PlusExclusief

Deze Amsterdammers haalden op eigen initiatief vluchtelingen op in Oekraïne: ‘Hongaarse grenswachters maakten ons uit voor klootzakken’

Oekraïense vluchtelingen komen aan in Diemen. Ze zijn opgehaald door Jesse Willis en Thijs Kurpershoek.  Beeld Daphne Lucker
Oekraïense vluchtelingen komen aan in Diemen. Ze zijn opgehaald door Jesse Willis en Thijs Kurpershoek.Beeld Daphne Lucker

Met de oorlog op een dag rijden, nemen steeds meer Amsterdammers het heft in eigen handen. Ze rijden met gehuurde busjes naar de Oekraïense grens en komen terug met vluchtelingen. ‘Geld storten op giro 555 kan ook, maar we hebben meer tijd dan geld.’

Guido van Diepen

Isabelle Ho Kang You (51) en Brian Bodbijl (35)

Isabelle Ho Kang You (51), organisator van technofeesten, en Brian Bodbijl (35), verpleegkundige en technoliefhebber, kregen tijdens de coronapandemie een sterke binding met Kiev. “Je kon door de maatregelen nergens meer feesten,” zegt Ho Kang You. “In Berlijn gebeurde vrij weinig, en in Amsterdam helemaal niets. Dus de hele dancescene verplaatste zich naar Kiev. Het werd echt de place to be. Veel lhbtq’s uit Amsterdam en Berlijn gingen erheen. De niet-commerciële dancescene heeft een grote aantrekkingskracht op die community, omdat er een sterk gevoel van vrijheid heerst: dat je mag zijn wie je wil zijn. Er zijn ontzettend veel nieuwe vriendschappen ontstaan.”

Vanaf het moment dat de oorlog uitbrak, stond Ho Kang You meteen op scherp. “Ik stond op de Dam te protesteren tegen de oorlog. Toen dacht ik: we moeten gaan rijden! Ik zou heel graag hetzelfde doen voor mensen in Syrië of Palestina, maar daar rijd je helaas niet even heen.’

Met haar ravemaatje Bodbijl huurde ze een auto – een vriendin had al geld ingezameld voor benzine. “Opeens was er een heel team van mensen die hielpen,” zegt Bodbijl. “Ook de verhuurder gaf ons korting toen hij hoorde dat we vluchtelingen gingen ophalen.” Onderweg waren ze bijna duizend euro kwijt aan benzine en overnachting.

Bij de grens werd het moeilijker, zegt Ho Kang You. “We wilden Vlad (19) en Younes (30) ophalen. Ze zijn allebei queer, en Younes heeft een Nigeriaanse achtergrond. We zagen al berichten dat er sprake was van racisme bij grensposten, dat zwarte mensen werden geweigerd bij de grens en in treinen. Je weet niet wat waar is en wat niet, maar we hoorden dat de regio bij Lviv een rotplek is om de grens over te steken.”

Ze besloten daarom de route om te gooien en af te spreken bij de Hongaarse grens. Younes kwam er zo doorheen. Maar Vlad werd tegengehouden vanwege de dienstplicht. Bij twee grensposten werd hij teruggestuurd. Bij de derde mocht hij door.

“Hij sprong me meteen in mijn armen,” zegt Ho Kang You. “Ik had hem nog nooit ontmoet, maar we hadden een band opgebouwd. Ik had al een week non-stop contact met hem gehad. Op de heenweg deelden we steeds onze live locatie, zodat hij kon zien dat we er echt aankwamen. Hier in Nederland heb ik Vlad en Younes aan advocaten en instanties gekoppeld en voorlopige huisvesting geregeld. Ik zet ze niet af en dan: doei. Ik voel me nu verantwoordelijk en ontferm me over ze.”
De naam Younes is gefingeerd om privacyredenen.

Isabelle Ho Kang You en Brian Bodbijl. Ho Kang You: ‘Op de heenweg deelden we steeds onze live locatie, zodat hij kon zien dat we er echt aankwamen.’ Beeld Daphne Lucker
Isabelle Ho Kang You en Brian Bodbijl. Ho Kang You: ‘Op de heenweg deelden we steeds onze live locatie, zodat hij kon zien dat we er echt aankwamen.’Beeld Daphne Lucker

Jesse Willis (29) en Thijs Kurpershoek (29)

Jeugdvrienden Jesse Willis (29) en Thijs Kurpershoek (29) vertrokken woensdagochtend met een busje vol handdoeken en maandverband, en kwamen donderdagnacht terug met dertien vluchtelingen, voornamelijk vrouwen en kinderen.

“De mannen mogen Oekraïne niet uit,” zegt Kurpershoek. “Dat merk je duidelijk in Polen. Je hoort kinderen om hun papa schreeuwen. Echt hartverscheurend.”

De Amsterdamse jongens merkten hoe dichtbij de oorlog kwam toen ze Warschau binnenreden. “De hele stad is volledig in chaos,” zegt Kurpershoek, die bij het industrialdesignbureau van Willis werkt. “Alle treinstations zijn afgeladen met mensen en grote zalen staan stampvol legerbedjes. Het is een komen en gaan van mensen, iedereen probeert zijn steentje bij te dragen. Wij konden bij een gastgezin in de stad blijven slapen. Daar kregen we een warm onthaal met eten, thee en bier, en konden we in de kinderkamer slapen.”

Toen ze de volgende dag alle mensen met de auto hadden opgepikt, viel iedereen vrijwel meteen in slaap. “Sommige vrouwen waren al een week onderweg,” zegt Willis. “Tanya, van onze leeftijd, kwam uit Charkov. Ze had een week tussen de bombardementen gezeten en was helemaal kapot.”

Gelukkig ging de rit goed, volgens Willis. “Op een gegeven moment waren we allemaal met de radio aan het meezingen. De kinderen begonnen speels aan onze haren te plukken.”

Het was nog geen twee dagen geleden dat ze een oproep zagen om spullen te brengen en vluchtelingen op te halen. “Ik ben eigen baas,” zegt Willis. “We konden het kantoor sluiten en gaan. We hebben het privilege om iets te kunnen doen.” Kurpershoek: “Natuurlijk ga je je afvragen of wat wij doen het meest functionele is. Geld storten op 555 kan ook. Maar we hebben meer tijd dan geld.”

De volgende ochtend zaten ze in een tot de nok toe gevuld busje op de Duitse snelweg. Willis: “We weten dat je niet zomaar met random spullen die kant op moet rijden. De bergen kleding stapelen zich daar op. Echt overvloed. Fast Lane Ukraine heeft de benodigde spullen voor ons verzameld, benzine vergoed en ons aan vluchtelingen gekoppeld.”

Toen ze om 1 uur ’s nachts in Diemen aankwamen om de laatste mensen bij een gastgezin af te zetten, kregen ze een dikke knuffel. Willis: “En eerder, onderweg, kregen we nog een bedankspeech in het Oekraïens. Geen idee wat er werd gezegd, maar ze waren duidelijk dankbaar.” Kurpershoek: “Ik vroeg Tanya net in de app hoe het met haar ging. Ze antwoordde: ‘De zon schijnt, en ik ga nu een fiets kopen. Eens kijken hoe ik hier mijn leven kan beginnen’.”

Jesse Willis en Thijs Kurpershoek. Willis: ‘Op een gegeven moment waren we allemaal met de radio aan het meezingen. De kinderen plukten speels aan onze haren.’ Beeld Daphne Lucker
Jesse Willis en Thijs Kurpershoek. Willis: ‘Op een gegeven moment waren we allemaal met de radio aan het meezingen. De kinderen plukten speels aan onze haren.’Beeld Daphne Lucker

Matthijs Bill Rietveld (35) en Chiara Tichelman (30)

“Uitgewrongen.” Zo voelen Matthijs Bill Rietveld (35), creatief producent en expobouwer, en Chiara Tichelman (30), kunstenares en gastronoom, zich na vier dagen lang duizend kilometer per dag te hebben gereden. “En eigenlijk waren het er nog meer,” zegt Tichelman. “Ik had twee jaar in Italië gestudeerd en we waren met mijn hele inboedel terug aan het rijden naar Nederland, toen we in een appgroep lazen dat een vriend Fast Lane Ukraine had opgericht. We besloten te helpen. Toen we aankwamen in Amsterdam, huurden we een bus, regelden donaties en zijn we direct weer vertrokken. Fast Lane coördineerde alles.”

Roemenië is een dag langer rijden dan Polen, maar de rit ging goed, volgens Rietveld. “Bij een Roemeens logistiek opvangpunt konden we warm en droog zitten. We werden aan twee families en een hond gekoppeld: een stel met hun zoon, een achtergelaten labrador, en nog een moeder met zoon. Die moeder liet vier parfumwinkels achter, waarvan er drie plat waren gebombardeerd. De zoon was de hele weg stil. Maar zijn moeder vertelde trots dat hij volleybalkampioen was.”

Wat je onderweg opvalt, is het netwerk van helpende mensen dat overal oppopt, zegt Tichelman. “Hotels geven korting, mensen stellen hun huis open en restaurants geven gratis eten weg.”

Maar er heerst ook veel spanning op de wegen, zegt Rietveld. “Door Hongaarse grenswachters werden we voor klootzakken uitgemaakt. Omdat we mensen mee hadden van wie niet alle papieren in orde waren. Ze foeterden ons uit, maar gaven uiteindelijk wel tijdelijke papieren mee, waardoor onze passagiers de EU in mochten. Bij het eerste moderne tankstation in Hongarije stonden lange files. Mensen waren aan het worstelen met verkeerde valuta en pinapparaten, en hadden ruzie met elkaar door de stress. Vanwege de oorlog wordt alles minder vanzelfsprekend.”

De hond werd als eerste gedropt, in Boedapest. “Dat was echt een mooi moment,” zegt Rietveld. “Zijn baasje had hem door de oorlog moeten achterlaten. Dat wij nu over landsgrenzen heen de hond met zijn baasje konden verenigen was echt fantastisch. Die hond was door het dolle heen toen hij zijn baasje zag.”

In de auto was het communiceren met handen en voeten, en Google Translate. Tichelman: “Ik kreeg de hele tijd telefoons in mijn handen gedrukt met vertaalde tekstjes: ‘Ik moet naar de wc,’ of: ‘Mijn zoon is allergisch voor knoflook.’ Maar ook: ‘We zullen jullie hulp niet onbeantwoord laten’.”

Rietveld: “We hebben ze op verschillende locaties gedropt. Nu maar hopen dat ze goed terechtkomen.”

Matthijs Bill Rietveld en ChiaraTichelman. Tichelman: ‘Ik kreeg de hele tijd telefoons met vertaalde tekstjes in mijn handen gedrukt.’ Beeld Daphne Lucker
Matthijs Bill Rietveld en ChiaraTichelman. Tichelman: ‘Ik kreeg de hele tijd telefoons met vertaalde tekstjes in mijn handen gedrukt.’Beeld Daphne Lucker

Fast Lane Ukraine

Om noodhulpgoederen naar Oekraïne te krijgen en vluchtelingen naar Nederland te halen, richtte Patrique Zaman (34) twee weken geleden het Amsterdamse vrijwilligersinitiatief Fast Lane Ukraine op. Dagelijks rijden ongeveer tien busjes met vrijwilligers en goederen richting Oekraïne. Zaman: “We hebben in twee weken tijd ongeveer 350 vluchtelingen opgehaald en meer dan vier ton goederen gebracht.”

Grote noodhulporganisaties als het Rode Kruis en Stichting Vluchteling adviseren om zelf geen spullen te brengen of mensen op te halen, maar om te doneren. Zaman begrijpt dat, maar vindt dat ook ‘kort door de bocht’. Zaman: “Een deel van de hulpvraag blijft nou eenmaal onbeantwoord. Wij springen in dat gat. Misschien is het niet het meest efficiënt. Maar wij komen op plekken waar de grote organisaties niet komen. En we handelen snel. Is er een medisch spoedtransport nodig, dan hebben wij binnen twee uur een rit geregeld.”

Volledig zicht op wie de mensen zijn die worden opgehaald, is er niet. “We checken onze chauffeurs en letten erop dat de mensen die worden opgehaald een netwerk in Nederland hebben. Maar we kunnen niet te rigide zijn als mensen een oorlog ontvluchten.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden