe goed de leefomstandigheden zijn in Nederland. Ik vind het leuk om er op vakantie te gaan en familie te zien, maar Brazilië is niet een land waar ik zou willen wonen. Zeker niet nu met Bolsonaro als president. Als ik daar ben voel ik me een ‘gringo’ en hier voel ik me vaak Braziliaans.

Als mensen horen dat ik half Braziliaans ben, gaan ze er meteen van uit dat ik goed kan voetballen of soepele heupen heb. Maar ik ben een slechte voetballer en kan niet heel goed dansen. Ik hou wel heel erg van de muziek, zoals bossanova en bachata, en ook van het Braziliaanse eten; mama maakt ontzettend lekkere ‘arroz con feijao’, rijst met bonen.

Ik ben blij dat ik met het beste van twee culturen ben opgevoed; het praktische en verantwoordelijke van Nederland en het vrolijke en sociale van Brazilië. Elkaar knuffelen, ook als je elkaar nog niet kent, is onder Brazilianen heel normaal. Mama knuffelt ons ook helemaal plat.

Bij ons thuis is mama meer van het relaxen, met haar kijken we op zondag films op de bank met een bak popcorn, met papa doen we vooral actieve dingen, zoals zeilen. Ik denk dat mijn moeder de enige Braziliaanse is die bij windkracht tien in de kou op een zeilboot gaat zitten en in een Hollandse molen uit de zeventiende eeuw woont. Ze maakt zelf weleens de grap dat ze meer geïntegreerd is dan koningin Máxima.”

Flavia Ramos Costa (47), sociaal ondernemer, oprichter van Compasso Social
Gerke Visser (55), organisatieadviseur
Tigo Costa Visser (17), gaat naar 6 vwo, Vechtstede College, Weesp
Jacco Costa Visser (14), gaat naar 3 vwo, Goois Lyceum, Bussum
Iara Costa Visser (6), gaat naar groep 4, De Triangel, Weesp

Gerke Visser, Flavia Ramos Costa, Tigo, Jacco en Iara wonen in een molen in Weesp.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden