Plus Mijn Amsterdam

Cees Holtkamp: ‘Als ik de Rembrandt­toren zie, denk ik: bijna thuis’

In de rubriek Mijn Amsterdam vertelt elke week een (on)bekende Amsterdammer over zijn of haar favoriete plekken in de stad. Deze week: Cees Holtkamp.

Cees Holtkamp Beeld Lin Woldendorp

Eerste keer in Amsterdam

“Vanuit boerendorp Schipluiden werd ik zo het internaat ingeschoven om het bakkersvak te leren en eens per jaar gingen we met de bus naar Amsterdam voor de Stille Omgang. Ik was twaalf toen ik voor het eerst ’s nachts door de stad liep. Het was doodstil, want de stad was nog niet hersteld van de oorlog. Ook al is de stad verwaarloosd, hij is altijd indrukwekkend.”

Sporten

“Bij de Active Club op de Keizersgracht. Drie keer per week van 9.00 tot 10.00 uur, want anders wordt het toch een beetje slap. Dan koud douchen en koffie met de krant. Dat is ook ouder worden: je gaat je hechten aan gewoontes. Vincent en zijn ploegje geven opdrachten. Alles wat ik daar doe kan ik thuis ook, maar dat doe ik niet. Dus word ik daar een uur afgebeuld en kijk ongelofelijk veel op de klok.”

Winkel

“Slagerij Zuid op de Albert Cuyp. Het pekelvlees van Sjaak is ongelooflijk en – heel belangrijk – hij gebruikt alles van het beest. Ik kom er graag voor het soeppakket met zenen, vellen en botten om bouillon van te trekken. Het bewijs dat het goed zit: er staan altijd Chinezen en Afrikanen aan zijn kassa. Net als bij vishandel Tel op de Nieuwmarkt. Die weten precies wat ze moeten hebben en zijn heel kritisch.”

Slagerij Zuid Beeld Lin Woldendorp

Mooiste herinnering

“Petra en ik vierden op 7 september 2008 onze verjaardagen: ik 66, zij 60. In De Goudfazant, mijn favoriete restaurant. Eenvoudig eten, maar god wat lekker. De hele familie, al onze vrienden en opeens kwam Job Cohen binnen met de ambts­keten en kregen we het Ereteken van Verdienste van Amsterdam. Ik deed en doe vrijwilligerswerk, net als Petra, maar daar laat je je nooit op voorstaan. Plus dat de zaak inmiddels ook wel een Amsterdams dingetje was. Nouja, lieve hemel. Mijn moeder was ook helemaal van de kaart en huilde aan een stuk.”

Kerk

“De kapel van het OLVG in Oost. Een ­buitengewoon bijzonder gebouw. Het is een Romaanse basiliek gebouwd in 2000, maar dat had ook duizend jaar eerder kunnen zijn. Ik ben er elke zondagochtend, omdat Petra er vrijwilliger is. Patiënten worden binnengereden in bedden en rolstoelen en dan is een dienst geleid door een priester of dominee. Ik kom bij allebei even graag, want ook al ben ik katholiek opgevoed, het gaat mij daar om de gemeenschapszin.”

De kapel van het OLVG ziekenhuis. Beeld Lin Woldendorp

Mooiste gevelsteen

“Ik ben een van de 150 vrijwillige gidsen van Het Gilde, want tijdens mijn werkzame leven hield ik altijd nog wat uurtjes over om te lezen over mijn passie architectuur. Ik leid wekelijks een wandeling langs de grachten of door de Jordaan, maar de mooiste gevelsteen zit op de Nieuwezijds Voorburgwal bij het Makelaers Comptoir op nummer 75. Een prachtige 17de eeuwse gevel waarop, zo hoog dat het bijna niemand opvalt, staat geschreven: ‘Vrijheid is voor geen geld te koop.’ Dat slaat op Ne-derland, op ons, op Amsterdam. Prachtig.”

De gevelsteen op de Nieuwezijds Voorburgwal. Beeld Lin Woldendorp

Lunchplek

“Lunchroom Kessens van mijn zoon Casper en zijn vrouw. Misschien klef, maar anders had ik het ook genoemd. Vroeger had je veel chique lunchrooms: Formosa op het Spui en Ruteck’s op het Rembrandtplein. Plekken waar mensen kwamen die bij de Bonneterie hadden gewinkeld, om een pasteitje, petitfour of kroketje te eten. Dat fenomeen verdween door de komst van snackbars; het weer terugbrengen is een schot in de roos.”

Lunchroom Kessens Beeld Lin Woldendorp

Beste plek om te relaxen

“Ons eigen dakterras. Toen we de zaak hier begonnen, hadden we het te druk voor een weekendhuisje, dus hebben we op het dak een tuin aangelegd en een serre gebouwd met een keukentje dat we in de winter heel chic onze orangerie noemen. We horen het carillon van het Rijksmuseum en kijken uit over de stad. Kan niet beter.”

Een avondje stappen met

“Met mijn eigen vrouw, Petra. Hoe gek is dat? En stappen is in ons geval naar een restaurant: Rijsel of Bouchon du Centre. We hebben allebei een drukke agenda. Petra houdt meer van theater en ik ga meer naar lezingen en dan vertellen we elkaar hoe het was. Ik ga niet zeggen: ‘anders hou je het niet uit’, maar we zijn al meer dan vijftig jaar samen. Je hoeft dus niet alles samen te doen.”

Favoriete Amsterdammer

“Architect André van Stigt. Net als zijn vader heeft hij veel dingen in Amsterdam gered en mooi gerestaureerd. De Droogbak, de Olofskapel, De Hallen en hij was de eerste die bij het Entrepotdok pakhuizen bewoonbaar maakte. Hij laat wat hij restaureert in zijn waarde en heeft niet zoveel ego dat hij er wat aan toe wil voegen.”

Laatste keer de stad uit

“De familiereünie in Schipluiden. Heerlijk, maar als ik dan de Rembrandt­toren zie opdoemen, denk ik altijd: bijna thuis. En zo is het wel.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden