PlusInterview

Ad is al 40 jaar verslaafd aan heroïne: ‘Ik had meer uit het leven kunnen halen’

Ad Sijnke: ‘Naarmate ik ouder word, besef ik dat de kans dat ik iets achterlaat steeds kleiner wordt.’ Beeld Saskia van den Boom
Ad Sijnke: ‘Naarmate ik ouder word, besef ik dat de kans dat ik iets achterlaat steeds kleiner wordt.’Beeld Saskia van den Boom

Fotograaf Saskia van den Boom leerde heroïneverslaafde Ad Sijnke (65) twee jaar geleden kennen en fotografeert hem sindsdien. ‘Er was meteen een klik.’

Tom Grosfeld

Ad Sijnke (65) – ranke bouw, lange witte haren – zit in zijn appartement in Amsterdam-Oost gehurkt op de grond, ­ingeklemd tussen de bank en de bijzettafel. Hij heeft net in de keuken wat heroïne gerookt, en draait nu een sjekkie. Uit zijn cd-speler klinkt Bob Dylan. Hij neemt een slokje bier. Langzaam komt hij tot leven.

Honderden cd’s en dvd’s staan netjes geordend in de kast. Daaromheen liggen veel spullen op plekken waar ze normaal niet liggen. Een scheerapparaat op de bank, een keukenmes op de grond, een lege colafles op de vensterbank.

De dagen van Sijnke zien er allemaal min of meer hetzelfde uit. Hij wordt ergens in de middag wakker en rookt heroïne om zich minder futloos te voelen. In de avond komt Ankie langs, een alcoholverslaafde vriendin uit de buurt, of anders gaat hij naar zijn drinkebroeders in het Oosterpark. Soms doet hij helemaal niets, behalve een filmpje kijken. Hij heeft het voor een verslaafde best goed voor elkaar. Voor een man van 65 wat minder.

Neuken en voetbal

Fotograaf Saskia van den Boom zag Sijnke twee jaar geleden in het Oosterpark. Ze was meteen benieuwd hoe zijn leven eruit zou zien, waarschijnlijk vanwege zijn charmante en open uitstraling. Ze liep naar hem toe en zei dat ze hem graag zou willen leren kennen en fotograferen. Dat vond hij wel leuk.

Ze spraken af bij hem thuis. Van den Boom liet aan een vriendin weten dat ze ernaartoe ging, en ze zou appen als het niet veilig voelde. Na één minuut stuurde ze dat het oké was. Er was meteen een klik.

Ze zag hem vaak heroïne roken, in haar beleving de heftigste drug die er bestaat. Toch vond ze het bij Sijnke niet vreemd. Ze zag dat hij zonder heroïne sloom was en wanneer hij gebruikte, weer ‘normaal’ werd. De drugs en Sijnke, die leken bij elkaar te horen.

“Ik ben zo moe,” zegt Sijnke. Hij gaat volgende week naar een respijthuis in Noord, vier weken afkicken, op kracht komen. “Mijn geheugen laat me in de steek. Laatst nog, zat ik met mijn telefoon in de hand en wist ik niet meer hoe het werkte. En ik vergeet afspraken, bijvoorbeeld met mijn broer. Dat is klote, man.”

Vroeger had hij schijt aan alles, zag nergens gevaar. Nu hij ouder wordt, denkt hij meer na over zijn leven. Hij is bang dat zijn geheugen achteruit blijft gaan. En wat blijft er dan nog van hem over?

Hij zucht. “Ik ben ook zo ontzettend passief. De vloer dweilen, dat komt wel. Ik stel alles uit. Het kost me te veel moeite. Ook daarom wil ik even op kracht komen in het respijthuis. Dat doe ik eens in de zoveel tijd. Vaak als de grond onder mijn voeten te heet wordt. De vorige keer kreeg de halve stad nog geld van me. Liep ik via een omweg, iedereen ontwijkend, naar huis. Kijk, het voordeel van zo’n afkickperiode is dat je er niet alleen van opknapt, maar ook geld bespaart.”

Sijnke is geboren in Rotterdam en groeide op in Den Helder, met zijn ouders en twee broers. “Leuk strand, verder een dom dorp,” zegt hij. Rond zijn twintigste ging hij om met de ‘stoere boys’. Er was heroïne. Hij dacht: als ik verslaafd word, stop ik er gewoon mee. Maar het was lekker, o zo lekker. Hij ging steeds vaker en meer gebruiken. Toen hij erachter kwam dat hij verslaafd was, was het al te laat.

Dat was veertig jaar geleden. Inmiddels drinkt hij er ook stevig bij. Hij kan dat allemaal nét betalen, maar komt ­eigenlijk chronisch geld tekort. Van zijn uitkering houdt hij ongeveer tachtig euro per week over. “Het is een beetje schipperen, marchanderen.”

Soms, wanneer hij met zijn maten in het park aan het zuipen is, denkt hij: wat zit ik hier tussen een stelletje lampendansers. “Het heeft totaal geen diepgang. Het hoeft niet allemaal zwaar filosofisch, maar in het park gaat het alleen maar over neuken en voetbal, en beide doen ze niet.”

Op het podium in Toomler

Gisteren was hij jarig. Een aantal vrienden kwam langs om het te vieren. Ankie was er ook. Ze komt wel drie keer per week, vaak met twee vrienden. Zij halen de boodschappen en de drank, Sijnke kookt. Daarna kijken ze meestal een film. Sijnke vindt het best. Hij drinkt en eet voor niets.

Van den Boom is ook langs geweest. Haar dochter (5) had als cadeautje een tekening voor Sijnke gemaakt. Ze kent hem via de verhalen van haar moeder en van zijn foto’s, die vaak op de eettafel liggen uitgespreid. Eén keer zagen ze elkaar in het Oosterpark. Sijnke kan zich van die dag niets meer herinneren, maar weet nog wel dat de dochter van Van den Boom haar hand naar hem opstak.

Hoewel zijn geheugen hem verontrust, kijkt Sijnke nauwelijks vooruit; hij leeft van dag tot dag. Soms denkt hij: prima als ik morgen doodga. Maar, denkt hij dan, ik heb geen nalatenschap. Behalve: ‘Ad was een junk.’ Dat houdt hem bezig. “Het voelt allemaal zo zinloos. Het is verspild talent. Ik had meer uit het leven kunnen halen. Als ik een kwart van de tijd die ik had besteed aan dope en drank in een studie had gestoken, was ik net als mijn broers ook doctorandus geweest. En naarmate ik ouder word, besef ik dat de kans dat ik iets achterlaat steeds kleiner wordt.”

Ergens in Sijnke broeit nog een klein sprankje hoop dat er iets bijzonders gebeurt. Hij laat regelmatig vallen dat hij ooit op het podium in Toomler wil staan. Hij heeft wel een paar leuke verhaaltjes waar hij iets mee kan, zegt hij.

“Onlangs werd ik in het park aangesproken door een man. Hij begon een heel verhaal over Jezus. Ik onderbrak hem en zei: ‘Meneer, weet u wel dat Judas een geweldige man was?’ ‘Dat kun je toch niet zeggen!’ zei de man. ‘Moet u luisteren,’ zei ik, ‘als Jezus niet was verraden door Judas, had hij ook niet kunnen sterven voor onze zonden, en waren we met zijn allen verdoemd geweest.’ Ik vond hem wel sterk. Zelf verzonnen.”

Sijnke bij de cd-speler in zijn huis. ‘Eens in de zoveel tijd ga ik naar een respijthuis, om even op kracht te komen.’ Beeld Saskia van den Boom
Sijnke bij de cd-speler in zijn huis. ‘Eens in de zoveel tijd ga ik naar een respijthuis, om even op kracht te komen.’Beeld Saskia van den Boom

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden