PlusReportage

Almere viert zijn 45ste verjaardag met pionier Theo Holtslag: ‘Hier ben ik 365 dagen per jaar op vakantie’

Terwijl Amsterdam zich voorbereidt op het 750-jarig bestaan, viert dertig kilometer verderop Almere zijn 45ste verjaardag. Pionier Theo Holtslag (73) streek er in 1976 neer als een van de eerste bewoners van het nieuwe land.

Patrick Meershoek

De foto’s laten een eenzame woning zien in een uitgestrekte kale vlakte, zo ver als het oog reikt. Het was een dienstwoning, vertelt Theo Holtslag, die hoorde bij zijn baan als machinist bij de graansilo Hagevoort. “We woonden er met twee gezinnen. Ik was met mijn meisje en mijn eerste kind uit Lelystad gekomen. We kregen meteen een strenge winter voor onze kiezen. Ik moest in de omgeving op zoek naar hout voor de allesbrander. Het was echt de middle of nowhere. Mijn vrouw en ik hebben allebei een agrarische achtergrond, dus die eenzaamheid deed ons niet veel. We hadden een heerlijke tijd, ook met de kinderen. Ik genoot van die verlatenheid.”

Theo Holtslag laat wat oude foto's zien uit de begintijd van Almere. Hij is een van de eerste bewoners van Almere, dat zijn 45ste verjaardag viert. Op de bovenste foto de dienstwoning. Beeld Dingena Mol
Theo Holtslag laat wat oude foto's zien uit de begintijd van Almere. Hij is een van de eerste bewoners van Almere, dat zijn 45ste verjaardag viert. Op de bovenste foto de dienstwoning.Beeld Dingena Mol

Anno 2021 telt Almere meer dan 200.000 inwoners. Maar ook de achtste stad van het land is ooit met niets begonnen. Dat was in november 1976, toen de eerste bewoners neerstreken in de eerste opgeleverde woningen van Almere Haven. In het jaar daarvoor was al een aantal kwartiermakers gehuisvest in noodwoningen: een politieman, een huisarts, een jachtopziener.

Holtslag had in september zijn dienstwoning betrokken. Hij was al werkzaam in het gebied geweest, als medewerker van het Openbaar Lichaam Zuidelijke IJsselmeerpolders. “Ik stond met een vlag in de klei om een vliegtuigje te wijzen waar het koolzaad moest worden uitgestrooid.”

In 1976 kreeg de nu 73-jarige Holtslag zijn betrekking bij Hagevoort en werd hij officieel Almeerder. Zijn tweede zoon was de eerste baby van de stad in wording. “Er was nog helemaal niets. Mijn collega en ik reden een keer in de week samen naar Lelystad om boodschappen te doen. De kinderen gingen naar de crèche, elke ochtend reed er een taxi voor om hen op te halen.”

De plannen voor Almere waren op dat moment nog groots. Er is ruimte voor een half miljoen inwoners, was het uitgangspunt. Holtslag: “De woningen werden in een moordend tempo opgeleverd. We zagen vanuit ons huis de stad steeds dichterbij komen.”

Nieuwe groeistuip

De oude dienstwoning ging eind jaren tachtig tegen de grond, het niemandsland van toen is nu de woonwijk Tussen de Vaarten. Almere groeide als kool, met nieuwe kernen als Almere Stad, Almere Haven, Almere Buiten en Almere Hout. Een nieuwe groeistuip is aanstaande, met plannen voor nog eens 60.000 woningen die in de komende tien jaar moeten worden gebouwd. Bijna de helft daarvan moet de nieuwe kern Almere Pampus vormen, een uitbreiding die Almere nog dichter bij Amsterdam brengt. Holtslag: “We hebben hier de ruimte. Er wordt soms zelfs gesproken over een nieuwe drooglegging, die van het Markermeer.”

Theo Holtslag in zijn volkstuin. 'Ik ben hier elke dag, al dertig jaar lang.' Beeld Dingena Mol
Theo Holtslag in zijn volkstuin. 'Ik ben hier elke dag, al dertig jaar lang.'Beeld Dingena Mol

De pionier bezingt zijn liefde voor het nieuwe land in zijn volkstuin, onderdeel van volkstuinvereniging De Kluitenduikers. Het is een tuin om door een ringetje te halen: de andijvie, krulsla en wortels staan keurig in het gelid, er is een kas voor de druiven en een ingenieus systeem voor de bewatering. “Ik ben hier elke dag, al dertig jaar lang,” zegt Holtslag. “Als mensen vragen waarom ik niet op vakantie ga, zeg ik dat ik 365 dagen per jaar op vakantie ga. Op mijn vaste adres: 600 kilometer ten noorden van Parijs. Almere heeft alles.” Wijzend naar de Amsterdamse vlag die wappert aan een mast in de tuin. “Nou ja, bijna alles.”

Want wat Almere niet heeft, is voetbalclub Ajax. Begin jaren zeventig had Holtslag in Amsterdam een bijbaantje gevonden in stadion De Meer. Eerst als steward, daarna als hoofdsteward, een functie die hij uiteindelijk tot 2013 zou vervullen. Ook daar zijn foto’s van. Holtslag in een fluorescerend hesje in de frontlinie tussen supporters en de mobiele eenheid. “Ik heb ook wel flinke klappen gekregen hoor. Maar ik wist me doorgaans aardig te redden. Als supporters zich misdroegen, was ik geen politieman. Ik ging naar zo’n jongen toe en waarschuwde hem dat hij moest oppassen omdat de camera’s hem in de gaten hielden. Dat was vaak voldoende om iemand te kalmeren.”

Een steward staat met de rug naar het veld, dus Holtslag heeft alle grote sterren van Ajax door de jaren heen vooral niet zien scoren. “Dat hield ik mijn stewards ook steeds voor: als je de wedstrijd wilt zien, moet je een seizoenskaart kopen.” Als begeleider van de supporters reisde Holtslag samen met de club wel de hele wereld over – van Moskou tot Tel Aviv. Zijn reputatie maakte dat hij ook werd opgetrommeld voor de wedstrijden van Oranje. “In 1998 heb ik op het WK in Frankrijk Dennis Bergkamp zien scoren tegen Argentinië. Ik had uitgerekend die wedstrijd een plek gekregen bij de cornervlag. Ik krijg kippenvel als ik eraan denk.”

Edwin van der Sar

Bij zijn afscheid in 2013 kreeg Holtslag een onvergetelijk eerbetoon voor al die jaren in de vuurlinie. Edwin van der Sar hield een mooie speech in een volle Arena, de hoofdsteward werd ter plaatse benoemd tot lid van verdienste en de supporters zongen hem toe. Glunderend: “De harde kern liet een vuilniszak rondgaan in het vak om geld voor me in te zamelen. Dat leverde nog best een fors bedrag op, maar het stonk enorm naar wiet.” Als lid van verdienste beschikt Holtslag over een entreekaart voor het leven. Hij geniet van het huidige Ajax, maar het team dat in 1995 onder Louis van Gaal de Champions League won, daar kan nooit meer iets tegenop.

Goed, genoteerd. Maar kunnen we nu misschien terug naar Almere? Daar ging dit verhaal namelijk over. In 1988 werd de graansilo buiten bedrijf gesteld en stapte Holtslag als chauffeur op de bus. “Ik reed verschillende lijnen. Naar Lelystad, naar Utrecht, naar Amsterdam en Schiphol. De trein reed nog niet, dus het was altijd druk.”

Een bijzondere dienst waren de discobussen naar Bussum in het weekend. “Er was hier in Almere weinig te doen voor de jeugd. In Bussum waren cafés en discotheken. Om drie uur ’s nachts pikte ik iedereen weer op. Het was weleens onrustig, maar ik was gewend aan de supporters. Ook op de bus gold: je moet contact maken met de rotzakken.”

De kinderen van Theo Holtslag, een van de eerste bewoners van Almere. Beeld Dingena Mol
De kinderen van Theo Holtslag, een van de eerste bewoners van Almere.Beeld Dingena Mol

Ook vrolijk wapperend in de tuin: een vlag van de Floriade, die komend jaar in Almere wordt gehouden. Daar meldde Holtslag zich aan als vrijwilliger met groene vingers nadat hij in 2018 als chauffeur was afgezwaaid. “Ik kan slecht stil zitten,” legt hij uit. “Als je bent opgegroeid op een boerderij, weet je niet beter. Ik heb als chauffeur nog gependeld voor de Floriade in Venlo. Toen ik hoorde dat Almere aan de beurt was, ben ik er meteen op afgestapt.” Op het Floriadeterrein onderhoudt hij een moestuin en fungeert hij als onbezoldigd en enthousiast ambassadeur die alles weet over het verloop van de werkzaamheden die nog in volle gang zijn.

De symboliek is onmiskenbaar. De man die vijftig jaar geleden met een vlag in een kale vlakte stond om het vliegtuig met koolzaad naar de juiste plek te leiden, staat nu in het hart van een grote stad te kijken naar de bouw van de Japanse, Duitse en Franse paviljoens. De Floriade moet een halfjaar de aandacht van de hele wereld op Almere vestigen, en dan maar hopen dat corona geen roet in het eten gooit.

Holtslag is optimistisch. “Jullie mogen wel oppassen,” zegt hij en lacht. “We hebben de naam van Amsterdam toegevoegd aan de Floriade omdat in het buitenland niemand weet waar Almere ligt. Na de Floriade zal dat andersom zijn.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden