Boven tafel

De nieuwe basilicum: za’atar

Culinair journalist Mara Grimm probeert wekelijks een culinaire trend boven tafel te krijgen. Deze week: za’atar.

za'atar. Beeld -

Helden vallen bij mij niet zo snel van hun voetstuk. Maar toen ik op Ottolenghi’s Instagram een foto van een bord pasta met za’atar voorbij zag komen moest ik drie keer slikken. Niets mis met een beetje culinaire vernieuwing, maar van pasta blijf je af. Mijn inner Italiaanse oma wilde dan ook onmiddellijk mijn complete collectie Ottolenghi-kookboeken de gracht in gooien.

Maar ja, dat was ook weer zo radicaal. En dus besloot ik het eerst maar eens te maken. Het was negen uur ’s ochtends, dus op zich een prima tijdstip voor een bord pasta. Bovendien: hoe bizar de combinatie ook klonk, ik heb behalve een zwak voor pasta ook een voorliefde voor za’atar.

In dat laatste sta ik niet alleen, want za’atar is in ­Nederland al een paar jaar hard op weg de nieuwe basilicum te worden. Over wat het precies is, bestaat trouwens nogal wat verwarring. Dat komt omdat za’atar niet alleen de naam is van een kruidenmengsel uit het Midden-Oosten, maar ook de naam van het kruid dat als ­basis dient voor dit mengsel. Dat kruid lijkt op een soort wilde tijm en heeft een sterke, kruidige, aardse smaak. Ik at het ooit als salade: ongelooflijk lekker.

Om de verwarring compleet te maken verschilt de samenstelling van het kruidenmengsel ook nog eens per land, al zit er bijna altijd sesam en sumak in. Bovendien wordt de za’atar zelf negen van de tien keer vervangen door oregano of tijm, want daar is het familie van. Hoe het ook zij, ik heb nog nooit vieze za’atar ­geproefd. In het Midden-Oosten wordt deze kruidenmix dan ook op talloze manieren gebruikt: het wordt meegebakken in brood, maar ook met olijfolie gemengd om te gebruiken als dip of als smaakmaker bij geroosterde kip of vis.

In Nederland moest je aanvankelijk goed zoeken voor wat za’atar, maar tegenwoordig koop je het gewoon bij de Appie. Bovendien gebruiken we het allang niet meer alleen in Ottolenghi-gerechten. Laatst kreeg ik het ­ergens in een smoothie. In Dubai at ik croissants met za’atar. In Londen zat het in het beslag van mijn fried chicken. En nu was er blijkbaar zelfs pasta cacio e pepe met za’atar.

Dus daar ging ie, een gulle hand za’atar over mijn bord dampende pasta. Ik moest per slot van rekening kunnen onderbouwen waarom er opeens allemaal Ottolenghi-boeken in de gracht dreven. Het liep anders. Sterker nog: het was lang geleden dat ik zo’n gruwelijk lekkere pasta at. Noem het de nieuwe fusion. Noem het een nieuwe klassieker. Noem het hoe je het wilt. Maar mijn inner Italiaanse oma heeft vanaf nu een Arabische minnaar – en het vuur is nog lang niet gedoofd.

Mara Grimm (1979) is culinair journalist en food trendwatcher. Elke woensdag schrijft ze een column over de laatste culinaire trends. Klik hier om haar andere columns te lezen. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden