PlusMijn Amsterdam

Acteur Tobias Nierop mist café Piet de Gruyter

Tobias Nierop (33) speelt Johan Cruijff in 14 de musical, die op 25 september in première gaat. Hij mist café Piet de Gruyter, komt graag in de Oude Kerk en ontstresst in zijn volkstuintje in Noord.

‘Ik stond deze week nog in café Koosje om een koffietje te halen; ik rook  de geur van verschaald bier, heerlijk!’ Beeld Nosh Neneh
‘Ik stond deze week nog in café Koosje om een koffietje te halen; ik rook de geur van verschaald bier, heerlijk!’Beeld Nosh Neneh

Beste plek om te relaxen

“Mijn volkstuintje in Noord. Er komt nu best veel op me af omdat ik die hoofdrol van Cruijff ga spelen, en dat is soms stressvol. Ik vind het heerlijk om dan te tuinieren. Met boomstronken slepen, achter een grasmaaier lopen – dan kom ik helemaal tot rust. Ik ben er meestal wel drie keer per week. Als ik vrij ben nog vaker.”

Museum

“Het Schip in de Spaarndammerbuurt. De architectuur van de Amsterdamse School, en vooral de sociale idealen van die tijd erachter, vind ik heel interessant. Ik ben nu veel in Betondorp, voor mijn rol als Cruijff, en daar zie je dat ook terug. Er staan veel woningen met kleine ramen. Het idee in die tijd: als we kleine raampjes maken, is het gezin meer met elkaar bezig dan met uit het raam hangen, wat bijvoorbeeld veel gebeurde in de Jordaan. Dat fascineert me.”

Het Schip in de Spaarndammerbuurt. Beeld Nosh Neneh
Het Schip in de Spaarndammerbuurt.Beeld Nosh Neneh

Fontein

“De fontein in het Wertheimpark, naast mijn middelbare school. Ik zat altijd met vrienden onder die fontein, het is totaal onduidelijk waarom. Het was onze hangplek. Voor het eerst sterke drank drinken, beetje blowen, rondjes lopen met meisjes, handjes vasthouden, het uit- en weer ­aanmaken, spijbelen. Die plek was toen helemaal stoer, de grote jongens hingen er ook.”

De fontein in het Wertheimpark. Beeld Nosh Neneh
De fontein in het Wertheimpark.Beeld Nosh Neneh

Mijn buurt

“Ik woon in de Staatsliedenbuurt. Een buurt met een rijke geschiedenis: lang een krakersbolwerk, daarvoor de Koperen Knopenbuurt genoemd omdat er zoveel ambtenaren woonden. Nu wonen er veel yuppen, naast ouderen die al van jongs af aan in de buurt wonen. Kortom: een buurt met veel kleuren. Dat maakt het leuk, maar soms ook pittig. Laatst werd een jonge ­jongen neergeschoten, niet voor het eerst. Ik heb altijd gedacht dat ik weer zou weggaan uit de buurt, ook vanwege mijn kleine woning, maar dat weet ik nu niet meer zeker. Een bepaalde commitment met je buurt heeft wel iets moois. Ook ken ik er inmiddels veel mensen. Ik ben een tijd werkzaam geweest als vrijwilliger voor Burennetwerk. Hielp ik mensen met klusjes. Gordijnen ophangen, een kapstok. Je maakt een praatje, drinkt een kop koffie.”

Café

“Mijn favoriete kroeg is Piet de Gruyter in West. Daar heb ik nog gewerkt op een blauwe maandag. Ik krijg nog vaak een anekdote over mijn sollicitatie te horen: op de vraag of ik weleens met een dienblad had gelopen, antwoordde ik: ‘Ik heb weleens een butler gespeeld.’ Inmiddels ben ik al een jaar niet meer in de kroeg geweest. Ik mis het behoorlijk. Ik stond deze week nog in café Koosje om een koffietje te halen. Ik rook bij binnenkomst de geur van verschaald bier. Heerlijk.”

Kerk

“De Oude Kerk. Ik hou van geschiedenis en architectuur. Daar voel ik me altijd erg verbonden met de geschiedenis van de stad. Die zie je daar, terwijl je kijkt naar het heden in kunstvorm.”

De Oude Kerk. Beeld Nosh Neneh
De Oude Kerk.Beeld Nosh Neneh

Favoriete Amsterdammer

“Ik kwam op de Haarlemmerdijk een man tegen met een schilderijlijst om. Ik raakte met hem in gesprek. Hij leefde al dertig jaar op straat. Hij kwam uit een oorlogs­gebied, was behoorlijk ziek, en zei: ‘Peuken oprapen is goed voor mijn rug, want ik moet in beweging blijven.’ Ik vond het heel bewonderenswaardig dat je ondanks zoveel ellende zo positief in het leven kunt staan. Zulke ontmoetingen helpen ook bij het relativeren van je eigen leven, als er weer eens iets onbenulligs fout gaat.”

Dit kan veel beter

“Door corona zit iedereen behoorlijk in zijn eigen bubbel, merk ik. Dat zit de ­openheid naar elkaar in de weg. We moeten die polarisatie tegengaan. Ik kom uit een gezin met een sociale inslag, waarin iedereen werkzaam is voor de stad. Mijn moeder zit bij de politie, mijn vader werkte in het OLVG, mijn broer bij de post. En ik probeer met de verhalen die ik vertel ook een soort sociale cohesie tot stand te brengen.”

Restaurant

“Ik hou enorm van lekker eten, ik ben een bourgondiër. Normaal gesproken ga ik ook net iets te vaak uit eten met vrienden en familie, dus in dat opzicht zorgt deze ­lockdown er wel voor dat ik daar een beetje van afkick. Een favoriet restaurant vind ik lastig aan te wijzen, maar ik heb heel goede herinneringen aan lange zomeravonden in De Goudfazant.”

Wil altijd nog...

“Een eigen gebouw hebben in Amsterdam. Voor en door kunstenaars. Dat is vanaf jongs af aan al een droom van me geweest. Steeds meer rafelranden verdwijnen, terwijl het voor kunstenaars belangrijk is om ruimte te hebben voor experiment.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden