PlusInterview

Amsterdamse stichting voor ongeneeslijk zieke hockeyer: ‘Je kunt verdrietig en gelukkig tegelijk zijn’

Michiel van der Stadt: ‘Ik ging van wat longklachten naar een onbekende vorm van kanker in mijn hele lichaam, bizar.’ Beeld Ivo van der Bent
Michiel van der Stadt: ‘Ik ging van wat longklachten naar een onbekende vorm van kanker in mijn hele lichaam, bizar.’Beeld Ivo van der Bent

Hockeyer Michiel van de Stadt (25) kreeg eind vorig jaar te horen dat hij een zeldzame en ongeneeslijke vorm van kanker heeft. Met HC Schaap, dat zijn vrienden na het slechte nieuws oprichtten, zamelt hij nu geld in voor kankeronderzoek.

Kim van der Meulen

De chemokuur van Michiel van de Stadt stond de afgelopen weken even op pauze: hij was in Zuid-Afrika, op huwelijksreis. Vorig jaar december kreeg hij te horen dat hij een desmoplastic small round cell tumor (DSRCT) heeft, een zeer zeldzame, ongeneeslijke vorm van kanker. Kort daarna deed hij het enige wat op zijn bucketlist stond: zijn vriendin Sanne ten huwelijk vragen.

Hij studeerde vanuit zijn ziekenhuisbed ook nog af. En dan is er nog de stichting waarmee hij samen met vrienden geld ophaalt voor kankeronderzoek. Daaruit haalt hij veel energie. Ook nu hij, net terug in Amsterdam, in thuisquarantaine zit vanwege corona – hij raakte onlangs voor de tweede keer besmet. “Erg vervelend, maar het is wat het is.”

Hoe ontdekte je dat die tumor in je lichaam zit?

“Daar kwam ik achter in Barcelona, waar we woonden tot ik ziek werd. Alles ging hartstikke goed: ik hockeyde op het hoogste niveau van Spanje, bij FC Barcelona, en deed een master aan Esade, een prestigieuze businessschool. Na de kerstdagen voelde ik me ineens minder fit. Na driehonderd meter hardlopen was ik helemaal gesloopt. Misschien is het corona, dacht ik, hoewel ik daar vanwege de sport wekelijks op werd getest.”

“Mijn huisarts stuurde me door naar het ziekenhuis. Daar bleek dat ik niet alleen corona had, maar ook infecties en drie liter vocht in mijn rechterlong. Absurd dat ik daarmee nog had kunnen lopen, laat staan wedstrijden had gespeeld. Het vocht moest operatief uit mijn long worden verwijderd en ze wilden de infecties onderzoeken, dus ik moest in het ziekenhuis blijven. Lag ik daar, in isolatie, met oud en nieuw.”

“Ik stuurde mijn longfoto’s voor een second opinion naar mijn zus, die als arts-onderzoeker oncologie in het VUmc werkt. Op 1 januari belde ze me. Ze zei: die infecties, dat zijn uitzaaiingen van kanker.”

Je zus heeft de diagnose gesteld?

“De dokters in Spanje vertelden het me uiteindelijk ook. Ze kwamen er alleen niet achter welke vorm van kanker het was. Anderhalve maand deden ze allerlei onderzoeken en steeds meer vormen vielen af. Ergens in mijn hoofd wist ik dat ik naar een steeds naarder scenario ging.”

“Met elke scan bleek het op meer plekken te zitten: mijn longen, lever, milt, endeldarm, de bovenkant van mijn benen. Ik ging van wat longklachten naar een onbekende vorm van kanker in mijn hele lichaam, bizar.”

“Uiteindelijk ben ik naar het Antoni van Leeuwenhoek gegaan, waar ze deze zeer extreem zeldzame kankersoort hebben weten te vinden. Ik moest er rekening mee houden dat ik nog maar een paar maanden te leven kon hebben. Het ongelukkige lot uit de verkeerde loterij.”

Wat ging er door je heen?

“Ik ben heel positief ingesteld, maar toen ik de diagnose hoorde raakte ik compleet in paniek. Mijn hele wereld stortte in. Ik wilde mijn studie afmaken, werken, trouwen, kinderen krijgen, iets van mijn leven maken. Ineens waren veel toekomstplannen van de baan. Het laatste wat je moet doen in deze situatie is een kind op de wereld zetten, en kun je wel een hypotheek krijgen met deze ziekte?”

“Ik heb elke fase gehad, van woede tot verdriet, en heb me vaak afgevraagd: waarom ik? Nog steeds heb ik verdriet om deze situatie, maar dat hoeft niet de overhand te hebben. Mijn moeder is overleden toen ik vijftien was, en van mijn vader heb ik sindsdien geleerd: je kunt verdrietig en gelukkig tegelijk zijn.”

“Laatst zei ik nog tegen Sanne: eigenlijk ben ik nog nooit zo gelukkig geweest. Ik ben afgestudeerd, ben aangenomen bij een werkgever die rekening houdt met mijn situatie, en heb zo veel mensen die om me geven. Ik heb een geweldige vrouw aan wie ik veel heb, een heel fijne familie, de beste vrienden ter wereld.”

Je hockeyvrienden uit Amsterdam zijn zelfs een goed doel begonnen, waarvoor jij je ook inzet.

“Toen die gasten hoorden dat ik begon met een chemotraject, hebben ze de hockeywedstrijden in het teken van mij gezet. Ik kreeg de aanvoerdersband en er was een publiekswissel in de veertiende minuut, omdat ik met nummer 14 speel. En ze begonnen HC Schaap – omdat we zo kunnen blaten – om geld in te zamelen voor kankeronderzoek.”

“We verkopen hockeyshirts, en binnenkort ook polsbandjes en hockeygrips. De opbrengst gaat volledig naar het Antoni van Leeuwenhoek, om anderen in mijn situatie te helpen. Een speler van Flamengo, de grootste voetbalclub van Brazilië, gaat een paar sportshirts signeren. Die gaan we verkopen op een groot diner dat we deze lente willen organiseren, als de schaapjes in de wei staan.”

“Sommige hockeyclubs die mijn verhaal kennen, hebben een paar honderd euro gedoneerd. Dat zijn mooie dingen. Ik hoop dat we er nog lang tijd en energie in kunnen stoppen, en dat onze stichting over een paar jaar een gerespecteerde naam in Nederland is.”

Hoe lukt het om plannen te maken als je toekomst onzeker is?

“In het begin dacht ik: o fuck, mijn toekomstbeeld is slecht, ik moet van alles doen. Of juist: ik moet nu heel rustig aan doen. Maar je leert loslaten en in het nu te leven, met het oog op morgen. Dat is een proces, hoor. De chemokuur hakt erin.”

“Als mijn maten dan in het weekend op pad zijn en mooie doelpunten in sportwedstrijden scoren, ben ik blij voor ze, maar denk ik ook ergens: was ik er maar bij. Maar ik geloof in een betere toekomst. Wie weet wat de wetenschap over een paar jaar kan. Daarom heb ik mijn studie afgemaakt – ik heb vanuit mijn ziekenhuisbed colleges gevolgd en tentamens gemaakt, anders zijn die dagen zo saai – en gesolliciteerd naar een baan.”

“Begrijp me niet verkeerd: ik zit in een kutsituatie. Mijn prognose is slecht, ik zit diep in stadium 4. Dat betekent dat ik ongeneeslijk ziek ben. Maar wat ga ik anders doen, mijn dagen aftellen? Zolang ik me goed voel, blijf ik doen waar ik blij van word. Het leven gaat meer over kwaliteit dan kwantiteit. Daarom werd mijn chemokuur voor de huwelijksreis even op pauze gezet: anders blijf je de mooie dingen uitstellen.”

Hoe voel je je nu?

“Hoewel intern bij mij alles naar de klote is, voel ik me goed. Wel begin ik last te krijgen van de chemokuur – ik heb elf rondes gehad en krijg er nog drie. Als ik daarna uit het ziekenhuis kom, heb ik hoofdpijn en ben ik overprikkeld. Dan moet ik echt even één, anderhalve week niks doen om weer de oude te worden.”

“Omdat die kuur zo’n impact op mijn lichaam heeft, probeer ik zo fit mogelijk te blijven. Een paar keer per week sport ik daarom ’s ochtends een uurtje. Hockeyen op het hoogste niveau lukt niet, want conditioneel ben ik minder goed. Chemo vreet je spieren op. Maar in de week tussen de chemo en de herstelweek in speel ik in een vriendenteam, heel leuk. En als het tegenzit, ben ik gewoon scheids.”

“Het allerbelangrijkste voor mij is nu tijd winnen en de kanker indammen, en dat doen we door die chemo. Daarna kijken we wel verder. Ik hoop op het beste en ga ervan uit dat het nog heel lang gaat duren. En zo niet, dan heb ik een heel mooie tijd gehad.”

Kijk op @hcschaap voor meer informatie over HC Schaap.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden