Plus Interview

De spionerende gier – en andere dierenverhalen uit het Midden-Oosten

Correspondent Olaf Koens (34) onderzocht de opmerkelijke relatie tussen mens en dier in het Midden-Oosten. Vrijdag verschijnt zijn boek. ‘Dieren kunnen mensen samenbrengen.’

Een vale gier in Artis. Terreur­organisatie Al-Nusra leverde ooit een van spionage verdachte soortgenoot uit aan het Israëlische leger. Beeld Teska Overbeeke

Midden-Oostencorrespondent Olaf Koens is net terug uit Kazachstan, van een reportage met ooggetuigen van de strafkampen in de West-Chinese provincie Xinjiang, waar naar schatting een miljoen Oeigoerse moslims zijn opgesloten. Binnenkort vliegt hij voor RTL Nieuws naar Irak.

Maar nu loopt hij door Artis, omdat deze week zijn boek Paarden vliegen businessclass verschijnt. Het zijn dierenverhalen uit het Midden-Oosten. Over dieren, maar daardoor indirect ook zeker over de mensen, het leven en de waanzin in de regio. Zo slaat de titel op een reportage die Koens maakte aan boord van een Boeing 777, met aan boord 69 paarden de enige andere passagiers. De dieren keerden terug naar Koeweit-City nadat ze vanwege de hitte een paar maanden in Nederland waren ondergebracht.

Je zou Koens’ boek ook kunnen zien als alternatieve gids voor een rondje Artis. Neem bijvoorbeeld de kamelen, de eerste dieren die je ziet als je de dierentuin binnenkomt. “Weet je hoe je kunt zien of het een mooie kameel is?” vraagt Koens. Het antwoord staat niet op het informatiebordje van Artis. “Aan de lippen. Kijk naar de lippen!”

Het exemplaar dat een paar meter verderop staat heeft weelderige, dikke, hangende lippen die alle kanten op gaan als hij zijn kaak beweegt. Aan de hand van die lippen kan hij in Qatar zomaar een schoonheidswedstrijd winnen. Tenminste, als de kameel een dromedaris zou zijn, maar de eenbultige variant hebben ze in Artis niet.

Olaf Koens. ‘Vaak vond ik een absurd verhaal, dat ik heel serieus ben gaan uitzoeken.’ Beeld Teska Overbeeke

Koens leerde de schoonheid van een dromedaris begrijpen in een buitenwijk van Doha, de hoofdstad van Qatar. Daar liep hij rond op een dierenmarkt, voor een onderzoek naar de cultstatus van dromedarissen in Qatar. Voor een bevolking die alles kan kopen, blijkt de dromedaris voor de Qatari’s een manier om verbinding te houden met het nomadenbestaan van hun grootouders. Via schoonheidswedstrijden voor dromedarissen dus, maar ook door dromedarisraces. Vanuit hun suv’s die naast het race­circuit in de woestijn staan geparkeerd, besturen de eigenaren hun dieren, door een op het zadel gemonteerde robot zweepslagen uit te laten delen.

Koens: “Er zijn ontzettend veel boeken over het Midden-Oosten geschreven, allemaal gortdroge politieke beschouwingen over de Arabische Lente, sjiieten en soennieten, de oorlog in Libanon, Syrië en ga zo maar door. Ik dacht: hoe kan ik de gekte van die hele regio nu uitleggen aan een publiek dat dit soort boeken niet leest. En dieren werken, dat zie je ook in het nieuws: dierenverhalen doen het altijd goed.”

Waarom is dat toch?

“Mensen zien iets van zichzelf in de dieren terug. Kijk naar die twee stokstaartjes die daar een beetje samen aan het frutselen zijn. Dan denk je toch ook even aan je eigen vrouw.”

Tegelijkertijd bent u in uw boek kritisch over de hoeveelheid dierenberichtgeving. Dat een als zebra geschilderde ezel in Egypte wereldnieuws is, maar niemand het heeft over de 75 Egyptenaren die de doodstraf krijgen omdat ze aan een protest hebben deelgenomen.

“Veel van die dierenverhalen gaan viral. Het wordt een keer ergens opgepikt en eindeloos doorgestuurd. Zonder dat iemand het echt uitzoekt. De formule van het boek is vaak geweest dat ik een absurd verhaal vond, en dat heel serieus ben gaan uitzoeken. Zo’n jongen van de zebra-ezel – die was nog nooit door een journalist benaderd.”

En dan zegt het vaak wel wat?

“Ja, neem het verhaal over de ooievaar die in Egypte werd gearresteerd. Hij had een gps-tracker, waardoor mensen dachten dat het een spion was. Waarom zijn de Egyptenaren zo paranoïde, waarom is er zo veel angst, waarom is iedereen ervan overtuigd dat er spionnen achter zitten? En er is nog iets waanzinnigs, dat een paar keer terugkomt in mijn boek. Ik heb van mijn vader altijd geleerd dat mensen die slecht zijn voor dieren, slechte mensen zijn…”

Een passerende gids van Artis die de laatste zin opvangt, maakt meteen een einde aan de discussie. “Dat wil niet zeggen dat mensen die goed zijn voor dieren, ook goede mensen zijn. Weet je wie ook goed was voor dieren? Adolf Hitler.”

Even verderop, bij de vale gieren, houdt Koens stil. Op de rotsen zit een paar met gespreide vleugels hun enorme spandwijdte te tonen. Als er een naar de andere kant van het hok vliegt, hoor je de wind suizen.

Koens vertelt over de door Israël bezette Golanhoogten en over hoe het Israëlische leger in 2017 een militaire operatie op poten zette om een onschuldige gier – beschuldigd van spionage – uit Syrië op te halen die in handen was gevallen van een terreurbeweging. “Ik kon niet geloven dat het Israëlische leger, geen kinderachtig leger, een gier ophaalt uit Syrië. En tegelijkertijd, dat zo’n commandant van al-Nusra dus wekenlang een gier heeft vastgehouden en verzorgd.”

Gezworen vijanden die opeens samenwerken vanwege een vogel.

“Dieren zijn in staat mensen samen te brengen, op plekken waar je het niet verwacht. En al-Nusra is echt een ­terreur­organisatie, het zijn mensen met bloed aan hun handen. Het laat ook zien dat zelfs moordenaars en oorlogsmisdadigers soms ook iets goeds doen. Het zijn niet allemaal altijd klootzakken.”

U was de eerste journalist die verslag deed van de plek waar vlucht MH17 neerstortte en dode papegaaien zag tussen de brokstukken. Heeft u overwogen daar ook een verhaal over te maken?

“Nee. Dit is echt een specifiek boek over het Midden-Oosten geworden. Ik was ook verbaasd dat er papegaaien en een paar honden, geloof ik, aan boord waren. Maar ik heb dat hoofdstuk lang geleden afgesloten. Ook een stukje zelfbescherming denk ik, omdat je er op een gegeven moment toch slecht van gaat slapen.”

Dus het is niet omdat het ongemakkelijk voelt om over dode papegaaien te schrijven, terwijl er ook zo veel gruwelijk menselijk leed is.

“Nee, maar daar ben ik wel beducht voor geweest bij dit boek. Het verwijt is misschien ook wel terecht. Waarom zou je je druk maken over dieren in een gebied waar het oorlog is, en waar mensen om het leven komen door geweld of honger en dorst. Daar heb ik ook altijd moeite mee gehad. Toen ik voor het eerst zag dat er een organisatie was die dieren uit de dierentuin in Mosul aan het redden was in oorlogstijd, terwijl er duizenden en duizenden mensen doodgingen, dacht ik ook: dat voelt verkeerd.”

Waarom zou je je dan tijdens een oorlog druk moeten maken om een dier?

“Ik heb een paar keer gesproken met een Egyptische dierenarts, die al jaren met gevaar voor eigen leven dieren uit oorlogsgebieden haalt. Hij zei: ik laat zien dat het kan. Ik krijg in een dag voor elkaar dat Hamas en Israël in overeenstemming zijn met elkaar, en jullie kunnen het niet? Waarom zouden er geen mensen gered kunnen worden? Kan niet? Heus wel.”

“Ik haal leeuwen uit Irak en breng ze naar een reservaat in Afrika waar ze weet ik hoeveel vierkante hectare tot hun beschikking krijgen. En jullie proberen mensen in de regio op te vangen en geven ze alleen een tentzeiltje mee. Wie is er dan verkeerd bezig?”

U schrijft: wanneer de mens zijn eigen soort aanvalt, bestaat er geen einde aan de gruwelijkheden die volgen. Is de mens wreder dan het beest?

“Zeker. Ik heb nog nooit een dier met een luchtmacht een andere dier zien bombarderen. Dieren sluiten andere dieren niet op in kampen.”

Inmiddels zijn we aangekomen bij de leeuwen in Artis. Het doet hem denken aan de leeuwen in Damascus, waarvan hij zich afvroeg of ze ooit mensen hebben gegeten. Hij kende de video’s van tegenstanders van Assad die levend voor de leeuwen werden gegooid. “Dieren voeren geen gevangen genomen dieren aan andere dieren ter vermaak, of wraak. Ze eten elkaar op, maar vooral omdat ze honger hebben. Dat is vrij legitiem. De wreedheid van de mens is ongekend.”

Olaf Koens: Paarden vliegen businessclass. Uitgeverij Nijgh & Van Ditmar, €21,50.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden