PlusReportage

Deze Amsterdammers laten hun kat uit: ‘Kazimir bepaalt de route, het is maar net waar hij zin in heeft’

Carmen Alfarez en Kazimir. ‘Hij bepaalt de route.’
 Beeld Ivo van der Bent
Carmen Alfarez en Kazimir. ‘Hij bepaalt de route.’Beeld Ivo van der Bent

Ze worden uitgelaten, in fietsmandjes vervoerd en meegenomen op de boot. Zijn katten de nieuwe honden? ‘Het Van der Helstplein, de Van Woustraat: het is maar net waar hij zin in heeft.’

Carmen Alfarez (54, mantelzorger) woont in De Pijp. Ze heeft één kat: ­Kazimir (1), een Maine Coon.

“Kazimir is doof. Daarom laat ik hem ­liever niet zelfstandig naar buiten. Als ik dat wel zou doen, hoort hij me niet als ik hem roep, er auto’s aankomen of als er ander gevaar in de buurt is. Omdat ik het belangrijk vind dat hij frisse lucht en beweging krijgt, leek het me een goed idee om samen naar buiten te gaan. We oefenden eerst in de woonkamer. Ik deed hem een paar keer een tuigje om, zodat hij kon wennen aan het gevoel. Later liet ik hem aangelijnd snuffelen op de stoep bij ons voor de deur. Toen ik zag dat hij zich comfortabel voelde, liet ik hem uit in de buurt. Wanneer hij in het begin langs een auto of fietser liep, zag je hem denken: wat is dit? Maar nu ik hem alweer tien maanden elke dag uitlaat, kijkt hij nergens meer van op. Hij rent achter alles en iedereen aan. Duiven en kinderen zijn z’n favoriet. Soms is hij omringd met acht kinderen die hem willen aaien, daar gaat hij speciaal voor liggen op zijn rug. Hij voelt zich dan de koning te rijk.

Tijdens het uitlaten bepaal ik nooit de route, dat doet Kazimir. Hij is de baas. Soms loop ik drie keer langs de voordeur, de andere keer gaan we naar het Van der Helstplein of de Van Woustraat. Het is maar net waar hij zin in heeft. Na een uur heeft hij er meestal genoeg van en loopt hij naar weer huis. Soms denk ik: zal ik proberen hem niet aangelijnd uit te laten? Hij weet het nu toch wel? Maar de angst dat hij wordt aangereden is te groot.”

Jup Jansonius, dochter Pip en hun drie katten. ‘Als de jongste er genoeg van heeft begint ze keihard te miauwen.’ Beeld Ivo van der Bent
Jup Jansonius, dochter Pip en hun drie katten. ‘Als de jongste er genoeg van heeft begint ze keihard te miauwen.’Beeld Ivo van der Bent

Jup Jansonius (51, dansdocent en dj) woont op Java-eiland. Ze heeft drie katten: Berend (14), Poekie (5) en Boefie (2), huis-tuin-en-keukenkatten.

“Het maakt niet uit of ik naar de Albert Heijn, de pizzeria of de buren ga: Berend, Poekie en Boefie lopen altijd met me mee. Zelfs als mijn dochter Pip (14) en ik voor de deur staan te frisbeeën, komen ze alle drie buitenkijken. Dat doen ze uit zichzelf. Als ik vroeger met de kinderwagen ging wandelen, liep Berend er al naast. Voor veel mensen is het een gek gezicht, maar wij zijn er volkomen aan gewend. Niet elke wandeling is even makkelijk, dat moet ik er wel bij zeggen. De oudste is erg traag, de middelste stopt meestal met lopen bij de Bogortuin of Hotel Jakarta en als de jongste er genoeg van heeft, begint ze keihard te miauwen. Dan gaan we naar huis. Dus als ik haast heb, zorg ik ervoor dat ze niet mee naar ­buiten glippen.

We laten onze katten niet met ons mee lopen uit noodzaak; ze kunnen gewoon bij ons naar buiten via de tuin. Ik heb dan ook nooit overwogen ze aan te lijnen. Dat vind ik een beetje zielig. De drang om met je mee te lopen moet natuurlijk zijn. Het is er of het is er niet.

Veel mensen in de buurt weten intussen dat ze met ons meewandelen. Iedereen lacht zich een breuk. Als de buurtbewoners mijn dochter en mij met de katten zien, horen we regelmatig: ‘Daar heb je de heksendames weer!’”

Daphne Persoon, Peter Saalbrink en Ozzie. ‘Zodra ze golven ziet, gaat ze op de neus van de boot zitten.’ Beeld Ivo van der Bent
Daphne Persoon, Peter Saalbrink en Ozzie. ‘Zodra ze golven ziet, gaat ze op de neus van de boot zitten.’Beeld Ivo van der Bent

Daphne Persoon (27, grafisch ontwerper) woont in West met haar vriend Peter Saalbrink (30). Ze hebben één kat: Ozzie (1), een Europese korthaar.

“Toen we Ozzie net hadden, merkten we al dat ze heel avontuurlijk was. Steeds als mijn vriend of ik de deur uitging, probeerde ze mee te glippen. Daarom besloten we haar een keer mee naar buiten te nemen. We kochten een tuigje en liepen met z’n drieën naar het Gerbrandypark. Het grootste deel van de route liep ze zelf, af en toe droegen we haar. Vanaf het eerste moment vond ze het geweldig om overal aan te snuffelen. Ze rende meteen achter vogels en vliegen aan en tot onze verbazing klom ze in een boom. Al snel werd dat laatste een gewoonte. Nu gaan we elke week naar het Gerbrandypark tijdens onze werkpauze, om daar te lunchen met z’n drietjes.

Ozzies avontuurlijke karakter kwam ook naar voren toen bleek dat ze de vaartochtjes in onze opblaaskajak leuk leek te vinden. We zijn al tien keer met haar door de grachten gaan varen. Eerst snapte ze niet wat water was. Daarom hielden we haar vast en lieten haar het grachtenwater voelen, zodat ze er niet in zou springen. Inmiddels loopt ze vrolijk over de rand. Golven vindt ze heel leuk: zodra ze die ziet, gaat ze op de neus van de boot zitten, als een soort hondje. Het blijft natuurlijk een beetje gek om te varen met je kat. Maar we vinden het alle drie hartstikke leuk en willen het zeker blijven doen.”

Antoine May en Hunter. Beeld Ivo van der Bent
Antoine May en Hunter.Beeld Ivo van der Bent

Antoine May (42, vrijwilliger in buurthuis Olympus) woont in Oud-Zuid. Hij heeft één kat: ­Hunter (3), een Europese korthaar.

“Hunter woonde eerst bij iemand die niet goed voor hem kon zorgen. Daarom heb ik hem een jaar geleden in huis genomen. In het begin was hij heel aanhankelijk en schuchter. Ik was dan ook heel verbaasd toen hij een paar maanden geleden ineens met me meeliep naar het buurthuis. Ik wist niet wat me overkwam. Sindsdien loopt hij me overal ­achterna. Tussen ons is een band ontstaan die ik heel bijzonder vind, juist omdat ik hem in huis nam om hem een veilig gevoel en een prettigere omgeving te geven.

We maken nu dagelijks een wandeling door de buurt. Meestal brengen we ’s avonds mijn beste vriendin naar huis. Zij komt zo vaak over de vloer dat ik haar ook wel mijn aangenomen zus noem. Die avondwandelingen voelen als een soort familie-uitje. Hunter weet precies waar het huis van mijn beste vriendin is. Soms rent hij voor ons uit, soms loopt hij achter ons. Het komt voor dat ik hem ineens niet meer zie. Dat gebeurt meestal als hij te lang aan iets zit te snuffelen. Maar zodra ik hem roep, komt hij weer aangerend.

Overdag loopt Hunter met me mee als ik mijn vriendinnen in de buurt opzoek. Zij hebben zoiets van: hoe heb je dát voor elkaar gekregen? En ze vinden het heel grappig. Van de bange kat die hij ooit was, is weinig meer over. Hij loopt nu door de buurt als een trotse kater.”

Léon Vos en fred. ‘Mijn vrouw heeft een gps-tracker aan haar tuigje genaaid.’ Beeld Ivo van der Bent
Léon Vos en fred. ‘Mijn vrouw heeft een gps-tracker aan haar tuigje genaaid.’Beeld Ivo van der Bent

Léon Vos (38, piloot) woont in West. Hij heeft één kat: Fred (3), een ragdoll.

“Mijn vrouw en ik hebben een klein ­balkon op de vierde verdieping. Ik heb er een heel hekwerk omheen gebouwd zodat onze Fred niet naar beneden kan vallen. Toch blijft ze altijd naar ­buiten turen. We vonden het zielig dat ze de hele dag binnen zat, daarom besloten we haar aangelijnd mee naar buiten te nemen. Allereerst naar een omheinde binnentuin in de buurt van de Westlandgracht.

Na een maand lieten we haar daar loslopen. Het was winter, dus we konden goed zien waar ze naartoe liep. In het begin waren we wel een beetje bang dat ze ineens verdwenen zou zijn, maar ze bleef in de buurt. Toen de zomer naderde en het groener werd, was het lastiger om haar in de gaten te houden. Daarom schaften we een gps-tracker aan, die mijn vrouw aan haar tuigje naaide. Nu kunnen we via een app precies zien waar ze loopt.

Na de rondjes in de binnentuin namen we haar een paar keer mee naar het Rembrandtpark. Daar zoeken we altijd een rustig plekje op en zorgen we dat Fred is aangelijnd aan de koelbox. Als we gaan eten, gaat ze op haar gemak tussen ons in liggen. Omdat we er altijd op de fiets naartoe gaan, hebben we haar aangeleerd onderweg in de fietsmand te zitten. Zodra ik haar erin zet, gaat ze liggen. Na een paar minuten fietsen steekt ze dan haar kop in de wind en kijkt ze nieuwsgierig rond. Haar blik gaat alle kanten op, maar één ding lijkt ze echt prachtig te vinden: om van bovenaf op honden neer te kijken.”

Maar is dat niet zielig?

Kattengedragstherapeut Esmerij van Loon (48): “Als een kat vaak lange tijd alleen is in een klein appartement zonder tuin of balkon, kan hij zich gaan vervelen. Dat kan leiden tot apathie. Dan slapen ze de hele dag, gaan ze zich overeten of klieren, zoals in de gordijnen hangen. Het baasje bestraft dit gedrag vaak, wat de relatie met de kat onder druk zet. Omdat katten geen link leggen ­tussen hun eigen gedrag en straf, ontwikkelen ze daardoor vaak juist meer ­probleemgedrag. Daarom vind ik het uitlaten van een kat een goed idee. Mensen zijn daarbij actief bezig met hun kat, die worden dan niet aan hun lot overgelaten. Maar dit ­betekent niet dat elke binnenkat móét worden uitgelaten. Het gaat er vooral om dat je iets doet met je kat. Als je er dagelijks mee speelt, je regelmatig voedselverrijking toepast en er genoeg leefruimte is, is uitlaten niet nodig.”

Uitlaattips

■ Laat de kat wennen. “Dat doe je door hem eerst aan het tuigje te laten snuffelen of het geluid van de gespjes te laten horen. Zodra hij daar goed op reageert, geef je hem een snoepje. Je merkt het vanzelf als hij nieuwsgierig is en wil doorlopen.

■ De kat bepaalt het tempo. “Ga niet aan de lijn rukken als hij in de sprinkhaanhouding gaat zitten, door alle pootjes gezakt zodat hij elk moment kan opspringen. Wacht, blijft rustig en geef vertrouwen.”

■ Loop vaak dezelfde route. “En op een vast tijdstip. Katten houden van routine en zijn meer op hun gemak als ze de omgeving kennen.”

■ Heb geduld. “Dit hele proces kan soms weken duren. Een kwestie van veel geduld en lekkere brokjes.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden