PlusAchtergrond

Compostbak in huis: na hoeveel dagen gaat zo’n wormenkrukje stinken?

Weer eens wat anders dan een hond of kat: verslaggever Bart van Zoelen nam honderden wormen in huis, netjes weggewerkt in een krukje, die zijn groenafval verwerken tot compost. Maar stinkt dat niet? En is het wel zo duurzaam?

 De Wurmkiste, een verrijdbaar krukje waarmee de wormencompostbak netjes wordt weggewerkt in het interieur.  Beeld Nina Schollaardt
De Wurmkiste, een verrijdbaar krukje waarmee de wormencompostbak netjes wordt weggewerkt in het interieur.Beeld Nina Schollaardt

Zo’n compostbak gaat natuurlijk stinken als de hel en ­anders wel als een bunzing, de ziekte of natte hond. Op voorhand kon ik me er al een beetje om verkneukelen toen de mogelijkheid zich aandiende om een wormencompostbak voor binnenshuis uit te proberen. Het is even doorbijten voor een leuk verhaal, dacht ik, maar na een paar maanden kieper ik die bak leeg in de tuin en ben ik overal vanaf. Stank leek me een zekerheidje.

Dat ik het graag wilde proberen heeft alles te maken met de manier waarop we in Amsterdam ons afval scheiden. In bijna heel de stad stoppen we ons groente- fruit- en tuinafval (gft), bij de rest van ons huisvuil, waarna het wordt ­verbrand. Zonde, want organische reststoffen kunnen als compost de bodem verbeteren en aan de basis staan van nieuw leven. Het stadsbestuur wil gft weer apart gaan ­ophalen, maar voorlopig kun je het alleen kwijt in de 75 wormenhotels die Amsterdammers hebben geadopteerd – maar nou net niet in mijn buurt.

Hippe start-up

De uitnodiging om het Wormenkrukje uit te proberen kwam daarom als geroepen. Een hippe Oostenrijkse start-up bedacht deze ‘Wurmkiste’, een verrijdbaar krukje waarmee de wormencompostbak netjes wordt weggewerkt in het interieur. In de woonkamer of de keuken dus, wat vooral in de winter een groot voordeel is. Want beneden de 10 ­graden verteren wormen buiten bar weinig afval.

Ik was benieuwd: is composteren met zo’n krukje zelfs een optie voor krap behuisde Amsterdammers die hun groene vingers botvieren op hun balkon of kamerplanten? Want het voordeel van een compostbak met wormen is dat de kwaliteit van de bodemverbeteraar hoger is. Vol ­enzymen, pH-neutraal en in de juiste verhouding van stikstof en koolstofverbindingen, lees ik op de website van het Compostgilde, een netwerk van Amsterdammers dat het composteren in de stad stimuleert. Met ook daar de belofte dat het heel eenvoudig is. En reukloos.

Maar eerst moet ik het krukje nog in elkaar zetten. Via de webshop wordt het thuisgestuurd in een bouwpakket van lumineus ontworpen, pasklare onderdelen. Met papierpulp en schillen maak ik de bak klaar voor de wormen die in het pakket waren meegestuurd. In een harmonieus ­samenspel met schimmels en bacteriën gaan ze de groenteresten tot compost en plantenvoeding verwerken.

Al snel wordt het lekker warm in de bak. De wormen ­weten wel raad met het snijafval, de aardappelschillen en de fruitresten, krantensnippers, eierschalen en koffiedik. Ze hebben wel hun dieetwensen. Grote brokken als een broccolistronk en een halve appel liggen weken later maar halfvergaan in de bak. Die moet ik dus eerst fijn snijden. Over de groenteresten ligt een hennepmat die uitdroging van de wormen moet voorkomen en dient als verdedigingslinie tegen fruitvliegjes. Maar na twee maanden is de mat wel zo vies dat ik die met geen tang meer wil aanraken.

Ronduit vies is de ‘vuistproef’ die wordt aanbevolen in de handleiding. Natuurlijk wil ik weten of de bak te nat wordt of te droog, maar wat ik in geen geval wil is een handvol drab met wormen samenknijpen om te ontdekken of het water eruit parelt (dan is het goed!) of afdruipt (dan is het mis).

Dan de hamvraag: stinkt het? Ik kan niet zeggen dat het ruikt naar humusrijke bosgrond, zoals wordt beweerd in de handleiding. Met de neus in de bak ruikt het niet ­bepaald fijn. Maar in de huiskamer is daar niets van te merken door de zware klep boven op het krukje. Volgens de handleiding is het ook niet de schuld van de wormen als het begint te stinken. Dan heb ik ze te veel gevoerd en zit er te veel afval dicht op elkaar. Of het is te nat.

Het valt me wel tegen dat het composteren beperkt blijft tot kleine beetjes. Volgens de handleiding eten de wormen tot liefst een halve kilo per dag weg. Maar zo veel groenafval heb ik thuis nou ook weer niet. Het is in elk geval niet zo dat de vuilniszak zich merkbaar minder vult, zoals je ­meteen meemaakt als je het plastic apart gaat houden. Er mag nu eenmaal een heleboel niet in de wormencompostbak: geen gekookt eten, geen droog spul, geen brood, geen vlees, geen zuivel, geen botten, geen citrusvruchten, geen glanzend papier.

Pas na een maandje vind ik een klein wondertje in het laatje onderin de bak. Daar ligt de eerste dosis geconcentreerde plantenvoeding op me te wachten nadat het door een soort membraan is gesijpeld.

Composteren blijkt nog niet zo makkelijk; de handleiding beslaat 14 pagina’s. Schrikbarend is het rijtje mogelijke missers dat ik kan begaan. Het kan gaan stinken en de wormen kunnen uitbreken als ze in de stress raken. Verder zijn plagen van fruitvliegjes mogelijk waarbij de handleiding als oplossing aandraagt om het gft-afval eerst in de koelkast of vriezer te bewaren. Het alternatief klinkt evenmin aanlokkelijk: ‘Maak geestelijke vrede met de vliegen, ze zullen uiteindelijk weggaan.’

Lachgas

“Het valt nog niet mee om het goed te doen,” zegt ook ­onderzoeker van bodem, water en bemesting Janjo de Haan van de Universiteit Wageningen. Hij is zelf ook aan het experimenteren met composteren. “Het stinkt als het heel nat is, dan gaat het rotten,” zegt hij. “Als de wormen het niet fijn vinden, leggen ze gewoon het loodje.”

Ook qua duurzaamheid is het glad ijs. Als het composteren niet goed gaat, kan lachgas vrijkomen, ook weer als de bak te nat wordt. “Composteren is dan wel goed voor de bodem, lachgas is een extra krachtig broeikasgas.”

Ik voorkom CO2-uitstoot als dit deel van het huisvuil niet in de verbrandingsoven belandt, maar in de vorm van koolstof wordt vastgelegd in de bodem. Maar als het aankomt op het voorkomen van klimaatverandering zijn we met lachgas misschien wel verder van huis.

De Haan herkent mijn klacht dat het bij kleine beetjes compost blijft. Heeft het dan wel zin om te composteren? “Alle beetjes helpen.” Het helpt sowieso bij de bewustwording van het belang van duurzaamheid. “Bewustwording van wat de natuur doet, dat je weet hoe het werkt en dat het nog niet zo makkelijk is om grondstoffen terug te brengen naar de bodem.”

Ook de Wageningse onderzoeker van voedselverspilling Toine Timmermans vraagt zich af of burgers met een wormencompostbak nou zo veel impact hebben. Vooralsnog kan ik beter uitkijken of ik niet te veel etenswaren koop die in de vuilnisbak belanden als ze bedorven zijn of over de datum, zegt de programmamanager duurzame voedselketens. “Voorkomen van voedselverspilling blijkt nog het meest effectief.”

Een grootschaliger verwerking van gft biedt als je het hem vraagt meer kansen dan elk huis een eigen ­wormencompostbak geven. Als ik dan toch wil doorgaan met mijn wormencompostbak, maakt het veel uit waar ik de compost voor gebruik. Zelf doe ik niet veel in de tuin. Dus geen idee wat ik ga doen met de plantenvoeding en de compost. Als ik door de compost minder potgrond of tuinaarde zou kopen, was het al een ander verhaal. Timmermans: “En gaat het dan om tuinaarde van afgegraven veen? Dan is compost een stuk duurzamer.”

Voorlopig gaat het om niet meer dan handjes vol compost. Dat het tot bewustwording kan leiden, zie ik wel. Hoe het ook verdergaat met mijn Wormenkrukje, ik ga nu ­zeker mijn gft apart houden als Amsterdam dat vanaf dit jaar wijk voor wijk apart gaat ophalen. En het mooiste voorbeeld van bewustwording zie ik als mijn kinderen vriendjes over de vloer krijgen. Regelmatig gaat de klep open: “Hebben jullie onze wormen al gezien? En onze compost?”

Wormenkrukje.nl, €170 (met houten deksel) of €209 (met kussen). Voor de wormen komt er dan nog €38 bij.

Vissen- en kippenvoer

Nu al wordt van gft compost gemaakt, maar er zijn nieuwe alternatieven op komst. Door het voor te schotelen aan insecten zoals de zwarte soldatenvlieg zet het snel groeiende Brabantse bedrijf Protix organische reststromen uit de landbouw om in voer voor vissen en kippen. Met gft mag dat in Europa nog niet, maar op den duur is dat een veelbelovend alternatief. Nu al zijn er eieren te koop van kippen die worden gevoed met vliegen die voedselverspilling voorkomen. Onderzoeker Timmermans: “Door dit soort keuzes te maken, heb je als consument meer invloed dan door te composteren.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden