PlusReportage

Baywatch in Amsterdam: ‘Alles wat we doen is liefdewerk oud papier’

De Amsterdamse Reddingsbrigade op oefening. Van links af: Rogier Otten, Marcel Schollee, Milan van Wijk.  Beeld Ivo van der Bent
De Amsterdamse Reddingsbrigade op oefening. Van links af: Rogier Otten, Marcel Schollee, Milan van Wijk.Beeld Ivo van der Bent

De Amsterdamse Reddingsbrigade heeft nieuwe vrijwilligers nodig. Zeker nu de lifeguards ook op IJburg gaan patrouilleren. Een leerzaam kijkje bij een oefening op het water: ‘Ik maak zoekslagen.’

Het lijkt inmiddels een andere wereld, die prachtige dag in juli twee jaar geleden. De bijna 1500 atleten springen bij Park Somerlust in groepjes om de paar seconden het water in en veranderen de Amstel in een krioelende mierenhoop. Gekleed in een zwarte wetsuits, getooid met een gouden badmuts, beginnen ze aan de Tri Amsterdam. Ze zwemmen richting de Utrechtsebrug – naast elkaar, en soms over elkaar heen.

En tussen al dat zwart van de zwempakken springt dat oranje eruit: het is een van de vijf boten van de Amsterdamse Reddingsbrigade. Aan het roer: Walter Weg, de voorzitter.

Er verschijnt een glimlach op het gezicht van Weg (46) als hij terugdenkt aan de triatlon. “Toen kon het nog allemaal,” verzucht hij, terwijl hij koffie serveert uit een thermoskan voorzien van een sticker met ‘Amsterdamse Reddingsbrigade 16 mei 1913’, die de oprichtingsdatum verraadt. En er zijn meer grote evenementen waar de vrijwilligers van de brigade in ‘normale‘ jaren aanwezig zijn: Sail, het Prinsengrachtfestival, de Gay Pride, de Nieuwjaarsduik.

Vanaf mei gaat de Amsterdamse Reddingsbrigade ook patrouilleren op het strand van IJburg. Wat nodig lijkt: vorig jaar verdronken daar nog twee mensen. “Om te beginnen zijn we er in de weekenden en als het heel mooi weer is,” zegt Weg. “We gaan daar met minimaal vier mensen per dag zitten en doen zowel looppatrouilles als toezicht op het water.”

Voorzitter Walter Weg. Beeld Ivo van der Bent
Voorzitter Walter Weg.Beeld Ivo van der Bent

Onder meer hiervoor is de brigade dringend op zoek naar nieuwe lifeguards. Vrijwilligers. De opleiding wordt betaald, ze kunnen erkende diploma’s behalen.

Veel vrijwilligers zijn al jaren aangesloten bij de reddingsbrigade. Op een zaterdagochtend in maart druppelen leden één voor één binnen op de brandweerkazerne Pieter in de Poeldijkstraat in Amsterdam-West, waar de brigade kantoor houdt. De zusjes Marya Ikli (14) en Soumaya Ikli (16) zijn al een paar jaar lid; magazijnmedewerker Marcel Schollee (30) meldde zich op zijn 8ste verjaardag aan. Verder komen student Milan van Wijk (19), vakman Rogier Otten (46) en de nieuwe vrijwilliger Kjeld de Ruyter (49) binnen.

Terwijl de brandweer verschillende malen uitrukt (’zij zijn dol op vuur, wij op water’) maken Schollee en Otten de boot, een Tinn-Silver, klaar om straks te gaan varen. Vandaag wordt er sinds lange tijd weer op en in het water geoefend.

Waterrat

De Amsterdamse vereniging, die nu 150 leden telt, is de op een na oudste reddingsbrigade van Nederland. Op de website valt te lezen dat ‘door het geven van lessen en het actief beveiligen van waterevenementen de reddingsbrigade zich ten doel heeft gesteld de verdrinkingsdood te bestrijden’.

Voorzitter Walter Weg zit al 27 jaar bij de reddingsbrigade. Hij is ook penningmeester en woordvoerder geweest. “Ik praat met de politiek, de brandweer en de politie, maar bij evenementen vaar ik ook gewoon mee op de boot.”

Nieuweling Kjeld de Ruyter fungeert als drenkeling. Beeld Ivo van der Bent
Nieuweling Kjeld de Ruyter fungeert als drenkeling.Beeld Ivo van der Bent

Weg is naar eigen zeggen altijd een waterrat geweest. Hij begon een kleine veertig jaar geleden als vrijwilliger bij de Haarlemse Reddingsbrigade. Later leerde hij er zijn vrouw kennen, en sindsdien is de brigade een structureel deel van zijn leven. “Het is hartstikke afwisselend wat we doen,” zegt hij. “We geven zwemlessen, leren mensen EHBO, we leiden toezichthouders van het zwembad op en daarnaast doen we vijftig evenementen per jaar.”

”Alles wat we doen is liefdewerk oud papier,” zegt Weg. “Ook dus de nieuwe klus op IJburg. Iedereen heeft er een baan naast of zit nog op school.”

Ook Weg keek als 8-jarig jongetje in de jaren tachtig naar Baywatch, de populaire tv-serie met Pamela Anderson en David Hasselhoff als lifeguards in Los Angeles. De realiteit is echter net iets anders dan op tv, weet hij inmiddels. Weg: “We letten preventief op en scannen alles af. Soms vanaf de kant, dan weer vanaf een boot. Als er echt iets gebeurt, gaan we helpen. En dat is het mooiste wat er is: het helpen van je medemens.”

Spartelen

Er kan altijd van alles misgaan. Mensen kunnen kramp krijgen, of hartproblemen. “Die mensen vallen voor ons wel meteen op, omdat ze zich anders bewegen. Iemands hoofd gaat omhoog of iemand gaat spartelen. Voor ons is dat een sein om te gaan kijken. Als het misgaat, proberen we zo dicht mogelijk bij de zwemmer te komen. Lukt dat niet, dan gaat een van ons het water in om hem te halen.”

Kou is geen probleem. “We dragen overlevingspakken: die zijn waterdicht en daar voel je de kou niet doorheen. Je voelt alleen de druk van het water en je drijft. De schipper neemt meestal contact op met de EHBO aan de kant; als wij inschatten dat er een ambulance nodig is, geven we dat meteen door.”

null Beeld Ivo van der Bent
Beeld Ivo van der Bent

Als Weg opsomt waarom mensen in gevaar komen (‘van onderkoeling tot mensen die spontaan ziek in het water worden’), roept Schollee dat de Tinn-Silver klaar is voor vertrek. Met twee auto’s (en een boot) rijdt de groep naar jachthaven Onklaar Anker aan het Nieuwe Meer. Daar is het tijd voor de oefeningen.

Elke boot is voorzien van een aed en een EHBO-set, en er is ook een brancard aan boord. Iedereen heeft een eigen taak. Naast de schipper zijn er twee opstappers die in actie komen bij een incident. “Drie personen per boot is het maximum, want je moet ook ruimte vrijhouden voor een drenkeling.”

Handreiking

De eerste sessie, met Schollee als schipper en de zusjes Ikli als opstappers, wordt vooral het varen geoefend. Het eerste stukje de haven uit gaat in slakkentempo, maar midden op het meer wordt de snelheid opgevoerd naar 50 kilometer per uur. Schollee manoeuvreert de boot van links naar rechts (‘ik maak zoekslagen’), een manier om een drenkeling te zoeken die niet zichtbaar is.

Kjeld de Ruyter (49) in het koude water. Beeld Ivo van der Bent
Kjeld de Ruyter (49) in het koude water.Beeld Ivo van der Bent

Kjeld de Ruyter springt in het water: hij fungeert als drenkeling. “We zijn los,” zegt Otten, terwijl Schollee de boot richting het slachtoffer stuurt. De ‘drenkeling’ dobbert op 10 meter van de kant, en zwaait met zijn handen. Otten: “Samen met Milan doe ik een handreiking en op commando tillen we hem uit het water.” De oefening wordt een paar keer uitgevoerd. De drenkeling is in no time op de boot.

Weg heeft het schouwspel vanaf de kant gadegeslagen. Hij is blij dat ze weer op het water kunnen oefenen. ”Door corona zijn de zwembaden gesloten en moeten we onze cursussen digitaal doen. Hier kun je situaties echt nabootsen.”

Hij kijkt ernaar uit om vanaf mei te patrouilleren op het strand van IJburg. “De gemeente Amsterdam doet een beroep op ons en dat honoreren we graag.” Wel een kanttekening, zeker nu nieuwe lifeguards zo hard nodig zijn: “Het zou wel fair zijn als de vrijwilligers een vergoeding krijgen voor hun inzet. Het werk wat we doen is van levensbelang.”

Meer informatie op amsterdamsereddingsbrigade.nl

Soumaya Ikli. Beeld Ivo van der Bent
Soumaya Ikli.Beeld Ivo van der Bent

Soumaya Ikli

“Eerst kwam ik vooral voor het zwemmen, maar nu vind ik alles leuk. We zijn pas net gaan helpen bij evenementen, en het is leuk om erbij te horen. We gaan dit jaar verschillende dingen leren en hopen dan junior lifeguard te worden.”

Marcel Schollee. Beeld Ivo van der Bent
Marcel Schollee.Beeld Ivo van der Bent

Marcel Schollee

“Zwemmen, duiken of snorkelen – als het in het water gebeurt, vind ik het geweldig. Eerst was ik lid van de reddingsbrigade in Zaanstad, later ben ik in Amsterdam ­terechtgekomen en nooit meer weggegaan. Het varen op de boot, heerlijk in de buitenlucht, is geweldig. Maar het is nog mooier om mensen te redden.”

Milan van Wijk. Beeld Ivo van der Bent
Milan van Wijk.Beeld Ivo van der Bent

Milan van Wijk

“Ik voetbalde bij Nieuw Sloten en was eigenlijk op zoek naar iets nieuws. Bij de Sloterplas kreeg ik een flyer van de ­Amsterdamse Reddingsbrigade in mijn hand gedrukt en ik was verkocht. Ik ben nu twee jaar lid en vind het leuk om te leren hoe ik mensen kan redden. Daarnaast is het een mooie afwisseling met de opleiding Software Development die ik volg.”

Marya Ikli. Beeld Ivo van der Bent
Marya Ikli.Beeld Ivo van der Bent

Marya Ikli

“Ik heb eerst zwemlessen ­gevolgd en vond dat leuk. Ik vind het interessant om te leren hoe je mensen kunt redden. Van jongs af aan ben ik dol op de zee; het mooiste strand tref je in Agadir, een havenstad aan de westkust van Marokko. Als we daar weer een keer zijn, kan ik als het nodig is mijn jongere broertjes en zusjes redden.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden