PlusReportage

De gebarenrondvaartboot vaart geruisloos door de grachten

‘Je ziet ze langs de kant met een blik van: hé, wat gebeurt daar?’Beeld Renate Beense

De eerste gebarenrondvaartboot ter wereld vaart door de Amsterdamse grachten. Oprichter en kapitein is Rudy Plijter (44), zelf ook doof. De boot valt op door het enorme logo en de geruisloze actie aan boord. ‘Mensen aan de kade maken allerlei zelfverzonnen gebaren naar ons.’

Op een krappe aanlegsteiger in het centrum staan drie mannen. Ze kijken naar een bootje dat in de gracht dobbert. Een van de mannen draagt een kapiteinspet en gele zonnebril. Dat is Rudy Plijter, oprichter en kapitein van de Gebarenboot, waarmee hij met slechthorenden en doven door de Amsterdamse grachten vaart. Naast hem zitten goede vriend en mede-eigenaar Wim Nouwen (57) en opstapper Dick Kerkhoven (75). De mannen zijn alle drie doof, ze communiceren met elkaar via gebarentaal en liplezen.

Plijter stapt voorzichtig zijn boot in, steekt een hand uit om de anderen aan boord te helpen. Het is een licht, smal bootje; wanneer je opstaat om te verzitten, kapseist de boot bijna. Plijter zegt daarom uit voorzorg: blijf maar gewoon op je plek zitten. Hij is toch eindverantwoordelijk. Op de zijkant van de boot staat in grote, zwarte letters ‘Gebarenboot’. Onder het stuurwiel is het logo van de boot afgedrukt: twee handen bijgestaan door de drie andreaskruizen.

Het is vrijdagmiddag, het is koud en er staat een straffe wind. Plijter vaart liever in de zomer, maar varen is varen, en zolang het water niet bevriest, zit Plijter op zijn boot. Hij neemt plaats achter het roer, zet zijn pet recht en zegt in gebarentaal: ‘Welkom op de Gebarenboot. We gaan vandaag door de grachten varen en ik vertel wat over de stad.’ Hij start de motor en vaart via de Lijnbaansgracht de Bloemgracht in. Nouwen: “Deze gracht vinden vooral toeristen mooi. Ze weten niet wat ze zien. De mooie huizen, gevels en bruggen. De woonboten links en rechts. Je kunt het de Bloemgracht noemen, de meeste toeristen die bij Rudy op zijn boot zijn geweest, spreken van de Plijtergracht.” Hij lacht naar Plijter. “Hij weet er alles over te vertellen.”

Dick Kerkhoven moet op de bank liggen om zijn hoofd niet te stoten tegen de brug. Beeld Renate Beense

Nouwen overdrijft niet. Plijter heeft geen voorzet of vraag nodig om uitgebreid en vol enthousiasme te vertellen over de Bloemgracht en de Jordaan. Hij wijst naar de woningen langs de gracht. “De balken met haken die boven de historische huizen uitsteken, hebben een functie. De trappen van deze huizen zijn heel smal en daarom kun je niet binnendoor verhuizen. Een bank past al niet door de trap. Dus moet het op een andere manier. Via een takel die ze vastmaken aan de haak, wordt de hele inboedel omhoog gehesen.”

Plijter is blij dat de aanwezigen op de boot naar hem blijven kijken tijdens de uitleg. “Wanneer ik opvarenden dit verhaal vertel, kijkt iedereen meteen omhoog richting die verhuishaken of naar een takelwagen, als die er staat. Dan heeft gebaren geen zin meer.”

Het is een bijzonder gezicht om Plijter te zien varen op zijn boot. Aan boord is het helemaal stil. Helemaal buiten de zomer, wanneer het rustig is op het water, geeft dat de rondvaart een zekere sereniteit. Je hoort het water in ritmische cadans tegen de zijkant van de boot klotsen, het verkeer, de meeuwen.

Plijter is druk aan het gebaren. Kerkhoven en Nouwen doen net zo actief mee. Het is een groot contrast met de handvol passerende boten vol toeristen die met luid geschreeuw door de grachten varen.

Het is niet zo dat alleen doven en slechthorenden met Plijter meevaren. Ook mensen die geen gebarentaal kennen, boeken regelmatig een tocht bij hem. Een gesprek voeren met Plijter is mogelijk, hij kan goed liplezen en zachtjes praten. Maar zodra het hard waait of regent, of drukker wordt op het water, is het moeilijker hem te verstaan. Plijter: “Iedereen aan boord moet een beetje geduld hebben. Langzaam praten, duidelijk articuleren.”

‘Plijter weet alles over de grachten te vertellen.’Beeld Renate Beense

Het begon in het weekend

Afgelopen zomer heeft Plijter zijn Gebarenboot ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. Daarvoor heeft hij twee jaar lang proefgevaren. In het weekend, want doordeweeks werkt hij als meubelmaker bij Ikea. Hij wist niet zeker of er voldoende belangstelling zou zijn.

Hoewel iedereen welkom is op zijn boot, richt hij zich natuurlijk op doven die gebarentaal spreken. Dat is een kleine groep, in Nederland zijn ongeveer 15.000 mensen prelinguaal doof (doof voordat de ontwikkeling van gesproken taal op gang is gekomen).

Toch trok zijn boot veel belangstelling. Ook binnen Dovenschap, een hechte en actieve vereniging voor doven in Nederland, waar Nouwen en Plijter ook lid van zijn, werd de naam van zijn boot steeds vaker genoemd.

Plijter kocht ongeveer vijf jaar geleden een boot, maar was nog niet van plan er ook commerciële rondvaarten mee te organiseren. Voor hem was het logisch dat hij een boot kocht. Hij woont in een stad vol grachten en is opgegroeid met boten om zich heen. Met zijn vader ging hij vaak het water op, zomaar of om te vissen. Of te waterskiën. Pas na een poos dacht Plijter: waarom ga ik geen rondvaarten geven?

“Er wordt zo weinig georganiseerd voor doven en slechthorenden, ook in grote steden. Het zit niet in ons systeem om daar rekening mee te houden. Ook op rondvaartboten: via een oortje krijg je informatie over de stad, er is geen doventolk aanwezig. Ook zit je vaak in een heel grote groep, waardoor de intimiteit wegvalt. Dat is lastig wanneer je in gebarentaal wil communiceren.”

Dus begon hij de Gebarenboot. Het idee: varen in kleine groepen, zodat iedereen zich op zijn of haar gemak voelt. En dan vertellen over de stad en haar geschiedenis, zoals ze ook doen bij andere rondvaartboten.

De Gebarenboot is licht en smal, wanneer je opstaat om te verzitten, kapseist hij bijna.Beeld Renate Beense

In het dovencafé leerde hij in die periode Wim Nouwen kennen. Een handige man, werkzaam bij een bank. De twee hadden direct een klik, en Nouwen was enthousiast over de plannen van Plijter. Ook hij hield van varen en boten, en is naar eigen zeggen een schipperskind. “We varen zo zelfs langs een woonboot waar ik tot op mijn zesde heb gewoond, aan de Brouwersgracht.” Waar Plijter vooral gewoon wil varen, verzorgt Nouwen de zakelijke kant: promotie, communicatie, subsidies aanvragen (nog niet gelukt) en marketing. En hij vaart in het weekend geregeld een rondje mee.

Plijter vaart door de Bloemgracht, langs het Anne Frank Huis naar de Brouwersgracht, waar hij vertelt over de grachtenpanden die vroeger dienstdeden als pakhuis. Dan terug naar de Prinsengracht, waar hij tussen de woonboten vaart en hier en daar naar binnen kijkt of zwaait naar de bewoners, die hem inmiddels kennen.

“Aan de huizen in de grachtengordel was vroeger te zien wat het beroep van de bewoner was,” zegt Plijter. “Bij veel huizen was namelijk een plaquette met een afbeelding van een ambacht te zien. Je wist precies waar een smid, bakker of goudsmid woonde. Zo’n plaquette gaf status en aanzien, alleen een huisnummer was niet genoeg in die tijd.”

Eenmaal op de Singelgracht doemt in de verte volgens Plijter de laagste brug van Amsterdam op. De brug is inderdaad erg laag, ziet ook Kerkhoven, die tot dusverre vrij kalm naar de verhalen van Plijter heeft geluisterd, maar zich nu onder luid gelach plat op de bankjes neerlegt om zijn hoofd niet tegen de brug te stoten. Het past net.

Rudy Plijter, oprichter en kapitein van de Gebarenboot.Beeld Renate Beense

Warme chocolademelk

Tijdens de tocht, die ongeveer een uur duurt, gebaren mensen die langs de grachten lopen of fietsen aan de lopende band naar de boot. “Je ziet ze gewoon met een blik van: hé, wat gebeurt daar,” zegt Plijter. “Omdat de naam van de boot groot op de zijkant staat, leggen ze snel de link met doven en slechthorenden. Mensen gaan dan allerlei gebaren maken, meestal zelfverzonnen, maar het is heel leuk.”

De weekenden van Plijter raken steeds meer volgeboekt, maar hij houdt het voorlopig nog vol om het te combineren met zijn baan bij Ikea. Via zijn site, WhatsApp of Facetime stromen de reserveringen binnen. Plijter is de moeilijkste niet. Een, twee of drie uur: alles kan.

Hij heeft een paar vaste tochten, maar vaart op verzoek ook andere routes. Een uurtje varen kost 15 euro per persoon. Groepen betalen 12 euro per persoon per uur. Er is plek voor acht mensen.

Een groot deel van zijn klandizie is toerist: Amerikanen, Brazilianen, Vietnamezen, Polen. Makkelijk, want gebarentaal is grotendeels universeel. Vaak hebben die toeristen Plijter online gevonden voordat ze naar de stad kwamen, positief verrast dat er zoiets bestaat in Amsterdam.

Nouwen: “Dat hebben ze nog niet eerder meegemaakt. Voor zover wij weten, zijn we de eerste gebarenboot in de wereld. Sowieso de eerste in Europa.”

Plijter maakt een snel rekensommetje. “Er zijn 20 miljoen doven in de wereld en 350 miljoen mensen met gehoorverlies. Jaarlijks bezoekt een klein percentage daarvan Amsterdam en dan weten ze mij te vinden. Dat maakt mij heel trots.”

De mannen naderen de aanlegsteiger aan de Lijnbaansgracht. De kapitein had nog wel een uurtje kunnen doorvaren; aan de andere kant: zijn handen bevriezen langzaam, hij snakt naar een warme chocolade­melk.

Plijter zit vol plannen. Nu er steeds meer mensen van zijn rondvaarten hebben gehoord, wil hij graag uitbreiden naar een andere boot. “Een upgrade. Groter, breder, stabieler. Rolstoelvriendelijk. En met verwarming. Die hoop ik volgend jaar te kopen.”

Nouwen: “En dan investeren we nog meer in de naamsbekendheid. Hopelijk krijgen we subsidie.” Plijter: “Dan kan ik dit misschien wel fulltime gaan doen.” 

Dick Kerkhoven (links), daarnaast mede-eigenaar van de Gebarenboot Wim Nouwen.Beeld Renate Beense
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden