PlusAchtergrond

Dit doek uit 1599 was het fundament voor de Italiaanse horrorcinema

Judith onthoofdt Holofernes, 1599, van Michelangelo Merisi da Caravaggio (1571-1610). Beeld foto De Agostini/Getty Images

Het medium film is 125 jaar oud. Maar cinefielen doen er goed aan om ook eens voor een doek uit 1600 plaats te nemen.

Momenteel vertoont Eye Filmmuseum een compilatie van recentelijk gerestaureerde nitraatfilmopnamen van de Mutoscope and Biograph Company. Het zijn de oudste ­bewegende beelden van het Europese stadsleven: de op 68 millimeter formaat gedraaide opnamen uit Londen, Berlijn, Venetië en Amsterdam werden tussen 1897 en 1902 gemaakt. Wie ernaar kijkt stapt in een tijdmachine, dankzij een medium dat destijds nog piepjong was. De meeste Europese cinefielen beschouwen de eerste publieke filmvertoning van de Franse gebroeders Lumière op 28 december 1895 als de oerknal van de cinema.

Ik was het daar altijd roerend mee eens en niet alleen ­omdat ik ook op 28 december geboren ben en mijn verjaardag graag met vadertje cinema vier. Natuurlijk begon alles in Parijs met een zaal vol toeschouwers en filmprojectie op een doek. Maar na een verpletterende linkse directe van een morsdode Italiaanse schilder begon het te knagen.

Ik stond voor een doek dat meer dan vier eeuwen oud was en raakte in vervoering. Ik was diep geschokt, hevig opgewonden en op slag verliefd. En stond als aan de grond ­genageld. Het was een aardverschuiving: alles wat ik voelde ­associeerde ik eerder met cinema op zijn best. Maar ik zat niet in de bioscoop, ik stond in het Van Gogh Museum, ­anno 2006.

De briljante duotentoonstelling Rembrandt-Caravaggio bracht Rembrandts Blindmaking van Samson in stelling tegen Caravaggio’s Judith onthoofdt Holofernes. De godvruchtige meesters pakten flink uit in de zeventiende eeuw. 

Op het Hollandse doek wordt een dolk in het rechteroog van de kortgeknipte Samson gedrukt, op het Italiaanse canvas spuiten dikke stralen bloed uit de half doorgesneden nek van Holofernes. Het spektakelstuk van Rembrandt was subliem, maar de Caravaggio zette mijn cinefiele wereldbeeld op zijn kop. Dat doek uit pakweg 1600 was warempel het fundament voor de Italiaanse horrorcinema waaraan ik zo verslingerd was geraakt. Dat had ik nergens gelezen, nooit gehoord. Hoe was het ­mogelijk?

Getergde zielen

Er zijn heel wat boeken en scripties over dat specifieke deelgebied van de mondiale genrefilmerij geschreven. Daar zitten kloeke werken tussen. Geen regisseursmonografie is omvangrijker dan Mario Bava: All the Colors of the Dark, maar in de zes kilo zware 1100 pagina’s over de grondlegger van de Italiaanse horrorfilm maakt auteur Tim Lucas geen woord vuil aan Caravaggio.

Het geroemde chiaroscuro (licht/donker) van de schilder keerde niet alleen in Rembrandts stijl terug, het was de ­basis voor Bava’s spookachtige belichting in de invloedrijke horrorfilms die hij in de jaren zestig in Rome draaide. 

In het werk van navolger Dario Argento zou Judith ook elk moment uit de duisternis in het kader kunnen stappen om toe te slaan. Haar zichtbare afgrijzen en ongemak versterken de associatie: in Italiaanse genrefilms ­wemelt het van de getergde zielen die door omstandigheden tot halsmisdaden gedreven worden. De dynamiek van de handeling en het gebruik van het beeldkader maken Caravaggio’s meesterwerk tot een blauwdruk voor een moordscène in een Italiaanse horrorfilm uit de jaren zestig of zeventig.

Fantasie op hol

In het werk van de schilder is Holofernes niet de enige die zijn hoofd verliest, het ging er soms gruwelijk aan toe in de Italiaanse ­barok van Caravaggio en diens navolgers. Dat zag ik vorige week in de barokexpositie van het Rijksmuseum, waar zes fraaie en allesbehalve gruwelijke werken van de schilder tussen onthoofdingen van diens tijdgenoten en navolgers hingen. Ik hunkerde naar Judith, maar ze was bij deze gelegenheid in haar Romeinse paleis gebleven. Aan de Via delle Quattro Fontane staat het ­Palazzo Barberini, daar wacht de vervoering.

Films worden in het beste geval gemaakt om een groot publiek in vervoering te brengen. Daar worden ze voor ­gereproduceerd en verspreid, en daar zijn bioscopen optimaal voor ingericht. Zolang er stroom is en de projector of de blurayspeler werkt, kunnen we door film worden betoverd. Dat is een troostrijke gedachte.

Maar een halfjaar geleden sloeg de fantasie op hol: wat te doen als de wereld vergaat, de mensheid verdwijnt en je als laatste man overblijft? Zoals Vincent Price in The Last Man on Earth, Charlton Heston in The Omega Man of Will Smith in I am Legend, maar dan zonder stroom en met twee linkerhanden. Dan zit er niets anders op: dat wordt maandenlang lopen als een pelgrim tot je bij Judith bent.

Alle wegen leiden naar Rome, ook de mijne.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden