PlusReportage

Coosje Smid heeft niets meer aan haar Gouden Kalf: in de rechtbank klapt niemand

Zangeres en actrice Coosje Smid werkt als bode bij de Rechtbank van Amsterdam.  Beeld Dingena Mol
Zangeres en actrice Coosje Smid werkt als bode bij de Rechtbank van Amsterdam.Beeld Dingena Mol

Actrice en zangeres Coosje Smid (31) ging niet bij de pakken neerzitten toen het culturele leven op slot ging. Aan haar Gouden Kalf had ze weinig, maar toch vond ze werk: als bode bij de rechtbank. En ach, ‘ook hier draagt iedereen een kostuum’.

Tu-du, tu-du. De cue komt via een belletje, doordat iemand ergens uit het zicht op een knopje drukt. Dit is haar moment. Ze heeft vaak voor volle zalen gestaan, maar zo’n sober ingerichte gang, waar iedereen op gedempte toon met elkaar praat, is toch weer iets anders. De eerste paar keer was ze zelfs een beetje zenuwachtig – zoals altijd bij een performance. Bovendien staat er soms een naam in de tekst waarvan niet precies duidelijk is hoe die uit­gesproken moet worden. En mompelen is hier geen optie. Dus doet ze haar best om zo luid en duidelijk mogelijk over te komen. En soms improviseert ze zelfs een beetje. Zal ze ‘de zaak tussen partij x en x’ roepen? Of kiezen voor het iets dramatischer klinkende ‘versus’?

Maar hoe overtuigend actrice en zangeres Coosje Smid het ook brengt: er is nooit iemand die klapt. Dat doen mensen niet, als een bode in de rechtbank aankondigt dat de zitting gaat beginnen.

Toen Smid vijftien jaar geleden begon met een studie aan de Popacademie zeiden haar ouders – moeder balletdanser, vader operazanger – al zoiets als: “Coosje, leuk dat je het gaat doen, maar van de hele klas met dertig mensen kunnen er twee zijn die er echt van kunnen rond komen. De rest wordt… eh…”

Ja, wat eigenlijk?

Daar kwam Coosje Smid (31) vorig jaar achter. Ze had net auditie gedaan voor de musical Soldaat van Oranje, toen het culturele leven stil kwam te liggen. Bij het ­uitzendbureau bleek dat je helemaal niet zo veel hebt aan een Gouden Kalf. En haar top 40-notering dan? Haar nummer 1 in de iTunes Top 100? De films en series? Of de theatertournee met haar vader? De medewerker van het uitzendbureau zei zoiets als: “Heel leuk mevrouw, dat u in Penoza heeft gespeeld, maar wat kunt u nu echt?”

Afgewezen

Helemaal onderaan haar curriculum vitae stonden alleen twee korte dienstverbanden als verkoopmedewerker bij de Hema en Female Fashion Bussum. Dus suggereerden ze bij het uitzendbureau dat ze wellicht de meeste kans maakte als callcentermedewerker. Enthousiaster werd Smid van de vacature als ‘het visitekaartje van de rechtbank’ – ze is fan van alles wat met crime te maken heeft. Bij het gerechtsgebouw aan de Parnassusweg bleken ze namelijk wel een paar nieuwe bodes te kunnen gebruiken, de representatieve manusjes-van-alles van de rechtbank. Smid solliciteerde, maar werd af­gewezen.

“Dat is zo vervelend, dat gevoel dat je niet op waarde wordt geschat. Ik ben een intelligent, weldenkend mens, dus heel veel dingen kan ik wel. Maar bij een uitzendbureau is het gewoon heel sec: wat is je werkervaring?” zegt ze. Het is aan het begin van haar dienst, en in haar uniform leunt ze op de bodebalie van de Amsterdamse rechtbank. Want: toen ze werd afgewezen, schreef ze een uitgebreide brief, over hoeveel ze wel niet zou kunnen betekenen voor de rechtspraak. Het was een beetje zoals ze in 2009 eens naar de baas van Sony stapte en zoiets zei als: ‘Ik ben Coosje en mij moet je hebben’ en een platendeal kreeg. Nu is ze sinds september bode in de rechtbank, voor 13 euro per uur.

null Beeld Dingena Mol
Beeld Dingena Mol

Een van haar taken is dus het hardop uitroepen van de zitting door de gang van de rechtbank, en dat is meteen ook het meest zichtbare. Meestal zit ze bij de bodebalie om nieuwe bezoekers te ontvangen, mensen de weg te wijzen, kannen met water rond te brengen, en na afloop van iedere zitting ieder bureau grondig te reinigen.

“Hallo. Goedemorgen. Hoi,” zegt Smid tegen iedereen, terwijl ze in haar uniform door het gerechtsgebouw loopt. Ze zwaait naar een andere bode, die eigenlijk stewardess is maar nu ook tijdelijk in de rechtbank is beland. Nu ze de weg weet, vindt ze het fantastisch hier in dit doolhof, met vele gangen, loopbruggen en verdiepingen. Ze laat de zalen zien – die volgepropt zijn met beeldschermen, omdat niet iedereen naar de rechtbank toe kan komen – en vertelt dat aan de kleding vaak te zien is of iemand een strafrechtadvocaat (‘beetje casual, donkerblauwe of beige overjas en aktetas’) of handelsrechtadvocaat (‘strak in pak, met das’) is. En dat het uiteindelijk niet uitmaakt, omdat over al die pakken al snel een toga gaat.

“Deze wereld verschilt soms niet zo veel als die van het theater. Ook hier draagt iedereen een kostuum. Mensen zijn ook goed voorbereid, hebben de avond van tevoren hun tekst geleerd. En tijdens de zitting doen ze ook een soort optreden. Neem de advocaat die een rol aanneemt, van: ik ben niet geïnteresseerd en luister niet. En daarna doet alsof hij wordt aangevallen door de rechter. Echt hoor, het is soms net een toneelstuk.”

Boodschappen

Tegelijkertijd lijken de zittingen niet op de rechtbankscènes in de films en series de ze zo graag kijkt. Het echt is het niet alleen maar spannend, het zijn niet alleen maar moordzaken. Soms, als ze als bode achter in de zaal zit bij een lange fraudezaak – te wachten tot er bijvoorbeeld water bijgeschonken moet worden – dwalen haar gedachten af en denkt ze aan de boodschappen die ze die avond nog moet doen. Nog vaker is het in plaats van spannend vooral verdrietig, als het bijvoorbeeld om ondertoezichtstellingen of uithuisplaatsing gaat.

“In het echt is de rechtspraak ook veel minder hard dan ik altijd dacht,” zegt Smid. “Rechters zijn heel vriendelijk en kijken echt naar de mensen zelf. Het is heel menselijk allemaal. Iemand is niet zijn delict, dat is echt iets dat je moet onthouden. Een rechter kijkt heel goed wat passend is qua straf, en of iemand er juist niet meer door geschaad wordt. Rechters zijn ook niet zo elitair als mensen soms denken. Vooral jonge mensen zie je vaak eerst een bozige houding aannemen. Als ze dan zeggen dat iets ‘superkut’ is en een rechter antwoordt ‘dat is ook kut’, dan zie je ze al snel ontdooien.”

null Beeld Dingena Mol
Beeld Dingena Mol

Terwijl haar collega’s de zalen in orde brengen voor de zittingen van vandaag, houdt Smid een vroege pauze. Bij een bekertje automatenkoffie vertelt ze dat ze het ‘wel echt heel erg leuk vindt allemaal’, maar dat ‘de eerlijkheid gebiedt te zeggen’ dat ze dit ook weer niet heel lang gaat doen. “Mijn grote liefde is spelen, zingen en alles wat daarmee te maken heeft. Ik hoop dat het snel weer kan.”

Het afgelopen jaar heeft ze wel een paar optredens gedaan. Zo trad ze in december nog op met haar vader Ernst Daniël Smid, tijdens een uitzending van Omroep Max waarin aandacht werd gevraagd voor hersenonderzoek. Mag ik dan bij jou, zongen ze. “Als collega’s horen dat ik ook actrice en zangeres ben, vragen ze vaak wat het leukste is wat ik heb gedaan. Vroeger zou ik dan heeft gezegd: op festivals spelen, een Gouden Kalf winnen, of dat soort dingen. Nu is eigenlijk met terugwerkende kracht alles wat ik met mijn vader heb gedaan het allermooiste. We hebben samen een theatertournee gedaan. Dat ik met mijn vader heb gezongen in een theater in Stadskanaal vind ik nu bijzonderder dan een volle Alphatent op Lowlands.”

Met haar vader gaat het niet goed: bijna drie jaar geleden werd bij hem de ziekte van Parkinson geconstateerd. De ongeneeslijke, progressieve ziekte zorgt ervoor dat zenuwcellen in de hersenen afsterven. Praten gaat soms moeilijk, zijn bewegingen heeft hij niet helemaal onder controle.

“Het is gewoon… als gezin hebben wij niet vooraan gestaan toen het geluk werd uitgedeeld. Ik vind het voornamelijk heel erg voor mijn vader. Dat je, nadat je zolang zo hard hebt gewerkt, je opeens alles wordt afgepakt. Eerst je vrouw, dan je werk en nu ook je gezondheid. Maar waar ik nu wel waakzaam voor ben is dat ik dit keer beter voor mezelf blijf zorgen, en voor mijn eigen ambitie.”

Smid in de hal van het gerechtsgebouw aan de Parnassusweg. Beeld Dingena Mol
Smid in de hal van het gerechtsgebouw aan de Parnassusweg.Beeld Dingena Mol

Dit keer, zegt ze, want het is niet voor het eerst dat een ouder van Smid ernstig ziek is. In 2009 begon haar carrière flitsend: ze had al een platencontract bij Sony terwijl ze op de Popacademie zat, ze kwam terecht in de film Joy van Mijke de Jong en won meteen een Gouden Kalf voor beste vrouwelijke bijrol. “Er stond, zeg maar, op de planning dat er wel echt wat zou gaan gebeuren. Maar toen werd mijn moeder ziek en heb ik alles afgezegd. Ik vond, en vind nog steeds, dat het allerbelangrijkste was dat ik er nooit spijt van zou kunnen hebben dat ik er niet voor mijn moeder was toen ze ziek werd. Daardoor is wel alles geïmplodeerd, wat heel jammer is.”

Fields of Gold

Op automatische piloot deed ze nog mee aan The Voice of Holland en scoorde ze een hit met haar vertolking van Stings nummer Fields of Gold. “Maar eigenlijk bestond ik niet. Het licht brandde wel, maar er was niemand thuis. Na het over­lijden van mijn moeder verdween mijn ambitie, met de rouw heb ik te lang niets gedaan. Ik was bang om te rouwen, omdat het voelde alsof ik afstand moest doen van de liefde van mijn moeder. Toen ben ik echt aan mezelf voorbijgelopen.”

In 2016 maakte ze nog wel een nieuw album, dat nooit werd uitgebracht, want ze kwam in een zware depressie. “En toen het moment kwam dat ik eigenlijk weer beter werd, werd mijn vader ziek. Dus nu zitten we weer in die impasse. Ik ben wel eens bang dat ik straks… dat ik met mijn vingers knip, in een keer 40 ben en het allemaal geweest is. Dus daar ben ik nu wel waakzaam voor.”

Onlangs verhuisde ze van de Jordaan naar Hilversum. Liever was ze in Amsterdam gebleven, maar nadat haar relatie een paar jaar geleden uitging, kwam ze weer terecht in de studio van achttien vierkante meter waar ze in haar studietijd ook woonde. En met haar salaris had ze geen zicht op iets wat betaalbaar en groter was. Ze woont nu in een bos, heeft een logeerkamer, en haar vader kan zijn auto voor de deur parkeren. “Heel burgerlijk, maar wel heel fijn.”

Voorlopig is Smid nog te zien als bode in de Amsterdamse rechtbank – en nu de theaters dicht zijn, zijn er volgens haar opvallend veel mensen die rechts­zaken bezoeken als uitje – maar ze hoopt snel weer op het podium te staan. “Ik heb heel lang niets kunnen maken. Niets authentieks, niet iets van mezelf. Dat wil ik heel graag weer doen. Niet dingen reprodu­ceren, maar echt mijn eigen liedjes maken. Mocht mijn carrière als zangeres uiteindelijk toch mislukken, wie weet, dan zie ik mezelf wel iets binnen het recht doen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden