Plus

Daniel Arends is stampende kleuter die zijn gelijk wil halen

Aanvankelijk lijkt Arends wederom die diepte op te zoeken, maar De Afterparty is veel minder sterk dan zijn vorige twee programma's.

Mike Peek
Arends lult zich vast in misschien wel de zwakste conference uit zijn carrière Beeld ANP
Arends lult zich vast in misschien wel de zwakste conference uit zijn carrièreBeeld ANP

Op twee derde van zijn rommelige en rammelende betoog schudt Daniël Arends een prachtig begrip uit zijn mouw: de bindingsspier. Je moet hem trainen om contact te kunnen leggen. Doe je dat niet, dan wordt samenzijn steeds lastiger.

Arends heeft er een naargeestig sketchje bij, waarin een relatieloze dertiger van prooi naar prooi waggelt. Hij botviert lusten, maar vindt nergens voldoening. Zijn bindingsspier lijkt afgestorven.

Dat donker-poëtische intermezzo komt enigszins uit de lucht vallen, want verder zaagt Arends planken van heel dik hout. De Afterparty is veel minder sterk dan zijn vorige twee programma's, waarin hij de hypocrisie blootlegde die ten grondslag ligt aan ieders meningen en het gat tussen imago en identiteit verkende.

Aanvankelijk lijkt Arends wederom die diepte op te zoeken. Hij begint met een verhaal over zijn afkeer van 'gezelligheid' en wat we allemaal doen om dat typisch Nederlandse verschijnsel in stand te houden. Pretenderen dat er niets aan de hand is terwijl er wél iets aan de hand is, bijvoorbeeld.

Racisme
Gezelligheid gaat te vaak over het negeren van onderlinge verschillen om de utopie van samenzijn in stand te houden. Maar verbinding op basis van leugens is natuurlijk geen echte verbinding.

Mooi, maar vervolgens lult Arends zich vast in misschien wel de zwakste conference uit zijn carrière. Hij kijkt wat weemoedig terug op de tijd dat je nog negergrappen mocht maken. Die grappen gingen immers helemaal niet over negers, maar over racisme.

Dat ze desondanks kunnen kwetsen, komt blijkbaar niet in hem op. Dat ze ongeacht hun bedoeling bijdragen aan het in stand houden van een onwenselijke maatschappelijke hiërarchie ook niet. Arends zoekt de confrontatie door te impliceren dat er kwetsender zaken zijn dan racisme.

Het is toch erger, stelt hij, als je bij een nachtclub wordt geweigerd om wie je bent dan om je ras? Een vreemde redenering. Aan je persoonlijkheid kun je werken. Aan je ras niet.

Kleuter
Hij eindigt het blok met een tirade. Mensen die het niet met hem eens zijn (en dus ongelijk hebben) moeten maar lekker thuisblijven. Ze horen niet in zijn zaal. Op dat moment is Arends een kleuter die stampvoetend zijn gelijk probeert te halen. Hij metselt zijn voordeur dicht en sluit zich af voor kritiek of zelfs maar dialoog. Dat staat volledig haaks op zijn verlangen naar werkelijk contact, op basis van begrip voor onderlinge verschillen in plaats van afvlakkende gezelligheid, waar De afterparty uiteindelijk over gaat.

Hij herpakt zich enigszins met een sterk verhaal over de moeilijkheid van eenwording. Meermaals forceert hij de lach met gekke stemmetjes en rare bekken. Zelfs een Arends die niet in topvorm verkeert heeft aan zijn timing en een stapel goeie grappen meer dan genoeg.

Daniël Arends, The Afterparty, Kleine Komedie, 1 t/m 3 en 6 t/m 10 juni

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden