Door zijn roem wordt Aboutaleb zelfs regelmatig op straat aangeklampt voor advies.

Plus Voorpublicatie

Ahmed Aboutaleb: van nieuwslezer tot burgemeester

Door zijn roem wordt Aboutaleb zelfs regelmatig op straat aangeklampt voor advies. Beeld Hollandse Hoogte / Martijn van de Griendt

De journalisten Ruben Koops (Het Parool) en Elisa Hermanides (Trouw) schreven de biografie Ahmed Aboutaleb – Overal de eerste. De voormalig wethouder van Amsterdam begon zijn carrière als vaste nieuwslezer bij Migrantentelevisie Amsterdam. Een voorpublicatie.

De rij voor debatcentrum de Rode Hoed op de Keizersgracht is lang: de groep mensen reikt tot aan de Noordsche Compagniebrug, vijftig meter verderop. Ze komen voor een debat over een brandende kwestie: het multiculturele drama dat zich volgens publicist Paul Scheffer aan het voltrekken is in de Nederlandse samenleving. Het is 21 ­februari 2000, drie weken na het verschijnen van ­Scheffers controversiële essay in NRC Handelsblad. De sfeer in de zaal is geladen, haast agressief. Iedereen in het debatcentrum is in de ban van het onbehagen over de steeds grotere invloed van allochtonen op de samenleving, een gevoel waar tot voor kort nog nauwelijks over werd gesproken. Roger van Boxtel, minister van Grote Steden- en Integratiebeleid, en zijn ambtenaar Walter Palm zijn al binnen.

Het is niet voor het eerst dat de uit Curaçao afkomstige Palm aanwezig is bij een debat over minderhedenbeleid; hij houdt zich daar als ambtenaar al sinds 1982 mee bezig. Maar meestal moest hij voor dit soort bijeenkomsten naar rokerige achterafzaaltjes in buurthuizen, gevuld met mensen uit het welzijnswerk en vertegenwoordigers van minderheden zelf. Niet eerder vond een dergelijk debat plaats in een groot en statig centrum als de Rode Hoed. Overal waar Palm kijkt, ziet hij witte mensen, de Nederlandse intellectuele elite heeft zich hier vanavond ­verzameld.

Verdeeldheid

Van Boxtel maakt zich zorgen over alle aandacht en commotie. Hij ziet wel dat Scheffer een punt heeft, maar hij vreest dat het benoemen van alle problemen leidt tot ­verdere verdeeldheid in de samenleving.

Scheffer maakt in zijn essay korte metten met het dan nog heersende idee dat het ‘best goed’ gaat met de integratie van migranten in de Nederlandse samenleving. Hij wijst erop dat generaties allochtonen kampen met grote achterstanden op school en op de arbeidsmarkt. ‘Werkloosheid, armoede, schooluitval en criminaliteit hopen zich op bij de etnische minderheden,’ schrijft Scheffer.

Hij spreekt zelfs van een nieuwe etnische onderklasse. Bovendien waarschuwt hij voor het conservatieve karakter van de ­islam. Scheffer lijkt de controverse haast op te zoeken door in zijn essay ook aan de kaak te stellen dat er in de islamitische cultuur een gebrek is aan een duidelijke scheiding tussen moskee en staat. Het is voor het eerst sinds Frits Bolkestein in 1991 dat iemand zulke harde uitspraken doet over minderheidsgroepen en over de islam – de Centrum Democraten van Hans Janmaat daargelaten. Het opmerkelijke is vooral dat de kritiek dit keer komt van een vooraanstaande intellectueel, die actief is voor de Partij van de Arbeid, de partij die erom bekendstaat de belangen van migranten te behartigen.

Na afloop van een Young Urban Politics-debat voert Aboutaleb een heftige discussie met een van de jongeren (2005). Beeld Hollandse Hoogte / Peter Hilz

Ook Ahmed Aboutaleb, dan 38 jaar, is aanwezig die avond. Als directeur van multicultureel instituut Forum is hij in korte tijd uitgegroeid tot de voorman van alle ­migrantengroepen in Nederland. Terwijl zo’n 450 bezoekers een plek zoeken in de zaal, overlegt Aboutaleb met de andere hoofdrolspelers van die avond: Van Boxtel, ­gespreksleider Michaël Zeeman en natuurlijk Paul Scheffer zelf. Scheffer en Aboutaleb hebben elkaar een paar ­­dagen eerder voor het eerst ontmoet in hotel Krasnapolsky. Scheffer was nieuwsgierig geworden na het lezen van een interview met Aboutaleb in Vrij Nederland, waarin de voorman van Forum reageert op ‘Het multiculturele ­drama’. Het is voor Scheffer belangrijk dat juist iemand met Aboutalebs achtergrond het essay op waarde schat. Op de belangrijkste punten zijn ze het eens. Aboutaleb heeft het zelfs over ‘een integer werkstuk’. Zo vindt Aboutaleb net als Scheffer dat allochtonen te weinig op hun ­eigen verantwoordelijkheid zijn aangesproken.

Dat is ook wat Aboutaleb de zaal vertelt, die avond in de Rode Hoed. Te veel migranten staan met hun rug naar de samenleving, waardoor ook hun kinderen weinig moeite doen om te integreren. Aan de andere kant hebben ­Nederlanders te laat ingezien dat je van de eerste generatie gastarbeiders heus wel mag verwachten dat ze hun ­kinderen laten integreren in het nieuwe thuisland, zegt Aboutaleb. Net zoals Scheffer ziet hij dat er zich een ­sociaal-economisch drama heeft voltrokken.

Op een ander punt verzet Aboutaleb zich tegen Scheffers analyse. In zijn ogen zijn de integratieproblemen niet te wijten aan de islamitische cultuur. Hij kan zich uitstekend vinden in de leus ‘integratie met behoud van identiteit’ uit de jaren zeventig. Aboutaleb is immers zelf het perfecte voorbeeld van een migrant die is geïntegreerd met behoud van identiteit. Dat Aboutaleb tot zijn ­vijftiende in Marokko heeft gewoond, heeft hem nooit belemmerd tijdens zijn leven in Nederland, zegt hij die avond tegen de zaal.

CV
29 augustus 1961, geboren te Beni Sidel in Marokko

1976 Ahmed Aboutaleb arriveert in ­Nederland
1978 - 1987 Aboutaleb behaalt achtereenvolgens diploma’s aan de lts, de mts en de hts
1979 Aboutaleb richt de Haagse Marokkanen Vereniging op
1982 Eerste klus als journalist bij Radio Thuisland
1982 - 1991 Zelfstandig journalist, werkt in opdracht van onder andere Veronica Radio, Radio Stad Amsterdam, Radio Noord-Holland, RVU, Radio West, Migrantentelevisie Amsterdam, Migrantentelevisie Den Haag, de ­Ontbijtshow en RTL Nieuws
1991 - 1994 Woordvoerder op het ministerie van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur voor staatssecretaris Hans Simons en minister Hedy d’Ancona
1994 - 1996 Hoofd voorlichting van de Sociaal-Economische Raad (SER)
1996 - 1998 Manager communicatie bij het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS)
1998 - 2002 Directeur van multicultureel instituut Forum
2002 - 2004 Topambtenaar bij de gemeente Amsterdam
2004 - 2007 Wethouder Sociale Zaken, Onderwijs en Integratie in Amsterdam (PvdA)
2007 - 2008 Staatssecretaris van Sociale Zaken (PvdA)
2009 - heden Burgemeester van ­Rotterdam

Aboutaleb heeft vijf zussen en een broer. Een van zijn zussen is overleden, een ander woont in Marokko. Hij is getrouwd met Khaddouj Erahoutan en heeft vier kinderen: Yasmina, Nadir, Roufaida en Amira.

Hoewel de eerste jaren in Nederland ook voor Aboutaleb niet makkelijk waren, heeft zijn Marokkaanse achter- grond hem er inderdaad niet van weerhouden carrière te maken. Hoe komt het dat juist hij de spreekbuis is geworden van multicultureel Nederland? En in hoeverre heeft hij hierbij zijn eigen identiteit behouden?

Persbureau Buitenlanders

Aboutaleb zit begin jaren tachtig als beginnend journalist niet stil. Op zijn 21ste richt hij samen met Deger Hammudoglu, Mustapha Oukbih en een paar andere migrantenjongeren het Persbureau Buitenlanders op. Het doel van de jonge ­twintigers is om met artikelen over minderheden de vooroordelen die er bestaan te bestrijden. Na de start in de ­lente van 1983 komt de klad er echter gauw in, onder andere ­omdat Aboutaleb het steeds drukker krijgt met andere klussen. Zo werkt hij in de jaren tachtig onder meer bij ­Radio Veronica, Radio Stad Amsterdam, Radio Noord-Holland, RVU en Radio West. Hij doet steeds opdrachten voor meerdere werkgevers tegelijkertijd, omdat het geen volledige banen zijn en hij anders geen behoorlijk inkomen bij elkaar kan sprokkelen. Zolang de klussen niet met elkaar conflicteren, is dat geen probleem, zo redeneert Aboutaleb.

Winactie
Win een gesigneerd exemplaar van Ahmed Aboutaleb, Overal de eerste. Doe hier mee.

Aboutaleb maakt in zijn journalistieke carrière dankbaar gebruik van zijn achtergrond. ‘Zeker destijds, in het begin van de jaren tachtig, liepen er in het medialandschap ­weinig mensen rond met een kleurtje,’ zegt hij daarover ­later in een interview met De Telegraaf. ‘En met de jaren groeide de vraag en bleef het aanbod klein.’ Dat blijkt ook uit een artikel van Trouw in 1986: Aboutaleb is de eerste journalist met een migratieachtergrond bij een landelijke omroep.

Veel van Aboutalebs journalistieke werk draait om ­migranten. Vanaf 1984 doet hij jarenlang klussen voor ­Migrantentelevisie Amsterdam en vanaf 1986 ook voor ­Migrantentelevisie Den Haag. Deze televisie-uitzendingen voor migranten zijn halverwege de jaren tachtig ­belangrijke informatiebronnen voor de groeiende groep allochtonen. Schotelantennes om televisiekanalen uit het buitenland te ontvangen, zijn dan nog geen gemeengoed en migranten beheersen de taal vaak te slecht om naar ­Nederlandse televisie te kijken. Ondersteund met ­gemeentelijke subsidies krijgen jonge migranten grote vrijheid om televisie-uitzendingen te maken. In Amsterdam wordt er maandelijks voor elke minderheidsgroep (Antillianen, Zuid-Amerikanen, Surinamers, Marokkanen en Turken) een apart programma gemaakt van een uur in de eigen taal. Een van de impliciete uitgangspunten van Migrantentelevisie is dat migranten hun weg moeten vinden in de Nederlandse samenleving, maar dat ze daarbij hun eigen taal en cultuur kunnen blijven koesteren. Het past bij het overheidsbeleid van die tijd.

Fragment Migrantentelevisie uit de jaren tachtig met Aboutaleb als nieuwslezer.

Aboutaleb heeft, als hij in 1984 aan de slag gaat voor ­Migrantentelevisie Amsterdam, al enige journalistieke ­ervaring en wordt daarom direct de vaste nieuwslezer voor de maandelijkse uitzendingen in het Arabisch. Het werk voor Migrantentelevisie is journalistiek gezien niet altijd even interessant, omdat de uitzendingen ook ­fungeren als een informatiekanaal van de gemeente. Aboutaleb maakt voorlichtingsfilms en presenteert het zogeheten ‘sociaal journaal’, waarbij hij bijvoorbeeld ­achter elkaar de adressen en telefoonnummers van de verschillende arbeidsbureaus in de stad opdreunt. Zo moet Migrantentelevisie de vele migranten die begin jaren tachtig werkloos zijn, helpen bij het vinden van een nieuwe baan. Verder vertaalt Aboutaleb de Arabische ­teksten van de uitzendingen in het Nederlands, zodat de ­uitzendingen ondertiteld kunnen worden.

Korte fictiefilm

Daartegenover staat dat Aboutaleb verder naar hartenlust kan experimenteren. Zo schrijft en regisseert hij in ­januari 1988 zelfs een korte fictiefilm, genaamd Is het mijn fout? Hierin portretteert Aboutaleb, dan 26 jaar oud, een aantal Marokkaanse jongeren die problemen hebben met hun ouders, de eerste generatie gastarbeiders die weinig begrijpen van het leven als migrantenjongere in de Nederlandse samenleving. De kijker leert een meisje ­kennen dat niet naar verjaardagsfeestjes mag, een jongen die van zijn vader geen geld krijgt voor een schoolreisje en een meisje dat vreest dat haar ouders haar achterlaten in Marokko omdat ze een leeftijd heeft waarop ze uitgehuwelijkt kan worden. Het is alsof Aboutaleb met deze film een uitlaatklep zoekt voor de frustraties van migrantenkinderen. Misschien zelfs ook van zijn eigen ergernissen. Een jongen in de film, genaamd Karim, heeft het erover dat hij sinds zijn komst naar Nederland niets meer aan zijn moeder kan vragen. Zijn vader is nu degene die de besluiten neemt. “Vroeger zagen we hem alleen in de vakantie,” zegt Karim. “Maar nu heeft hij het voor het ­zeggen.”

Na de moord op Theo van Gogh in 2004 werd Aboutaleb, toen wethouder van Amsterdam, zwaar bewaakt vanwege doodsbedreigingen aan zijn adres. Beeld ANP

De film en de daaropvolgende discussie heeft een ­behoorlijke impact op de Marokkaanse gemeenschap.

Na de uitzending krijgt Migrantentelevisie een hoop ­telefoontjes en Aboutaleb ziet zich genoodzaakt om een maand later nog eens uitgebreid de reacties van het ­publiek te behandelen in de televisie-uitzending.

Via het maken van dit soort maatschappelijke programma’s groeit Aboutaleb in de jaren tachtig uit tot een ­bekendheid binnen de Marokkaanse gemeenschap. En dat terwijl de Arabische uitzendingen in de grote steden niet eens zo makkelijk te volgen zijn voor de Marokkaanse migranten: de meeste van hen spreken namelijk alleen Berbers. Toch kijken ze, vaak met hulp van een familielid dat wel Arabisch begrijpt en het kan vertalen. Door zijn roem wordt Aboutaleb zelfs regelmatig op straat aangeklampt voor advies.

Ahmed Aboutaleb; Overal de eerste, Elisa Hermanides & Ruben Koops, De Bezige Bij, 304 pagina’s, 24,99. Beeld De Bezige Bij

Achmed Baâdoud, die het later zal schoppen tot ­stadsdeelvoorzitter van Nieuw-West, is een van die Marokkaanse Amsterdammers die Aboutaleb geregeld op ­televisie voorbij ziet komen. Baâdoud is dan nog een puber. Voor hem heeft Aboutaleb dan de statuur van een bekende talkshowhost en een alwetende ombudsman. “Iedereen keek tegen hem op,” vertelt Baâdoud als hij erop terugblikt. “Hij was een rolmodel, en tegelijk een bron van informatie. Hij wist welke ­documenten je nodig had voor de reis naar Marokko, ­bijvoorbeeld.” Bovenal ziet de jonge Baâdoud Aboutaleb als een voorbeeld van wat je als Marokkaan allemaal kunt bereiken in Nederland. “Hij bleef niet hangen in wat hij deed en zette steeds nieuwe stappen.”

Buitenbeentje

In de biografie Ahmed Aboutaleb, Overal de eerste ­proberen Parool-journalist Ruben Koops en Trouw-­verslaggever Elisa Hermanides het succes van Ahmed Aboutaleb (58) te verklaren. Geboren op het Marokkaanse platteland komt hij in 1976 via gezinshereniging in een Haagse achterstandswijk terecht. Hij ontworstelt zich aan armoede en sociale achterstand en groeit uit tot burgemeester van Rotterdam. De basis van zijn bekendheid ligt in Amsterdam, waar de PvdA-wethouder beroemd werd met zijn harde woorden richting moslims na de moord op Theo van Gogh in 2004. Geen verrassing voor veel Amsterdammers, want Aboutaleb is altijd een buitenbeentje geweest in het migratiedebat. Zijn harde woorden komen niet uit het niets.

Avond in De Balie
Op 14 december organiseert Het Parool een middag rondom de biografie van Ahmed Aboutaleb in De Balie. Met onder andere de auteurs, Elisa Hermanides en Ruben Koops, Sofyan Mbarki (fractievoorzitter PvdA Amsterdam) en publicist Paul Scheffer. Meer informatie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden