PlusPortretten

Coronatijd als je in een risicogroep zit: ‘Ik wil niet dood, klaar’

Hoe ziet het leven eruit als corona extra gevaarlijk voor je is, vroegen we in juli aan deze mensen met een kwetsbare gezondheid. Nu zitten we in een tweede lockdown, hebben veel Nederlanders genoeg van de regels en kreeg deze risicogroep te horen dat hun vaccinatie is opgeschoven naar mei.

Maya Dommisse. Beeld Nina Schollaardt
Maya Dommisse.Beeld Nina Schollaardt

Maya Dommisse (58) heeft hersenziekte ME

“Hoe het met me gaat? Onkruid vergaat niet, zeg ik altijd maar. Ik ben er nog en er is niets veranderd. Ik laat me nog steeds niet leiden door angst. Nou ja, ik ga niet voor een feestje naar een overvol Vondelpark, maar spreek wel met vrienden af. Verder ben ik mijn huis aan het ­opknappen: het is in deze tijd wel zo fijn als je huis er goed uitziet.

Door mijn ziekte heb ik een verminderde weerstand, waardoor ik altijd voorzichtig heb moeten zijn. Handen wassen en afstand houden: dat doe ik al twintig jaar. En ik leef op bijstandsniveau, ik heb geen cent te makken. Het scheelt dus eigenlijk wel dat de kroegen dicht zijn, haha.

Dat sommigen alsnog in grote groepen bij elkaar komen, vind ik dom. Straks liggen de ic’s weer rammetje vol. Ik kan me voorstellen dat vooral jonge mensen die drang hebben, maar verstandig is het niet. Ik zoek zelf een soort middenweg: ik houd me aan de regels, maar leef niet in angst. Want van angst krijg je stress en van stress gaat je weerstand omlaag.

Mocht ik corona krijgen, dan heb ik gewoon pech. Hoe het zal uitpakken, daar kan ik geen zinnig woord over ­zeggen. Het zou goed kunnen dat ik erg ziek word, vooral ­omdat ik door mijn ziekte een heel hoge bloeddruk heb. Als het is afgelopen, is dat zo.

Wat mij betreft sta ik achteraan in de rij voor het vaccin. Ik wacht liever even af, om te zien wat voor uitwerkingen de vaccins hebben op mensen met mijn ziekte. Mijn ­lichaam kan weinig aan, ik weet niet hoe het zal reageren op een vaccin. Maar als ik gezond was geweest, had ik geen seconde getwijfeld.”

Hayat Afkir. Beeld Nina Schollaardt
Hayat Afkir.Beeld Nina Schollaardt

Hayat Afkyr (38) heeft spierziekte SMA

“Van de zomer zat ik in een behoorlijke dip. Ik voelde me mentaal niet goed en had veel angst. Maar gek genoeg ben ik aan de situatie gewend geraakt. Op een gegeven ­moment heb ik de angst losgelaten. Nu hoop ik maar op het beste. Waar de angst vooral vandaan kwam: ik heb vanwege mijn handicap continue zorg nodig. Mijn zorgverleners kunnen geen afstand van mij houden. Dat is best spannend.

Ik ben wel strenger geworden met anderen aanspreken op het naleven van de regels. Als iemand bij mij naar binnen wil, moet diegene een mondkapje op. Sommigen gaan dan in discussie omdat het niet zou werken. Maar het is mijn huis en van mij moet het – ik wil niet dood, klaar.

Wat ik in het begin heel erg vond, was dat ik het gevoel had niets meer bij te dragen aan de maatschappij. Alsof ik er buiten viel. Maar nu zie ik deze tijd juist als een manier om mezelf te ontwikkelen. Ik ben met een opleiding arbo­management en verzuim- en re-integratiemanagement ­begonnen. Door weer te gaan studeren, doe ik iets terug voor mezelf. Daardoor heb ik niet meer het gevoel achter te blijven.

Ik merk wel dat ik ongeduldig word. Heel Nederland zit hier al een jaar mee, maar niemand zit zo letterlijk thuis vast als mensen in de risicogroep. Ik kom niet in winkels, spreek niet af met vrienden. Daarom ben ik heel teleur­gesteld dat ik tot mei moet wachten op een vaccin. Het voelt alsof we het niet goed hebben gedaan, alsof we straf krijgen. Ik weet absoluut niet wat het vaccin met me zal doen, maar als ik het niet neem, loopt het waarschijnlijk slechter met me af.”

Esther Anholt. Beeld Nina Schollaardt
Esther Anholt.Beeld Nina Schollaardt

Esther Anholt (58) heeft longaandoening COPD

“Ik zou zo graag weer normaal willen leven. Het is jammer dat ik pas in mei aan de beurt ben voor een vaccin. Maar die volgorde verandert zo vaak, misschien wordt het wel naar voren geschoven. Het eerste wat ik zou doen, is mijn kleindochter van twee knuffelen – dat is al een jaar geleden.

Dat ik nu maar een klein deel uitmaak van haar ­leven, vind ik erg. Heel soms zie ik haar, dan gaan we een stukje wandelen. Maar ze komt niet bij me binnen. Gelukkig kunnen we facetimen, dat doen we elke dag en dan kakelt ze wat af. Ik denk weleens: stel je voor dat deze pandemie vroeger gebeurd was, voordat internet er was. Dan had zelfs dat niet gekund. Dus ik ben heel blij met de mogelijkheden die er wel zijn.

Op die manier probeer ik positief te blijven. Ik kijk naar de dingen die wél kunnen, anders zit ik de hele dag huilend op de bank. Ik ga niet meer naar winkels, maar laatst was ik met mijn zoon naar een grote toko hier in Noord, waar verder niemand was. Daardoor durfde ik wel naar binnen. Dat was zo fijn, het was echt een uitje.

Mijn zoon is 18 en woont thuis. Vanaf het begin al houdt hij heel braaf afstand van zijn vrienden, van­wege mij. Daar ben ik echt trots op. Hij heeft een heel fijne vriendengroep die er ook rekening mee houdt.

Er wordt nu gezegd dat jongeren zich zo slecht gedragen, maar ik vind dat niet eerlijk. Ze moeten niet allemaal worden aangekeken op het gedrag van die paar jongeren die het fout doen.”

Els van Mook. Beeld Nina Schollaardt
Els van Mook.Beeld Nina Schollaardt

Els van Mook (57) heeft de spierziekte van Steinert

“Wat mij betreft gaat de wereld weer open – ik ben moe van de regels. Als de horeca morgen opent, zit ik weer op het terras. Het is voor mij een risico, maar dat heb ik er voor over. Risico’s nemen: daar is het leven toch eigenlijk voor bedoeld? Het is in elk geval niet bedoeld om door angst ­geregeerd te worden.

Ik ben sinds de zomer wat eenzamer geworden. In mijn vriendengroep zitten veel mensen die ook in de risicogroep zitten en huiverig zijn geworden. Het clubje is daardoor kleiner geworden. Dat vind ik lastig, ik word er neerslachtig van. Het duurt allemaal zo lang.

Mijn zoon woont in een psychiatrische instelling. Als ik hem wil bezoeken, moet dat meestal buiten. In de winter heb ik hem dus nauwelijks gezien. Dat brak me wel op. Op een gegeven moment waren er ook mensen op zijn afdeling met corona, waardoor hij liever niet had dat ik kwam. Dat vond hij doodeng en dat begrijp ik wel.

Dat de vaccinatie van risicogroepen is verplaatst naar mei, vind ik niet erg. Ik zit nog in de twijfelfase.

Ik vind het heel spannend om me te laten vaccineren, omdat ik niet weet wat voor invloed het op mijn ziekte zal hebben. Aan de andere kant besef ik ook dat inenten nodig is voor de wereld om weer open te gaan. En ik ben bang dat ik zonder vaccinatie van allerlei dingen zal worden uitgesloten. Er is een grote kans dat ik me in mei om die reden wel laat vaccineren – ook als ik dan nog steeds twijfel.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden