PlusAchtergrond

De opkomst van het voedselbos: ‘Van de oogst houden we etentjes’

Ze poppen op onverwachte plekken in de stad op, tussen hoogbouw, langs de snelweg en midden in het Sarphatipark. Voedselbossen vol fruit, groenten en noten, aangeplant door actieve vrijwilligers. ‘Van de oogst houden we etentjes; dan komen zelfs de slapende leden opdagen.’

De voormalige Acta-tuin in Slotervaart.Beeld Antoinette Nausikaa

“Welkom in ons voedselbos,” zegt Sem Roefs (27) van MijnStadstuin, nadat hij via een modderig trapje een helling heeft beklommen. We kijken uit over een vlakte met goudgele grassen en hier en daar een fruitboompje. Een echt ‘bos’ zou je het niet snel noemen.

We zijn in de Tuinen van West, een rommelige rafelrand van de stad waar ruimte is voor experimenten op het gebied van stadslandbouw. Rondom het zogenoemde voedselbos staan caravans en schaftketen, en liggen hopen compost en houtsnippers. Achter ons raast de Westrandweg, maar in de zomer is daar niks van te zien, verzekert Roefs.

Op de 6000 vierkante meter grond die dit voedselbos telt, zijn de afgelopen 3,5 jaar talloze noten- en fruitbomen geplant, evenals struiken met bessen en eetbare planten. Het ‘bos’ is nu in winterstand, maar in de zomer hangen de bomen en struiken vol met vruchten, noten en bessen en gonst het er van de insecten, vogels en amfibieën.

‘Tuinbutler’ Friso van Overbeek (41), die elke week het voedselbos monitort, gaat iets verderop door zijn knieën en strijkt met zijn arm door de lucht. “Als je zo laag kijkt, zie je dat er overal fruitboompjes met stokjes en labels staan. Als die bomen straks een volwassen omvang hebben, raken ze elkaar net.” Hij pakt een takje van de duindoorn beet. “Deze zat afgelopen zomer nog bomvol sappige bessen.” Hij wijst op de hazelaar, robinia en tamme kastanje; nu nog tengere boompjes met kale takken, maar binnen een paar jaar robuuste bomen. Ook de ananasguave groeit goed. In de zomer konden Van Overbeek en Roefs al kruisbessen, olijfwilg­bessen, appelbessen, mispels, kweeperen en amandelen oogsten.

Grote diversiteit

Een voedselbos is een alternatieve manier van landbouw, waarbij een grote diversiteit aan eetbare gewassen in verschillende lagen wordt aangeplant: van een paddenstoelen- en kruiplaag tot een hoge bomenlaag. Het plukken van de noten en vruchten kost veel handenarbeid, een tractor laten oogsten is onmogelijk, maar idealisten denken dat het voedselbos de toekomst heeft.

Een winterkoninkje komt vlakbij in een fruitboom zitten. Even later zweeft er een buizerd in de lucht. Roefs, die zich al langer bezighoudt met de voedseltransitie: “Een voedselbos is misschien niet dé oplossing voor de problemen die we hebben – zoals het verlies aan biodiversiteit en extremere weersomstandigheden, maar het is wel een oplossing. In ons voedselbos zijn hoogteverschillen, er zijn struiken, bomen en we hebben een poel met riet. Al die verschillende biotoopjes trekken specifieke dieren aan. De kikkers eten slakken. Dat is mooi, want zo blijven die van de planten af. Egels en vogels helpen bij het bestrijden van slakken en rupsen.”

In de Tuinen van West wordt volop geëxperimenteerd met stadslandbouw.Beeld Antoinette Nausikaa

Het voedselbos is een vrij nieuw fenomeen in Nederland. Er wordt nog volop mee geëxperimenteerd. In Schijndel, Brabant, wordt op dit moment het grootste voedselbos van Europa aangelegd (twintig hectare) op initiatief van voedselbos­goeroe Wouter van Eck. Hij bracht het concept naar Nederland (zie kader) en legde eerder al een bos van twee hectare in Groesbeek aan. De oogst van dat laatste bos, dat nu elf jaar oud is, levert hij aan EkoPlaza, het Nijmeegse restaurant De Nieuwe Winkel en bierbrouwerij Nevel.

Ook de beheerders van het voedselbos in West gaan in de toekomst op zoek naar afnemers. Roefs: “Afgelopen zomer oogstte restaurant Fento uit de Foodhallen hier voor een exclusief diner en bierbrouwerij Oedipus heeft interesse om gewassen af te nemen om bier van te brouwen.”

Amsterdam telt nog meer voedsel­bossen, zij het allemaal relatief kleine.

De voormalige Acta-tuin aan de Johan Huizingalaan in Slotervaart bijvoorbeeld (halve hectare). In Noord ligt het voedselbos van NoordOogst (2500 m2). Maar ook dichter in het centrum zijn ‘voedselbosjes’ te vinden, zoals in het Sarphatipark en tuinparkcomplex Amstelglorie. Net over de gemeentegrens, in Spaarnwoude, ligt een van de grootste voedselbossen van de regio: Houtrak (zes hectare).

Weinig onderhoud

Een volgroeid, uitgebalanceerd voedselbos vraagt weinig onderhoud. Dat was de reden voor de tuinders van de Hof van Acta om de permacultuurmoestuin die er eerder lag om te vormen tot een voedselbos. Terwijl we thee drinken tussen de kruidenplanten schilt Irene Visch (57) een yacón, een Zuid-Amerikaanse vrucht die ze zojuist uit de aarde heeft getrokken. Ze deelt stukjes van de zoete vrucht uit aan de vrijwilligers.

Het voedselbos in de Tuinen van West in winterstand.Beeld Antoinette Nausikaa

Gideon den Tex (71) kwam zeven jaar geleden bij de club. Tuinieren leek hem na zijn pensioneren heerlijk. Via een oproepje op de site van de Vrijwilligers Centrale Amsterdam kwam hij bij de Hof van Acta terecht. “Er waren op dat moment helemaal geen mensen die iets van tuinieren wisten, ikzelf ook niet,” vertelt hij. “Iemand riep: ‘We moeten er een voedselbos van maken, dat is lekker makkelijk.’ Diegene was zelf een maand later weg, maar wij dachten: misschien heeft hij gelijk. Een permacultuurtuin kost heel veel onderhoud, een voedselbos op een gegeven moment niet meer.” Toch merken de vrijwilligers van dat laatste, nu, drie jaar later, nog maar weinig. “Het valt behoorlijk tegen,” zegt Den Tex lachend.

Visch wijst over de lengte van de tuin: “Moet je kijken hoe groot het is!”

Strenge leer

In de strenge leer zoals Wouter van Eck die aanhangt, wordt in een voedselbos nauwelijks ingegrepen. Er wordt niet geploegd, gemaaid, gewied of gespoten, wat veel geld scheelt. Zelfs water geeft Van Eck niet. De vrijwilligers van de Hof van Acta zijn gematigder in de leer.

Visch: “De eerste zomer dat we het voedselbos hadden, was het verschrikkelijk droog.”

Den Tex: “Toen hebben we in corvee water gegeven.”

Inmiddels zijn bij de Hof van Acta wél mensen betrokken die iets van tuinieren weten. Sommigen volgden zelfs een opleiding of cursus bij Wouter van Eck. Vrijwilliger Ineke Scholte (40) wijst op een moerbei, een honingbes, een vlier, een vijg, en appel- en perenbomen. “De amandel staat nu al in bloei,” zegt ze verbaasd als we voorbij lopen. Bij de kruidentuin bukt ze zich en stopt een blaadje in haar mond. “Argentijnse munt,” verklaart ze. “Die heeft een heel typische smaak.”

Waar in een moestuin vaak eenjarige planten groeien, worden in een voedselbos enkel meerjarige gewassen geplant waar je ieder jaar opnieuw van kan oogsten.

Halve hectare voedselbos aan de Johan Huizingalaan in Slotervaart.Beeld Antoinette Nausikaa

Vandaag gaan de vrijwilligers nieuw gearriveerde boompjes en struiken in de grond zetten. Ze staan klaar in witte plastic tasjes. Visch poot een kluit van een loganbes, een kruising tussen een braam en een framboos. Met haar handschoen duwt ze de aarde zachtjes aan.

De oogst nemen de vrijwilligers meestal zelf mee naar huis, of ze eten het samen op tijdens een diner. Zo maakte Scholte laatst een maaltijd van Nieuw Zeelandse spinazie met Oost-Indische kers, szechuanpeper, rozemarijn en salie. Visch, lachend: “Zelfs de slapende leden van de tuin komen bij dat soort etentjes opdagen.”

Ook op tuinparkcomplex Amstelglorie zijn vrijwilligers bezig om een voedselbos aan te leggen, al mag het zich officieel niet zo noemen omdat de afmetingen (200 m2) daarvoor te beperkt zijn. Wekelijks werken Olga van Steenwijk (48) en Anne de Wit (49) er op maandagochtend, met gekwetter van vogels op de achtergrond. De vrouwen kennen elkaar van de school van hun kinderen. Sinds september werken ze aan het voedselbos.

Op het eerste gezicht lijkt er weinig te staan, in het winterse bosje, maar als Van Steenwijk een paar stappen tussen het groen en de verdorde bladeren zet, wijst ze van alles aan: “Hier groeit venkel,” zegt ze, terwijl ze een plantje door haar hand laat gaan. “Dit is knoflook, daar zie je wilde spruiten, tuinboon, en er groeit ontzettend veel munt,” somt ze op. “Dit is brunel, dat kun je ook eten.” Er staan appelbomen, kweepeerbomen, vijgenboompjes en bessenstruiken. De eetbare bloemen die er groeien (goudsbloem, teunisbloem, maarts viooltjes) gebruikt Van Steenwijk tijdens haar workshops ‘wildkoken’ met kinderen. “Daarvan maken we zoete kruidenboter,” vertelt ze.

Iets verder buiten de stad, in de Houtrakpolder, wordt een voedselbos van zes hectare aangelegd op grond van Staatsbosbeheer, met subsidie van Greenchoice. Het bos is speciaal aangelegd voor bewoners van Amsterdam, Haarlem en Zaandam, om er voor eigen gebruik te komen plukken. Volgens landschapsarchitect Jelle Fekkes (48), die de vrijwilligers in dat bos aanstuurt, is dit robuuste voedselbos een welkome aanvulling op vormen van stadslandbouw zoals die nu vaak uitgeoefend worden. “Het is voor stedelingen leerzaam om te zien hoe andijvie in een bak groeit, maar qua biodiversiteit ga je met dat soort projecten de wereld niet redden. Kinderen leren in een moestuin nu dat planten met een gietertje water moeten krijgen, en soms wat mest, terwijl het veel beter met de natuur gaat als je haar met rust laat. Dat is beter voor het bodemleven en voor de biodiversiteit.”

Beeld Antoinette Nausikaa

Fekkes helpt met zijn adviesbureau onder andere boeren die een voedselbos willen aanleggen. Volgens hem is de kracht ervan het extensieve karakter. “Het economische rendement is groot want je hoeft niet te investeren in grote landbouwmachines, en bespaart op mest, gewasbeschermingsmiddelen en water. De netto productie lijkt op termijn bovendien groter dan in de reguliere landbouw.”

Drie terpen

Zelfs in het Sarphatipark is een voedselbosje te vinden, achter het Groen Gemaal. Bij het water liggen drie ‘terpen’ waarop onder andere druiven, aardbeien, bramen, bessen, kiwi’s, mispel, appels, peren en knoflook groeien. “Deze voorste terp is beplant met kruiden,” wijst Stefan Lemmers (59). “Rozemarijn, oregano, lavendel, citroenmelisse en bieslook.”

Lemmers maakte het ontwerp en het beplantingsplan voor dit voedselbos, dat twee jaar geleden werd aangeplant tijdens NLDoet. Nog datzelfde jaar konden de vrijwilligers ervan oogsten. Lemmers: ‘Tegen de tijd dat er geoogst kan worden, gaan de vrijwilligers er met een schaaltje naartoe.”

Met het voedselbos hoopt Lemmers aan buurtbewoners te laten zien dat een voedselbos ook klein kan zijn. “Het is hier niet groot, maar er staat wel veel.”

Alles is eetbaar

“Alles hier is eetbaar,” zegt beroepstuinder Marijke Droog (64) als we midden in het voedselbos NoordOogst staan. Dit voedselbos (2500 m2) ligt in het uiterste puntje van Noord, aan de Meteorenweg. Het werd in 2015 aangeplant en geeft al behoorlijk wat oogst. Droog knielt bij vetplantjes met daarbij het bordje ‘Hemelsleutel’. “Dit is sedum. Bijna niemand weet dat je dat ook kunt eten,” zegt ze geheimzinnig. ‘Voedselboswachter’ van NoordOogst, Arja Helmig (42), die zich voor haar ontwerpbureau verdiept in voedselbossen, plukt een blaadje en stopt het in haar mond. “Het smaakt een beetje slijmerig. Niet heel lekker, maar ik denk wel dat het gezond is.”

Het voedselbos van NoordOogst (2500 m2) aan de Meteorenweg in Noord.Beeld Antoinette Nausikaa

Het voedselbos is onderdeel van Stadstuinderij NoordOogst. Mensen met een abonnement mogen hier zelf komen oogsten uit de groentebedden, en als het voedselbos vol hangt, mogen ze óók daar plukken. Om die reden zijn overal bordjes met namen van de gewassen neergezet. Soms verkoopt Droog de opbrengst aan restaurants, zoals Entrepot, Pakhuis de Zwijger en pannenkoekenrestaurant Proost & Stroop.

Het belangrijkste doel van het voedselbos van NoordOogst is educatie. Ook hopen de initiatiefnemers andere Amsterdammers te inspireren. Helmig: “Er wonen steeds meer mensen in de stad en dat gaat alleen maar toenemen. Het is mooi als wij in ons eigen voedsel kunnen voorzien. We hopen dat er nog veel meer voedselbossen komen, er zijn nog genoeg plekken waar dat kan.” 

Voedselbos in Nederland

Een voedselbos is een door de mens ontworpen systeem, gericht op duurzame voedselproductie. Het ontwerp van een voedselbos is geïnspireerd op de opbouw van een natuurlijk bos zoals we dat in Europa op enkele plekken nog aantreffen. In Azië en Afrika is het voedselbos een bekender landbouwsysteem dan in Nederland. 

Wouter van Eck (54) is degene die het voor het eerst in ons land uitprobeerde. Hij had tijdens zijn werk in Kenia een voedselbos op een helling zien liggen. “Het was een kakofonie van insecten en vogels, en anders dan op andere plekken spoelde de aarde daar niet weg door het regenwater.” Terug in Nederland besloot Van Eck het uit te proberen met voedselbos Ketelbroek (Groesbeek).

Fotograaf Antoinette Nausikaä (1973) werkt vaak op plaatsen waar natuur en stedenbouw met elkaar verweven zijn. Door middel van fotografie, video, tekenen en beeldhouwen zoomt ze in en uit op situaties, gebeurtenissen en patronen in een bepaalde omgeving. Op deze manier wil ze laten zien dat dingen onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn en elkaar over en weer beïnvloeden. En dat er niet zoiets bestaat als een enkel perspectief op een onderwerp.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden