De levende duif probeerde met de dode duif te paren. André keek het onbewogen aan

PlusMaarten Moll

Maarten Moll

André zat er maar eenzaam en alleen bij op zijn kruk. Met z’n hoedje op.

We keken naar hem vanaf het terras van de kroeg op de hoek van de Albert Cuyp en de Eerste Sweelincksraat. Het landerige uur tussen een en twee op een vakantiedag.

Iedereen liep aan het standbeeld voorbij. Onhoorbaar bleef André in zijn microfoon zingen.

“Wanneer is hij eigenlijk gestorven?” vroeg Oudste Dochter en nam vervolgens een grote hap appeltaart (zo ongeveer de beste in de stad).

Ik wist het niet.

“In 2004,” zei ik even later, en ik legde mijn telefoon op het tafeltje.

“Toen was ik drie.”

Even voelde ik heel erg mijn eigen sterfelijkheid. Er moest nog wel het een en ander gebeuren voor ik in brons zou worden gegoten.

“Kijk daar dan,” zei Oudste Dochter.

Schuin voor André lag een duif op de straat.

De duif bewoog niet.

“Doif is dood,” zei ik met een stemmetje.

Oudste Dochter keek me aan alsof ik Gekke Gerritje was.

“Toon Hermans.”

“Wie?”

“Toon Hermans.”

“Wat is er met Toon Hermans?”

“Die had een act met een dode duif.”

“Toon Hermans?”

“Ja. Ook alweer een tijd dood.”

“Nooit van gehoord.”

“Wat ruist daar door het struikgewas,” zong ik nogal vals.

“Hè?”

“Laat maar,” zei ik.

“Niet meer zingen, pap.”

Ik nam een slok tomatensap. In een opwelling besteld. Tussen mijn laatste slok en deze groeiden twee dochters op.

Een meisje ging door de knieën en wees met een vingertje naar de duif, maar werd er vervolgens hard bij weggetrokken. Verder werd de dode duif, net als André, compleet genegeerd.

Ik zocht op mijn telefoon naar een filmpje met Toon Hermans.

“Pap!”

Ik keek op.

Oudste Dochter wees.

“Oh, dit moet ik filmen,” zei ze en ze greep naar haar telefoon.

Op de dode duif was een levende duif gaan zitten.

Hij fladderde zoals iemand met zijn armen zwaait als hij ergens vanaf dreigt te vallen.

De levende duif probeerde met de dode duif te paren.

“Een necrofiele duif!” gilde Oudste Dochter.

Een andere duif kwam de misbruiker wegjagen.

André keek het onbewogen aan.

Iemand had in de tussentijd een lege beker over zijn microfoon gehangen.

Een langslopende man met lange haren pakte de beker er in een vloeiende beweging weer van af en gooide hem verderop in een vuilnisbak.

Er droop aardbeienmilkshake langs de microfoon van André.

Er gebeurde een hele tijd niets.

De duif bleef liggen.

Een echtpaar op leeftijd maakte een selfie met André.

Daarna gebeurde er weer een hele tijd niets.

Ik zakte nog een beetje onderuit.

De tijd was van dikke stroop, en dat was goed.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden