Plus Interview

‘Bipolair zijn betekent juist dat je heel erg leeft’

Beeld Frank Ruiter

Gioia Norina Melody Fiorito (34) is de hoofdpersoon in de dansdocumentaire Gioia over het grijze gebied tussen normaliteit en gekte. ‘Als ik gek ben, wil ik niet gestoord worden.’

Gioia Norina Melody Fiorito zit op de bank en spreidt haar armen. Waar zitten we vandaag? Ergens in het midden tussen depressie en manische psychose. Ergens tussen ‘ik wil niet meer leven’ en de totale storm in je hoofd. Op de plek waar je sommige dagen wel leuk vindt en andere dagen niet, maar over het algemeen ‘gewoon kunt doorgaan’.

Fiorito is de hoofdpersoon in de korte documentaire Gioia van Laura Stek over ‘het grijze gebied tussen normaliteit en gekte’, geselecteerd voor de Gouden Kalfcompetitie en volgende week zondag te zien op NPO 3. “Waarom,” zegt ze daarin, “zou je ooit normaal of gezond willen zijn als je omringd kan zijn met liefde en gekte en vrolijkheid?”

Tja, waarom?

In 2010 belandde ze voor het eerst in de kliniek, 26 jaar oud, aan het afstuderen in taal- en cultuurstudies aan de Universiteit Utrecht. Na tien doorwaakte nachten weggebracht door de politie. “Platgespoten, vernederd en mishandeld,” zegt ze. “Als je zoiets in een normale staat meemaakt is het de grootste nachtmerrie die er is.”

“Ik weet dat ik het gevoel had dat ik altijd een kraai zag,” zegt Fiorito in de documentaire. “Dat er een soort vogel vanuit de onderwereld de hele tijd op een boom voor me zat bij het raam. Dat ik het gevoel had dat er boodschappers waren. Dat ik dat geruststellend vond, maar ook heel erg eng.”

En: “Wat is het verschil tussen de mensen met een rijke fantasiewereld en de mensen die in die fantasiewereld willen wonen?”

Vroeger danste ze graag. Verloor ze zichzelf in het moment. Nu zegt ze: “Jezelf verliezen is iets wat beangstigend is geworden, iets wat ik moet vermijden.”

Wat heeft u?

“De medische term is: een bipolaire stoornis.”

Dat klinkt meteen beladen.

“Ja, ik zeg altijd maar: als ik gek ben, wil ik niet gestoord worden.”

Kunt u omschrijven wat het is?

“Een bipolaire stoornis, type 1. Dat is de versie waarin je niet alleen maar hypomaan wordt, of licht manisch, maar doorslaat in een psychose. Daar komt zo veel kracht bij vrij dat je gevaarlijke dingen gaat doen en de repercussies ernstig zijn. Mensen met type 1 kopen een huis terwijl ze het niet kunnen betalen of ze geven al hun spullen weg. Of ze springen uit het raam omdat ze denken dat ze kunnen vliegen. Na de manie volgt de depressie, dan ben je helemaal op. Dan ben je slapjes en kan je niets.”

U zegt: ik bén bipolair.

“Iedereen, zowel mijn vader als psychiatrische hulpverleners, vindt dat ik dat niet zo moet zeggen: je bént niet bipolair, je hébt een bipolaire stoornis. Ik ben een vrouw. En: ik ben moe. Het ene beschrijft wie je in essentie bent, het andere in welke staat van zijn je bent. In het laatste geval moet je jezelf in stukjes snijden. Dan zeg je: er is een gezond deel en dat ben ik en er is een ongezond deel en dat ben ik niet.” “Maar het is echt niet zo dat ik opeens iemand kan worden die zich niet aangetrokken voelt tot een euforisch gevoel van geluk. Ik zal voor de rest van mijn leven mijn best moeten doen om meer in het midden te blijven dan de gemiddelde mens.”

Vermijdt u nu het woord normaal?

“Normaal? Wat is normaal? Een normale Nederlandse vrouw heeft 1,8 kinderen, maar ik heb nog nooit een vrouw met 1,8 kind gezien.”

In de documentaire zegt u over die periodes van euforie: “Zoveel licht, zo veel liefde, zo veel energie, zo veel vertrouwen en zo veel schoonheid, dat is beter dan MDMA.”

“Ik noem dat de manische reus. Die is supersterk. Die is niet bang. Die heeft power. Er zit genialiteit in en snelheid van denken. Op het Barlaeus Gymnasium moesten we veertien eindexamenvakken doen. Ik kan je verzekeren: het is best handig om dan een beetje hypomaan te zijn.”

Alsof je drugs gebruikt hebt?

“Het is enorm verslavend. Je voelt je scherp, je voelt je sexy, dat is heel fijn. Het is net als met verliefdheid. Het liefst zou je dat je hele leven willen zijn, maar tegelijkertijd weet je dat het niet goed voor je is.”

Die periode van hypomanie…

“Dan vindt iedereen je hartstikke leuk.”

Maar dat stuk erbovenop?

“Als je manisch-psychotisch wordt? Als je hypomaan bent, word je op een gegeven moment moe. Dan ga je rusten of een paar dagen op vakantie. Dan word je weer rustig, voel je je weer veilig en kabbelt het leven voort. Maar bij mij? Ik heb op een gegeven moment tien nachten achter elkaar niet geslapen.”

Wat gebeurt er dan?

“Ik liep. Heen en weer. Dag en nacht. Ik luisterde muziek en maakte kunst. Ik was alles aan het ordenen. Op een gegeven moment kun je je gedachten niet meer stoppen en neem je alles letterlijk. Dan is het echt niet meer leuk. Het ergste is dat je bang wordt. Nu ik erover nadenk: het allerergste is de angst dat je voorbij het normale gaat.”

“Mijn moeder en mijn zusje waren hier in huis. Het was bijna een soort wake. Ze sliepen bij mij en probeerden alles binnenshuis te houden totdat ze het niet meer aankonden. Bij de psychiater hebben ze de politie gebeld. Ik was beledigend, ik was hyperseksueel, ik kon niet meer stoppen met praten en zong ook veel.”

Ze zingt: “Bel de politie, de brandweer of je vader op, anders gaat het feest dit jaar niet door.”

U werd in de cel gezet.

“Ja, alleen.”

Wist u wat er aan de hand was?

“Het fijne van een manische psychose is: je bent de storm, je bent de chaos, je bent nog heftiger dan zij. Pas achteraf denk je: wat is me overkomen? En komt de schaamte. Als ik kalmeringsmiddelen had gehad, was ik gewoon gaan slapen. Dan was ik alleen een beetje raar geweest. Maar als je tien dagen niet slaapt is het of je hersenen geïnfecteerd raken. Dat neem ik de psychiater wel kwalijk: doodsbang om pillen voor te schrijven omdat je daar verslaafd aan kan raken, maar als je in de kliniek komt spuiten ze je plat.”

Beeld Frank Ruiter

Twee keer zag Fiorito na haar crisisopname de Valeriuskliniek in Zuid van binnen, in 2010 en in 2012 een paar maanden. “Ik heb een extraverte persoonlijkheid,” zegt ze. “Als ik gek doe, dan doe ik extravert gek. Je hebt ook mensen die in zichzelf kruipen. Die kijken op zolder naar samenzweringsfilmpjes of schrijven online gemene dingen. Op een gegeven moment schieten ze iemand neer en dan zeggen de buren: ‘Het was zo’n aardige man.’”

Heeft u enig idee waarom juist u hier last van hebt?

“Een bipolaire stoornis is genetisch, alleen komt het niet bij iedereen tot uiting. Ken je Elena Ferrante met haar Napolitaanse romans? Daarin komt Lila voor, een heel vurig karakter dat daardoor steeds in de problemen komt. Soms denk ik: is het mijn Italiaanse temperament of is het de stoornis die mij parten speelt?”

Kunt u zich herinneren waardoor het die eerste keer misging?

“Ik kwam terug uit Guatemala, waar ik stage had gelopen. Ik had geen huis meer, geen geld en geen lessen, maar ik moest nog wel mijn scriptie en stageverslag schrijven. Er was totaal geen structuur, ik zat voor mijn gevoel in een extreem onveilige omgeving. Ik heb mijn scriptie nog moeten verdedigen, terwijl ik al in de gesloten afdeling zat. Ik was aan het zweten en aan het trillen, onder de medicatie. Maar ik heb het gehaald.”

De grenzeloosheid in haar hoofd was er al op de basisschool. Armpje drukken met vier jaar oudere jongens en dan ook nog winnen. “Ik realiseerde me dat de jongens die ik leuk vond, mij leuk vonden als ik de leraar pestte. Dus pestte ik de leraar.”

Thuis was er een scheiding, op straat was er geweld. In het zwembad werd ze lastiggevallen door Marokkaanse jongens uit de Diamantbuurt. Ze werd bedreigd met een mes, tien jaar oud. “Stel je voor,” zegt ze, “dat ik in de provincie was opgegroeid, op een rustig plek zonder prikkels en zonder al dat geweld. Misschien was er dan wel nooit iets aan de hand geweest.”

Kunt u uw stemmingswisselingen tegenwoordig sturen?

“Mijn benadering is contra-intuïtief. Dat betekent dat ik juist niet moet doen wat ik voel dat ik moet doen. Dus als ik opeens mijn exen wil bellen: niet doen. Als ik de hele tijd zin heb om af te spreken om naar de kroeg te gaan: binnen blijven. En als ik denk: de mensen zijn stom en het is thuis zo gezellig met mezelf en mijn boek, dan moet ik juist contact opnemen met anderen en me openstellen.”

Haar vader is kunstenaar, zoon van een Siciliaanse operazanger en een telg uit de Twentse textielfamilie Ter Kuile. Haar moeder is Engels, overtuigd socialist en werkzaam als therapeut. Ze groeiden op in de jaren zestig en zeventig. Ban de bom, tegen de oorlog in Vietnam, flowerpower. Haar vader had een biologische winkel in Ermelo.

Ze leerden elkaar kennen als volgelingen van de Indiase goeroe Prem Rawat, ook bekend al Maharajji. “Mijn ouders noemden de ‘mind’ gevaarlijk,” zegt Fiorito. “Ze vonden dat je je niet moest identificeren met elke gedachte die je hebt. De kern van hun opvoeding was: dat wat je zoekt zit in jezelf. Om geluk te ervaren hoef je niet eindeloos op zoek naar welvaart of succes.”

Niet onbelangrijk: ze waren van de antipsychiatrie.

Fiorito: “Ze geloofden in acceptatie van wie je bent, in vrijheid boven controle. Mijn moeder had als therapeut psychiaters in behandeling, die niet naar andere psychiaters wilden. Ze heeft ook veel mensen uit de psychiatrische inrichting gehaald, die daar al veertig jaar zaten omdat ze een keertje, weet ik veel, de buurman verkeerd hadden aangekeken.”

Dus toen ze zagen hoe het met u ging…

“Ze wilden me niet verraden.”

Zo zagen ze dat?

“Ja, ze wilden me niet laten opnemen.”

Verraden aan de psychiatrie?

“In hun ogen is de psychiatrie afwijzing. Je bent goed zoals je bent. Laat je niet gek maken. Iedereen maakt weleens iets ergs mee in zijn leven, maar daar hoef je niet de rest van je leven voor te worden gelabeld. Ze hebben erg geprobeerd om van me te houden zoals ik ben. Ik neem het ze niet kwalijk, maar op een bepaalde manier zat er grenzeloosheid in hun denken, terwijl ik juist een grens nodig had.”

Hebben ze uw opname nu wel geaccepteerd?

“Ik heb ze geleerd dat er ziektes zijn die je niet kunt behandelen met onvoorwaardelijke liefde. Maar geaccepteerd? Kijk: als jij een nieraandoening hebt, los je dat niet op met handoplegging en het eten van een stukje zeewier. Dat geldt ook voor geestelijke ziektes.”

“En dan bedoel ik niet dat je de rest van je leven onder behandeling moet staan, maar wel dat er momenten kunnen zijn rond bijvoorbeeld scheiding of baanverlies dat je copingmechanismen niet meer werken. Dan moet er iemand van buitenaf ingrijpen, omdat je anders jezelf kapot maakt. Zo simpel is het.”

En daar mag best een pil aan te pas komen?

“Dat vind ik wel. Ik zeg vaak tegen mijn familie: ik slik de bittere pil van de werkelijkheid wel.”

Kunt u leven met wat u hebt?

“Bipolair zijn betekent juist dat je heel erg leeft.”

Ik bedoel: maatschappelijk functioneren.

“Als je bedoelt of ik zou kunnen werken? Ja. Maar kan ik ook ergens werken waar ze een soort bonus krijgen als ze me aannemen en waar ze me vervolgens behandelen alsof ik een halvegare ben om me daarna snel weer op straat te zetten? Nee. Dat geeft mij niet genoeg structuur en veiligheid.”

Heeft u ervaring met afwijzing?

“Ik vind dit vervelende vragen.”

Waarom?

“De meeste mensen die hebben wat ik heb, voelen zo veel schaamte over wat ze hebben meegemaakt dat ze zich isoleren, zelfs voor hun familie. Dat is het gedeelte wat de ziekte ondraaglijk maakt. Vanuit het UWV is het ook een onderwerp: moet je erover praten of juist niet? Er is zo veel angst voor psychiatrische aandoeningen, er zijn zo veel slechte voorbeelden.”

“Ik heb veel vrijwilligerswerk gedaan, ik heb communicatietraining gegeven aan migranten en ik heb ondersteunend werk gedaan bij inburgeringscursussen, maar soms denk ik dat het makkelijker is om een lichte verstandelijke handicap te hebben dan bipolair te zijn.”

Is dat de reden dat u er nu zo open over bent?

“Ik zat op het gymnasium, ik had een eigen theaterbedrijf met mijn zusje toen ik studeerde, ik was aanvoerder van het hockeyteam. Ik werd altijd gezien als slim en sterk, als een doorzetter en als mooi. En opeens ben je een afgeschreven persoon die niet meer mee gaat komen. Een loser. Je schaamt je voor je vroegere vrienden. Door de pillen word je dikker, je voelt je minder mooi. Alles wat je leuk vond aan jezelf ben je kwijt. Is dat leefbaar? Nou, nee.”

Beeld Frank Ruiter

“Op dat punt aangekomen, kun je twee dingen doen: zwijgen of praten. De meeste mensen kiezen voor het eerste. Die doen alsof er niets aan de hand is. Die gaan naar alternatieve therapeuten, zodat ze niet worden geregistreerd. Die denken: we laten ons niet labelen en gaan alleen nog maar met vrije geesten om. Tussen de normale mensen zijn ze zenuwachtig en proberen ze zo gewoon mogelijk te doen, bang dat ze worden afgewezen in vriendschappen, relaties en werk. Zo kun je je leven leven, maar niet met plezier. Je raakt gespleten. Los van de stoornis, zie ik dat als de echte ziekte.”

Heeft u een relatie?

“Ja.”

Is dat moeilijk?

“We zijn zeven jaar samen. We hebben elkaar ontmoet in de coffeeshop en zijn allebei gestopt met blowen. We steunen elkaar. Het is liefdevol. Ik ben nu 35 en wil een kind. Dan zal ik me goed moeten gedragen. Ik ben gestopt met roken, ik wandel elke dag minstens acht kilometer met mijn vriend, ik slik mijn pillen.”

Denkt u nooit: rot op met die pillen?

“Ik kan mezelf nu reguleren zoals ik dat in het verleden niet kon. De lijn waarop ik wandel is dun. Wat offer ik op? Mijn lichaam of mijn geest? We hebben het gehad over het taboe op psychiatrische aandoeningen, maar wat denk je van het taboe op dik zijn? Er zijn heel veel mensen die liever superdun zijn en zo gestoord als een huis, dan stabiel en dik. Maar wat denk je: zit een kind te wachten op een moeder die slank is of een moeder die stabiel is en er voor hem kan zijn. Daarom blijf ik die pillen nemen.”

Wat is uw toekomstdroom?

“Zonder angst durven zijn wie ik ben.”

Gioia Norina Melody Fiorito

6 oktober 1983, Amsterdam

1987-1995
15e Montessorischool Maas en Waal

1995-2001
Barlaeus Gymnasium

2006
Propedeuse Talen en culturen van Latijns-Amerika/Spaans, Universiteit Leiden

2010
Bachelor Taal en Cultuurstudies/Kunstgeschiedenis Universiteit Utrecht

2007-2008
Lerares Engels, Academia Europea Guatemala City

2011-2012
Inburgeringsassistent, SIPI, Amsterdam

2011-2018
Co-productieleider, mede-schrijver, actrice SCIP Toneelgroep Jet, Amsterdam

2014-2016
Docent conversatie en zelfvertrouwen, Casa Migrante, Amsterdam

2016-2018
Redacteur website, SCIP, Amsterdam 

Gioia Fiorito woont met haar vriend in de Amsterdamse Rivierenbuurt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden