Plus Reportage

Deze ‘neuzen’ ruiken alles: van 3 gram cocaïne tot 6 miljoen euro

Drugshonden leren blaffen of een ander signaal te geven als ze de geur van drugs herkennen. Beeld Amaury Miller

Een hond kan 100.000 keer beter ruiken dan een mens. Geen wonder dat speurhonden al een eeuw ‘de ­neuzen van de politie’ zijn.

Laten we ze enthousiast noemen. Of het nou geldhond Brando, zedenhond Binq of drugshond Sarah is: opgewonden en fanatiek storten de herders zich op hun werk in het trainingscentrum van de Amsterdamse politie in de oksel van de A10 en de A2. In de ban van hun ‘buitdrift’, zoals we van hun trotse geleiders Gerard, Pauline en Herman leren (om privacyredenen vermelden we hun achternamen niet). ‘Als een dolle’ zou onbedoeld beledigend zijn, want ze zijn juist heel precies, maar dat ze ‘vol overgave’ werken, kunnen we toch wel stellen.

Brando, een kruising tussen een Duitse en een Mechelse herder, draaft snuivend langs de stapels stenen met gaten, die langs de wanden van de oefenruimte zijn opgestapeld. Heen en weer. Hoog, laag. Nog eens. En nog eens. Snuiven, snuffelen, snuiven. Tot hij de geur na acht, negen rondgangen ineens ‘in de neus heeft’, zoals Gerard tevreden vaststelt. De hond gaat zitten met zijn neus tegen de steen waarin zijn baas met een tang een half briefje van honderd euro diep heeft weggestopt. Hij is dolblij met zijn beloning: een bijtrol waarin hij mag happen.

Het maakt zo’n hond natuurlijk niets uit wat hij heeft ­gevonden en wat daarvan het belang is en in welke context, zolang het de geur draagt waarop hij is afgericht en hij zijn beloning maar krijgt. Dat kan zo’n bijtrol zijn, een bal, een stalen buisje – net wat het koppel van hond en geleider verkiest ter motivatie.

Uitgewoond studentenhuis

Een speurhond is onafscheidelijk van zijn baas en werkt nooit met een andere geleider. De geleider ‘leest’ zijn of haar hond en is de enige die met de hond mag werken. Elke twee jaar worden ze samen streng getoetst. Een geleider heeft in principe twee honden die ieder hun eigen discipline hebben.

Pauline heeft een zogeheten pd-hond, die vanaf de plaats van een misdrijf (de plaats delict, pd) de gevluchte dader zoekt, én een zedenhond. Een zedenhond speurt naar sperma op een misdaadplek of op kleding van een slachtoffer. Die zedenhond is Binq. De mechelaar heeft in een mum van tijd de vijf microliter (vijf miljoenste van een liter) sperma gevonden die Pauline op een shirt heeft aangebracht.

Het record van vandaag komt op naam van Sarah te staan, ook een Mechelse herder, met begeleider Herman. In weer een andere oefenruimte, ingericht als een uitgewoond studentenhuis compleet met bar, smerige banken en ander gedegenereerd interieur, vindt ze in no time de drie gram cocaïne tussen de cd-hoesjes. Nu moeten we in het voordeel van Brando vermelden dat het snuffelen naar geld veel moeilijker is dan het zoeken naar drugs. Waarbij dan weer moet worden opgemerkt dat de geur van heroïne veel lastiger is op te sporen dan die van cocaïne of amfetamine. Een hond die bijvoorbeeld geen explosieven kan vinden, kan nog wel succesvol worden in de drugs.

De speurhonden vormen sinds 20 juni 1919 een bijzondere toevoeging aan het arsenaal dat de politie kan inzetten. Sommige ouderwetse ­rechercheurs waren sceptisch, maar gingen uiteindelijk toch nog snel om. Je kunt als mens nog zo redeneren en analyseren, een hond kan ruim 100.000 keer beter ruiken dan een mens en kan vanaf de pd een spoor volgen waarvan de mens geen idee heeft.

Het is een vies praatje, maar iedereen verliest honderden miljoenen geurmoleculen per dag (Pauline: ‘Schud je ­lakens ’s morgens maar uit’). Huidschilfers, zweet, noem maar op. Een getrainde hondenneus kan zo’n spoor volgen, dwars door alle andere geuren van bijvoorbeeld een stad heen. Dat vergt concentratie. Met alle afleiding onderweg heeft de pd-hond wellicht de lastigste taak.

Gaandeweg is de politie steeds meer types speurhonden gaan trainen. In 1960 kwamen de drugs er bij, in 1985 de explosieven. Sinds 1990 zijn er lijkenhonden, bloedhonden en brandhonden, die in afgebrande panden zoeken naar stoffen waarmee het vuur kan zijn aangestoken.

In Amsterdam kwam daar goed tien jaar geleden een geldhond bij. Kassa, ja. Geldhonden vinden enorme ­bedragen tijdens doorzoekingen van panden, auto’s et ­cetera. Laatst vonden ze nog 6 miljoen euro in Den Haag, en 2 miljoen in een sporttas elders in Zuid-Holland. Vorig jaar roken geldhonden 3,5 miljoen euro in een garage in ­Wormerveer, van een in het Amsterdamse criminele ­milieu bekende familie.

Brando met de bijtrol die hij als beloning heeft gekregen. Beeld Amaury Miller

Nederland, herderland

De Nederlandse politie telt 53 hondengeleiders met, zoals gezegd, meestal twee speurhonden. Soms zijn het er ook drie of meer, waardoor er ongeveer 150 speurhonden zijn. Ook de douane heeft speurhonden. Net als de Dienst Justitiële Inrichtingen, die het aantal honden dat in gevangenissen naar drugs en telefoons zoekt momenteel verdubbelt. Er zijn ook zo’n 450 surveillancehondengeleiders, die met hun honden ingrijpen bij vechtpartijen, spanningen rond uitgaansgelegenheden en voetbalwedstrijden en dergelijke, maar dat is een ander verhaal. In elke discipline zijn altijd een of meerdere speurhonden paraat.

Nederland is van oudsher ‘een herderland’, zeggen ­Gerard en Pauline, maar onder de speurhonden loopt her en der ook wel een springerspaniël of labrador rond. In Berlijn gebruikt de hondenbrigade wel twintig verschillende rassen.

Mechelse herders zijn zo populair omdat ze standvastig en onverstoorbaar doorgaan om maar aan hun beloning te komen. Een pup van een week of acht kan al aan de training beginnen, maar het duurt vaak een klein (en vaker een dik) jaar of langer voor de speurhond inzetbaar is. Met acht, negen jaar gaan de meeste dieren met pensioen.

Een speurhond moet streetwise zijn, zegt Pauline. “Een hond kan goed zijn in een steriele omgeving of een rustig oefencentrum, maar moet ook laten zien wat hij kan in de chaos. Vorige week doorzochten we nog een huis vol smerige zakken.”

Het draait om wat managers ‘werkend leren’ zouden noemen. Pauline: “Een goede zoekconditie train je niet door rondjes te fietsen. Goed speuren is vreselijk intensief en vermoeiend.”

Het is aan de geleider om secuur in de gaten te houden of de hond tijdens een doorzoeking elk kastje heeft gehad. Gerard: “Je hond zal in zijn drift stukjes overslaan. Het is mijn taak te zorgen dat ie niks mist. Zo kan ik niet zonder de hond, maar de hond ook niet zonder mij.”

Herder Brando snuffelt net zo lang tot hij een verstopt geldbiljet heeft gevonden. Beeld Amaury Miller
De oefenruimte die is ingericht als uitgewoond studentenhuis. Beeld Amaury Miller
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden