PlusReportage

De schoonheid en kracht van nummerreeksen, lijstjes en schema’s

null Beeld Daphne Lucker
Beeld Daphne Lucker

Toets 31553580 in op een oude calculator en hou hem ondersteboven: ‘obsessie’, lees je dan. In de tentoonstelling met die titel in Museum van de Geest vieren kunstenaar Jan Hoek en curator Hanne Hagenaars, zoon en moeder, de kracht van nummerreeksen, lijstjes en schema’s.

Edo Dijksterhuis

“Zo jammer dat we deze niet hebben,” zegt Jan Hoek. Hij houdt een printje omhoog met pin-ups waarvan de ontblote benen en borsten zijn gevuld met korte formules en cijfercombinaties, allemaal in een priegelig maar precies handschrift. “Dit is werk van Zdeněk Košek, een Tsjechische kunstenaar die dacht dat hij het weer kon beïnvloeden. Dagenlang zat hij in het raam en noteerde hij de vliegrichting van vogels, de temperatuur, de windrichting, eigenlijk alles wat hij zag. Hij gebruikte wat maar voorhanden was, ook seksblaadjes. Die plakte hij daarna op het raam om te communiceren met het weer.”

Hoek kwam deze meteorologische magie tegen toen hij onderzoek deed voor 31553580 (obsessie) voor nummers en schema’s, vanaf 22 september in Museum van de Geest in de Hermitage. De tentoonstelling stelde de kunstenaar samen met zijn moeder, curator Hanne Hagenaars. “Het Museum van de Geest vroeg mij voor een tentoonstelling over getallen, maar ik wilde het breder trekken. Niet iedereen heeft wat met getallen, maar we maken allemaal lijstjes. ­Vrijwel alles past in een schema, behalve het oplossen van liefdesproblemen. Bovendien is er een leger aan kunstenaars dat hiermee bezig is, zowel in het reguliere circuit als daarbuiten. In deze tentoonstelling hangen outsider-­kunstenaars naast Rijksakademie-alumni en huisvrouwen.”

Kuslijst van Lynn. Beeld jan Hoek
Kuslijst van Lynn.Beeld jan Hoek

“Anders dan je bij een tentoonstelling over ordening zou verwachten, zijn we zonder plan te werk gegaan,” zegt Hagenaars. “Het ging heel intuïtief, we hebben het als een rivier laten stromen.”

Wat mieren lekker vinden

Daarbij putte het tweetal uit eigen ervaring. Moeder en zoon zijn beiden toe­gewijde lijstjesmakers. Op de deur van Hagenaars’ thuiskantoor hangen post-its met suggesties voor avondvulling. In de tentoonstelling staat haar ouderwetse Rolodex, die ze over een periode van tien jaar ‘als een soort dagboek’ vulde met foto’s, krantenknipsels en tekeningen. “Jan was als kind nog wat obsessiever. Die hield lijstjes bij van wat mieren lekker vinden of de meest voorkomende wapens van de Teenage Mutant Ninja Turtles.”

Hanne Hagenaars vulde jarenlang een ouderwetse Rolodex met foto’s, krantenknipsels en tekeningen. Beeld Daphne Lucker
Hanne Hagenaars vulde jarenlang een ouderwetse Rolodex met foto’s, krantenknipsels en tekeningen.Beeld Daphne Lucker

“Later werden ze serieuzer,” vult Hoek aan. “Toen hield ik bij met wie ik had gezoend. En van al mijn vrienden noteerde ik hoe vaak ze me belden, appten of mailden. Volgens een complex systeem kende ik punten toe – bellen is meer waard dan appen – en kwam ik tot een rangorde.”

Lijstjes zijn een manier om je leven te inventariseren, stelt Hagenaars. “Zo’n opsomming kan een schuilplaats zijn, maar ook een controlemechanisme: je krijgt grip op de chaos. Lijstjes zijn vaak ook heel praktisch, waardoor je efficiënter dingen kunt doen.”

Dat geldt zeker voor het to-dolijstje, na het boodschappenbriefje waarschijnlijk de meest voorkomende opsomming. Michiel de Jaeger presenteert in de tentoonstelling een reusachtige collage van al zijn afgewerkte taakjes. Het is als een monument voor goed bestede tijd. “Dat geeft zoveel voldoening, zelfs als het niet je eigen klusjes zijn,” vindt Hoek. “Iedere keer als ik het zie, krijg ik een ­dopaminekick.”

De agenda van kunstenaar Laura Brody. Beeld Daphne Lucker
De agenda van kunstenaar Laura Brody.Beeld Daphne Lucker

Het werk van De Jaeger is nog herkenbaar als een verzameling rechttoe-rechtaanlijstjes, maar de ordeningsdrang kan allerlei vormen aannemen. Zo maakte Simon Evans een poster met miniatuur­afbeeldingen van al zijn bezittingen, tot zijn tandenborstel aan toe. Midden in de tentoonstellingszaal staat een zwart vaandel van Gijs Assmann met de woorden ‘Dood’, ‘Liefde’ en ‘God’ – “Het ultieme schema voor het leven,” volgens Hagenaars. En Tobias Tebbe werkt in zijn gedetailleerde tekeningen een compleet nieuwe wereldorde uit, waarbinnen rollen zijn weggelegd voor mysterieuze cijferreeksen, prinses Beatrix en een rabbijn als seksslaaf. Hoek: “Tobias schetst een wereld met andere landsgrenzen, waar niet Israël het beloofde land is, maar Vietnam. Zijn systeem is niet altijd begrijpelijk voor buitenstaanders, maar heeft wel een interne en sluitende logica. Dat doet je afvragen of onze kijk op de realiteit wel helemaal klopt.”

Werk van Satan

Omdat Hoek en Hagenaars aan de slag gingen zonder eerst criteria op te stellen, kwam het tijdens het samenstellen van de tentoonstelling weleens tot discussie. Hagenaars: “Zo wilde ik een schilderij opnemen van Kiki Smith, dat een vrouw voorstelt die omgeven wordt door sterren. Dat vond Jan geen schema. Maar Smith’ werk gaat over de beperkingen die zij ondervindt als vrouw en deze tentoon­stelling gaat ook over hoe we met systemen leven en er soms uitbreken. Met dat argument kon ik Jan overtuigen.”

Jan Hoeks pillenlijstje, door hem uitgerekend op z’n 27ste. Beeld jan Hoek
Jan Hoeks pillenlijstje, door hem uitgerekend op z’n 27ste.Beeld jan Hoek

Er was geen discussie over het A4’tje dat tijdens de coronaperiode op lantaarnpalen door de hele stad werd geplakt. Met ingewikkelde berekeningen in dikke, zwarte stift probeerde de maker Amsterdammers ervan te overtuigen dat het virus toch echt het werk van Satan is.

De pandemie heeft systematisch analyseren en organiseren – plus het duistere broertje complotdenken – in een ander daglicht gesteld. “Toen ging het continu over het R-getal en was iedereen plotseling een cijferexpert,” zegt Hagenaars. “Maar dat R-getal gaf een illusie van controle, iets waar de wetenschap vaker schema’s voor gebruikt. Kunstenaars zoeken dan weer de ontregeling en zaaien twijfel. Zoals Doerte Weber, die grafieken uit de coronatijd – aantallen ziekenhuisopnames, doden, gevaccineerden – op een handdoek printte. Die verbleekt na iedere wasbeurt iets verder en zo wordt de hardheid van cijfers aangepakt.”

Handgeschreven

Het aantrekkelijke van lijstjes en schema’s is volgens Hoek en Hagenaars dat ze meerdere doelen kunnen dienen en niet eenduidig zijn – precies zoals goede kunst. Door dingen op te schrijven, hoef je ze niet meer angstvallig in je hoofd te houden, je kunt ze ‘van je afschrijven’. Maar zwart op wit zijn hersenspinsels plots erg zichtbaar en aanwezig. En een opsomming van wat je hebt, doet of aspireert, legt ook bloot wat ontbreekt. “Het kan met lijstjes alle kanten opgaan,” beaamt Hagenaars. “Het is een manier om je eigen leven te inventariseren en soms een vorm van bezweren. Maar je kunt ook een alternatieve werkelijkheid creëren en jezelf overtuigen dat hij echt bestaat.”

Via een oproep in Het Parool werden Amsterdammers gevraagd hun eigen lijstjes aan de tentoonstelling bij te dragen. Hoek hoopt dat de presentatie nog meer mensen inspireert. “Het maken van lijstjes sterft niet uit, maar het verwatert wel. Het moet echt met pen of potlood op papier, dan gebeurt er iets met de handen en het hoofd. Als je een lijstje maakt op je telefoon, komt er van alles tussendoor. Maar als je het met de hand doet, bestaat er even helemaal niets anders. Dan kun je jezelf kortstondig verliezen in een schema.”

Jan Hoek en Hanne Hagenaars. Beeld Daphne Lucker
Jan Hoek en Hanne Hagenaars.Beeld Daphne Lucker

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden