PlusInterview

Advocaat kroongetuige: ‘Je bent zijn advocaat, maar ook zijn moeder en zijn vader’

Onno de JongBeeld Marie Wanders

Onno de Jong (62) is kroongetuigeadvocaat en staat momenteel Nabil B. bij in het grote proces tegen Ridouan Taghi. Zonder beveiliging kan hij niet. ‘Elke keer als dat ik dat safehouse binnenkom, denk ik aan de moord op Wiersum.’

In een van de mooiste kantoorpanden in het hart van Den Haag, geheel opgetrokken in de stijl van de Amsterdamse School, zit Onno de Jong achter zijn bureau. Advocaat, ­specialist in het bijstaan van kroongetuigen en partner van ICE Advocaten: in case of emergency. Bel eerst je advocaat, dan de ambulance.

Naar buiten kijken gaat niet, want als je naar buiten kunt kijken, kun je ook naar binnen kijken en dat is in het geval van De Jong niet de bedoeling. Sinds kort staat hij, samen met zijn collega Peter Schouten en Peter R. de Vries, Nabil B. bij, kroon­getuige in Marengo, het grote proces tegen de criminele organisatie van Ridouan Taghi. Daarbij lieten de broer van B. en zijn advocaat Derk Wiersum al het leven.

Wat dacht u toen u werd gebeld door Nabil B.?

“Ik vond het fijn dat hij me vroeg. Het is toch de grootste strafzaak ooit en daar mag ik nu deel van uitmaken.”

U voelde professionele trots?

“Ik denk dat dat het was.”

Geen angst?

“Nee.”

Of dacht u: hoe ga ik dit mijn vrouw ­vertellen?

“Eerst zeg je: ik moet nog met hem ­praten, misschien liggen we elkaar wel niet, misschien gaat het wel helemaal niet door. Maar ja, op een gegeven moment kom je thuis en vertel je dat het wel klikt. Mijn vrouw zei: ‘Dat dacht ik wel.’ We hebben er niet lang over gepraat. Ze is wel wat gewend.”

Acteur zou hij worden. Maar na vier jaar ploeteren bij het jeugdtheater van Wim Zomer in Apeldoorn was het gedaan met de toneelcarrière. Niet genoeg talent. “Ik kwam geen stap verder, dus ik dacht: kappûh,” zegt de geboren Hagenees. “Zoals zovelen ben ik rechten gaan studeren. Het eerste jaar vond ik verschrikkelijk, maar gaandeweg de studie kwam de interesse in het strafrecht.”

Vroeger, thuis in Loosduinen, werd er tot gekmakens toe gesproken over de oorlog. Zijn vader, Joods, lid van de Communistische Partij Nederland, onderscheiden met het Verzetskruis, verloor vrijwel zijn hele familie. Zijn moeder, half-Indisch, overleefde het jappenkamp, alvorens ze door Soekarno het land uit werd gezet. Gedeukte mensen.

“Altijd ging het erover,” zegt hij. “Mijn vader had wanden vol met boeken over de oorlog. Behalve een hekel aan verhalen over de oorlog heb ik er ook een enorme aversie tegen overheidsmacht aan over­gehouden, vooral als die wordt misbruikt.”

Heeft dat ook uw keuze voor het strafrecht bepaald?

“Ik sta in elk geval liever aan de kant van het individu dan aan de kant van de almachtige overheid.”

De Jong kreeg eind 2013 voor het eerst met een kroongetuige te maken, toen Fred Ros in het hoger beroep van het grote ­Passageproces rond zeven geruchtmakende afrekeningen in de Amsterdamse onderwereld besloot samen te werken met Justitie. In eerste aanleg was Ros door de rechtbank veroordeeld tot dertig jaar cel, onder meer voor het organiseren van de moord op drugshandelaar Kees Houtman in 2005. Ros’ advocaat Peter Plasman kon hem niet langer bijstaan. Meermaals had Plasman zich kritisch uitgesproken over het middel kroongetuige. Hoe zou iemand die in ruil voor zijn verhaal strafvermindering krijgt ooit betrouwbaar kunnen zijn?

“Nu hij zelf plotseling een kroongetuige als cliënt dreigde te krijgen, kon hij natuurlijk moeilijk volhouden dat die net wél betrouwbaar was,” zegt De Jong lachend. En dus kwam Ros bij hem. Later volgde Tony de G., kroongetuige in het Erisproces tegen leden van motorclub Caloh Wagoh. Zij worden verdacht van het uitzetten, voorbereiden en plegen van meerdere liquidaties. De G. verklaarde dat de opdrachten onder meer uit het netwerk van Taghi kwamen.

Kunt u mij uitleggen wat een kroon­getuige is?

“Een kroongetuige is een verdachte, meestal van zware feiten, die gaat ver­klaren over zijn medeverdachten. Hij moet daarbij ook volledige openheid over zijn eigen handelen geven. In ruil daarvoor krijgt hij iets terug: maximaal vijftig procent vermindering van de strafeis. In eerste instantie gaat zo’n verklaring de kluis in. Pas als er een deal is met Justitie en goedkeuring door de rechter-commissaris, kan de verdachte worden gepresenteerd als kroongetuige van het OM. Komen ze er niet uit, dan blijft de verklaring in de kluis en zal niemand weten dat hij met Justitie heeft gesproken.”

Zo bezien heeft Plasman natuurlijk wel een punt.

“Want?”

Hoe mooier de verdachte zijn verhaal maakt, hoe groter de kans dat hij een goede deal krijgt als kroongetuige.

“Zo fijn is het helemaal niet om kroongetuige te zijn. Meestal zit een verdachte dusdanig in de knel dat hij niet anders kan dan de hulp van Justitie inroepen. En dan nog: van de tien of twintig deals die in werking worden gezet, haalt er ­misschien één de eindstreep. Buiten heeft men vaak al gauw in de gaten dat er wordt gepraat. Dat betekent dat niet alleen jij, maar ook je familie gevaar loopt.”

Dat neemt niet weg dat het loont om je verhaal aan te dikken.

“Dat zou je denken, ja. Maar gedurende het afleggen van die verklaringen loopt een zeer uitgebreid verificatie- en falsi­ficatieonderzoek. Bijna elk woord van de kroongetuige wordt gecheckt. Het is verschrikkelijk moeilijk om een valse verklaring af te leggen, want je moet die ook nog eens vol kunnen houden. En als blijkt dat je niet de waarheid hebt gesproken, kun je het vergeten. Dan is het afgelopen met je deal.”

U kunt uw hand in het vuur steken voor uw cliënten?

“Die verklaringen in Marengo en Eris, die staan als een huis, hoor.” 

Dat antwoord had ik natuurlijk kunnen verwachten van de advocaat.

“Over Ros riep iedereen dat hij een ‘kroonleugenaar’ was. Nou, tot op de laatste letter is alles geverifieerd. Hij heeft geen moment gewankeld.”

Gaat u ook over de beveiliging van de kroongetuige?

“Dat doet een andere advocaat. Die maakt in het geheim afspraken over compensatie, ondersteuning bij het opbouwen van een nieuw bestaan of een andere identiteit. Zo voorkom je dat de strafadvocaat, die in het openbaar opereert, weet wat de beschermingsovereenkomst inhoudt.”

Dus als ze u een pistool op het hoofd zetten?

“Helaas, ik kan ze niet vertellen waar de getuige is gebleven. Ik weet het gewoon niet. Er worden ook geen kopieën gemaakt van die deal. Die blijft in de kluis van de landsadvocaat.”

Nabil B. werd al gepresenteerd als kroongetuige voordat de beveiliging van zijn familie goed was geregeld.

“Daar kan ik je dus niets over vertellen, want daar was ik niet bij betrokken. Maar goed: naar ik heb begrepen is dat niet heel handig gegaan. Je weet dat het gevaarlijk wordt op het moment dat je een kroongetuige bekendmaakt. Dan moet je alle beveiliging op orde hebben.”

‘Op een gegeven moment heb je het helemaal niet meer over de zaak, dan praat je alleen nog over voetbal en auto’s. Over alles eigenlijk.’Beeld Marie Wanders

De kroongetuige, zegt De Jong, staat er helemaal alleen voor. Hij wordt op een geheime plek gedetineerd en mag geen bezoek ontvangen. En als hij begint te praten, zegt zijn omgeving vaak: jongen, zoek jij het lekker uit. Ik wil niets meer met jou te maken hebben.

De Jong: “Dat betekent dat vanaf dat moment alles op jouw bordje komt te liggen. Je bent niet alleen zijn advocaat, maar ook zijn psycholoog, zijn moeder en zijn vader. Bij Nabil B. kunnen we die taken met zijn drieën delen. Maar dan nog: het is heel intensief. Van mij mag een kroongetuige altijd bellen, ook ’s nachts.”

Dat kun je hem maar beter geen rotzak vinden.

“Er moet een klik zijn. Als dat niet zo is, moet je het niet doen.”

Heeft u weleens een cliënt afgewezen?

“Ik zal je vertellen: ik kan niet tegen dierenmishandelaars. Die mensen wil ik niet zien, niet spreken en dus ook niet verdedigen. Ik heb ze op kantoor gehad: een stel dat pony’s mishandelde of jongens die hadden huis­gehouden op een kinderboerderij. Ik hoef ze niet.”

Maar een kindermoordenaar kan wel?

“Die heb ik wel verdedigd, ja. Dat doe ik zonder blikken of blozen.”

Is het raar dat ik dat vreemd vind?

“Dat begrijp ik wel, maar ja... Van mijn vijfde tot mijn achttiende wilde ik niets liever dan dierenarts in Afrika worden. Ik zou daar nog steeds alles voor inruilen, ware het niet dat ik een totale alfa ben. Er is niks mooiers dan beesten. Ik heb een enorme weerzin tegen dierenkwellers.”

Ik heb ook een weerzin tegen mensen die andere mensen vermoorden.

“Je kunt om een heleboel redenen tot een verschrikkelijke daad komen. Als ik zo iemand tegenover mij heb, wil ik weten hoe zo’n persoon in elkaar zit en hoe het zo heeft kunnen gebeuren. Maar voor de mishandeling van een dier bestaat nooit een rechtvaardiging. Een dier mishandelen heeft geen enkele zin. Een dier doet jou geen kwaad.”

Met Ros bent u bevriend geraakt.

“Het eerste wat hij zei toen ik hem ontmoette, was: ‘Ben je niet bang?’ Zat hij daar, drie meter hoog, twee meter breed. ‘Voor jou zeker,’ zei ik. Het ijs was meteen gebroken en vanaf dat moment hebben we ongelooflijk veel plezier gehad.”

Gezellige penoze.

“Een goudeerlijke vent, tegen mij althans. En zo’n hartje.”

Een moordmakelaar.

“Ik weet niet wie die term heeft verzonnen, zo zie ik hem niet.”

Hij is ervoor veroordeeld.

“Dat heeft mij nooit in de weg gezeten. Als je zo’n vriendschap krampachtig af gaat zitten houden, kun je niet meer goed werken. Je zit bijna driehonderd dagen met elkaar in zo’n piepklein hokje in de rechtbank. Dan ga je het niet de hele tijd over de zaak hebben. Op een gegeven moment heb je het helemaal niet meer over de zaak, dan praat je alleen nog over voetbal en auto’s. Over alles eigenlijk. Hij vertelde over zijn familieperikelen. Dan moet je ook iets van jezelf prijsgeven, ­precies wat je bij een gewone cliënt ­probeert te vermijden.”

Kunt u ook zo goed opschieten met Nabil B.?

“Daar kan ik niks over zeggen. Over de persoon van Nabil of Tony zeg ik niks.”

Waarom niet?

“Omdat ik dat niet prettig vind. Ik heb het ook niet met ze afgestemd.”

Welke rol heeft de niet-jurist Peter R. de Vries?

“Er zijn in die Marengozaak veel rand­zaken: veiligheid, familie, noem maar op. Nabil heeft zijn vertrouwen voor dat soort zaken gesteld in Peter R. Er zijn ook media­­zaken; dan wordt hij weer eens voor ­leugenaar uitgemaakt of wordt e­­r een verhaal naar boven gehaald. Voor al dat soort kwesties hebben we Peter R.”

‘Ik benadruk altijd dat wat wij doen als advocaat van een kroongetuige niets anders is dan gewoon een verdachte bijstaan.’Beeld Marie Wanders

Om het werk te verlichten?

“Om te kanaliseren.”

Is het niet vreemd om een journalist in die rol te zien?

“Hij zit in deze zaak nadrukkelijk niet als journalist.”

Dat komt op mij wat geforceerd over.

“Voor ons werkt het goed.”

Hij krijgt alleen niet de bescherming die jullie krijgen.

“Daar zeg ik niks over. De cliënt voelt zich er prettig bij. Het zou alleen prettig zijn als de communicatie makkelijker zou verlopen. Alles loopt nu via ons, want alleen wij mogen Nabil bezoeken. Dat zou ik graag anders zien.”

Het lijkt er niet gezelliger op te worden in advocatenland, de laatste tijd.

“Haha, nee.”

Hoe erg wordt u gehaat door uw collega’s?

“Wat voor geluiden hoor je?”

U bent uitgemaakt voor NSB’er.

“Ja, oké. Die figuur heeft later gezegd dat het niet zo was bedoeld. Het glijdt van me af, wat kan mij het schelen. Maar ja, ondertussen is het wel gezegd. Ik benadruk altijd dat wat wij doen als advocaat van een kroongetuige niets anders is dan gewoon een verdachte bijstaan. Een verdachte die toevallig even wat anders wil.”

En zich daarvoor tegen zijn voormalige kompanen keert.

“Dat gebeurt wel vaker. Ik heb ook gewone zaken waarin de verdachte ineens een bekennende verklaring aflegt en daarmee al zijn medeverdachten meesleept. Ik probeer het te nuanceren. Er zijn advocaten die je neerzetten als een verlengstuk van het OM, als een hulpofficier. Dat is levensgevaarlijk, want dat breng je over op je cliënt. Die gaat ook zo denken: die advocaat zeg, die verrader, die moeten we pakken. Het is stemmingmakerij. Daardoor komen er bedreigingen en misschien wel liquidatieopdrachten.”

Na de moord op Derk Wiersum rouwde de advocatuur massaal. Wat denkt u dan: krokodillentranen?

“Bij een deel zeker.”

Welk deel?

“Ik wil geen namen noemen. Respectabele advocaten, die met niet-juridische middelen bezig zijn stemming te maken tegen de kroongetuige en zijn advocaat. Het deel dat zegt: het zijn leugenaars. Voor de moord op Wiersum heb ik het klimaat al zien verharden, ook in de rechtszaal. Ik heb altijd gevoeld dat het eraan zat te komen.”

Door die stemmingmakerij?

“Ja. Ik heb altijd gedacht: dat moet je niet doen.”

Heeft u collega’s daarop aangesproken?

“Dat kan ik me eerlijk gezegd niet herinneren, dus dat zal wel niet. Ik heb het wel in mijn pleidooien gezegd.”

Hoe heeft u vorige maand de moord op Wiersum herdacht?

“Herdacht, herdacht... Ik denk er elke dag aan. Op de dag van de moord ben ik uit mijn huis gehaald en sindsdien ben ik niet meer thuis geweest. Als advocaat van Tony de G. was ik een mogelijk doelwit van Taghi. Elke keer als ik dat safehouse binnenkom, denk ik aan de moord op Wiersum. En elke keer dat ik word opgehaald door bewapende beveiligers en in een gepantserde auto stap.”

Wat u betreft was een speciaal moment niet nodig?

“Dat is wel nodig. Voor de mensen die het zijn vergeten.”

Waar doelt u op?

“Dan doel ik op de politiek. Na de moord zei minister Grapperhaus oprecht geëmotioneerd dat de moord een aanslag was op de rechtsstaat. Vervolgens heeft hij de beveiliging van de personen die die rechtsstaat overeind houden – advocaten, rechters en officieren – in ­handen gelegd van de Nationaal ­Coördinator Terrorismebestrijding en ­Veiligheid, de NCTV. Een club die dat volstrekt niet aankan. De NCTV is er voor dreiging van terroristische aanslagen, voor grootschalige data-analyses. Nu moesten ze opeens dealen met een gezin dat bedreigd wordt door ­criminelen. Wat krijg je dan? Dat ze zeggen: wat zitten die mensen te zeuren.”

U voelt zich onveilig?

“Wij worden beveiligd door politiediensten. Die doen dat fantastisch. We voelen ons in hun handen volkomen veilig, maar de dreigingsanalyse waarop hun inzet is gebaseerd, wordt gemaakt door de NCTV. Een half jaar nadat Wiersum was vermoord, wilden ze onze beveiliging afschalen. Op de vraag waarom dat was, kwam geen antwoord. Toen ik uitlegde wat ik deed en dat dat nogal wat risico’s met zich meebracht, zeiden ze: ‘Er komen wel meer advocaten, joh.’ Ik was woedend. Ga dat tegen de weduwe van Wiersum zeggen.”

Hoe is het nu?

“Toen ik advocaat van Nabil werd, stond de NCTV binnen tien minuten op de stoep om de beveiliging te regelen.”

Hoe reageerde uw vrouw toen u samen moest onderduiken?

“Die schrok vreselijk, natuurlijk.”

Haar leven is ook volledig overhoop gehaald.

“Volledig.”

Door uw werk.

“Ja, door mijn werk.”

Dat zullen geen gemakkelijke gesprekken zijn geweest.

“Ze heeft me altijd gesteund. Ze heeft nooit gezegd: kap er nou eens mee, ga wat anders doen. Zij heeft er niet voor gekozen, maar ik heb er ook niet voor gekozen. Ik ben in het Passageproces een kroon­getuige bij gaan staan, dat was mijn werk. Dat het zo zou lopen, daar dacht je helemaal niet aan.”

Was dat naïef?

“Het was niet te voorzien. Die jongens van Passage, dat was een theekransje vergeleken met waar we het nu over hebben. Bij het Erisproces zag ik het aankomen, maar toen was het al te laat. Toen kon ik niet meer terug.”

Had u dat gewild als u het had geweten?

“Dat is een moeilijke vraag. Ik weet het niet, ik denk het niet.”

Bent u zo’n held?

“Helemaal niet. Mijn vrouw heeft me wel gevraagd: waarom wil je zo graag Nabil B. doen? Ik heb geantwoord: omdat mijn handen jeuken. Ik zag geen enkele reden om het niet te doen. Ik ben geen advocaat geworden om me om te draaien op het moment dat het moeilijk wordt. Dan had ik net zo goed ambtenaar op het ministerie van Justitie kunnen worden.”

Heeft u kinderen?

“Daar praat ik niet over. Ik woon met mijn vrouw.”

Voelt u zich weleens schuldig?

“Tegenover mijn vrouw? Zeker. Het raakt mij dat haar leven is ontwricht. Dat doet me pijn. Ik sta er elke dag bij stil. Er is geen ontkomen aan.”

Kinderfoto van Onno de Jong.

Onno de Jong
20 mei 1958, Den Haag

1970-1978 Thomas More College (mavo, havo, vwo), Den Haag
1978-1982 Theater Wim Zomer, Apeldoorn
1982-1987 Studie rechten, Universiteit Utrecht
1990-2019 Ausma De Jong Advocaten
2012-2017 Rechter-plaatsvervanger, Gelderland
2019-heden ICE Advocaten, Den Haag

Onno de Jong woont met zijn vrouw in een safehouse.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden