Roos SchlikkerBeeld Oof Verschuren

Atsers zijn mensen die je makkelijk kunt indelen

PlusRoos Schlikker

Bij sommige woorden hoor je de betekenis al in de uitspraak. Dons bijvoorbeeld kan niet anders dan zacht zijn. Smegma is er ook zo eentje. Het is onmogelijk je er niet iets vochtig riekends bij voor te stellen. Mijn favoriet in deze categorie is atser. 

Hoewel het niet is opgenomen in de Van Dale zou zelfs iemand die niet op de hoogte is van straattaal kunnen raden dat een atser een akelig iemand is. Het ligt dicht bij hufter, maar een atser mist de zachtheid van de h. Het is een nare gast, een ellendeling, iemand die atst. Daar zit geen nuance bij.

In mijn omgeving loopt zo’n type rond. Het is een vader bij de sportclub van een van mijn kinderen. Ik houd het bewust vaag, want anders gaat die atser misschien nog veel atseriger atsen dan ie nu al doet. Hij geeft vrouwen geen hand (niet eens uit geloofsovertuiging, maar omdat hij op ze neerkijkt, hoewel dat uiteraard hetzelfde kan zijn), hij kaffert kantinepersoneel uit, hij brult zijn kind het veld op. 

Onaangename man kortom. “Een gluiperd van het suiverste woater,” zou mijn Jordanese opa hebben gezegd. Om er schouder­ophalend aan toe te voegen: “Maar ja, die heb ook een moeder.”

Ergens is het lekker mensen in deze categorie te proppen. Hoe lekker, dat blijkt als ons wereldbeeld noodgedwongen wordt gekanteld. Bijvoorbeeld nu de man die vorige week de dader van de dodelijke steekpartij op de London Bridge uitschakelde een veroordeelde crimineel bleek te zijn. In 2003 heeft James Ford een meisje met een verstandelijke beperking gewurgd en de keel doorgesneden. Nu, in 2019, overmeesterde hij Usman Khan en pakte zijn mes af zodat de terrorist niet nog meer slachtoffers zou maken. Een held? Of toch een atser?

Gevoelsmatig zeg ik het laatste, maar feit blijft dat Ford wel degelijk iets heel belangrijks goed deed. Het is verwarrend als goed en kwaad verenigd blijken. Dat zag je ook bij Ferdi E. Enkele maanden na de moord op ­Gerrit Jan Heijn solliciteerde hij bij Amnesty International, zo vertelde Tim Krabbé zaterdag in de Volkskrant. Zijn vrouw vroeg later of E. de familie Heijn zou zijn blijven afpersen, mocht hij daar zijn aangenomen. “Niet schrikken, maar ik denk van wel.”

Een afperser en gijzelnemer die werkt bij een goed doel, wie of wat is zo iemand?

Het wrikt en wringt in mijn hoofd. Ik houd van duidelijkheid. Van woorden die meteen betekenis hebben, van mensen die je makkelijk kunt indelen. Iemand deugt of hij deugt niet. Een beetje deugen klinkt hetzelfde als een beetje zwanger.

En toch, ergens is er misschien troost. De troost dat zelfs de grootste lampenkap diep vanbinnen in staat is tot iets goeds. De eerstvolgende keer dat ik op het sportveld nadrukkelijk geen hand krijg, zal ik proberen eraan te denken. Onze buurtatser is bij mijn weten al geen moordenaar, dus dat scheelt. Nog even en ik vind het een lieverd. Van het suiverste woater.

Roos Schlikker (1975) is journalist en schrijfster van boeken en toneelstukken. Elke zaterdag schrijft ze een column voor Het Parool.

Reageren? r.schlikker@parool.nl 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden