PlusBeeldspraak

De Franse voetbalsatire Coup de tête is 40 jaar later nog net zo relevant

De bal rolt, de kruidenier rekent zich rijk en wij staan te juichen. De dorpsrel uit de Franse voetbalsatire Coup de tête heeft niets aan betekenis ingeboet.

Coup de tete. Beeld -
Coup de tete.Beeld -

Mussolini Dux. Het staat er echt: Mussolini Leider. De woorden zijn in reusachtige kapitalen uitgehouwen in een zuil van 300 ton wit marmer: MVSSOLINI DVX. De obelisk markeert het centrum van het Foro Italico, het sportcomplex dat de Italiaanse fascistenleider Benito Mussolini in Rome liet bouwen voor de Olympische Spelen van 1940.

Die spelen gingen niet door, er kwam een wereldoorlog tussen. Maar het complex is nog steeds in gebruik: vanavond speelt de Italiaanse voetbalploeg er zijn tweede wedstrijd in het Europees Kampioenschap. Dat kon vorig jaar ook niet doorgaan. Een catastrofale virusuitbraak maakte onbekommerd balspel onmogelijk.

Afgelopen vrijdag werd het uitgestelde EK in Mussolini’s stadion geopend met een optreden van Andrea Bocelli, die een mopje Puccini ten beste gaf. Na de tenor volgde een ­bizarre bijdrage van het in pixels nagebootste hoofd van stadionmessias Bono, dat galmend boven het veld zweefde. Hij was er niet bij maar zong desondanks: ‘Wij zijn de mensen op wie we hebben gewacht.’ Wablief? Op wie hebben jullie gewacht? Waar had dat warhoofd van Bono het in vredesnaam over?

Tussen de Lazio-aanhang

Tijdens de uitvoering van het officiële EK-wachtkamerlied dwaalden de gedachten onwillekeurig af naar een ander hoofd, dat twintig jaar eerder ook boven Mussolini’s maaiveld uitstak. Voor u mij van fanatisme verdenkt moet genoteerd worden dat ik geen groot liefhebber ben. Ik bezocht in mijn leven slechts één voetbalwedstrijd. Maar die werd wel gespeeld in dat stadion in ­Rome.

Het markante hoofd dat toen boven het maaiveld uitstak behoorde toe aan Jaap Stam, die in dienst van SS Lazio Roma in de Champions League tegen zijn oude ploeg PSV Eindhoven uitkwam.

We waren destijds in Rome om ons aan de kunsten, het zoete leven en cinefiele genoegens te laven, maar konden als geboren ‘Eindhovianen’ moeilijk verstek laten gaan bij die wedstrijd. De op straat gekochte tickets plaatsten ons aan de zijde van de beruchte Lazio-aanhang. De ultras zongen valser dan Bono, maar maakten er tekstueel ook een potje van. Daar heb ik niets van gezegd. Ik was niet in functie en soms moet een criticus er het zwijgen toe doen.

Op weg naar het stadion herkende ik de marmeren standbeelden rond de olympische atletiekbaan uit Mario Bava’s fraaie thriller La ragazza che sapeva troppo (Het meisje dat te veel wist, 1963). Tijdens de wedstrijd herkende ik alleen Jaap Stam. De Rots van Kampen ging lekker, ­Lazio won met 2-1. Een paar weken later vernamen we dat Stam in de Italiaanse competitie een strafschorsing kreeg, omdat hij op het gebruik van nandrolon was betrapt. Hadden wij hem op de dope zien spelen?

Ik kan niet beweren dat de schellen van mijn ogen vielen. Voetbal is veelomvattend, dat is tijdens het huidige EK weer zonneklaar. Er gebeurt elke dag wat en iedereen vindt daar iets van. Dat maakt internationale toernooien onweerstaanbaar, ook voor een gelegenheidskijker. Volkomen ongeschoold ben ik niet, want als voetbal veel is, dan is film nog meer. Voetbal op film is Patrick Dewaere op de grasmat van Trincamp in Coup de tête (Kopstoot, 1979).

Moraal en ethiek

De sociale satire werd geregisseerd door Jean-Jacques ­Annaud en geschreven door Francis Veber. Dat zijn geen kleine jongens in de Franse filmwereld, maar de heren ontberen de fanatieke aanhang die Dewaere ten deel viel. De acteur met het markante smoelwerk brak door naast ­Gérard Depardieu in de kostelijke provocatie Les valseuses (De kloten, 1974) en speelde tot zijn zelfmoord in 1982 een imposante reeks opstandige en onweerstaanbare charmeurs.

Bij de voetbalclub van het fictieve dorp Trincamp wordt de rebelse inborst van de reserve-aanvaller echter niet gewaardeerd. Hij wordt uit het team gezet, verliest zijn baan in de ­fabriek van de voorzitter en belandt in de gevangenis voor een zedenmisdrijf dat door de sterspeler werd gepleegd. Wanneer de spelersbus voor een belangrijke wedstrijd uit de bocht vliegt, wordt het ongewenste sujet prompt vrijgelaten om de eer van Les Bleus te redden.

Met Dewaere in de hoofdrol is het geen verrassing dat de wraak van de ­genaaide verlosser zoet zal zijn: natuurlijk wint hij de match en krijgen de voorzitter, de lokale sponsors en de corrupte autoriteiten hun trekken thuis.

Wat veertig jaar geleden werd beschouwd als een geinige afrekening met de provinciale moraal en kleinburgerlijke hypocrisie, is nog altijd van toepassing op de internationale voetbalwereld. Moraal en ethiek zijn ook rekbaar wanneer er geen grijpstuivers maar miljarden op het spel staan. Daarom voert de weg naar het omstreden WK in ­Qatar langs het stadion van Mussolini Dux. Mensenrechten? Hou toch op man. Het is voetbal. Het is Oranje. Spelen!

Coup de tête verscheen in Frankrijk op blu-ray bij Gaumont met Engelse ondertitels.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden