Review

Blake Bailey - Cheever: A life

In de nieuwe biografie van John Cheever (1912-1982) zijn alcohol en tabak het natuurlijke element van de man. Het leven van Cheever, een van de grote verhalenvertellers uit de wereldliteratuur, wordt pijnlijk blootgelegd. Willen we dat allemaal weten?

Alcohol en het korte verhaal zijn in de Amerikaanse literatuur lang aan elkaar verbonden geweest. F. Scott Fitzgerald, William Faulkner, E.M. Hemingway, John Cheever, Raymond Carver. Monumentale verhalenschrijvers, die 's ochtends al de fles op tafel hadden staan.

Het korte verhaal vraagt van de schrijver zo'n kritisch oog dat het een wonder mag heten dat hij nog een woord op papier krijgt. Alcohol belooft verlossing van de zelfkritiek, maar kan ook afstand scheppen zodat de schrijver zijn werk nog eens met een andere blik bekijkt. En drank is ook de beloning na een dag ploeteren. Blake Bailey's pas verschenen biografie, Cheever: A life, brengt ons terug naar de periode toen alcohol en tabak het natuurlijke element van een man waren. Drank en sigaretten waren geen genotmiddelen. Ze waren het schild en het harnas van een man van de wereld.

Geen schrijver had meer behoefte aan zo'n alcoholisch harnas dan John Cheever (1912-1982). Zijn generatie groeide op met de Grote Depressie in het verschiet en daarna kwam de oorlog. Cheevers vader was zijn baan al spoedig kwijt en raakte hopeloos aan de drank. Moeder Cheever begon een winkeltje in cadeau-artikelen, waarin ze ook hun eigen huisraad te koop zette, als het zo uitkwam. Met elkaar praten deden de ouders niet meer. Cheever schaamde zich voor zijn ouders, en zij schaamden zich voor hem, want hij was een kop kleiner dan zijn sportieve broer, hij deed het slecht op school en hij leefde in een fantasiewereld. Verhalen verzinnen deed hij als kind al.

Bovenal schaamde Cheever zich voor zijn biseksualiteit. Zijn hele leven zou hij terugverlangen naar zijn schooljaren toen hij zich nog in alle onschuld samen met een klasgenootje kon aftrekken. Maar in Cheevers Amerika was geen plaats voor homoseksualiteit. Cheever zou altijd het gevoel hebben dat hij op de rand van de afgrond leefde. Zijn behoefte aan seks met mannen - een snelle stoeipartij, en dan wegwezen - stond haaks op zijn behoefte naar een comfortabel bestaan, met een gezin en een mooi huis, ver weg van de misère van zijn jeugd. 'Elke leuk uitziende man, iedere bankbediende en boodschappenjongen is net een pistool dat op mijn leven is gericht,' schreef Cheever eens in zijn dagboek, dat heel wat stof deed opwaaien toen het tien jaar na de dood van de schrijver werd gepubliceerd. Hij zag zichzelf als spion tussen normale, nette mensen, bang dat hij elk moment kon worden ontmaskerd.

Cheever had een intens geloof in de reddende kracht van de literatuur. In zijn verhalen draait het steeds om paradijselijke visioenen van huiselijk geluk, liefde en luxe. Alleen blijken die visioenen altijd op een illusie te berusten, soms door de dronkenschap van de verteller. Zo begin het beroemde verhaal De zwemmer met de constatering dat iedereen te veel heeft gedronken, de vorige avond. De verteller kampt met zo'n kater die na twee verse glazen omslaat in de zekerheid dat grootse daden binnen bereik liggen. Zijn plan is om zwemmend bij al zijn vrienden en buren langs te gaan, van het ene zwembad in de achtertuin naar het andere. Hij hoeft alleen maar op het droge om af en toe bij te tanken. Het is een even ijdel als absurd plan, maar gaandeweg gebeurt er iets huiveringwekkends. De bomen worden geel, het water koelt af en de zwemmer krijgt grijze haren. Wanneer hij eindelijk zijn eigen zwembad bereikt, blijkt zijn huis leeg te staan, te koop, en het is maar de vraag wat er van zijn leven over is.

Bailey laat zien hoe Cheever tien jaar na dato nog steeds met rillingen terugdacht aan De zwemmer. Hij was helemaal niet van plan een Dorian Gray in zwembroek te schrijven. 'Ik-de-schrijver was net zo verpletterd als ik-de-verteller.'

De kracht van Cheevers werk bestaat er misschien wel uit dat de schrijver vaak net zo onnozel is als zijn personages. In het dagelijks leven was dit echter niet zo handig. Toen Cheever en zijn vrouw Mary elkaar na 25 jaar huwelijk niet meer konden luchten of zien, besloten ze een therapeut in de arm te nemen. Cheever verheugde zich er al op dat de expert Mary eens goed zou vertellen waarin ze allemaal tekort schoot. Het tegendeel gebeurde. Cheever noteerde de diagnose in zijn dagboek: hij was 'een neurotische man, een narcistische egocentricus zonder vrienden, die zo in zijn defensieve illusies opging dat hij zijn vrouw aanzag voor een manisch-depressieveling'.

Een blik in andermans huwelijk is zelden een pretje, zeker niet bij een stel als de Cheevers. Ergens in Cheever: A life merkt Mary op (die zich had aangewend om door haar mond te ademen zodat ze niet wordt bedwelmd door Cheevers kegel) dat ze ermee was opgehouden haar man van repliek te dienen, want anders kwam ze haar woorden later vast in een verhaal tegen. Met zijn droge humor probeert Bailey het verhaal luchtig te houden, maar onvermijdelijk krijgt de lezer hetzelfde gevoel als bij Cheevers dagboeken. Willen we dit echt allemaal weten? Is dit dezelfde Cheever wiens verhalen uit louter zonlicht lijken te bestaan? Een man die zijn vrouw afsnauwt en stiekem de gang in duikt om wat gin achterover te slaan?

Met zijn 690 pagina's tekst is Cheever: A life veel te lang, zoals alle biografieën van nu. We hoeven de klachten van Cheevers oudste zoon en dochter niet telkens te horen. We hoeven niet alle details van de echtelijke ruzies te kennen. We hoeven niet te weten dat hij op het laatst in een half uur een fles gin soldaat wist te maken. We willen de complete ontluistering van deze prachtige schrijver niet van zo dichtbij zien. De lezer krijgt toch het idee dat dit een onwillekeurige afrekening is van een biograaf die zich te veel jaren heeft moeten verdiepen in drankzuchtige, van zelfmedelijden vervulde schrijvers, want Bailey schreef eerder een alom geprezen biografie van Richard Yates (Revolutionary road). Toch hoort elke Cheeverliefhebber deze biografie te lezen, al was het maar om met hernieuwde aandrang terug te keren tot het loutere zonlicht van zijn verhalen. (HERMAN STEVENS)

Blake Bailey - Cheever: A life
Knopf (Imp. Nilsson & Lamm), €32,50

null Beeld
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden