Tuğrul Çirakoğlu. Beeld Nosh Neneh
Tuğrul Çirakoğlu.Beeld Nosh Neneh

Elke eenzame dood is een leermoment en een kans om te ontwaken

PlusTuğrul Çirakoğlu

Tugrul Çirakoglu

Het slaapkamerraam was verrot en kon er ieder moment uitvallen. De aangrenzende muren waren beschimmeld en brokkelden af. In de ene hoek van de kamer stond een uitgeleefd, vergeeld matras. In de andere hoek een stinkende kattenbak en tien­tallen vuile incontinentieluiers. In het midden van de kamer stonden vier emmers, gevuld met ontlasting en urine, omgeven door stapels vieze, gebruikte vellen toiletpapier.

De slaapkamer ernaast was stoffig en leek jaren onaangeraakt te zijn. Er stonden een tweepersoonsbed en een kledingkast vol herenkleding. Vermoedelijk was dit de hoofdslaapkamer van de vrouw geweest, tot haar echtgenoot kwam te overlijden.

Tijdens het opruimen kwam ik een oude luchtfoto tegen van enkele decennia geleden. De woning zag er op de foto prachtig uit. Het was zonder meer de mooiste woning in de hele wijk. Nu was daar niks meer van terug te zien.

Het zoveelste schrijnende geval van extreme eenzaamheid. Het is niet meer te ontkennen: we verkeren in een eenzaamheidscrisis. Tegelijkertijd lijkt het alsof we in een diepe slaap verzonken zijn.

Hoeveel eenzame mensen moeten erbij komen voordat we wakker worden? Hoeveel meer Nederlanders moeten zielsalleen overlijden voordat we gaan beseffen wat er gebeurt binnen onze families, wijken en maatschappij? Hoeveel meer woningdoden kunnen we ons permitteren?

Elke eenzame dood is een leermoment en een kans om te ontwaken. De enige manier om hier een einde aan te maken is om samen, als gemeenschap, de strijd tegen eenzaamheid aan te gaan.

We moeten onze verschillen opzij­zetten en beseffen dat we allemaal in ­hetzelfde schuitje zitten. Collega’s, buren, vrienden, en familieleden gaan dood, zijn depressief, eenzaam, plegen zelfmoord. We hebben het hier niet over cijfers of statistieken: het zijn mensen.

Terwijl dit alles gaande is, vertelt de wereld om ons heen ons de aandacht op onszelf te richten: ‘Jij bent nummer één, jij bent het belangrijkste in de wereld.’ Want het is eten of gegeten geworden – it’s a dog-eat-dog world out there.

Jezus vergeleek de wereld met een karkas, met mensen die daaromheen zwermen als honden. We moeten onszelf afvragen of we als (roof)dieren willen leven of als mensen. Willen we onze ­menselijkheid ontwikkelen, of die onszelf ont­nemen en vernietigen?

Tuğrul Çirakoğlu maakt met zijn bedrijf schoon in extreme ­situaties. Hij vertelt de verhalen achter het vuil. Lees al zijn verhalen hier terug.

null Beeld Tuğrul Çirakoğlu
Beeld Tuğrul Çirakoğlu
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden