PlusOuder&Kind

‘Als Raoul in de klas iets zegt, luistert iedereen’

Hester had te doen met zoon Raoul, die door de coronacrisis zo beperkt was in zijn vrijheid. Maar ze zat hem ook achter de vodden om te zorgen dat hij studeerde. ‘Ik weet niet of ik het anders had gehaald.’

Hester en Raoul.Beeld Mark van der Zouw

Hester Jenkins (49)

“Raoul en ik waren twee handen op één buik. We deden alles samen: ­stedentrips, musea bezoeken, dagjes weg. Vanaf zijn twaalfde veranderde dat. Hij ging vaak niet meer mee en wilde opeens niet meer knuffelen. Dat hoort bij zijn leeftijd, zegt hij. Ik hoop dat het ooit terugkomt.

Vanaf mijn vierde tot mijn twaalfde hebben mijn ouders met mij en mijn zus een wereldreis gemaakt. We zijn overal geweest, van Nieuw-Zeeland tot India, de Filipijnen en Griekenland. Soms leefden we op plekken waar je zelf je eten moest zoeken en nauwelijks voorzieningen waren. In die acht jaar ben ik weinig naar school gegaan, maar ik heb ontzettend veel meegemaakt en geleerd. Ik was echt een happy child, alsof ik in de hasjolie was gevallen.

Mijn ouders hebben als kunstenaars op al die plekken hun brood kunnen verdienen. Kunst is mijn levenselixer. In mijn werk als kunsthistoricus probeer ik mensen naar kunst te leren kijken. Als je dat kunt, helpt dat om verschillende perspectieven te zien. Raoul kan dat.

Hij kan goed observeren en zich verplaatsen in anderen. Een docent van school vertelde dat Raoul nog niet in de gaten heeft dat hij een leider is, maar die docent zag dat wel in hem. Als Raoul in de klas iets zegt, luistert iedereen. Hij plaatst zichzelf niet op de voorgrond, maar houdt zijn omgeving in de gaten, dat is juist iets voor de leider van de toekomst.

Mijn zus en ik zijn allebei met een buitenlander getrouwd, zij met een Australiër en ik met een Amerikaan. Dat heeft ongetwijfeld met ons reisverleden te maken. Ik kende mijn man nog maar kort toen ik zwanger werd. Hij heeft razendsnel Nederlands geleerd, want ik wil niet dat twee mensen in een gezin een ‘geheime’ taal hebben die de ander niet verstaat. Nu spreken Raoul en Bill vaak Engels.

Toen Covid-19 begon, vond ik het ingewikkeld voor Raoul omdat het hem beperkte in het vrije leven dat bij zijn leeftijd hoort. Hij houdt erg van chillen en dromen en de dagen vlogen voorbij zonder dat hij iets aan zijn studie deed. Soms dwong ik hem een stuk te schrijven en dat de volgende dag aan mij te geven.

Tegelijk was het heel gezellig. We waren alle drie thuis, ik kookte elke dag lekker, we zwommen voor de deur en hielden buitenborrels op veilige afstand. Van moeilijke momenten mooie momenten maken, dat is wat ik het liefste doe.”

Raoul Jenkins (18)

“Mijn vader heeft het woord corona-kantie bedacht, voor mij voelde het in het begin ook bijna als vakantie. Ik vond het moeilijk om te studeren en mijn ouders hebben me er echt doorheen gesleurd. Toen vond ik het irritant dat ze me steeds aan mijn studie herinnerden, maar nu ik door ben naar het tweede jaar, ben ik blij dat ze me geholpen hebben. Ik weet niet of ik het anders had gehaald.

Ik studeer elektrotechniek, waarin we ons onder meer bezighouden met de aansturing van computers. Mama begrijpt het inhoudelijk niet, maar ze hielp me vooral om te snappen wat de opdracht is en precies te weten wat ik moest doen. Papa is strikter, die wil dat ik uit mezelf hard werk en mijn studie in één keer haal. Mama probeert in alles de lol te vinden. Zij vindt het ook belangrijk dat ik mijn sociale leven opbouw.

Net als mijn vader houd ik mezelf vaak stil als ik in een nieuwe situatie ben waarin ik me niet helemaal op mijn gemak voel. Mama heeft dat niet, die is zo sociaal. Ik oefen om meer te worden zoals zij. Als ik met vrienden uitga, zoek ik nieuwe situaties die net buiten mijn comfortzone liggen. We zijn vorige maand met een groepje naar Málaga gegaan, dat was voor het eerst dat ik zonder mijn ouders op vakantie was, en daar zijn we veel uitgegaan en heb ik bewust met nieuwe mensen gepraat.

Ik voel me Nederlands en Amerikaans. Ik heb beide nationaliteiten en ben trots op alle twee. Ik wil graag een tijdje in Amerika studeren als dat weer kan. Een groot verschil tussen Amerika en Nederland is dat Amerikaanse kinderen zich er al heel jong bewust van zijn dat ze hard moeten werken voor hoge cijfers om op goede scholen te komen. Hier bouw je dat langzamer op.

Maar er zijn ook binnen Nederland verschillen. Wij hebben een huis in Terneuzen, dat is het oude atelier van mijn opa. Ik kom daar al sinds mijn geboorte en heb er veel vrienden. Er zijn daar minder goede scholen dan in Amsterdam en jongeren leven er meer op straat. Mijn vrienden vinden al snel dat school ze klein houdt, waardoor ze minder hard werken en sneller naar het straatleven neigen.

Hester wil me vaak knuffels en kusjes geven. Dan duik ik weg. Op mijn leeftijd neem je afstand van je ouders, maar ik vind het eigenlijk wel fijn als mijn ouders zo duidelijk laten zien dat ze van me houden.”

Hester Jenkins (49), kunsthistoricus en adviseur kunsteducatie in Zeeland
Bill Jenkins (51), jurist bij de Rabobank
Raoul Jenkins (18), tweedejaars ­student engineering aan de ­Hogeschool van Amsterdam
Hester, Bill en Raoul wonen in een appartement in Zeeburg.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden